Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Eerste Kamer der Staten-Generaal2011-2012nr. 8, item 6

6 Algemene financiële beschouwingen

Aan de orde is de voortzetting van:

  • - de algemene financiële beschouwingen naar aanleiding van de Miljoenennota 2011 (33000).

De beraadslaging wordt hervat.

De heer Nagel (50PLUS):

Voorzitter. Minister Verhagen heeft het namens het hele kabinet onomwonden gezegd: alle signalen staan op oranje. Dat is heel duidelijke taal. "Oranje" kan op meerdere manieren geduid worden: het Koninklijk Huis, het Nederlands elftal, het verkeerslicht dat voor de overgang van groen naar rood waarschuwt, allemaal oranje. Maar in dit geval wordt er met "oranje" zonder omwegen geduid op de perssinaasappel in onze samenleving: de ouderen die steeds verder dan mogelijk werd geacht, kunnen worden uitgeperst en ook daadwerkelijk worden uitgeperst.

Er zijn grote groepen ouderen die moeten rondkomen van alleen maar AOW en een klein pensioentje. Die pensioenen worden al een aantal jaren in de meeste gevallen niet meer geïndexeerd. Daardoor is in vergelijking met de loon- en prijsstijgingen een achterstand ontstaan van ruwweg 10%. 65-plussers krijgen dit jaar gemiddeld € 540 minder dan waarop ze hadden mogen rekenen, meldt de Volkskrant op 15 oktober.

Voor de komende jaren is het beeld nog droeviger. Volgens het in arbeidsvoorwaarden gespecialiseerde bureau Mercer stijgen de lonen in het Nederlandse bedrijfsleven in 2012 met 3%. De pensioenen zullen opnieuw niet worden geïndexeerd en dat zal naar verwachting een flink aantal volgende jaren evenmin gebeuren. Sterker nog: de perssinaasappel in onze samenleving is er rijp voor gemaakt dat de pensioenen ook nog eens daadwerkelijk worden gekort. Dat is een hoogst willekeurige en onrechtvaardige behandeling, in de eerste plaats vanwege de rekenmethode voor de rente. Vorig jaar heeft de heer Van Driel van de Partij van de Arbeid-fractie hierover uitvoerig gesproken in deze Kamer. De rekenmethode was in het verleden anders en er is eigenlijk geen enkele reden om die rekenmethode nu zo strak te handhaven.

In het tv-programma Buitenhof meldde Angelien Kemna, hoofd beleggingen APG, dat het rendement op het kapitaal van 280 mld. vorig jaar 32 mld. was en dat men dit jaar ondanks de grote crisis eveneens weer boven de nullijn zal eindigen. Er is dus objectief gezien niet zo veel aan de hand met de kapitalen.

Gelet op de kapitaalsituatie van de pensioenfondsen is het onrechtvaardig en onverstandig dat de pensioenen niet meestijgen met de inflatie of erger nog, worden gekort. Het is onrechtvaardig omdat er een grote willekeur is. Werknemers en gepensioneerden van grote banken en multinationals zoals KLM, ING, Shell, Unilever, IBM en SNS-bank blijven buiten schot in de pensioencrisis. Grote fondsen zoals Shell, ING en Elsevier hebben de afgelopen jaren miljarden in de pensioenkassen bijgestort. Dat staat in schril contrast met de vaak lage pensioenen in de metaalsector, de kapperssector, de vleeswarenindustrie en de verf- en drukwerkindustrie, om een paar voorbeelden te noemen.

Dat brengt mij op een punt waarop ik dit kabinet en deze minister rechtstreeks wil aanspreken. Het gaat om het grootste pensioenfonds van Nederland, het ABP, waarin het gemiddelde pensioen ongeveer € 760 per maand bedraagt. Kan de minister nog eens uiteenzetten hoeveel miljard de regering in de jaren negentig uit het pensioenfonds heeft gehaald en hoe de situatie nu zou zijn indien dit niet was gebeurd? Is de minister het niet met ons eens dat het een kwestie van moreel fatsoen is dat de overheid in tijden dat het slecht gaat met dit pensioenfonds, in navolging van de grote bedrijven die ik eerder noemde, geld terugstort opdat onschuldige gepensioneerden, die hadden gerekend op een welverdiende en onbekommerde oude dag, niet zo ernstig worden benadeeld?

Een bijkomend maar niet onbelangrijk punt is dat de lage rentestand volgens de Volkskrant het kabinet alleen al in de eerste helft van dit jaar een voordeel van ruim 1 mld. heeft opgeleverd. Kan dit worden bevestigd? Hoe zal dit voor geheel 2011 kunnen uitpakken? Is het niet rechtvaardig dit soort meevallers terug te geven aan de gedupeerden van de rentestand, in dit geval de gepensioneerden?

