Besluit van de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur 5 maart 2026, nr. RT-0000131866, houdende tijdelijke vrijstelling op grond van artikel 38 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden voor de beheersing van appelbloesemkever in de teelt van appel in grondwaterbeschermingsgebieden en in de biologische appelteelt (Tijdelijke vrijstelling voor de beheersing van appelbloesemkever in de teelt van appel in grondwaterbeschermingsgebieden en biologische appelteelt, 2026)

De Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur,

handelende in overeenstemming met de Minister van Infrastructuur en Waterstaat;

Gelet op artikel 38 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en artikel 53 van de Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europese Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen nr. 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PbEU 2009, L 309);

BESLUIT:

Artikel 1

Tijdelijke vrijstelling als bedoeld in artikel 38 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en artikel 53 van Verordening (EG) nr. 1107/2009 wordt verleend het gebruik van Raptol voor de beheersing van appelbloesemkever (Anthonomus pomorum) in de teelt van appel in grondwaterbeschermingsgebieden en in de biologische appelteelt.

Artikel 2

Aan de vrijstelling bedoeld in artikel 1 zijn de in de bijlage bij dit besluit opgenomen voorschriften en beperkingen verbonden.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vervalt op 15 april 2026.

Artikel 4

Dit besluit wordt aangehaald als: Tijdelijke vrijstelling voor de beheersing van appelbloesemkever in de teelt van appel in grondwaterbeschermingsgebieden en in de biologische appelteelt, 2026.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur namens deze, F. Wolf Directeur Plantaardige Agroketens en Voedselkwaliteit

Bezwaar

Als u het niet eens bent met deze beslissing, kunt u binnen zes weken na dagtekening van dit besluit digitaal of schriftelijk een bezwaarschrift indienen.

Een digitaal bezwaarschrift kunt u indienen via "mijn.rvo.nl". Om in te loggen heeft u uw gebruikerscode en wachtwoord nodig, voor de ondertekening een TAN-code. Bij een digitaal bezwaarschrift stuurt u een kopie van dit besluit mee als pdf-bestand of u stuurt een kopie per post na.

Als u schriftelijk bezwaar wilt maken, stuurt u het ondertekende bezwaarschrift naar de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, afdeling Juridische Zaken, Postbus 40219, 8004 DE Zwolle. Bij een schriftelijk bezwaar stuurt u een kopie van dit besluit mee met uw bezwaarschrift.

Op mijn.rvo.nl/bezwaar vindt u meer belangrijke informatie over het digitaal en schriftelijk indienen van een bezwaarschrift.

Meer informatie

Heeft u nog vragen over uw bezwaarschrift, kijk dan op de website: mijn.rvo.nl. of bel: 088 042 42 42 (lokaal tarief).

BIJLAGE: WETTELIJK GEBRUIKSVOORSCHRIFT RAPTOL

Wettelijk Gebruiksvoorschrift

Het middel is uitsluitend toegelaten als insectenbestrijdingsmiddel voor het professionele gebruik door middel van een gewasbehandeling in het volgende toepassingsgebied (volgens Definitielijst toepassingsgebieden versie 2.1, Ctgb juni 2015) onder de hierna vermelde toepassingsvoorwaarden.

Toepassings- gebied

Type toepassing

Te bestrijden organisme

Dosering (middel) per toepassing

Maximale dosering(middel) per toepassing

Maximaal aantal toepassingen per 12 maanden

Maximaal aantal liter middel per ha per 12 maanden

Minimum interval tussen toepassingen in dagen

Veiligheidstermijn in dagen of uiterst gewasstadium waarop toegepast mag worden

Appel (biologische teelt)

gewasbehandeling

Appel bloesem kever1

0,46%

4,6 l/ha

2

9,2 l/ha

7

Alleen toepassen in het voorjaar voor de bloei

Appel (grondwaterbeschermings-gebieden)

gewasbehandeling

Appel bloesem kever1

0,46%

4,6 l/ha

2

9,2 l/ha

7

Alleen toepassen in het voorjaar voor de bloei

X Noot
1

Anthonomus pomorum

Toepassingsvoorwaarden

Artikel 1: koop

  • 1. De koop van dit middel, voor gebruik in overeenstemming met dit vrijstellingsbesluit, is verboden tenzij de koper voor de koop een melding doet bij een distributeur die is geregistreerd bij Stichting Certificatie Distributie in Gewasbeschermingsmiddelen, Stichting CDG.

  • 2. De koper verstrekt bij de melding:

    • a) Voor de controle door de Nederlandse Fruittelers Organisatie dat deze de gewassen teelt die in het Wettelijke gebruiksvoorschrift staan, de te behandelen oppervlakte en fruitgewas.

