14 Handel

Aan de orde is het VAO Handel (AO d.d. 15/11).

De voorzitter:

Ik heet wederom minister Kaag welkom. Dat geldt ook voor de Kamerleden. Ik geef graag als eerste het woord aan de heer Van Raan. De heer Van Raan spreekt namens de Partij voor de Dieren.

De heer Van Raan (PvdD):

Dank u wel, voorzitter. We hebben een goed VAO gehad en belangrijke dingen gewisseld. Twee moties.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat Nederland de CO2-uitstoot in 2017 niet omlaag heeft gekregen;

overwegende dat zolang economische groei en groei van de CO2-uitstoot in de Sustainable Development Goals gekoppeld blijven, de SDG's niet Parijsbestendig zijn;

verzoekt de regering om zo snel mogelijk een concrete strategie te formuleren om tot ontkoppeling van economische groei en CO2-uitstoot te komen en zo snel mogelijk te starten met de uitvoering daarvan,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Van Raan. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 35 (34952).

De heer Van Raan (PvdD):

De tweede motie.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de ontbossing van de Amazone de afgelopen tien jaar niet zo groot is geweest als het afgelopen jaar;

constaterende dat deze ontbossing tal van negatieve gevolgen heeft, waaronder een hogere uitstoot van CO2 en het uitsterven van bijzondere diersoorten;

constaterende dat de mens op tal van andere plekken grote schade aanbrengt aan de natuur;

overwegende dat er weinig tot geen juridische middelen zijn hier iets tegen te doen;

verzoekt de regering een inventarisatie te doen van het begrip "ecocide" en de Kamer daarover op een opportuun moment te informeren,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Van Raan. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 36 (34952).

De voorzitter:

Dank u wel. Dan geef ik graag het woord aan de heer Amhaouch. Hij spreekt namens de fractie van het CDA. Gaat uw gang.

De heer Amhaouch (CDA):

Voorzitter, dank u wel. We hebben geen motie maar wel een aantal vragen. Ik wil het kort hebben over de secundaire sancties van de VS, de brexit en, als ik daaraan toekom, de cacaosector.

Voorzitter. De Iran-casus met de secundaire sancties van de VS vind ik zo van belang omdat het aangeeft of Europa weerbaar is tegen de grillen van de wereldhandel, weerbaar tegen China en nu zelfs tegen de VS. Merkt de minister al dat de Nederlandse bedrijven in de problemen komen vanwege deze secundaire sancties? Hoeveel Nederlandse bedrijven hebben zich inmiddels onder de antiboycotverordening gemeld bij de Europese Commissie? Hoe staat het met het openhouden van betalingen tussen Europese bedrijven en Iran? Is hiervoor inmiddels een speciaal instrument opgericht door een aantal EU-landen? Doet Nederland mee met de rest van Europa om iets te ondernemen tegen deze secundaire sancties? Ik zou de minister willen vragen de Kamer actief te blijven informeren. Ik wil weten wat we doen tegen de secundaire sancties en hoe we daarin samen optrekken in Europa. Deze casus kost veel leergeld, maar laten we hier ook sterk uitkomen.

Daarnaast zou ik de minister willen vragen naar de voortgang en de ontwikkelingen rondom het quotum op staalverwerkingsproduct categorie 16, waarover we het ook in het AO hebben gehad. Wij willen de minister bedanken dat ze deze casus zeer serieus neemt en heeft opgepakt richting de Europese Commissie. Als Nederland moeten we de bedrijven en hun medewerkers steunen die ongewild geraakt worden door de gevolgen van de strubbelingen van de VS en Europa. Kunt u kort de laatste ontwikkelingen benoemen? De tijd dringt voor deze bedrijven.

Voorzitter. Als laatste een korte vraag over de brexit. Als het allemaal zo loopt, als de Engelsen het zouden goedkeuren en als we mogen uitgaan van een positieve uitkomst, is de vraag wat de rol is van de minister voor Handel. Wordt zij naar voren geschoven om inderdaad de belangrijkste handelsonderhandelingen te gaan voeren voor Nederland?

Tot zover in deze instantie.

De voorzitter:

Dank u wel. Dan geef ik nu graag het woord aan mevrouw Diks. Zij spreekt namens de fractie van GroenLinks.