Onrechtvaardig is het ook als we zien wat de regering op een ander front voor Griekenland en de Grieken doet. Om misverstanden te voorkomen: wij behoren niet tot degenen die zich principieel verzetten tegen steun aan andere landen. Wel vinden wij dat deze steun moet worden afgewogen tegen de zaken die wij voor de eigen bevolking doen. Het is nog niet zo lang geleden dat wij mochten geloven dat de miljarden die wij ter beschikking zouden stellen een pure winstpost waren. Het was absoluut zeker dat die allemaal terug zouden komen, zelfs met rente, waardoor we dik zouden verdienen. Die hoge rente smolt razendsnel weg voor de Griekse zon en de mooie beloften maakten plaats voor de aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid dat pakweg de helft van alle schulden kwijtgescholden zou moeten worden, terwijl insiders er rekening mee houden dat die andere helft eveneens een boekhoudkundige kwestie is.

Op 26 mei van dit jaar zei premier Rutte het zeer treffend in de Tweede Kamer: het kabinet voelt er eigenlijk helemaal niets voor om de Grieken te steunen. Volgens hem heeft men daar te weinig belasting geheven en heeft men ons ook voorgejokt over de groeicijfers en de overheidsfinanciën. Om het in gewoon Nederlands te zeggen: de Nederlandse belastingbetaler draait op voor de liegende en bedriegende Grieken. Dat staat in schril contrast met de gepensioneerden die wel trouw hun belasting hebben betaald en die voor hun trouwe gedrag nu worden gestraft.

Op ons verzoek heeft Maurice de Hond op dit punt de opinie van alle Nederlanders gepeild. Een duidelijke twee derde meerderheid vindt dat de Nederlandse overheid meer geld aan de pensioenen moet besteden en minder miljarden aan Griekenland. Onder de VVD-kiezers is dat percentage 77. De heer De Grave moet geloven dat dit niet alleen gepensioneerden zijn. Bij de PVV-kiezers vindt liefst 97% dat. Het kabinet is echter net zo soepel tegenover de Grieken als het star is tegen de eigen gepensioneerden. Ook daarom herhaal ik de zojuist gestelde vraag: vindt het kabinet niet dat het ook voor de gepensioneerden iets moet doen? Ik noemde al terugstorten in het ABP-fonds, maar ook een extra aanpassing van de laagste belastingschijf zou een blijk van solidariteit kunnen zijn.

De ouderen gaan er in koopkracht het meest op achteruit. Er is geen sprake van indexatie en de AOW-stijging blijft achter bij de echte inflatie. Niet meegerekend worden de hogere energiekosten, de hogere Zvw-bijdrage en het eigen risico dat opnieuw en nu met € 50 per persoon wordt verhoogd. Kortingen op pensioenen lijken vrijwel zeker. Intussen bereiken ons de eerste signalen dat ouderen met een eigen huis door hun teruglopende koopkracht problemen zullen krijgen om de hypotheekrente te kunnen betalen. Welke gevolgen ziet het kabinet als dit scenario inderdaad bewaarheid zou worden?

In dit verband is het rijp maken van de volgende operatie door de directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau professor Schnabel veelzeggend. Ouderen met een eigen huis moeten de toenemende kosten in de zorg betalen door afstand te doen van hun huis. Hij zegt er bij dat deze opvatting nu misschien vreemd klinkt, maar dat dit over drie jaar anders zal zijn. Wat vindt het kabinet van deze recente gedachte?

Ook duiken er in de financiële wereld berichten op dat de geldpers moet gaan draaien om de euro te redden. Het gevolg hiervan is dat de inflatie sterk zal stijgen en alles flink duurder wordt. Graag willen wij weten of dit risico inderdaad bestaat en wat men in een dergelijk geval aan de koopkracht van ouderen en gepensioneerden wil doen. Een maatregel in de laagste belastingschijf zou een mogelijkheid kunnen zijn.

Allerlei kortingen, zoals de partnertoeslag bij de AOW, worden gerechtvaardigd met het argument dat de overheidsfinanciën op orde moeten zijn. Het zijn echter politieke keuzen. Daarom was het zo verbazingwekkend dat staatssecretaris Weekers vorig jaar op 9 november in deze Kamer zei dat de afbouw van de hypotheekrenteaftrek niet nodig is om de overheidsfinanciën gezond te maken. Die discussie wordt dus uit de weg gegaan. Natuurlijk kunnen wij ons voorstellen dat partijen die een kiezersbelofte hebben gedaan dat er deze regeerperiode niets zal veranderen, die belofte willen nakomen. Dat laat echter onverlet dat bijna iedereen weet dat er de komende jaren iets moet veranderen.

