6 Regeling van werkzaamheden

De voorzitter:

Op verzoek van de aanvrager stel ik voor, het dertigledendebat over het bericht dat steeds meer Nederlandse kinderen in armoede opgroeien van de lijst af te voeren. 

Ik stel voor, dinsdag aanstaande ook te stemmen over het wetsvoorstel Goedkeuring van het op 26 juni 2013 te Brussel tot stand gekomen Intern Akkoord tussen de vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten van de Europese Unie, in het kader van de Raad bijeen, betreffende de financiering van de steun van de Europese Unie binnen het meerjarig financieel kader voor de periode 2014-2020, overeenkomstig de ACS-EU-partnerschapsovereenkomst, en betreffende de toewijzing van financiële bijstand ten behoeve van de landen en gebieden overzee waarop de bepalingen van het vierde deel van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie van toepassing zijn (Trb. 2013, 145) (33838), over de brief van de vaste commissie voor Europese Zaken inzake de beëindiging van het parlementair behandelvoorbehoud bij de EU-voorstellen Visapakket (33943, stuk nr. 4) en over de brief van de vaste commissie voor Veiligheid en Justitie over een verzoek tot voorlichting aan de Afdeling advisering van de Raad van State inzake het voorstel van wet van het lid Bosman houdende regulering van de vestiging van Nederlanders van Aruba, Curaçao en Sint-Maarten in Nederland (33325, stuk nr. 10). 

Ik stel voor om toe te voegen aan de agenda: 

  • -het VAO Asielbeleid in relatie tot antihomowetgeving, naar aanleiding van een algemeen overleg dat is gehouden op 16 april 2014, met als eerste spreker de heer Sjoerdsma van D66; 

  • -het VAO Behandelvoorbehoud EU-voorstel Herziening van de richtlijn over regels voor bedrijfspensioenfondsen, naar aanleiding van een algemeen overleg dat is gehouden op 10 juni 2014, met als eerste spreker de heer Omtzigt van het CDA; 

  • -het VAO Onderwijs en digitalisering, naar aanleiding van een algemeen overleg dat is gehouden op 11 november 2013, met als eerste spreker de heer Rog van het CDA. 

Overeenkomstig de voorstellen van de voorzitter wordt besloten. 

De voorzitter:

In de regeling van werkzaamheden is nu het woord aan mevrouw Agema. 

Mevrouw Agema (PVV):

Voorzitter. Het aantal meldingen van ouderenmishandeling is zeer fors toegenomen, namelijk met 66% ten opzichte van vorig jaar. Er is sprake van een verdubbeling ten opzichte van 2010. Ik wil daarom een debat aanvragen en ik kan me niet voorstellen dat mijn collega's tegen het houden van een debat hierover zouden zijn. 

De voorzitter:

Mevrouw Agema verzoekt om steun voor het houden van een debat over ouderenmishandeling. 

Mevrouw Bergkamp (D66):

Ik steun het voorstel om hierover een debat te houden. Ik wil er wel een voorwaarde aan hangen. Op ons verzoek wordt er een onderzoek gedaan naar ouderenmishandeling. Dat onderzoek is bijna gereed. Het lijkt me heel goed om het rapport over dat onderzoek bij het debat dat nu wordt aangevraagd te betrekken. Het debat moet toch nog worden gepland en, gezien de agenda, zal het wat uitlopen in de tijd. Als we dat doen, hebben we ook een concreet stuk in handen dat meer de diepte in gaat en waarin dit belangrijke onderwerp wordt geanalyseerd. Dat onderwerp is ook voor D66 belangrijk. 

De voorzitter:

Dus u zegt: steun voor een debat, maar niet te plannen voordat het rapport over ouderenmishandeling, waarom u hebt gevraagd, binnen is. 

Mevrouw Keijzer (CDA):

Dit is verontrustende berichtgeving over meer meldingen van ouderenmishandeling, dus steun voor het verzoek, met daarbij de voorwaarde zoals gesteld door mevrouw Bergkamp. 

Mevrouw Van der Burg (VVD):

Een heel belangrijk onderwerp, waarover de berichten inderdaad verontrustend waren. We hebben hierover net een algemeen overleg gehad. Ik wil voorstellen de regering om een brief te vragen en die brief af te wachten. Dus nu geen steun voor het debat. 

De voorzitter:

U wilt dus een aparte brief, wat niet hetzelfde is als het onderzoek waarover mevrouw Bergkamp het heeft. 

