Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-2020nr. 23, item 6

6 Regeling van werkzaamheden

De voorzitter:

Ik stel voor toestemming te verlenen tot het houden van een notaoverleg met stenografisch verslag:

  • -op maandag 17 februari 2020 van 11.00 tot 18.00 uur van de vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over Curriculum.nu.

Op verzoek van de aanvrager stel ik voor het debat over de forensische opsporing in Nederland van de lijst af te voeren.

Ik deel aan de Kamer mee dat het lid Van Kooten-Arissen bij de stemmingen op 12 november jongstleden over de motie-De Roon (35300-X, nr. 21) geacht wenst te worden vóór deze motie te hebben gestemd.

Ik stel voor dinsdag 19 november a.s. ook te stemmen over:

  • -de ingediende moties bij de wetgevingsoverleggen over de begrotingsonderdelen Water en Wonen en over de aangehouden motie-Remco Dijkstra (27625, nr. 465).

Ik stel voor toe te voegen aan de agenda:

  • -het wetsvoorstel Wijziging van de Wet op de Kamers van Koophandel en Nijverheid BES en de Handelsregisterwet 2009 BES (35246).

Aangezien voor de volgende stukken de termijnen zijn verstreken, stel ik vast dat wat deze Kamer betreft, de daarbij ter stilzwijgende goedkeuring overgelegde stukken zijn goedgekeurd: 35315-(R2137)-1; 35313-(R2135)-1; 35314-(R2136)-1; 35312-(R2134)-1.

Ik stel voor de volgende stukken van de stand van werkzaamheden af te voeren: 19637-2535; 19637-2532; 30010-46; 19637-2531; 19637-2528; 19637-2530; 19637-2527; 19637-2526; 29911-248; 19637-2522; 19637-2521; 32317-565; 19637-2501; 21501-02-2074; 23987-366; 24077-448; 25424-485; 24077-447; 24077-426; 24077-417; 24077-425; 29628-909; 29628-908; 35300-IX-8; 34997-31; 34997-29; 2019Z19614; 19637-2533; 2019Z20099; 2019Z20285; 28741-71; 29911-253; 24077-449; 35300-VI-11; 2019Z14394; 31753-177; 31753-180; 31753-178; 24515-465; 32605-218; 34952-83; 35000-XVII-70; 34952-79; 35000-V-49; 21501-04-222; 34952-66; 27859-127; 25764-118; 29362-281; 32761-147; 25764-120; 27859-140; 27859-141; 27859-142; 26643-636; 25764-121; 34682-32; 34682-28; 27529-187; 27529-188; 27529-184; 27529-185; 32805-82; 23235-180; 27529-171; 27529-165; 27529-168; 29544-922; 29544-925; 32716-38; 29544-895; 2019Z18558; 29517-177; 29614-139; 35300-XVI-25; 33278-9; 34170-15; 34040-7; 27925-660; 27925-658; 27925-663; 34997-32; 35302-20; 26643-647; 29279-545; 2019Z19392; 33450-62; 27625-474; 35325-1; 27625-482; 31710-73; 27625-476; 32605-217; 32698-48; 32698-47; 35300-J-4; 27625-484; 21501-31-540; 29477-622; 31935-59; 32645-91; 22112-2835; 21501-33-765; 21501-33-771; 35300-XIII-7; 34588-83; 30977-155; 29924-191; 29924-192; 29924-193; 34700-68; 26234-231; 2019Z20489; 2019Z21437

Ik stel voor toe te voegen aan de agenda:

  • -het VAO Telecomraad, met als eerste spreker de heer Weverling van de VVD;

  • -het VAO Georganiseerde criminaliteit/ondermijning, met als eerste spreker de heer Van Nispen van de SP;

  • -het VAO Wijkverpleging, met als eerste spreker mevrouw Hermans namens de VVD.

Overeenkomstig de voorstellen van de voorzitter wordt besloten.

De voorzitter:

Ik geef het woord aan de heer Van Raan namens de Partij voor de Dieren.

