Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2015-2016nr. 42, item 6

6 Regeling van werkzaamheden

De voorzitter:

Ik stel voor, aanstaande dinsdag ook te stemmen over de brief van de vaste commissie voor Europese Zaken inzake het plaatsen van een parlementair behandelvoorbehoud bij het EU-voorstel: Voorstel voor een verordening om te komen tot een Europees depositoverzekeringsstelsel COM (2015) 586 (34385, nr. 1). 

Op verzoek van de aanvrager stel ik voor, het debat over het voortraject van gokvergunningen van de lijst af te voeren. 

Op verzoek van het lid Van Vliet stel ik voor, zijn motie op stuk 29453, nr. 403 opnieuw aan te houden. Dit betekent dat de in artikel 69, tweede lid, van het Reglement van Orde genoemde termijn van twee maanden voor deze motie opnieuw gaat lopen. 

Overeenkomstig de voorstellen van de voorzitter wordt besloten. 

De voorzitter:

Op verzoek van de CDA-fractie heb ik de volgende benoemingen in commissies gedaan: 

  • -in de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken het lid Amhaouch tot lid in plaats van het lid Knops; 

  • -in de vaste commissie voor Economische Zaken het lid Amhaouch tot plaatsvervangend lid in plaats van het lid Van Helvert; 

  • -in de vaste commissie voor Koninkrijksrelaties het lid Van Toorenburg tot plaatsvervangend lid in de bestaande vacature; 

  • -in de vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap het lid Van Toorenburg tot plaatsvervangend lid in plaats van het lid Ronnes; 

  • -in de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid het lid Amhaouch tot plaatsvervangend lid in de bestaande vacature; 

  • -in de vaste commissie voor Veiligheid en Justitie het lid Keijzer tot lid in de bestaande vacature en het lid Van Haersma Buma tot plaatsvervangend lid in plaats van het lid Keijzer. 

Het woord is aan mevrouw Van Veldhoven van de fractie van D66. 

Mevrouw Van Veldhoven (D66):

Voorzitter, vanaf deze plek feliciteer ik u nogmaals met uw benoeming. 

Allereerst doe ik een rappel inzake onbeantwoorde schriftelijke vragen aan de minister van Infrastructuur en Milieu over het bericht dat minister Schultz milieuzones in steden tegenwerkt. Deze vragen zijn ingezonden op 23 november 2015. 

De voorzitter:

Ik stel voor, het stenogram van dit gedeelte van de vergadering door te geleiden naar het kabinet. 

Het woord is nogmaals aan mevrouw Van Veldhoven. 

Mevrouw Van Veldhoven (D66):

Voorzitter. Ik heb ook nog een verzoek voor een debat met de minister van Economische Zaken over het bericht dat Duitsland binnenkort een plan maakt voor de sluiting van allerlei vuile bruinkoolcentrales. In Nederland hebben we net een motie aangenomen waarin we zeggen dat ook wij onze kolencentrales gaan sluiten. De minister komt rond de zomer met een brief over de timing. Ik zou het goed vinden als hij dit daarbij betrekt. Ik vraag hem daarom om met een brief te komen met daarin een reactie op het Duitse plan, zodat we dat bij een plenair debat kunnen betrekken. Zoals een goed gebruik is bij de energiewoordvoerders, voegen we ook nog weleens wat samen. Als de collega's daarvoor suggesties hebben, ben ik bereid om daarnaar te kijken. 

Mevrouw Agnes Mulder (CDA):

Het is prima om van de minister een toelichting daarop te krijgen. Het is een Duits besluit en geen Nederlands besluit, dus in principe gaan wij daar niet over. Het is echter wel goed om die reactie in een brief te krijgen. Een apart debat zou wat het CDA betreft wat ver gaan. 

De heer Bosman (VVD):

China sluit ook kolencentrales, in Amerika worden minder kolen gewonnen. Het wordt een beetje "G.B.J. Hiltermann langs de wereld", en daar moeten we een beetje mee oppassen. Ik steun niet het verzoek om een brief, want dat is extra werk voor het departement en dat vind ik zonde. Als er echter om een brief wordt gevraagd, dan kan ik dat niet tegenhouden, maar in ieder geval geen apart debat. 

Mevrouw Cegerek (PvdA):

Wat ons betreft wel steun voor een brief, maar op dit moment nog geen steun voor een debat. 

De heer Smaling (SP):

Wij vinden een brief prima. Er is niets mis met de samenhang met de buurlanden, maar dat kan wel bij een andere gelegenheid worden betrokken. Voor ons hoeft er geen apart debat te komen. 

Mevrouw Klever (PVV):

Het is te gek voor woorden dat wij voor elke beslissing in Duitsland hier in Nederland een debat zouden moeten voeren. Geen steun voor een debat en geen steun voor een brief. 