Mevrouw Diks (GroenLinks):

Dank u wel, voorzitter. Drie moties, niet de allerkortste, dus ik ga meteen voorlezen.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de Kamer de regering via de motie-Diks/Van den Hul (21501-02, nr. 1829) unaniem heeft opgeroepen brievenbusfirma's van toekomstige handelsakkoorden uit te sluiten;

constaterende dat de regering een modeltekst voor nieuwe bilaterale investeringsakkoorden aan de Kamer heeft gezonden, waarin slechts indicaties worden gegeven aan de hand waarvan per geval moet worden beoordeeld of er sprake is van dergelijke brievenbusfirma's;

overwegende dat arbiters hiermee een zeer ruime beoordelingsvrijheid krijgen om te beslissen of al dan niet sprake is van een brievenbusfirma die uitgesloten dient te worden van investeringsgeschillenbeslechting;

verzoekt de regering in de modelovereenkomst voor nieuwe bilaterale handelsakkoorden expliciete regels op te nemen over de definitie van een brievenbusfirma, teneinde de beoordelingsvrijheid van arbiters om zelf te bepalen wat dat is te beperken en zo te garanderen dat deze brievenbusfirma's daadwerkelijk worden uitgesloten,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Diks en Van den Hul. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 37 (34952).

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat in de modeltekst voor nieuwe bilaterale handelsakkoorden geschillenbeslechting is opgenomen, waarmee investeerders staten kunnen aanklagen buiten de nationale rechtsgang om, maar dat deze geschillenbeslechting niet openstaat voor andere belanghebbenden;

overwegende dat het van belang is dat burgers evenveel middelen moeten hebben om hun belangen te verdedigen als investerende bedrijven;

verzoekt de regering in de modeltekst voor nieuwe bilaterale handelsakkoorden geschillenbeslechting ook open te stellen voor andere belanghebbenden,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Diks en Van den Hul. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 38 (34952).

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat in de modelovereenkomst voor nieuwe bilaterale handelsakkoorden is opgenomen dat investeringsgeschillen bij voorkeur door middel van mediation worden opgelost;

overwegende dat mediation wenselijk kan zijn, maar dat voorkomen moet worden dat via mediation schimmigheid ontstaat over concessies die door staten worden gedaan aan investeerders en dat zo onduidelijk is welke invloed investeerders hebben op overheidsbeleid;

verzoekt de regering in de modelovereenkomst voor nieuwe handelsakkoorden op te nemen dat de uitkomsten van mediation bij geschillenbeslechting altijd openbaar gemaakt dienen te worden,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Diks en Van den Hul. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 39 (34952).

Mevrouw Diks (GroenLinks):

Ik heb nog één seconde, maar ik denk niet dat ik daar nog gebruik van maak.

De voorzitter:

Dank u wel. Dan geef ik het woord aan de heer Alkaya. Hij spreekt namens de fractie van de SP.

De heer Alkaya (SP):

Voorzitter, dank. We hebben een goede, ideologische discussie met de minister gehad tijdens het AO. Dat hebben we wel vaker, ook als commissie onderling. Het is goed om over dit soort onderwerpen fundamenteel van gedachten te wisselen. Ik heb geen motie, maar nog wel een aantal vragen aan de minister naar aanleiding van het AO.

Het verminderen van ongelijkheid is een van haar doelstellingen. Haar partij en haar geestverwanten zeggen dat er door vrijhandel meer banen komen en dat dat uiteindelijk goed is voor de hele economie. Je zou denken dat dan de ongelijkheid dus afneemt. Maar helaas, in veel ontwikkelde landen zie je het tegenovergestelde gebeuren. Globalisering en vrijhandel leiden tot meer ongelijkheid.

Voorzitter. Of je nou liberaal bent of socialist, je kunt niet ontkennen dat vrijhandel, lonen en ongelijkheid invloed hebben op elkaar. De verhoging van lonen was bijvoorbeeld een belangrijk onderdeel van de recente heronderhandelingen van NAFTA met de Verenigde Staten. De VS heeft eerder op basis van een vrijhandelsverdrag een zaak aangespannen tegen Guatemala, omdat die arbeidsnormen niet respecteerde en daardoor een oneerlijk handelsvoordeel behaalde. Als de lonen en milieunormen in twee landen na een vrijhandelsverdrag niet dicht bij elkaar zitten, sta je eigenlijk toe dat in het ene land uitbuiting plaatsvindt, er daardoor oneerlijke concurrentie is en daardoor de banen en de economische activiteit in het andere land juist verdwijnen. Dit dreigt nu bijvoorbeeld te gebeuren bij het verdrag waarover nu onderhandeld wordt, tussen de Europese Unie en de Zuid-Amerikaanse Mercosur-landen. We hebben recent in het verslag van de Raad Buitenlandse Zaken kunnen zien dat die onderhandelingen gewoon worden doorgezet. Het minimumloon in die landen ligt ongeveer tussen de €200 en €300 in de maand. De milieu- en dierenwelzijnsnormen zijn er ook lager dan in Nederland. Dat gaat toch nooit vanzelf goed?