De heer Van Raan (PvdD):

Gisteren heeft de Eerste Kamer middels een motie van de Partij voor de Dieren aangegeven niet langer vertrouwen te hebben in de klimaatwinst van houtbijstook. Zij heeft aangegeven dat alle voorgenomen subsidies op een zo kort mogelijke termijn moeten worden stopgezet. Nu de meerderheid in de Kamer zich zo kritisch heeft uitgelaten over het opstoken van bossen, hoor ik graag van de minister welke impact dat heeft op zijn beleid ten aanzien van houtige massa. Ook wil ik hier een rappel doen om de beantwoording van de door mij op 1 oktober gestelde schriftelijke vragen af te hebben voor het debat over de begroting van EZK. Dank u wel.

De voorzitter:

Het gaat om het vragen van een brief voor een debat dat morgen plaatsvindt. Ik begrijp althans dat dat de bedoeling is.

De heer Van Raan (PvdD):

Nee, voorzitter.

De voorzitter:

Dat volgende week plaatsvindt. Pardon. Dat mag. Daar is geen meerderheid voor nodig, zeg ik alvast, tenzij degenen die bij de interruptiemicrofoon staan iets toe te voegen hebben. De heer Baudet heeft altijd iets toe te voegen.

De heer Baudet (FvD):

Dank voor het compliment. Ik steun het volledig. En het leuke is dat wij, ondanks dat we dus zeer verschillende politieke visies hebben, ons allebei uitermate storen aan de irrationaliteit van het VVD-beleid in dezen.

De voorzitter:

Nee, dit voegt niets toe. Het gaat echt om een brief.

De heer Baudet (FvD):

Het is heel eigenaardig. Het is eigenlijk een sekte.

De voorzitter:

Dank u wel.

De heer Van Raan (PvdD):

Nou, het eerste en het tweede kan ik steunen.

De heer Sienot (D66):

In aanvulling op het verzoek van de heer Van Raan. Ik heb vandaag samen met mijn collega's Agnes Mulder en Carla Dik-Faber vragen gesteld over hetzelfde onderwerp. We gaan nog een stap verder. We zouden heel graag ook daar zo snel mogelijk een antwoord op hebben.

De voorzitter:

Oké. Dan stel ik voor het stenogram van dit deel van de vergadering door te geleiden naar het kabinet. Dank u wel.

De heer Baudet namens Forum voor Democratie. U weet hoe dat gaat, hè, bij de regeling. Gewoon, kort aangeven waar u het debat over wilt hebben en dan kijken of daar een meerderheid voor is. Wat u echt inhoudelijk toe te voegen hebt of kwijt wilt, kan tijdens het debat, niet tijdens de regeling.

De heer Baudet (FvD):

En het moet in het Nederlands, toch?

De voorzitter:

Het is echt in het Nederlands. Tenminste, Fries is ook erkend, maar Nederlands is de voertaal.

De heer Baudet (FvD):

De afgelopen twee jaar hebben we een aantal voorbeelden gezien van een sluipende machtsovername door de rechterlijke macht van de democratie. "Dicastocratie" wordt dat wel genoemd, een ontaarding van de rechtsstaat in een samenleving die door rechters wordt gedomineerd. Dus de ISIS-mensen die nu terug moeten worden toegelaten hier. Natuurlijk de Raad van State-uitspraak over stikstof. En de Urgenda-zaak; die hebben we ook gehad. Dat zijn allemaal voorbeelden van een ontsporing van de democratie. Volgens mij moeten we het daarover hebben. Er zijn een aantal ook echt beleidsmatige antwoorden daarop; daar moeten we het over hebben, die kunnen we formuleren. Ik denk ook dat dat nodig is en dat we het daar echt urgent met elkaar over moeten hebben.

De voorzitter:

Nou, kijk, u kunt het wel.