    • b) Voor de controle door de distributeur dat de koper kan voldoen aan de in dit Wettelijk Gebruiksvoorschrift (WG) gestelde eisen ten aanzien van driftreductie.

      • 1. Het SKL1 keuringsrapport van de te gebruiken spuitapparatuur niet ouder dan 3 jaar of

      • 2. voor spuitapparatuur niet ouder dan 3 jaar het aanschafbewijs.

      • 3. Een ondertekende eigenverklaring overlegd waar verklaard wordt dat de te behandelen percelen beschikken over een teeltvrije zone van tenminste 450 centimeter.

Artikel 2: gebruik of voorhanden hebben

Het is verboden om dit middel voorhanden te hebben voor gebruik in de teelt van appel of in die teelt te gebruiken zonder aan de eisen te voldoen genoemd onder artikel 1.

Artikel 3: verkoop

Het is verboden dit middel te verkopen voor gebruik in de teelt van appel aan een koper die niet aantoont dat hij voldoet aan de eisen genoemd onder artikel 1. Verkoop vindt plaats volgens het regime van gecontroleerde distributie van de Stichting CDG.

Artikel 4: toepassing

Het middel is gevaarlijk voor bijen en hommels. Om de bijen en andere bestuivende insecten te beschermen mag u dit product niet gebruiken op in bloei staande gewassen of op niet-bloeiende gewassen wanneer deze actief bezocht worden door bijen en hommels. Gebruik dit product niet in de buurt van in bloei staand onkruid. Verwijder onkruid voordat het bloeit.

Om in het water levende organismen, bijen en overige niet tot de doelsoorten behorende geleedpotigen/ insecten te beschermen, is toepassing in de teelt van appel uitsluitend toegestaan indien op het gehele perceel gebruik wordt gemaakt van een techniek uit tenminste de klasse DRT99 in combinatie met een teeltvrije zone van tenminste 450 centimeter (gemeten vanaf het midden van de laatste bomenrij of de laatste boom in de rij tot aan de insteek van de sloot of de perceelgrens).

Let op: dit middel kan schadelijk zijn voor natuurlijke vijanden. Raadpleeg deskundigen (uw leverancier van natuurlijke vijanden, de producent van dit middel, uw adviseur) over het gebruik van dit middel in combinatie met het gebruik van natuurlijke vijanden.

TOELICHTING

1 Algemeen

Artikel 53 van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europese Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen nr. 79/117/EEG en nr. 91/414/EEG van de Raad (PbEU 2009, L 309) (hierna: Verordening (EG) nr. 1107/2009) en artikel 38 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Wgb) maken het mogelijk in bijzondere omstandigheden tijdelijke vrijstelling te verlenen van het verbod om een niet toegelaten gewasbeschermingsmiddel binnen Nederland te brengen, op de markt te brengen, voorhanden te hebben of te gebruiken.

Tijdelijke vrijstelling kan worden verleend als een maatregel nodig blijkt voor een gecontroleerd en beperkt gebruik ter beheersing van een noodsituatie die op geen enkele andere redelijke manier te bestrijden is.

2 Adviezen

2.1 Landbouwkundig advies

De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) heeft een landbouwkundig advies opgesteld bestaande uit (a) een onderbouwing van de noodsituatie op het gebied van gewasbescherming en (b) een advies over de naleefbaarheid en handhaafbaarheid van de door het Ctgb voorgeschreven risico reducerende maatregelen / restrictiezinnen.

2.1.1 Noodsituatie op het gebied van gewasbescherming

Gevaar

Aantasting door de appelbloesemkever geeft productieverlies omdat er minder vruchtzetting is. In jaren met veel bloesem wordt er weinig schade verwacht, maar in jaren met een mindere bloei of slechte weersomstandigheden tijdens de bloei kan er veel schade zijn. Wanneer geen bestrijding mogelijk is, verwacht de aanvrager gemiddeld 25% schade op 75% van het areaal (biologisch en in grondwaterbeschermingsgebieden). Dit betekent dat telers op een deel van het areaal een forse oogstreductie hebben, wanneer de populatie niet met regelmaat verlaagd kan worden.

Alternatieven

Maatregelen:

Om appelbloesemkever weg te vangen worden bundels bindbuis in de appelbomen gehangen. In de biologische teelt is de laatste jaren een toename te zien in het gebruik van deze methodiek. Ongeveer 50% van bedrijven past dit momenteel toe. De ervaring is dat met de huidige toepassingsmethode de afname van de populatiedruk beperkt is. Daarnaast heeft het minimaliseren van alternatieve schuilplaatsen in de boomgaard een ondersteunend effect, maar bepaalde schuilplaatsen blijven aanwezig, bv. onder de bast en entknobbels. Koolmezen kunnen ook larven van appelbloesemkevers wegpikken. Het ophangen van koolmeeskasten wordt op biologische bedrijven veel gedaan. De effectiviteit van deze maatregel is sterk afhankelijk van het voedselaanbod voor de koolmezen en is onvoldoende om de populatie appelbloesemkevers te onderdrukken.