De voorzitter:

Mevrouw Van Veldhoven, er is geen steun voor het houden van een debat. 

Mevrouw Van Veldhoven (D66):

Gelukkig is er brede steun voor een brief. Ik ben bij dat de collega's zich ook realiseren dat de Nederlandse energiemarkt geen eiland is. Minister Kamp refereerde daar ook al een aantal malen aan. Hij was bang dat het van Duitse bruinkoolcentrales zou komen, maar gelukkig lezen we in de krant dat die gesloten gaan worden. Daarom graag een reactie, want dan kunnen we die betrekken bij ons eigen debat over de sluiting van de Nederlandse kolencentrales. Daarover gaan wij hier en die context is dus zeer relevant. 

De voorzitter:

Ik stel voor om het stenogram van dit deel van de vergadering door te geleiden naar het kabinet. 

Het woord is aan mevrouw Kooiman van de SP. 

Mevrouw Kooiman (SP):

Voorzitter. Ik wil heel graag antwoorden op mijn schriftelijke vragen van 12 november over het bericht dat een beveiligingsbedrijf zorgtaken en behandeling in het kader van de Wmo en jeugdzorg wil gaan leveren. Deze waren gericht aan de staatssecretaris van VWS. 

Mag ik dan ook gelijk rappelleren voor mijn collega Van Gerven? Hij staat onderaan de lijst. 

De voorzitter:

Ik zie het. 

Mevrouw Kooiman (SP):

Ook hij heeft in november vragen gesteld aan de staatssecretaris van VWS en aan de minister van BZK over het bericht dat de VNG een pilot reguliere mengvormen winkelhoreca start. Die zou hij ook graag beantwoord willen zien. 

De voorzitter:

Ik stel voor om het stenogram van dit deel van de vergadering door te geleiden naar het kabinet. 

Het woord is aan de heer Omtzigt van het CDA. 

De heer Omtzigt (CDA):

Voorzitter. Gisteren heeft een groep van nabestaanden een brief geschreven aan de minister-president over de ontbrekende radargegevens. Dat laat zien dat er grote zorg is dat de OVV de primaire radargegevens niet ontvangen heeft. Ook staan daarin de mogelijke acties die de regering zou kunnen ondernemen. Wij zouden graag een afschrift ontvangen van de reactie daarop. Daarna willen wij vragen kunnen stellen en er een plenair meerderheidsdebat over houden. Er staat al een dertigledendebat op de agenda en het verzoek is om dat dertigledendebat om te zetten en na ommekomst van het antwoord van minister-president Rutte een aantal vragen toe te voegen. Die zullen dan ook gaan over de berichten die nu naar buiten komen over gelekte radarbeelden. 

De heer Servaes (PvdA):

Wij hebben het er in de procedurevergadering Buitenlandse Zaken over gehad. Mijn fractie kan dat steunen. Het enige probleem is dat wij volgende week vrijdag nog een hoorzitting hebben staan waarin ook over dit specifieke onderwerp wordt gesproken. Ik verzoek om bij de agendering daarmee rekening te houden, dus zo spoedig mogelijk na de hoorzitting van de 22ste. 

De heer Verhoeven (D66):

Steun voor het verzoek. 

Mevrouw Klever (PVV):

Steun voor het verzoek van de heer Omtzigt. 

De heer Krol (50PLUS):

Steun voor het verzoek. 

De heer Ten Broeke (VVD):

Steun voor het verzoek. 

De heer Van Vliet (Van Vliet):

Zeker steun voor het verzoek. 

De voorzitter:

Mijnheer Omtzigt, iedereen steunt uw verzoek. 

De heer Omtzigt (CDA):

Het is ook een heel belangrijk onderwerp. Grote dank aan mijn collega's hiervoor. 

De voorzitter:

We gaan kijken of we daar in de planning rekening mee kunnen houden. Ik stel voor om het stenogram van dit deel van de vergadering door te geleiden naar het kabinet. 

De heer Omtzigt (CDA):

Dit is dus met de minister-president. Als de minister-president vindt dat er een andere minister bij moet zijn, horen wij op dat moment wel wie dat zal zijn. 

De voorzitter:

Het woord is nogmaals aan de heer Omtzigt. 

De heer Omtzigt (CDA):

Vervolgens heb ik twee verzoeken voor een rappel, ook namens mijn collega Keijzer. Het eerste rappel gaat over onterechte korting op toeslagen en uitkeringen vanwege een afgekocht pensioen; dat is precies drie weken en een dag geleden gedaan. Ik zou het antwoord graag betrekken bij het AO Pensioenen van volgende week, vandaar mijn verzoek om deze vragen voor maandag 12.00 uur te beantwoorden. De andere vragen gaan over het bieden van veilige opvang aan LHBT-asielzoekers en statushouders. Het probleem is bekend; daar heeft mijn collega een maand geleden al op gewezen. Ook die vragen zou ik graag voor maandag 12.00 uur beantwoord zien. 