De heer Markuszower (PVV):

Van harte steun. Die macht van de rechters; het wordt zelfs een beetje eng. We zouden rechters moeten kiezen en dus ook kunnen ontslaan.

De heer Van Gent (VVD):

Een belangrijk onderwerp, dat ook bij onze fractie leeft, maar wel op basis van meer informatie. Dus wij komen er bij de procedurevergadering van Binnenlandse Zaken op terug, om advies te vragen van de Raad van State of de Raad voor het Openbaar Bestuur. Dan kunnen we nog zien of een debat nodig is. Dus geen steun.

De heer Baudet (FvD):

Dit is verkeerd. Wacht even, laat me het even uitleggen.

De voorzitter:

Nee, meneer Baudet. De microfoon staat uit. Het komt niet in het verslag, zeg ik even. Meneer Baudet, elke keer loopt het een beetje uit de hand. Nee, u bent niet in gesprek; we zijn hier ook niet met elkaar in gesprek. Dat doen we misschien buiten de Kamer, maar hier gaat het ook om regels die wij met elkaar hebben afgesproken. U heeft niet meer rechten dan de rest, want iedereen houdt zich aan die regels en dat geldt ook voor u. Als u dat niet doet, dan ben ik inderdaad heel irritant. Waar was ik gebleven? Bij mevrouw Den Boer namens D66.

Mevrouw Den Boer (D66):

Meneer Baudet herinnert zich vast die colleges nog wel over de trias politica. Godzijdank hébben we rechters in dit land. Geen steun.

Mevrouw Kuiken (PvdA):

Ik waardeer de passie, maar nee, geen steun.

De heer Van der Molen (CDA):

Steun om hier een debat over te voeren. Ik sluit mij wel even bij de opmerking van de heer Van Gent aan, dat we even moeten kijken hoe we dat debat dan vormgeven, maar daar hebben we de procedurevergadering denk ik voor.

De heer Van der Staaij (SGP):

Steun voor een reflectie van de kant van de regering op dat punt van wat wel de rechtersstaat wordt genoemd, in ieder geval de verhouding tussen rechter en politiek. Dus steun voor een debat en vooraf een brief. Maar ik vind ook wel dat we juist als Kamer zélf hierover kunnen spreken. Ik wou even herinneren aan het rapport Stoelendansen met de macht. Ook in 2006 is er wel eens een mooie conferentie geweest naar aanleiding van discussie of politici niet te veel iets over rechterlijke uitspraken zeiden. Dus ik wou de heer Baudet ook aanbevelen om dit intern verder aan te kaarten, om te kijken of we niet zelf hierover een conferentie kunnen organiseren.

De voorzitter:

Ja, dat is een goed idee.

De heer Azarkan (DENK):

Steun. Ik zou ook graag willen weten wat de correlatie is tussen dat veranderen van de rechtsstaat en oikofobie.

Mevrouw Özütok (GroenLinks):

Geen steun.

De heer Van Raak (SP):

Wij moeten fundamentele debatten niet uit de weg gaan, zeker niet over de parlementaire democratie, ook niet de verhouding tot de rechtsstaat, maar die moeten we dan wel voorbereiden. Dus ik zie het voorstel van Forum in de procedurevergadering graag tegemoet.

De heer Voordewind (ChristenUnie):

Op dit moment geen steun, tenzij er in de procedurevergadering een uitgebreid voorstel komt.

De voorzitter:

Meneer Baudet, u kunt zien dat er geen meerderheid is voor het houden van een debat over het onderwerp dat u graag wilt agenderen. Dank u wel.

Dan ga ik nu naar de heer Azarkan namens DENK.

De heer Azarkan (DENK):

Dank, voorzitter. De Kamer speelt al een aantal jaren voor detective als het gaat om de wijze waarop er binnen de Belastingdienst is omgegaan met bezwaren van burgers tegen het stopzetten van toeslagen. We hebben hier vele debatten over gehad. Er staan ook nog een aantal onderzoeken uit, waaronder onderzoeken van de ADR en de commissie-Donner. Gisteren heeft zich een klokkenluider gemeld die klip-en-klaar heeft aangegeven, met een dik dossier, dat men op het hoogste niveau wist dat de wet overtreden werd. Ik wil graag een debat met de staatssecretaris, voorafgegaan door een brief.