Op de persconferentie die wij hielden op 8 september 2009 bij het lanceren van de huidige 50PLUS-partij, haalden wij het ANP met het idee dat de hypotheekrente in 30 jaar moet worden afgelost, een idee dat sindsdien door andere partijen is overgenomen. Wat opviel was een reactie uit onverdachte CDA-hoek. Het toenmalige Eerste Kamerlid Hans Hillen steunde ons voorstel en zei in het Algemeen Dagblad van 7 september dat de huidige aftrek oneigenlijk wordt gebruikt. Hij noemde het huidige systeem pervers. Wat vinden de minister en staatssecretaris: delen zij de opvatting van de huidige minister van Defensie dat de hypotheekrenteaftrek zoals die nu gebeurt pervers is of nemen zij afstand van het minderheidsstandpunt in het minderheidskabinet? Ik hoor graag een duidelijke uitspraak hierover.

Het kabinet heeft besloten de overdrachtsbelasting tot 1 juli aanstaande tijdelijk te verlagen naar 2%. Bij de algemene beschouwingen in deze Kamer heeft CDA-fractievoorzitter Brinkman een pleidooi gehouden om deze verlaging permanent te maken. De partij 50PLUS wil op dit vlak een nieuw voorstel doen. Wij zouden graag zien dat de voor deze verlaging gereserveerde post op een andere manier wordt besteed, namelijk door huizenbezitters die dichter bij hun werk gaan wonen een korting op de overdrachtsbelasting te verlenen die in verhouding is tot die afstand.

Dat zou een aantal geweldige voordelen kunnen hebben. Eén: de filevorming wordt bestreden. Twee: de bijbehorende milieuvervuiling wordt teruggedrongen. Drie: de kapitaalverspilling door het in de file staan wordt tegengegaan. Vier: de reiskosten voor werkgevers, werknemers en ook overheid nemen af.

De verlaagde overdrachtsbelasting zou niet alleen moeten gelden voor huizenbezitters, maar ook voor huurders die, bij een verhuizing die leidt tot dichter bij het werk wonen, een vergelijkbare premie krijgen. In dit voorstel zouden huurders dan op gelijke wijze behandeld worden als de huizenbezitters. Wij kunnen ons voorstellen dat het kabinet eerst rustig wil kijken naar alle mogelijke consequenties. Wij vragen of het kabinet dit nieuwe idee serieus wil bestuderen en ons op termijn daarover uitsluitsel wil geven.

De heer Koffeman (PvdD):

Voorzitter. Ogenschijnlijk gaat het best goed met Nederland. We hoeven niet extra te bezuinigen in 2012, elke euro die we geleend hebben aan Griekenland komt gegarandeerd terug met rente en we hebben een manier gevonden om 75% te bezuinigen op het natuurbudget zonder dat men ons natuurbarbaren kan noemen; het tegendeel is het geval, begreep ik van staatssecretaris Bleker. We hebben 7 miljoen vierkante meter leegstaande kantoren, en daarmee alle mogelijkheden om de economie te laten groeien. De huizenprijzen dalen in een zo rap tempo dat mensen die vanwege hun te hoge inkomen niet meer in aanmerking komen voor een sociale huurwoning, straks gewoon een huis kunnen kopen. De euro en het geloof in de euro zijn zo sterk dat ze de democratie opzij kunnen zetten door bijvoorbeeld in Italië een nieuw kabinet te formeren, zonder ook maar één gekozen politicus. Dat wordt ruimschoots gecompenseerd door het feit dat er bankiers in het kabinet zitten en de premier afkomstig is van Goldman Sachs zelve.

Ook in Griekenland hebben we al een regimechange zonder democratische verkiezingen achter de rug, want die zijn maar lastig en een referendum is dat al helemaal. Dat weten we nog wel uit de tijd dat de Nederlandse bevolking luidkeels "nee!" zei tegen de Europese Grondwet, waarna het Nederlandse kabinet er weer een heel andere naam voor moest bedenken om deze toch in te voeren. Voor wie afgaat op de vrolijke gelaatsuitdrukkingen van de minister-president en de minister van Financiën, ziet het er zonnig uit in ons land.

De heer De Grave (VVD):

Mijnheer Koffeman, of u heeft hier een geweldige scoop, of ik vergis mij ernstig. Dat de heer Rutte bij Goldman Sachs heeft gewerkt, lijkt mij erg onwaarschijnlijk.

De heer Koffeman (PvdD):

Nee, het ging om de premier van Italië. Maar maakt dat dit in uw optiek minder erg?

We hebben zo veel aan de invoering van de euro te danken dat we nu wel een stootje kunnen hebben, althans dat wordt beweerd. De bewijzen daarvoor ontbreken.