Mevrouw Van der Burg (VVD):

Nee, dat kan een brief in reactie op de berichten zijn, maar de brief kan ook worden gecombineerd met een reactie op dat rapport. Dat mag de regering zelf bepalen. Eerst dat stuk en dan praten we verder. 

De voorzitter:

U wilt in ieder geval ook een reactie van het kabinet op de cijfers. 

De heer Otwin van Dijk (PvdA):

Mishandeling van ouderen is natuurlijk een ernstig probleem. Het signaal dat mevrouw Agema naar voren brengt, delen we met z'n allen. De Kamer heeft nog niet heel lang geleden unaniem uitgesproken dat we dit moeten aanpakken. Op verzoek van D66 is een voorstel gedaan voor een onderzoek. Ik stel voor dat we dat onderzoek eerst afwachten, met een goede reactie van de regering daarop, waarna we daar het beste over kunnen debatteren. Maar dan ook pas op dát moment. 

De voorzitter:

Steun onder dezelfde voorwaarden als mevrouw Bergkamp en mevrouw Keijzer hebben uitgesproken. 

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):

Niemand wil natuurlijk dat ouderen in dit land mishandeld worden. Ook de ChristenUnie wil dat niet. Natuurlijk moeten we dit probleem onder ogen zien en aanpakken. Ik ben heel blij dat er onderzoek plaatsvindt. Ik steun ook de aanvraag voor een debat, dat kan worden gevoerd als de onderzoeksresultaten bekend zijn. 

Mevrouw Leijten (SP):

Kortheidshalve sluit ik me aan bij diegenen die zeggen: eerst het onderzoek, dan een breed debat. Steun voor een debat, maar wel op die voorwaarde. 

Mevrouw Van Tongeren (GroenLinks):

GroenLinks sluit zich daarbij aan. 

De voorzitter:

Mevrouw Agema, de meerderheid van de Kamer steunt uw verzoek, zij het wel met als voorwaarde dat eerst het rapport binnen moet zijn waarom de Kamer zelf heeft gevraagd. Dan kunnen we het debat inplannen. Er is een aanvullend verzoek om apart om een reactie van het kabinet te vragen op de nu gepresenteerde cijfers. 

Mevrouw Agema (PVV):

Maar ik neem aan dat u dit verzoek op de lijst zet, dat het vanzelf omhoog komt en dat wordt gekeken wanneer dat rapport er tussentijds komt. Zodat we niet weer een jaar moeten wachten. Dat was namelijk de vorige keer bij dit onderwerp het geval. 

De voorzitter:

Ik heb duidelijk gehoord dat meerderheid van de Kamer heeft gezegd dat ze het debat pas wil agenderen als dat rapport er is. Het is aan u en aan de commissie om ervoor te zorgen dat het kabinet haast maakt, als het dat in uw ogen onvoldoende doet. Maar voorlopig komt het debat gewoon op de lijst te staan. Als het aan de beurt is en het rapport is er, gaan we het zo snel mogelijk inplannen. Vier minuten spreektijd per fractie. Ik zal het stenogram van dit gedeelte van de vergadering doorgeleiden naar het kabinet. Overigens blijkt daaruit dan ook dat de Kamer haast heeft met dat rapport. 

Het woord is aan de heer Elias van de VVD. 

De heer Elias (VVD):

Voorzitter. Ik heb op 24 maart — ik herhaal: op 24 maart — vragen gesteld over het bericht dat de NOS de samenvattingsrechten van het eredivisievoetbal voor de komende drie jaar heeft verworven. We kregen op 14 april een keurig uitstelbriefje. Maar we zijn inmiddels een week of acht verder en we hebben nooit meer iets vernomen. Ik vind het langzamerhand wel welletjes. 

De voorzitter:

Ik zal het stenogram van dit gedeelte van de vergadering doorgeleiden naar het kabinet. Voor de zekerheid: uw verzoek betekent dat u de antwoorden zo snel mogelijk tegemoet wilt zien. Dat staat dan ook in het stenogram. 

Het woord is aan mevrouw Van Toorenburg van het CDA. 

Mevrouw Van Toorenburg (CDA):

Voorzitter. Belangrijke taken worden van het Rijk en de provincies naar de gemeenten overgeheveld, gedecentraliseerd. Die gemeenten pakken het vaak gezamenlijk op. Maar het blijkt nu zo te zijn dat gemeenten daarvoor fiscaal worden gestraft. Het CDA heeft hiervoor samen met D66 al ruim een halfjaar geleden aandacht gevraagd, maar het probleem is nog altijd niet opgelost. Daarom vraagt het CDA vandaag samen met D66 een debat aan over deze problematiek. 