De heer Markuszower (PVV):

Steun voor het verzoek.

De heer Alkaya (SP):

Voorzitter, ook namens de SP steun. We hebben het hier over een bewindspersoon die heel lang de omvang van het probleem heeft ontkend. We moeten het dus ook heel goed hebben over zijn geloofwaardigheid bij dit dossier.

De heer Van Raan (PvdD):

Steun voor de aanvraag.

De heer Nijboer (PvdA):

Voorzitter, als dit klopt, komt de staatssecretaris in heel zwaar weer terecht. Steun voor dit verzoek.

Mevrouw Lodders (VVD):

Voorzitter. Dit is een hele schrijnende situatie. We hebben hier in de afgelopen weken al een aantal keren aandacht voor gevraagd. Er ligt ook nog een motie waarin om informatie is gevraagd. Morgen komt het advies van de commissie-Donner. De staatssecretaris heeft toegezegd dat hij heel snel met een reactie daarop komt. We hebben al een tweetal debataanvragen hierover gesteund. Die debatten staan al op de lijst. Mijn excuses voor de wat lange toelichting, maar om daar nou nog een debat aan toe te voegen dat over hetzelfde onderwerp gaat ... Volgens mij heeft het allemaal dezelfde inhoud. Ik steun dus dat er zo snel mogelijk een debat komt, maar dat heb ik eigenlijk al gedaan, dus dat ga ik niet nog een keer richting de heer Azarkan doen. Zodra al de informatie er is, wil ik dus dat dat debat echt zo snel mogelijk gevoerd wordt, want het is schrijnend.

De voorzitter:

Dat zijn debatten die al op de lijst staan. Begrijp ik dat goed? Ik ga heel even kijken welke dat zijn.

Mevrouw Lodders (VVD):

Ik keek net al even naar de collega's. Ik weet niet of het de heer Omtzigt was, of mevrouw Leijten. Ik zie dat het de heer Omtzigt zou zijn. Maar het is ons ook toegezegd om dat debat zo snel mogelijk na ontvangst van die informatie in te plannen. En er ligt nog een motie om daar aanvullend informatie over te krijgen.

De heer Azarkan (DENK):

Nog even een correctie, voorzitter. Mevrouw Lodder ...

De voorzitter:

Het is Lodder met een s. U mag alleen iets rechtzetten.

De heer Azarkan (DENK):

Mevrouw Lodders refereert aan het onderzoek van de commissie-Donner. Deze vraag is specifiek aan de ADR gesteld, onder punt 7. De vraag is dan hoe er is omgegaan met de bezwaar- en beroepsprocedure. Hij staat dus niet bij de commissie-Donner, maar bij de ADR. Die zal toch iets langer op zich laten wachten.

Mevrouw Lodders (VVD):

Voorzitter, misschien moet ik dan toch even iets toevoegen. Volgens mij heeft de heer Azarkan ook om een brief gevraagd. Dat verzoek steun ik sowieso van harte.

De heer Azarkan (DENK):

Dank.

Mevrouw Lodders (VVD):

Dus het is sowieso een combinatie. Maar ik denk dat we nu echt alle feiten op tafel moeten hebben en dan het debat moeten voeren.

De heer Van Otterloo (50PLUS):

Steun voor het verzoek.

De heer Van Weyenberg (D66):

Voorzitter. Dit is een ernstige zaak. Het is goed dat mensen zich gewoon melden, zodat dat erbij kan worden betrokken. Er loopt een onderzoek van de ADR, de Auditdienst Rijk, over hoe het bij de Belastingdienst is gegaan. De commissie-Donner is bezig. Ik denk dat we over allebei die zaken een debat zullen voeren. Daar zou ik dit bij willen betrekken.