Vandaar de volgende vragen aan de minister. Hoe gaat zij voorkomen dat haar handelsbeleid haar eigen doelstelling om ongelijkheid te verminderen tegenwerkt? Gaat zij vrijhandelsverdragen zoals Mercosur toetsen op het effect op ongelijkheid of aandringen bij de Europese Commissie dat die dat ook doet? Hoe wil zij de Kamer hierover informeren?

Dank.

De voorzitter:

Dank u wel. Daarmee zijn we aan het einde gekomen van de inbreng van de zijde van de Kamer. Ik kijk of de minister gelijk over kan gaan tot beantwoording van de vragen. Dan zijn tegen die tijd ook de moties daar.

Minister Kaag:

Nee, ik wil graag alle moties ontvangen en een paar minuten tijd.

De voorzitter:

Dan schors ik de vergadering voor vijf minuten.

De vergadering wordt van 20.11 uur tot 20.17 uur geschorst.

De voorzitter:

Het woord is aan de minister. Zij krijgt de gelegenheid om de vragen te beantwoorden en een oordeel over de moties te geven.

Minister Kaag:

Mevrouw de voorzitter. Ik begin met de moties. Ik wilde graag commentaar geven op de motie op stuk nr. 35 van de heer Van Raan over de ontkoppeling van economische groei en CO2-uitstoot, maar vooral op de strategie en de zorg die ik heb geproefd in het parallelle traject, het akkoord van Parijs en de duurzameontwikkelingsdoelen. Wij onderschrijven als Nederland beide, de duurzameontwikkelingsdoelenagenda en het akkoord van Parijs. Hierover is een aantal gesprekken gevoerd. Wij gaan straks hopelijk beginnen aan de begrotingsbehandeling, waarin het heel uitgebreid over de duurzameontwikkelingsdoelen zal gaan. Verder zien wij geen uitsluitsel. Ze gaan samen op. Ze zijn ook bewust een paar maanden na elkaar ondertekend. Ik zie daarom geen aanleiding voor een extra strategie. Op die basis ontraad ik de motie.

De motie op stuk nr. 36 van de heer Van Raan over een verzoek tot inventarisatie van het begrip "ecocide". Sinds het laatste AO heb ik er inderdaad kort naar gekeken. Ik begreep dat er actie wordt gevoerd om beleid te krijgen, een definitie van ecocide en mogelijk vervolgstappen. Ik begrijp de wens. Ik begrijp de noodzaak om eens breder te kijken naar de gevolgen van ontbossing, in welk kader en welke staats- of maatschappelijke verantwoordelijkheden eraan verbonden worden. De regering houdt zich natuurlijk altijd het recht voor om zelf te besluiten of er een studie komt, wat voor studie en wat het kader is waarbinnen de studie wordt uitgevoerd. Dat is voor ons eigen begripsvermogen. In het vorige AO werd mij de vraag gesteld waarom ik nog niet bezig was met de discussie over een mogelijke definitie van ecocide, zoals het World Resources Institute, dat overigens gefinancierd wordt door de overheid. Op basis daarvan heb ik besloten om eens te kijken wat de gesprekken daaromtrent zijn. In dat kader zijn we al bezig, maar ik ontleen daar geen enkele verplichting aan. Ik laat met al deze kanttekeningen het oordeel over de motie aan de Kamer.

Dan heb ik een aantal vragen van de heer Amhaouch over nieuwe informatie over bedrijven die in de problemen zijn gekomen door secundaire sancties. Nederland blijft zich in EU-verband inzetten voor de maatregelen die de EU kan nemen ten aanzien van het blocking statute om Nederlandse bedrijven te beschermen tegen de VS-sancties, die volgen uit de uitstap van de VS uit het nucleair akkoord. Er is helaas geen nieuws over de special purpose vehicle, dat de betaling zou faciliteren. Ik ben het geheel eens met eerdere opmerkingen van de heer Amhaouch over het belang en over de investeringen die gedaan zijn. Het hele kabinet staat ervoor. Een aantal mkb'ers zag juist een rol voor zichzelf weggelegd op het gebied van landbouw en andere samenwerking. We hebben nog geen informatie of bedrijven en, zo ja, hoeveel er in de problemen zijn gekomen sinds de aankondiging en uitvoering van de Amerikaanse sanctiewet. We zijn wel in nauw contact met alle bedrijven. Er wordt ook nog steeds voorlichting gegeven. We hebben ook direct contact met bedrijven in het kader van de exportvergunningen die vaak worden afgegeven in het kader van Iran. Ik kom er op een geschikt moment op terug in een AO.