De euro was ooit bedoeld als het sluitstuk van een politieke unie die werd nagestreefd door Europese leiders, maar is inmiddels zo'n faliekante mislukking gebleken dat nu de versnelde en ondemocratische invoering van een politieke unie wordt gepresenteerd als de enige kans om de euro te redden. Immers, zonder de euro zouden we allemaal ten onder gaan en dreigt er oorlog; dat moet je niet willen. We gaan dus van de nood een deugd maken, we zijn nu zo ver het euromoeras ingetrokken dat we toch al een nat pak hebben, dus wat let ons om nog een grote sprong voorwaarts te maken, verder het moeras in?

Als je niet terug wilt, zul je vooruit moeten; wie euro zegt, zal ook politieke unie moeten zeggen. Dat is de consequentie van de keuze om tegen de wil van de Nederlandse bevolking toe te treden tot een eurozone zonder onderlinge correctiemechanismen, zonder deugdelijk monetair toezicht op de begrotingsdiscipline en zonder een exitstrategie voor notoire overtreders van de stabiliteitsafspraken.

De euro is een geloof, gebaseerd op de "onzichtbare hand" van Adam Smith. Alles komt vanzelf weer goed, als de markt maar onbelemmerd haar werk kan doen. Dat wordt door steeds meer mensen betwijfeld; niet alleen door burgers die aan hun water voelen dat de euro geen bindmiddel is maar een splijtzwam, maar ook door mensen die daarvoor doorgeleerd hebben. Jaap van Duijn betoogde afgelopen donderdag nog in de NRC: "Wie beweert dat Nederland miljarden verdient aan de euro, begrijpt niet hoe het zit."

De invoering van de euro was geen monetaire noodzaak, maar politiek opportunisme van mensen die eigenlijk nauwelijks wisten waar ze mee bezig waren. De voormalige president van de Nederlandsche Bank, Holtrop, voorzag al in 1963 wat het probleem zou kunnen zijn van een gezamenlijke munt: "Geld is een attribuut van soevereiniteit. Als een land zijn munt opgeeft, heft het zichzelf een beetje op." Holtrop had gelijk. We hebben onszelf een beetje opgeheven, en vandaag spreken we over de algemene financiële beschouwingen van een land dat hard op weg is zijn soevereiniteit over te dragen aan de Verenigde Staten van Europa. Daarbij laat het Nederlands parlement zichzelf degraderen tot de Provinciale Staten van Europa. De oud-directeur van de Nederlandsche Bank, André Szász, vertelde in 1998 in de NRC onomwonden hoe de introductie van de euro tijdens het kabinet-Lubbers III werd voorbereid. Premier Lubbers vroeg of de politici eigenlijk wel wisten waar ze mee bezig waren. Minister Andriessen van Economische Zaken was helder in zijn antwoord: ze hadden geen idee.

Inmiddels hoor je steeds vaker dat het geen zin heeft om met "I told you so" te komen, we zitten in het schuitje en we moeten meevaren; meer taken en meer zeggenschap naar Europa. Het is zeer de vraag of de Nederlandse bevolking daar net zo over denkt. Professor Klemann vroeg zich zaterdag in de Volkskrant af waarom we eigenlijk zo bang zijn, of bang gemaakt worden, voor het einde van de euro.

Sarkozy dreigt dat er oorlog komt na de val van de euro, maar het is volkomen onduidelijk tussen wie die oorlog dan zou moeten uitbarsten en waarover die zou moeten gaan. Als het een oorlog is van dezelfde hevigheid als de oorlog die zou losbarsten als we "nee" zouden zeggen tegen de Europese Grondwet, hoeven we daar niet zo heel erg bang voor te zijn.

In 1992 wisten we al met de crisis in het ERM dat de euro een onmogelijk experiment zou blijken. Voortaan zouden geen correcties meer plaats kunnen vinden via aanpassing van de wisselkoersen, maar alleen via aanpassing van de lonen, de pensioenen, de begroting en de belastingheffing. Brussel bemoeit zich inmiddels indringend met ons pensioenstelsel. Het probleem van de volkomen uit de pas lopende pensioenvoorzieningen in Nederland tegenover zuidelijke Europese landen zal leiden tot een al jaren voorziene pensioenroof die zijn weerga niet kent.

De noodmaatregelen die doorgevoerd worden, zijn niet meer dan een kostenverhogend uitstel van executie. Tijd kopen is het domste dat je doen kunt wanneer de markt die tijd benut om landen, regeringen en obligaties stuk te speculeren in eigen voordeel.