De voorzitter:

Oké. Dus geen apart debat hierover.

De heer Snels (GroenLinks):

Voorzitter. Het is schrikken wat er in de brief van de klokkenluider staat, het is ook schrikken wat er in de krant staat, maar ik sluit me wel aan bij een zorgvuldige procedure, zoals mevrouw Lodders die heeft voorgesteld.

De heer Voordewind (ChristenUnie):

Ik sluit me ook aan bij de inzet van mevrouw Lodders.

De heer Omtzigt (CDA):

Ook ik sluit me aan bij mevrouw Lodders in dezen.

De voorzitter:

Goed. Meneer Azarkan, dan heeft u geen meerderheid voor het houden van een debat hierover. Maar er is ook verwezen naar een debat dat op de lijst staat, vrij laag, zeg ik alvast, aangevraagd door de heer Omtzigt.

De heer Azarkan (DENK):

Voorzitter. In 40.000 gevallen is de wet overtreden door ambtenaren van de Belastingdienst. Het staat laag op de lijst en dat is jammer.

De voorzitter:

Oké, dank u wel. Dan stel ik voor het stenogram van dit deel van de vergadering door te geleiden naar het kabinet.

Mevrouw Lodders?

Mevrouw Lodders (VVD):

Mag ik daar dan toch even op reageren? U heeft gelijk dat het laag op de lijst staat, maar we hebben wel met elkaar afgesproken, ook in commissieverband, dat we het debat zo snel mogelijk hebben. Dat moet dan misschien hier in een regeling plaatsvinden.

De voorzitter:

Goed dat u dat even rechtzet. Anders lijkt het alsof er niet over wordt gesproken en dat doet geen recht aan de inzet van de hele Kamer op dit dossier.

De heer Omtzigt namens het CDA.

De heer Omtzigt (CDA):

Voorzitter, over hetzelfde punt. Ik doe een iets ander voorstel. Het is buitengewoon serieus. We debatteren vandaag over het Belastingplan en de Belastingdienst. Ik hoop dat de heer Azarkan er zo meteen ook bij aanwezig is.

De voorzitter:

Heeft hij meegedaan?

De heer Omtzigt (CDA):

Nee, maar misschien kan hij in tweede termijn meedoen als hij het van groot belang vindt.

De voorzitter:

Nee, dat kan niet. U gaat niet tijdens de regeling het Reglement van Orde wijzigen. Gaat u verder met uw verzoek.

De heer Omtzigt (CDA):

Het was een poging waard, voorzitter.

De klokkenluidersbrief is buitengewoon serieus. Ik zou graag willen weten wanneer deze klokkenluidersbrief bij de Tweede Kamer is binnengekomen. Artikel 1 van de Wet ministeriële verantwoordelijkheid is: "Onze Ministers dragen zorg voor de uitvoering van de Grondwet en de andere wetten ...". Daar lijkt hier een probleem mee te zijn. Er lijkt een probleem met de rechtsgang. Artikel 6 van het EVRM stelt dat je een eerlijke rechtsgang moet hebben. Als er bezwaarschriften door de shredder gaan, is er geen sprake van een fatsoenlijke rechtsgang. Dat zijn zeer elementaire dingen.

Ik doe daarom twee verzoeken. Het eerste verzoek is een eerste appreciatie van deze klokkenluidersbrief, te ontvangen voor de eerste termijn van de staatssecretaris en, als dat niet lukt, voor de tweede termijn vandaag. Ik wil echt weten of hier eerder aandacht aan gegeven is. Als hier wetten worden overtreden door de Belastingdienst is dat zeer ernstig.

Twee. Voor het debat dat ik heb aangevraagd en waar we net over spraken, wil ik heel graag een feitenrelaas hebben. Wat is er met deze meldingen gebeurd en is er inderdaad structureel een probleem met de wetshandhaving bij de Belastingdienst?