De voorzitter:

Ik probeer nog een titel voor dit debat te verzinnen. Het verzoek is om steun voor het houden van een debat over de financiële consequenties voor gemeenten van financieel samenwerken. Mijnheer Schouw, ik neem aan dat u degene bent namens wie het verzoek mede werd gedaan. 

De heer Schouw (D66):

Dat klopt. Ik wilde nog even bevestigen dat ik me graag aansluit bij dit initiatief van het CDA. 

De heer Bosma (PVV):

Het is altijd fijn om te horen dat de D66-fractie het met zichzelf eens is. Ik steun het verzoek graag. 

De heer Segers (ChristenUnie):

Dat geldt ook voor de ChristenUnie-fractie. Steun voor het verzoek. 

De heer Litjens (VVD):

Wij begrijpen de zorg en delen die. Er ligt een toezegging van de minister van Binnenlandse Zaken om hiermee terug te komen. Wat ons betreft gaan we hier een debat over voeren, maar dat hoeft niet op korte termijn. Wel zouden wij graag zien dat er op korte termijn, liefst in de loop van de volgende week, een brief komt van de minister van Binnenlandse Zaken waarin staat hoe hiermee moet worden omgegaan. Of hij dit moet afstemmen met de staatssecretaris van Financiën, laten wij graag aan hem over. Geen steun voor een debat, wel voor een brief waarin uitgelegd wordt hoe hiermee om te gaan. 

De voorzitter:

U wilt uiterlijk eind volgende week een brief ontvangen. 

Mevrouw Fokke (PvdA):

We hebben het inderdaad al vaker over dit onderwerp gehad. Wat ons betreft ook geen steun voor een debat. We vinden het wel prima dat er een brief komt. De VNG heeft haar brief gericht aan de staatssecretaris van Financiën. Als het om deze problematiek gaat, moeten we volgens mij echt bij Financiën zijn. Geen steun voor een debat, maar wel voor een brief zo spoedig mogelijk. 

Mevrouw Van Tongeren (GroenLinks):

Steun voor het debat en steun voor een brief. 

De heer Van Raak (SP):

Steun. 

De voorzitter:

Mevrouw Van Toorenburg, u hebt niet de steun van de meerderheid voor het houden van een debat. Er is wel een brede behoefte om voor eind volgende week een brief te ontvangen. Ik stel voor dat de brief er donderdag voor 12.00 uur is, vóór de regeling van werkzaamheden. Dan is er een nieuw afwegingsmoment voor de Kamer om te besluiten of er al dan niet een debat gehouden moet worden. 

Mevrouw Van Toorenburg (CDA):

De VNG heeft gezegd dat er echt geen tijd te verliezen is. De VNG wil een oplossing vóór 18 juni. Als wij zo lang wachten met een brief, lukt dat niet. Ik zou mijn collega's in overweging willen geven om de brief eerder te vragen, liefst morgen aan het einde van de dag. 

De voorzitter:

Wat vindt u van dinsdag 12.00 uur? 

Mevrouw Van Toorenburg (CDA):

Dinsdag 12.00 uur is goed, als het maar voor de deadline is waar de VNG zelf zo op hamert. 

De voorzitter:

Ik begrijp het. Ik zal het kabinet vragen of het voor dinsdag 12.00 uur de brief kan sturen. Dan is het heroverwegingsmoment er, met de kennis dat er een deadline is die niet overschreden moet worden voordat de Kamer de gelegenheid heeft om erover te praten. 

Mevrouw Van Toorenburg (CDA):

Als we toch een paar dagen extra hebben, kunnen we vandaag in de brief nog wat aanvullende vragen stellen. 

De voorzitter:

Ik zal dat verzoek bij de griffier neerleggen. Hij zal inventariseren welke vragen er in de brief aan de orde zullen komen. Dank u voor uw verzoek. 

Ik zal het stenogram van dit gedeelte van de vergadering doorgeleiden naar het kabinet. De brief moet hier dinsdag voor 12.00 uur zijn. 

Het woord is nogmaals aan mevrouw Van Toorenburg. 

Mevrouw Van Toorenburg (CDA):

Voorzitter. Ik heb nog een verzoek namens de heer Oskam. Wij hebben een rappel over onbeantwoorde schriftelijke vragen aan de minister van Veiligheid en Justitie over het bericht van de Nederlandse Politiebond dat de minister het geweld tegen agenten niet aanpakt. Deze zijn ingezonden op 22 april 2014. We willen graag heel snel antwoorden op de vragen. 