We komen niet verder dan symptoombestrijding. Natuurlijk kunnen we gezellig ons nationale tuintje blijven aanharken in het zicht van een naderende vloedgolf, maar dat heeft weinig te maken met vooruitzien en nog minder met regeren. De enige oplossing die ons een toekomst geeft, is het aanpakken van de oorzaken van de crises die ons teisteren en die dreigen. We zullen de schuldeneconomie op de schop moeten nemen en drastisch hervormen. We zullen moeten uitgaan van sluitende begrotingen, het respecteren van de reproductiecapaciteit van de aarde en streven naar een kleinschalig bestuur dat verantwoordelijkheid kan dragen en binnen de menselijke maat kan opereren.

Zonder dat nemen we een voorschot op een toekomst die er niet is. We zouden nog steeds kunnen kiezen onze eigen verantwoordelijkheid te nemen, maar de mogelijkheid daartoe wordt steeds kleiner. Op 1 december wordt aan de Tweede Kamer op vertrouwelijke basis de achtergrond van het Europees Stabiliteits Mechanisme ter inzage gegeven. Die vertrouwelijkheid wijst op weinig anders dan op het medeplichtig maken van politieke partijen aan een onverdedigbaar beleid. Kan de regering duidelijk maken wat de planning is voor ratificatie van het ESM-verdrag? Op welk moment is de regering van plan de Eerste Kamer in te lichten?

Als de begrotingsdiscipline en de controle op het naleven hiervan zou komen te liggen bij het ESM, is dat dan niet in strijd met het EU verdrag? Is hiervoor een aanpassing van Europese verdragen noodzakelijk en kan die aanpassing alleen plaatsvinden met steun van alle 27 lidstaten?

De heer Backer (D66):

Ik wil de heer Koffeman graag een vraag stellen. U sprak over kleinschalige besluitvorming. Beluister ik in uw betoog dat dat niet samen kan gaan met de euro? Bepleit u niet eigenlijk gewoon een uittreden? Het zou flauw zijn om dat bedwelmd of onbedwelmd te noemen, ik houd het maar op uittreden.

De heer Koffeman (PvdD):

Nee, dat is niet wat ik beoog te zeggen. Mijn partij is een groot voorstander van Europese samenwerking. Wij zien de euro helemaal niet als een noodzakelijke voorwaarde voor Europese samenwerking. Wij denken dat het in een crisis als deze niet goed is om alle scenario's weg te honen, of ze over neuro's en zeuro's gaan of over de terugkeer van de gulden. Dan wordt er als snel gezegd: waarom halen we niet meteen de dukaten of de schelpen weer uit de kast? Ik denk dat je alle opties serieus moet bekijken en dat wordt op dit moment niet gedaan. Op dit moment wordt er alleen maar gezegd: misschien was de manier waarop we de euro hebben ingevoerd in een Europa met verschillende snelheden niet handig, maar we hebben de euro nu en kunnen er nooit meer vanaf. Zo stellig staan wij daar niet in. In die zin volg ik de redenering van Jan Terlouw. Als je alleen maar zekerheden daarover hebt, lijkt mij dat gevaarlijk.

De heer Backer (D66):

Dat delen we dan. Schelpen lijkt mij voor uw partij trouwens een probleem.

De heer Koffeman (PvdD):

Schelpen zijn niet altijd even diervriendelijk. Als je ze vindt op het strand, gaat het goed.

Voorzitter. Is het juist dat het ESM een permanent karakter krijgt en de macht om op kosten en voor risico van de Europese burgers ongelimiteerd geld uit de staatskassen te vorderen en uit te lenen, zoals in het ontwerp al te lezen was? Klopt het dat het ESM aanvangt met een bedrag van 700 mld., € 2100 per Europese burger gaat kosten, en dat de Europese burgers daarin geen enkele inspraak krijgen?

Is het juist dat de bestuurders van het ESM en hun personeelsleden volledige juridische immuniteit zullen genieten en waarom is dat?

Kunt u aangeven of er democratische controle op het ESM zal worden uitgeoefend vanuit de nationale parlementen en op welke wijze daarin voorzien is? Kunt u aangeven op welke wijze de Nederlandse begroting beïnvloed zal kunnen worden door onherroepelijke en verplichte stortingen in het ESM en of het voldoen aan deze kapitaalbehoefte op enige manier gelimiteerd is of onderhevig zal zijn aan nationale, soevereine besluitvorming?

Hoe nijpender de situatie zal worden, hoe minder ruimte er zal zijn om legitieme vragen te stellen en beantwoord te krijgen. Nu al is het "Feind hört mit"-argument reden om banken of zelfs landen te redden zonder democratisch mandaat vooraf. Kan de regering helder maken op welke wijze parlement en bevolking de kans en de tijd zullen krijgen zich uit te spreken over een zo vérgaande overdracht van nationale bevoegdheden als het ESM inhoudt en hoeveel tijd zij daarvoor wil nemen?