De voorzitter:

Ik wil eigenlijk het voorstel doen om dit verzoek door te geleiden naar het kabinet. Het eerste verzoek staat op de lijst. Het tweede is nieuw voor mij, maar dat geeft niet. Wilt u iets toevoegen, meneer Alkaya?

De heer Alkaya (SP):

Voorzitter. Als het kabinet toch met een brief hierover komt, dan heeft mijn fractie nog een aantal aanvullende vragen. Kan precies worden aangegeven over hoeveel mensen het gaat? De getallen lijken uit elkaar te lopen. Eerst waren het er duizenden, toen werden het er 8.500 en nu zijn het er misschien wel 40.000. Hoeveel mensen hebben nu precies met welke situatie te maken? Wat betekent het dat de Belastingdienst de wet als een optie ziet? Misschien is de wet overtreden door ambtenaren van de Belastingdienst. Wat betekent dat? Wat betekent dat voor de Belastingambtenaren die dat hebben gedaan? Zijn er al disciplinaire maatregelen genomen bij de Belastingdienst tegen individuen? Daar zou ik ook graag informatie over willen hebben.

De voorzitter:

En dat wilt u ook voor de eerste termijn ... Nee, hè? De eerste termijn begint straks. De heer Azarkan.

De heer Azarkan (DENK):

Voorzitter, toch even voor de helderheid. De heer Omtzigt sloot zich net aan bij mevrouw Lodders. De staatssecretaris heeft aangegeven dat de ADR dit ook onderzoekt. Dat is de huidige procedure. Dit is vraag 7 van de negen. Vraagt de heer Omtzigt specifiek als het gaat om de wijze waarop er is omgegaan met de bezwaar- en beroepsprocedure binnen de Belastingdienst — de bezwaren gingen door de shredder en werden afgehandeld als een soort infoverzoek, wat tegen de wet is — een uitgebreid feitenrelaas?

De voorzitter:

Nee, ik wil eigenlijk niet dat u antwoordt, meneer Omtzigt. Ik wil gewoon het stenogram van dit deel van de vergadering doorgeleiden naar het kabinet. Anders krijgen we een discussie over wat wel en niet en dat doen we niet tijdens de regeling, zeg ik even tegen u, meneer Azarkan, en ook tegen de heer Omtzigt. De heer Nijboer.

De heer Nijboer (PvdA):

Naast de procedurele vragen van de heer Omtzigt — wanneer was het bekend en wanneer is er gereageerd? — zou ik ook graag een eerste inhoudelijke appreciatie willen hebben. Is inderdaad 40.000 keer de wet overtreden? Is dat gebeurd?

De voorzitter:

Dan stel ik voor het stenogram van dit deel van de vergadering door te geleiden naar het kabinet. Dank u wel, meneer Omtzigt.

Dan geef ik het woord aan mevrouw Van Brenk namens 50PLUS.

Mevrouw Van Brenk (50PLUS):

Dank, voorzitter. Er is vandaag een rapport gekomen van de Algemene Rekenkamer, begeleid met een persbericht. Tienduizenden ouderen onder het bestaansminimum krijgen geen aanvulling op hun AOW. De minister verschuilt zich achter de privacywet. Ik wil daar graag een brief en een debat over, en graag zo snel mogelijk.

De voorzitter:

Ik geef iedereen het woord, maar ik wil toch even een procedurele opmerking maken. Alle rapporten van de Algemene Rekenkamer worden in commissieverband besproken. Daar wordt ook gevraagd om een reactie. Ik wil voorkomen dat we over elk rapport van de Algemene Rekenkamer een debat aanvragen. Dat geef ik even mee.

De heer De Jong (PVV):

Voorzitter, dank u wel. Ik zou graag mijn steun willen uitspreken voor die brief, ook omdat we binnenkort de begrotingsbehandeling hebben, waarbij we dit onderwerp ook kunnen bespreken.

De heer Gijs van Dijk (PvdA):

Het is ernstig. Steun voor de brief. Graag zo snel mogelijk, want dan kunnen we die bij de begroting behandelen.