De voorzitter:

Ik zal het stenogram van dit gedeelte van de vergadering doorgeleiden naar het kabinet. 

Het woord is aan de heer Van Ojik van GroenLinks. 

De heer Van Ojik (GroenLinks):

Voorzitter. Vanochtend werd bekend dat de Europese Commissie een officieel onderzoek start naar de belastingvoordelen die Nederland aan Starbucks heeft gegeven. Hierbij is mogelijk sprake van ongeoorloofde staatssteun. Vorige week gaf de Commissie ook al aan dat het slechts een kwestie van tijd is dat er in de landenspecifieke aanbevelingen voor Nederland komt te staan dat het de agressieve fiscale belastingconcurrentie moet stoppen. Mijn fractie zou graag hierover zo snel mogelijk met de staatssecretaris van Financiën en de minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking een debat voeren. Het is beter om deze aanbevelingen van de Commissie voor te zijn, dan dat we er pas over gaan debatteren als het te laat is. 

De voorzitter:

Verzoek om steun tot het houden van een debat over de belastingvoordelen die Nederland aan multinationals biedt. 

Mevrouw Thieme (PvdD):

Van harte steun voor dit verzoek. Voorafgaand aan het debat zou ik graag een brief willen krijgen waarin het kabinet ingaat op wat vanuit Europa is gezegd. 

De heer Merkies (SP):

Steun voor het verzoek en ook voor het verzoek om een brief. 

Mevrouw Neppérus (VVD):

Die brief heb ik al gezien; die is zojuist al gearriveerd, maar een nadere brief mag altijd. Geen steun voor een debat, want straks jagen we alle bedrijven weg. Wellicht is het wel een idee om dit punt weer eens in een algemeen overleg aan de orde te stellen. 

De heer Omtzigt (CDA):

Steun voor een debat, het liefst na de zomer, want dan hebben we wat meer informatie. Op 18 februari antwoordde de staatssecretaris dat alles geheim is als er sprake is van een vooronderzoek, maar dat het openbaar wordt wanneer het een officieel onderzoek wordt. Dat is vandaag gebeurd. De stukken die de staatssecretaris toen niet naar de Kamer stuurde, kan hij vandaag dus wel naar de Kamer sturen. Ik verzoek hem expliciet om dat op korte termijn te doen. 

De heer Tony van Dijck (PVV):

Geen steun, want Brussel heeft zich hier niet mee te bemoeien. De heer Van Ojik moest eens ophouden met het uit Nederland willen verjagen van alle bedrijven. 

De heer Nijboer (PvdA):

Zo, dat is een genuanceerde opvatting. Ik ben voor een debat met de minister en de staatssecretaris, maar in de vorm van een algemeen overleg. Dus geen steun voor dit verzoek. 

Mevrouw Schouten (ChristenUnie):

Het is waar dat we hier vaker over hebben gesproken, maar inderdaad is juist vandaag naar buiten gekomen dat de Europese Commissie officieel een onderzoek start. Dat lijkt mij dus een goed moment om hier een debat over te voeren. Dus steun voor het verzoek. 

De heer Koolmees (D66):

In ieder geval steun voor de brief en ook voor een debat, maar ik doe de suggestie om dat in een AO te doen. Dan kunnen we het snel plannen; anders wordt het volgens mij na het reces. 

De voorzitter:

Dat betekent dat u geen steun geeft voor een plenair debat. 

De heer Koolmees (D66):

Geen steun voor een plenair debat, wel voor een AO, maar dat doen we in de commissie. 

De voorzitter:

Mijnheer Van Ojik, u hebt niet de steun van de meerderheid voor het houden van een plenair debat. U hebt wel brede steun voor het houden van een algemeen overleg. Er is ook een brede behoefte — u hebt daar niet om gevraagd, maar anderen hebben daar wel om gevraagd — aan een brief van het kabinet over dit onderwerp. 

De heer Van Ojik (GroenLinks):

Het is heel goed dat er een brief komt. Jammer dat er geen steun is voor een plenair debat, maar wij zullen in de procedurevergadering vragen om hieraan op een zo kort mogelijke termijn een algemeen overleg te wijden. Het gaat erom dat wij de kans hebben om met onze bewindslieden hierover te spreken voordat we een eventuele reprimande van de Europese Commissie in onze zak kunnen steken. Ik had overigens niet verwacht dat de PVV denkt dat mijn fractie zo veel invloed heeft dat zij bedrijven uit Nederland kan verjagen. 

De voorzitter:

Ik zal het stenogram van dit gedeelte van de vergadering doorgeleiden naar het kabinet. 

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst. 

Naar boven