De voorzitter:

Ik stel voor om het stenogram van dit deel van de vergadering door te geleiden naar het kabinet. 

Het woord is aan de heer Verhoeven van D66. 

De heer Verhoeven (D66):

Voorzitter. De binnensteden in Nederland staan onder steeds grotere druk, niet alleen omdat grote winkelketens hun deuren moeten sluiten, maar ook omdat er nog steeds veel te veel gebouwd wordt op allerlei plekken in het land, waardoor binnensteden te maken krijgen met oneerlijke concurrentie en kaalslag. Daar zijn twee bewindspersonen bij betrokken, namelijk de minister van Binnenlandse Zaken, de heer Plasterk, en de minister van Economische Zaken. Ik zou met beiden graag een debat voeren over de manier waarop we eindelijk eens een eind kunnen maken aan het wegkwijnen van onze binnensteden en dorpskernen doordat er geen goede en gecoördineerde aanpak is om leegstand tegen te gaan. Ik roep mijn collega's op tot steun. Steun voor de binnenstad! 

De heer Van Vliet (Van Vliet):

Zo is dat. Ik steun het verzoek. 

Mevrouw Klever (PVV):

Mijn collega Graus heeft zich hier al vaker hard voor gemaakt, dus ik steun het verzoek. 

Mevrouw Cegerek (PvdA):

Ik heb hier onlangs vragen over gesteld samen met collega Jacques Monasch. Ik wil eerst wachten op de antwoorden daarop. Ook minister Schultz is hierbij betrokken, want we hebben te maken met leegstand als gevolg. Het eerstvolgende moment dat we hierover willen debatteren, is bij het AO Ruimte. Daarom steun ik het verzoek van de heer Verhoeven niet. 

De heer Krol (50PLUS):

Grappig, onze beide achterbannen vinden elkaar op dit punt. Ik steun dit verzoek dus graag. 

De heer Smaling (SP):

Ik steun dit verzoek graag. Het probleem is een beetje dat dit door allerlei ministeries heen fietst. Mevrouw Cegerek gaf al aan dat dit ook een ruimtelijkeordeningskwestie is. Het lijkt me heel nuttig om hierover een keer in bredere zin een debat te voeren. 

De voorzitter:

Wilt u dat eerst in een algemeen overleg doen en dan pas plenair? 

De heer Smaling (SP):

Er staan wel wat algemene overleggen gepland over de Omgevingswet en over ruimtelijke ordening, maar ik vraag me af of we daarmee echt adresseren wat de heer Verhoeven besproken wil hebben. In die zin vind ik het dus toch zinnig om er plenair over te praten. 

De heer Veldman (VVD):

Ik begrijp de zorg van de heer Verhoeven, maar zoals mevrouw Cegerek al zei, hebben we binnenkort een AO Ruimtelijke ordening. Volgens mij is dit vooral een ruimtelijkeordeningsvraagstuk omdat het gaat over de vraag hoeveel gebieden je bestemt waar detailhandel. Ik stel voor, zeker als de heer Verhoeven er op korte termijn over wil spreken, het in februari in het AO Ruimtelijke ordening mee te nemen. 

De voorzitter:

Mijnheer Verhoeven, er is geen meerderheid voor uw verzoek, maar dat zag u al. 

De heer Verhoeven (D66):

Ik zal mijn teleurstelling daarover nu niet uitspreken, maar één ding wil ik wel zeggen. Al tien jaar ligt dit onderwerp bij verschillende ministeries en al tien jaar verrommelt ons land steeds verder. Het moet echt niet alleen met de minister van Infrastructuur en Milieu besproken worden vanuit de ruimtelijke invalshoek. We moeten dit ook bekijken vanuit de stedelijke invalshoek. Daar is de heer Plasterk van Binnenlandse Zaken met de Agenda Stad en de minister van Economische Zaken met de Retailagenda mee bezig. En het loopt gewoon niet. Er gebeurt niks. Het is te versnipperd. Ik wil best kijken naar de mogelijkheid van een AO, maar ik roep de collega's wel op om dan alle drie de bewindspersonen daarvoor uit te nodigen. Dat moet ik regelen via de procedurevergadering; allemaal tot uw dienst, voorzitter. Er moet echter wel wat gebeuren, want anders verrommelt het nog tien jaar door en hebben we op een gegeven moment geen binnensteden meer over. 

De voorzitter:

Volgens mij hebben de collega's dit gehoord en het staat ook in de Handelingen, maar dit moet u echt in de procedurevergadering van de commissie regelen. 

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.