Een andere vraag over categorie 16, staal. We hebben helaas ook nog geen nieuws van de Commissaris. Er loopt nog een onderzoek. Ik wil bevestigen welke datum de Commissie heeft gesteld. Ik kom daar op een ander moment zo snel mogelijk op terug, maar dat kan ook schriftelijk. Ik ben het er helemaal mee eens dat het verschrikkelijk is als bedrijven die het tot nu toe heel goed hebben gedaan en geen enkele schuld hebben qua functioneren als bedrijf, opeens failliet dreigen te gaan door geopolitieke besluiten elders. Wij blijven er dus aan trekken en ik verwacht nog een terugkoppeling van de Commissaris zelf.

Het derde punt is de brexit, ook een vraag van de heer Amhaouch. Zoals u weet komt er een handelsakkoord. Wij verwachten dat het gebruikelijke proces zal verlopen, dat de Commissie, Commissaris Malmström, mandaat zal krijgen en dat we in alle geijkte processen terugkoppeling daarover krijgen. We wachten nog op bevestiging van de Commissie welk mandaat er komt en wie gemandateerd zal worden binnen de Commissie om het handelsakkoord in detail te gaan uitonderhandelen. Nederland zal zich daar zeker ontzettend voor inspannen en het blijven volgen. Ik kom daarop terug.

Dan zijn er drie moties van mevrouw Diks. Ik behandel ze in één keer, want er zijn overlappende elementen. Er komt nog een rondetafel over de modeltekst, zoals al eerder was besproken, in een apart AO met uw Kamer. Ik zou één advies willen geven. Idealiter worden alle drie de moties aangehouden tot na het specifieke AO. Indien niet, dan ontraad ik alle moties omdat we echt staan voor de inhoud van de modeltekst.

De voorzitter:

Dus de moties op stukken nrs. 37, 38 en 39 worden ontraden, tenzij ze aangehouden worden. Ik zie mevrouw Diks naar voren komen. Gaat uw gang.

Mevrouw Diks (GroenLinks):

Het is wel zo elegant om dat heel even af te stemmen met de mede-indiener. Met deze argumentatie van de minister wil ik graag de moties aanhouden, alle drie.

De voorzitter:

Op verzoek van mevrouw Diks stel ik voor haar moties (34952, nrs. 37, 38 en 39) aan te houden.

Daartoe wordt besloten.

Minister Kaag:

Dan het laatste punt. We gaan zo ook starten met de begrotingsbehandeling, waar zowel de hulpagenda en de handelsagenda als het doel gedeelde welvaart creëren met een aantal middelen natuurlijk het hoofdthema worden. Het bestrijden van ongelijkheid en van de onbedoelde effecten van globalisering is natuurlijk overal een heel belangrijk discussiepunt. Sommige sectoren verdwijnen zoals u weet. Banen verdwijnen ook in een rap tempo, niet alleen door globalisering, maar ook door de opkomst van technologie. Daarom moeten we juist ver vooruitkijken. Het opvangen van negatieve effecten is vooral een kwestie van nationaal beleid, ook in ontwikkelingslanden. Wij steunen die door de bilaterale afspraken, maar ook via de Wereldbank en de leidende rol die het IMF daarin kan spelen. Er ligt altijd een rol voor impactanalyse, maar ons beleid rondom de SDG's is zo verankerd dat ik denk dat we daar genoeg aanknopingspunten of kernpunten hebben om de onbedoelde effecten van globalisering tegen te gaan. In globalisering liggen kansen, zoals nieuwe veranderingen, en ook ongelijkheid in de OESO-landen en met name ook daarbuiten.

De voorzitter:

Dank u wel.

De beraadslaging wordt gesloten.

De voorzitter:

Daarmee zijn we aan het einde gekomen van dit verslag algemeen overleg Handel. Ik dank de minister, haar ondersteuning en de Kamerleden. Ik dank de mensen die dit gevolgd hebben op de publieke tribune dan wel op een andere manier voor de belangstelling. Over de ingediende moties wordt aanstaande dinsdag gestemd. Ik schors de vergadering een enkel ogenblik voordat we beginnen met de begroting Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking.

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.

Naar boven