Toegelaten gewasbeschermingsmiddelen en goedgekeurde basisstoffen:

In de teelt van appel in grondwaterbeschermingsgebieden en in de biologische teelt zijn geen middelen toegelaten voor de bestrijding van de appelbloesemkever. Middelen op basis van acetamiprid hebben een nevenwerking tegen appelbloesemkever. Gerichte inzet van deze middelen tegen appelbloesemkever is niet mogelijk door het beperkte aantal toepassingen en de lange spuitintervallen. Met de toepassing van deze middelen kan appelbloesemkever in de gangbare teelt niet afdoende beheerst worden. In de biologische appelteelt mogen deze middelen niet worden toegepast.

Een middel op basis van azadirachtin mag vier keer per 12 maanden worden toegepast en heeft een beperkte nevenwerking op de appelbloesemkever. Dit middel is toegestaan in de teelt van appel in grondwaterbeschermingsgebieden en in de biologische appelteelt.

Conclusie

  • Appelbloesemkever is een teeltbedreigend probleem voor de biologische teelt van appel en de teelt van appel in grondwaterbeschermingsgebieden.

  • Een landbouwtechnisch doelmatige biologische teelt van appel en de teelt van appel in grondwaterbeschermingsgebieden is met het beschikbare pakket aan maatregelen en middelen niet mogelijk.

2.1.2 Naleefbaarheid en handhaafbaarheid van de toepassingsvoorwaarden

Naleefbaarheid

De NVWA heeft een inschatting gemaakt van de mate waarin de voorgeschreven risico reducerende maatregelen nageleefd zullen worden. De NVWA heeft dit gedaan op basis van informatie van de aanvrager, een inschatting van overwegingen van de teler om zich wel of niet aan de gebruiksvoorschriften te houden en/of eerdere inspectieresultaten.

De aanvrager schat in dat 50% van het areaal appel beschikt over een combinatie van DRT99 techniek en een teeltvrije zone van 4,5 meter. Deze inschatting van de aanvrager acht de NVWA realistisch gezien de beschikbaarheid van de spuittechniek waarmee aan DRT99 kan worden voldaan en de perceelsinrichting. Van de telers die niet aan de eisen kunnen voldoen en te maken hebben met een aantasting van appelbloesemkever, zal een deel mogelijk toch Raptol gaan toepassen. Het is moeilijk te voorspellen hoeveel telers dit betreft.

Er zijn geen nalevingscijfers van het toepassen gewasbeschermingsmiddelen in de biologische teelt beschikbaar. De naleving van de fruitteelt bij de toepassingsinspecties was in 2022 74%, in 2023 62% en in 2024 was dit 47%. In 2023 zijn bij het project vrijstellingen geen inspecties uitgevoerd voor de vrijstelling van Raptol. In grondwaterbeschermingsgebieden zijn in 2023 inspecties gedaan, waarvan zes op percelen appel. Eén teler voldeed niet aan de voorwaarden voor grondwaterbeschermingsgebieden.

De NVWA schat in dat de naleefbaarheid van de voorgestelde toepassingsvoorwaarden door de teler gemiddeld is.

Handhaafbaarheid

De NVWA heeft op basis van de mogelijkheden op toetsing van de naleving door bedrijfscontrole en toepassingscontrole (heterdaad) een inschatting gemaakt van de handhaafbaarheid van de toepassingsvoorwaarden. Het gebruik van Raptol is via monstername van het gewas en analyse in een lab vast te stellen. De beschikbaarheid van de vereiste spuittechniek bij een teler is vast te stellen, echter het gebruik daarvan is alleen bij heterdaad vast te stellen. De vereiste teeltvrije zone van 4,5 m om het perceel is goed vast te stellen. De mogelijkheid om de vereiste combinatie van voorwaarden te voldoen kan bij inspectie van het perceel worden vastgesteldevenals of het perceel in een grondwaterbeschermingsgebied is gelegen.

De NVWA schat in dat de mogelijkheid voor het uitoefenen van toezicht (handhaafbaarheid) matigis voor de teelt van appel in grondwaterbeschermingsgebieden en de biologische appelteelt.

Conclusie

De NVWA concludeert dat de naleefbaarheid en handhaafbaarheid van de toepassingsvoorwaarden matig is. Het niet naleven van wet- en regelgeving leidt tot risico’s voor mens, dier en milieu.