De heer De Lange (OSF):

Mijnheer de voorzitter. Hoewel deze algemene beschouwingen geacht worden te gaan over de op Prinsjesdag gepresenteerde begroting, is de houdbaarheidsdatum van de toen aangeleverde documenten dusdanig kort gebleken dat nu, nauwelijks twee maanden later, van een geheel nieuwe situatie sprake is. Het lijkt dan ook zinvol de nieuwe feiten als uitgangspunt te nemen en de begroting van 16 september bij te zetten op het kerkhof van niet-gerealiseerde ambities. Dat een nieuwe aanpak van de enorme problemen waar ons land voor staat meer dan noodzakelijk is, hoop ik in mijn bijdrage te onderstrepen.

Sinds kort is officieel bevestigd wat velen al als onvermijdelijk beschouwden. Nederland bevindt zich in een recessie. Die feitelijke situatie vraagt om herbezinning en om nieuw beleid. Herbezinning omdat het door dit kabinet ingezette draconische bezuinigingsbeleid nog meer dan voorheen het risico in zich bergt dat juist ten gevolge van dit beleid de crisis zich verdiept. Herbezinning ook omdat pogingen van deze regering om ons het neoliberale mensbeeld door de strot te wringen als onderdeel van een beperkte maatschappijvisie, slechts tot sociale onrust en verdeeldheid kunnen leiden die voor vele jaren de herstelkracht van ons land negatief zullen beïnvloeden. Dat in ons land lobbyisten voor ondernemersdeelbelangen momenteel de meest invloedrijke Nederlanders zijn, zou in dit verband te denken moeten geven. Een levenskrachtige samenleving zou toch waarachtig op een breder palet aan waarden moeten kunnen bogen. Ik vraag de minister, als ik in het blad Forum lees dat hij de euro redt voor de ondernemers, wat hij voor de burgers in petto heeft.

Laten we ons richten op het centrale probleem waar Europa en dus ook Nederland mee kampt: de eurocrisis. Juist deze crisis dwingt ons tot een herijking van ideeën waarvan velen dachten dat die in steen gebeiteld waren. Laat me u meenemen op een wandeling langs de wat verloederd aandoende Boulevard of Broken Dreams.

Europa bevindt zich in een financiële crisis van ongekende omvang. Het is niet langer een taboe, zelfs niet onder politici, om vast te stellen dat het onderbrengen van landen met sterk verschillende niveaus van economische ontwikkeling en met totaal verschillende culturen in één muntunie een onberaden beslissing met enorme gevolgen is geweest. Diverse landen hebben bovendien jarenlang niet door hun economische kracht maar op basis van bovenmatig krediet ver boven hun stand geleefd. De financiële markten werden uiteindelijk aan het einde van 2009 wakker geschud. Sindsdien mijden beleggers staatsobligaties van de zwakkere landen of eisen zij zeer hoge rentevergoedingen die deze landen zich niet kunnen veroorloven. Door deze uitermate giftige "cocktail" zijn diverse zwakkere eurolanden nu in feite failliet en liggen zij aan het infuus van de sterkere eurolanden. Nationale economieën zijn ingestort. Ook grote groepen burgers uit die landen kunnen niet meer aan hun betalingsverplichtingen voldoen. Hele bevolkingsgroepen vervallen nu in armoede. Wat te doen?

De eurozone bestaat uit landen met zeer uiteenlopende economieën en culturen. De verschillen zijn enorm en dateren niet van vandaag of gisteren. Zij zullen dus ook niet morgen of overmorgen verdwenen zijn. Illusies over de maakbaarheid van een Europese samenleving moeten ook vooral blijven wat zij zijn: illusies. Het is een illusie te denken dat vervanging van een regeringsleider in Griekenland of Italië de weg opent naar een nieuw Europa. De euforie die een dergelijke gebeurtenis begeleidt, duurt tegenwoordig op de financiële markten slechts een paar uur. De retoriek van politici heeft voor de economie van alledag zijn relevantie grotendeels verloren. De grote belangentegenstellingen tussen Duitsland en Frankrijk kunnen niet verdoezeld worden door allerlei vormen van Merkozytheater, maar scheppen slechts patsituaties die werkelijk herstel in de weg staan. De echte vraag is welke realistische opties we nog hebben. Er worden er een paar gebruikt.