De heer Omtzigt (CDA):

Goed dat mevrouw Van Brenk hier aandacht aan besteedt. Steun voor de brief. Ik zou het kabinet willen vragen om contact op te nemen met de Autoriteit Persoonsgegevens om te vragen of er werkelijk belemmeringen zijn om deze mensen op te sporen om deze uitkeringen uit te betalen.

Mevrouw Tielen (VVD):

Steun voor een brief. Ik sluit me aan bij de mogelijkheid om hierover over twee weken door te praten.

De heer Van der Staaij (SGP):

Voorzitter. Ook van de kant van de SGP dezelfde lijn: steun voor een brief en deze betrekken bij de begrotingsbehandeling.

De heer Van Weyenberg (D66):

Voorzitter. Steun voor de brief. Hoe kunnen we in het tegengaan van het niet-gebruik van regelingen waar mensen gewoon recht op hebben nu eindelijk eens een stap vooruit zetten? Als mensen geen geld krijgen hoewel ze daar wel recht op hebben, is dat doodzonde.

De voorzitter:

Mevrouw Van Brenk?

Mevrouw Van Brenk (50PLUS):

Dank, voorzitter.

De voorzitter:

Dank u wel. Ik stel voor het stenogram van dit deel van de vergadering door te geleiden naar het kabinet.

Dan geef ik de heer Van Ojik namens GroenLinks het woord. Ik hoor een telefoon, maar dat is niet die van u?

De heer Van Ojik (GroenLinks):

Dat is dit keer niet die van mij, voorzitter. Dan zou ik hier niet staan, dan zou ik met mijn telefoon onderweg zijn naar u.

GroenLinks heeft gisteren aan het kabinet gevraagd om voor 12.00 uur vanmiddag de schriftelijke vragen over de burgerdoden in Noord-Irak te beantwoorden. Dat is kennelijk niet gelukt. Ik zou willen vragen om dat dan voor morgen 12.00 uur te doen, zodat we morgen bij de regeling nog voor dezelfde dag een debat kunnen aanvragen. Ik zou het kabinet ook willen vragen om ons even te informeren — kennelijk is het heel moeilijk om die vragen op tijd te beantwoorden — wanneer we die beantwoording kunnen verwachten. Dat zou fijn zijn, gewoon een briefje waarin staat: zo laat vanavond of morgen hebben jullie dat. Maar uiterlijk 12.00 uur morgenmiddag, voorzitter.

De voorzitter:

Daar gaan we achteraan. Ik stel voor het stenogram van dit deel van de vergadering door te geleiden naar het kabinet. Dank u wel.

Mevrouw Kuiken namens de PvdA.

Mevrouw Kuiken (PvdA):

Vandaag kwam het rapport van de Inspectie Justitie en Veiligheid over de gruwelijke moord op Joost Wolters en de dader Philip O. Daarin werd de gruwelijke conclusie herhaald dat deze moord voorkomen had kunnen worden als er niet zo veel fouten waren gemaakt. Er staat al een debat ingepland, dus daarom hoef ik niet meer te vragen. Wel wil ik mede namens de VVD en de SP vragen of dit debat ingepland kan worden, nu alle informatie er is.

De voorzitter:

Namens de VVD en de SP? Oké. U hebt daarmee nog geen meerderheid.

Mevrouw Kuiken (PvdA):

Ik moet even zeggen dat ik getracht heb om collega Van Toorenburg, die het debat aangevraagd heeft, te benaderen. Dat is mij niet gelukt, want zij zit nu in een debat. Vandaar.

De heer Markuszower (PVV):

Steun voor het verzoek.

De heer Van der Staaij (SGP):

Steun.

De voorzitter:

Dan heeft u een meerderheid, mevrouw Kuiken. We gaan er in de planning rekening mee houden.

Daarmee zijn we aan het einde gekomen van de regeling van werkzaamheden.

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.