Advies

Op basis van de beoordeling van de noodsituatie op het gebied van gewasbescherming en de beoordeling van de naleefbaarheid en handhaafbaarheid van de voorgeschreven risico reducerende maatregelen/restricties adviseert de NVWA een vrijstelling van het gewasbeschermingsmiddel Raptol in de teelt van appel in grondwaterbeschermingsgebieden en biologische appelteelt wel te verlenen.

2.3 Risicobeoordeling

Het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) heeft een advies opgesteld waarin de vraag wordt beantwoord of er sprake is van aanvaardbare risico’s.

Humane toxiciteit

Voldoet aan de eisen.

Volksgezondheid

Voldoet aan de eisen.

Gedrag in het milieu

Voldoet aan de eisen.

Ecotoxiciteit

Voldoet aan de eisen met inachtneming van de volgende risicoreducerende maatregelen / restrictiezinnen:

Het middel is gevaarlijk voor bijen en hommels. Om de bijen en andere bestuivende insecten te beschermen mag u dit product niet gebruiken op in bloei staande gewassen of op niet-bloeiende gewassen wanneer deze actief bezocht worden door bijen en hommels. Gebruik dit product niet in de buurt van in bloei staand onkruid. Verwijder onkruid voordat het bloeit.

Om in het water levende organismen, bijen en overige niet tot de doelsoorten behorende geleedpotigen/ insecten te beschermen, is toepassing in de teelt van appel uitsluitend toegestaan indien op het gehele perceel gebruik wordt gemaakt van een techniek uit tenminste de klasse DRT99 in combinatie met een teeltvrije zone van tenminste 450 centimeter (gemeten vanaf het midden van de laatste bomenrij of de laatste boom in de rij tot aan de insteek van de sloot of de perceelgrens).

Let op: dit middel kan schadelijk zijn voor natuurlijke vijanden. Raadpleeg deskundigen (uw leverancier van natuurlijke vijanden, de producent van dit middel, uw adviseur) over het gebruik van dit middel in combinatie met het gebruik van natuurlijke vijanden.

Conclusie

Het College constateert dat er na het nemen van risicoreducerende maatregelen / het inachtnemen van restrictiezinnen het risico verbonden is aan de vrijstelling acceptabel is.

Advies

Gezien het risico adviseert het College een vrijstelling ex artikel 38 Wgb van het gewasbeschermingsmiddel Raptol in de teelt van appel te verlenen onder vermelding van de risicoreducerende maatregelen/ restrictiezinnen.

3 Overwegingen

Appelbloesemkever is een teeltbedreigend probleem voor de teelt van appel in grondwaterbeschermingsgebieden en de biologische appelteelt. Zonder de vrijstelling van Raptol in de teelt van appel in grondwaterbeschermingsgebieden en in de biologische appelteelt kan appelbloesemkever op geen enkele andere wijze beheerst worden. Hierdoor worden de doelmatige teelt van appel in grondwaterbeschermingsgebieden en de biologische appelteelt bedreigd.

Op basis van de beoordeling van de noodsituatie op het gebied van gewasbescherming en de beoordeling van de naleefbaarheid en handhaafbaarheid van de voorgeschreven risico reducerende maatregelen/restricties adviseert de NVWA een vrijstelling van het gewasbeschermingsmiddel Raptol in de teelt van appel in grondwaterbeschermingsgebieden en in de biologische appelteelt te verlenen.

Naleving blijft een zorgpunt, daarom besluit ik om dit middel alleen toe te staan onder voorwaarden van gecontroleerde distributie. Hiermee is het kopen en in het bezit hebben van het middel met als doel toepassing conform dit vrijstellingsbesluit niet toegestaan indien men niet aantoont aan de toepassingsvoorwaarden te kunnen voldoen.

In het Wettelijk Gebruiksvoorschrift (zie bijlage bij dit besluit) zijn de risico reducerende maatregelen overgenomen die door het Ctgb zijn voorgesteld.

Vrijstelling voor de toepassing van Raptol in de teelt van appel (gangbaar en biologisch) werd eerder verleend:

Vrijstelling voor de toepassing van Raptol in de biologische teelt van appel werd eerder verleend:

4 Besluit

Het advies van de NVWA en het advies van het Ctgb overnemend, heb ik in overeenstemming met de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, besloten om op grond van artikel 38 van de Wgb tijdelijke vrijstelling te verlenen voor het gebruik van het gewasbeschermingsmiddel Raptol voor de beheersing van appelbloesemkever in de teelt van appel in grondwaterbeschermingsgebieden en in de biologische appelteelt.

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vervalt op 15 april 2026.

De Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur namens deze, F. Wolf Directeur Plantaardige Agroketens en Voedselkwaliteit


X Noot
1

Stichting Kwaliteitseisen Landbouwtechniek


X Noot
1

Stichting Kwaliteitseisen Landbouwtechniek

Naar boven