De eerste is pogingen om de euro te behouden, tot elke prijs. Een omineuze formulering, maar goed. Dit kan alleen door een Europees steunfonds van duizenden miljarden euro's op te tuigen en door de schulden van failliete landen grotendeels kwijt te schelden. Tegelijkertijd dient er een soevereiniteitsoverdracht op budgettair gebied plaats te vinden die zijn weerga niet kent en die op enorme weerstand kan rekenen. Everybody happy? Nou nee, niet helemaal. De belastingbetalers in landen die voor de schulden opdraaien, mokken en de inwoners van de onder curatele te stellen naties verzetten zich. Wat een perspectief! Bovendien wordt het echte probleem, de volstrekt ontoereikende concurrentiekracht van de schuldenlanden, op geen enkele wijze uit het slop geholpen. Integendeel, zelfs na kwijtschelding van een aanzienlijk deel van de schulden is de overblijvende schuldenlast, in elk geval voor Griekenland, nog steeds van een ondraaglijke omvang die, mede door de keiharde euro, werkelijk economisch herstel binnen een mensenleven uitsluit. Zijn bedelaarstaten aan de zuidgrens van Europa het antwoord op de problemen? De vraag stellen is hem beantwoorden. Ik krijg hierop graag de reactie van de minister.

De tweede optie is het volledig opbreken van de eurozone en de terugkeer naar de nationale munten van voorheen. Zelfs eurosceptici zien op bepaalde punten nog wel de voordelen van de euro. Het gemak en de symbolische waarde die staat voor een Europa van de toekomst kunnen zelfs door hen niet zonder meer weggepoetst worden. Maar is het economisch haalbaar en verstandig? Natuurlijk kan onafhankelijk onderzoek naar deze vraag geen kwaad, maar op voorhand is in te zien dat de kosten en de economische gevolgen groot zullen zijn. Een voordeel van deze strategie is wel dat schuldenlanden via de gebruikelijke mechanismes van devaluatie van de eigen munt voor zichzelf weer een economisch perspectief kunnen scheppen en hun onafhankelijkheid behouden. In geopolitieke zin zou het een politieke unie in Europa voor generaties buiten bereik brengen. Zelfs het in standhouden van een krachtige unie van economisch nauw samenwerkende landen zou in een dergelijk scenario onder zware druk komen te staan. Is een terugval naar een Europa van individuele lidstaten een toekomstbeeld dat vertrouwen schept? De vraag stellen is hem beantwoorden. Ook op dit punt krijg ik graag de reactie van de minister.

Helaas concentreert de politieke discussie zich voortdurend op een keuze ten gunste van één van beide extremen die ik hierboven geschetst heb. Dat is betreurenswaardig, omdat een evenwichtige discussie over de in beide scenario's aanwezige voor- en nadelen niet gevoerd wordt. Als dat proces zijn gang blijft gaan, worden we al te gemakkelijk een Europa binnengerommeld op basis van argumenten die wel erg eenzijdig zijn. Wat in concreto deze regering te verwijten valt, is dat de kosten voor de belastingbetaler, gekoppeld aan de diverse reddingsplannen voor de euro, angstvallig buiten beeld worden gehouden. In een zorgwekkende tijd waarin de door de regering bepleite enorme investeringen in Europa moeten plaatsvinden in een klimaat waarin de belastingbetaler zijn vertrouwen in Europa en de Europese politiek volledig verloren heeft, in dergelijk tijden, is de overheid haar burgers heel wat meer verschuldigd dan eenzijdige retoriek. Ook eerlijkheid, al kan die onplezierige kanten hebben, is een investering in de toekomst. De burger is in een totale spagaat over Europa. Hoe lang moeten we dat blijven ontkennen?

Een wijs man of een wijze vrouw kiest zelden voor extremen. Hij zet voor- en nadelen op een rij en probeert een strategie te vinden die nadelen ondervangt en voordelen in tact houdt. Bestaat er in de huidige zorgwekkende omstandigheden zo'n strategie? Ik ben van mening van wel, en ik zal daar nader op ingaan.

Een realistische oplossing van de crisis dient een aantal elementen te bevatten. De voordelen van de gemeenschappelijke munt in Europa dienen zo veel mogelijk behouden te worden en de nadelen ervan dienen naar vermogen ondervangen te worden. Als alleen wordt ingezet op behoud van de euro voor alle deelnemende landen, wordt niets gedaan aan de tekortschietende concurrentiekracht van diverse zuidelijke landen. Ook afstempelen van hun schulden zonder verdere maatregelen lost dit concurrentieprobleem niet op. Een dergelijke strategie zou deze landen slechts veroordelen tot langdurige economische krimp en armoede. Als daarentegen de euro opgegeven zou worden om de zwakke landen de op zichzelf noodzakelijke mogelijkheid te geven om door devaluatie van hun nieuwe valuta aan concurrentiekracht te winnen, wordt het kind met het badwater weggegooid. Allereerst is een dergelijk proces kostbaar en ingewikkeld. Nieuwe bankbiljetten en muntstukken zouden moeten worden ingevoerd. De bijwerkingen zijn desastreus: kapitaalvlucht van de zwakkere naar de sterkere eurolanden, waardoor de zwakkere landen en de banken daarvan direct worden geliquideerd, een crash van de financiële sectoren en een diepe mondiale recessie. Ook aan de Europese idealen van toenemende samenwerking en economische integratie zou een enorme klap worden toegebracht, met ernstige risico's van Europese polarisatie en politieke instabiliteit.

