76ste vergadering

Dinsdag 28 mei 2002

14.00 uur

Voorzitter: Weisglas

Tegenwoordig zijn 146 leden, te weten:

Aasted-Madsen-van Stiphout, Adelmund, Albayrak, Alblas, Van Ardenne-van der Hoeven, Arib, Van As, Atsma, Azough, Bakker, Balkenende, Van Beek, Benschop, Bijlhout, Van Blerck-Woerdman, Van Bochove, Van Bommel, Bonke, Bos, Van den Brand, Van den Brink, Bruls, Buijs, Bussemaker, Van de Camp, Cornielje, Çörüz, Crone, Dekker, Van Dijke, Dijksma, Dijkstal, Dittrich, Duivesteijn, Duyvendak, Eberhart, Eerdmans, Eurlings, Ferrier, Van Geel, Van Geen, Van Gent, Gerkens, Giskes, Th.C. de Graaf, T. de Graaf, De Grave, De Haan, Van Haersma Buma, Halsema, Van der Ham, Hamer, Van Heemst, Herben, Herfkens, Hermans, Hessels, Van der Hoeven, Hofstra, Van Hoof, Hoogendijk, Hoogervorst, Ten Hoopen, Huizinga-Heringa, Jager, Janssen van Raay, Jense, Joldersma, De Jong, Jorritsma-Lebbink, Kalsbeek, Kamp, Kant, Karimi, Van der Knaap, Koenders, Koopmans, Kortenhorst, Korthals, Lambrechts, Lazrak, Van Lith, Marijnissen, Mastwijk, Meijer, Melkert, Mosterd, Netelenbos, Nicolaï, Van Nieuwenhoven, Noorman-den Uyl, Van Oerle-van der Horst, Ormel, Palm, De Pater-van der Meer, Rambocus, Remkes, Rietkerk, Rijpstra, Rosenmöller, Ross-van Dorp, Rouvoet, Van Ruiten, De Ruiter, Schonewille, Schreijer-Pierik, Smolders, Smulders, Spies, Van der Staaij, Sterk, Stuger, Teeven, Terpstra, Tichelaar, Timmermans, Tonkens, Varela, Te Veldhuis, Veling, Van Velzen, Vendrik, Verburg, Vergeer-Mudde, Verhagen, Vermeend, Vietsch, Van der Vlies, Vos, Voûte-Droste, B.M. de Vries, G.M. de Vries, J.M. de Vries (CDA), J.M. de Vries (VVD), K.G. de Vries, Van Vroonhoven-de Kok, Weisglas, Wiersma, Wijn, Wijnschenk, Van Winsen, De Wit, Wolfsen, Zalm, Zeroual en Zvonar,

en mevrouw Kalsbeek, staatssecretaris van Justitie.

De voorzitter:

Ik deel aan de Kamer mede dat er geen berichten van verhindering zijn binnengekomen.

De ingekomen stukken staan op een lijst die op de tafel van de griffier ter inzage ligt. Op die lijst heb ik voorstellen gedaan over de wijze van behandeling. Als aan het einde van de vergadering daartegen geen bezwaren zijn ingekomen, neem ik aan dat de Kamer zich met de voorstellen heeft verenigd.

Ik geef het woord aan de heer Te Veldhuis tot het uitbrengen van verslag namens de commissie voor het Onderzoek van de geloofsbrieven.

De heer Te Veldhuis:

voorzitter der commissie

De commissie voor het Onderzoek van de geloofsbrieven heeft de stukken onderzocht die betrekking hebben op mevrouw W.E. de Jong te Piershil en de heer H.H.R. Wijnschenk te Almere. De commissie is eenparig tot de conclusie gekomen dat zij terecht benoemd zijn verklaard tot lid van de Tweede Kamer der Staten-Generaal. De commissie stelt u daarom voor om hen toe te laten als lid van de Kamer. Daartoe dienen zij wel eerst de verklaringen en de beloften af te leggen zoals die zijn voorgeschreven bij de wet van 27 februari 1992, Staatsblad nr. 120.

De commissie verzoekt u tot slot om de Kamer voor te stellen om het volledige rapport in de Handelingen op te nemen.

De voorzitter:

Ik bedank namens de Kamer de commissie voor haar verslag en stel voor, dienovereenkomstig te besluiten.

Daartoe wordt besloten.

(Het rapport is opgenomen aan het eind van deze editie.)1

De voorzitter:

Mevrouw De Jong en de heer Wijnschenk zijn in het gebouw der Kamer aanwezig.

Ik verzoek de griffier, hen binnen te leiden.

Nadat mevrouw De Jong en de heer Wijnschenk door de griffier zijn binnengeleid, leggen zij in handen van de voorzitter de bij de wet voorgeschreven verklaringen en beloften af.

De voorzitter:

Het is mij een genoegen u als eerste te mogen feliciteren met uw benoeming. Ik verzoek u, de presentielijst te tekenen en na de schorsing in ons midden plaats te nemen.

De vergadering wordt enkele minuten geschorst.

Waarnemend tijdelijk voorzitter: Van der Hoeven

Naar boven