Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2009-2010nr. 87, pagina 7346

Aan de orde zijn de stemmingen in verband met het voorstel van wet van de leden Van Velzen en Waalkens tot wijziging van de Wet verbod pelsdierhouderij (32369).

(Zie vergadering van heden.)

In stemming komt het amendement-Koopmans (stuk nr. 11).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van het CDA, de SGP, de VVD en het lid Verdonk voor dit amendement hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat het is verworpen.

In stemming komt het amendement-Cramer (stuk nr. 8).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fractie van de ChristenUnie voor dit amendement hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat het is verworpen.

In stemming komt het wetsvoorstel.

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, D66, de PvdD en de PVV voor dit wetsvoorstel hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat het is aangenomen.

(geroffel op de bankjes)

De voorzitter:

Dan moet dit initiatiefwetsvoorstel ook verdedigd worden in de Eerste Kamer. Mag ik aan de initiatiefnemers vragen of zij bereid zijn, deze verdediging op zich te nemen?

Mevrouw Van Velzen (SP):

Voorzitter. Dat zou een grote eer zijn, ware het niet dat ik niet ben herverkozen. U kunt er echter van op aan dat in mijn fractie genoeg mensen zijn die het een eer vinden om dit wetsvoorstel te verdedigen in de Eerste Kamer.

De voorzitter:

Dan wensen wij degenen die dat gaan doen, van harte succes toe.

Op verzoek van mevrouw Ouwehand stel ik voor, haar motie (32369, nr. 9) van de agenda af te voeren.

Daartoe wordt besloten.