Door jarenlange nalatigheid van toonaangevende politici bestaan er nu helaas geen aantrekkelijke en eenvoudige recepten meer die de zaken in goede banen leiden. Alle oplossingen zullen zeer pijnlijke kanten hebben, maar niettemin moet er iets gebeuren. Als de ervaringen van de afgelopen jaren één ding geleerd hebben, dan is het wel dat niets doen onverantwoordelijk is. Een aanvaardbare en in de Nederlandse media nauwelijks besproken optie is de zogenaamde Matheo Solution, ontwikkeld door de Nederlandse onderzoeker André ten Dam. Met name in Duitsland kan deze strategie zich in een toenemende belangstelling verheugen. Bij deze aanpak wordt gekozen voor een flexibel monetair systeem dat zo goed mogelijk inspeelt op de specifieke economische omstandigheden van alle eurolanden. Waar gaat het om?

In alle landen binnen de eurozone blijft de euro het enige wettig betaalmiddel en als zodanig behouden. Tot zover niets nieuws. Wat wel nieuw is, is dat daarnaast nieuwe nationale valuta-eenheden worden ingevoerd. Deze nationale valuta-eenheden kunnen dan fluctueren ten opzichte van de euro. Daarmee kunnen in de zwakke landen op nationaal niveau de noodzakelijke prijs- en loondevaluaties doorgevoerd worden ten opzichte van de euro. Op deze wijze kan de concurrentiekracht in deze landen op het vereiste peil gebracht worden. Deze nationale valuta-eenheden maken de dringend noodzakelijke introductie van rentebeleid op nationaal niveau ook weer mogelijk, waardoor ongewenste nationale economische ontwikkelingen, zoals bovenmatige inflatie en vastgoedbubbles, aangepakt kunnen worden.

Op het moment van invoering van The Matheo Solution worden alle bestaande bezittingen en vorderingen in euro's gehandhaafd. Dit ter voorkoming van kapitaalvlucht en om problemen met juridische eigendomsrechten te uit te sluiten. Nieuwe verplichtingen kunnen naar keuze worden aangegaan in euro's voor grensoverschrijdende transacties, of in de desbetreffende nationale valuta-eenheid voor binnenlands verkeer. Voorts hebben verschillende Europese overheden de mogelijkheid om eventuele bijkomende ongewenste effecten te bestrijden via nationale fiscale wetgeving op maat.

Na invoering van The Matheo Solution blijft er nog steeds het probleem van landen met een schuldenlast waar ze in geen mensenleven meer van afkomen. In die gevallen is alleen financiële steun van sterkere landen nog een optie. Aangezien de betreffende zwakke landen nu echter hun concurrentiekracht zien groeien en een economische toekomst voor zichzelf kunnen creëren, is dit niet langer een zaak van goed geld naar kwaad geld gooien. Langs deze weg wordt namelijk geïnvesteerd in economische groei van zwakke landen en daarmee van de eurozone als geheel. Hoewel verre van pijnloos, is dit te verkiezen boven de huidige politieke verlamming die slechts kan leiden tot internationale recessie en rampspoed, met name voor de zwakste groepen in de Europese samenlevingen. Het zou van wijsheid getuigen als de politiek in Nederland de creatieve Matheo-aanpak serieus zou overwegen. Graag de reactie van de minister op dit punt.

Ik dank u voor uw aandacht.

De beraadslaging wordt geschorst.

De voorzitter:

Wij zijn hiermee gekomen aan het einde van de eerste termijn van de algemene financiële beschouwingen, ervan uitgaande dat geen van de leden nog het woord wenst op dit moment.

Ik kijk even naar de bewindspersonen. Wij hadden tot 15.30 uur willen schorsen. Dat gaan wij niet halen, want dan hebben zij te weinig tijd. De vraag is of 16.00 uur haalbaar is voor de bewindspersonen. Ik constateer dat dit geval is.

Ik kondig aan dat de commissie voor Financiën en het College van Senioren nu aansluitend, binnen vijf minuten, op deze algemene beschouwingen zullen gaan vergaderen.

De vergadering wordt van 14.33 uur tot 16.00 uur geschorst.

De voorzitter:

De ingekomen stukken staan op een lijst die in de zaal ter inzage ligt. Op die lijst heb ik voorstellen gedaan over de wijze van behandeling. Als aan het einde van de vergadering daartegen geen bezwaren zijn ingekomen, neem ik aan dat de Kamer zich met de voorstellen heeft verenigd.

(Deze lijst is, met de lijst van besluiten, opgenomen aan het einde van deze editie.)