Regeling van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 11 september 2012, nr. HO&S/409696, tot wijziging van de Regeling financiën hoger onderwijs mede in verband met wijzigingen als gevolg van de begroting van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen voor het begrotingsjaar 2013

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, handelende in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken, Landbouw, en Innovatie;

Gelet op artikelen 4.11, 4.21, 4.23 en 4.24 van het Uitvoeringsbesluit WHW 2008;

Besluit:

ARTIKEL I WIJZIGING VAN DE REGELING FINANCIËN HOGER ONDERWIJS PER 1 JANUARI 2012

De Regeling financiën hoger onderwijs wordt als volgt gewijzigd:

A

Het opschrift van artikel 2 komt te luiden:

Artikel 2. Factoren onderwijs

B

Artikel 4, vierde en vijfde lid, komen te luiden:

  • 4. Het bedrag, bedoeld in artikel 4.21, eerste lid, van het besluit is € 94.438,00.

  • 5. Het bedrag, bedoeld in artikel 4.21, tweede lid, van het besluit is € 78.699,00.

C

Bijlagen 1, 2, 3, 5, 7 en 9 komen te luiden:

BIJLAGE 1 BIJ ARTIKEL 3, EERSTE LID, ONDERDEEL A

Bedragen onderwijsopslag universiteiten, bedoeld in artikel 4.11, eerste lid van het besluit

universiteit

kwaliteit

kwetsbare opleidingen

bijzondere voorzieningen

totaalbedrag

21PB

Universiteit Leiden

€ 2.278.699

€ 2.134.876

€ 4.028.259

€ 8.441.834

21PC

Rijksuniversiteit Groningen

€ 2.919.507

€ 2.386.513

€ 1.594.249

€ 6.900.269

21PD

Universiteit Utrecht

€ 3.927.555

€ 5.355.094

€ 1.991.817

€ 11.274.466

21PE

Erasmus Universiteit Rotterdam

€ 2.163.679

€ 288.881

€ 9.838.477

€ 12.291.037

21PF

Technische Universiteit Delft

€ 2.033.561

€ 5.618.214

€ 11.025.156

€ 18.676.931

21PG

Technische Universiteit Eindhoven

€ 1.015.353

€ 3.003.068

€ 264.497

€ 4.282.918

21PH

Universiteit Twente

€ 1.122.102

€ 3.124.702

€ 15.943.746

€ 20.190.550

21PJ

Universiteit Maastricht

€ 1.867.055

€ 385.174

€ 1.120.528

€ 3.372.757

21PK

Universiteit van Amsterdam

€ 3.317.372

€ 2.544.118

€ 4.091.285

€ 9.952.775

21PL

Vrije Universiteit Amsterdam

€ 2.556.197

€ 1.011.912

€ 4.021.559

€ 7.589.668

21PM

Radboud Universiteit Nijmegen

€ 2.390.570

€ 1.884.774

€ 1.185.439

€ 5.460.783

21PN

Universiteit van Tilburg

€ 1.037.622

€ 406.460

€ 493.311

€ 1.937.393

22NC

Open Universiteit

€ 444.131

€ 374.024

€ 2.054.616

€ 2.872.771

00DV

Protestantse Theologische Universiteit

€ 90.194

 

€ 272.716

€ 362.910

21QO

Theologische Universiteit Apeldoorn

€ 17.161

   

€ 17.161

23BF

Universiteit voor Humanistiek

€ 44.374

   

€ 44.374

25AV

Theologische Universiteit Kampen

€ 15.657

   

€ 15.657

 

Totaal

€ 27.240.789

€ 28.517.810

€ 57.925.655

€ 113.684.254

Bedragen onderwijsopslag universiteiten met opleidingen op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving, bedoeld in artikel 4.11, eerste lid van het besluit

universiteit

kwaliteit

kwetsbare opleidingen

bijzondere voorzieningen

totaalbedrag

21PI

Wageningen University

€ 840.863

€ 15.000

€ 547.400

€ 1.403.263

BIJLAGE 2 BIJ ARTIKEL 3, EERSTE LID, ONDERDEEL B

Percentages onderwijsopslag universiteiten, bedoeld in artikel 4.11, tweede lid, van het besluit

universiteit

percentage

21PB

Universiteit Leiden

9,84344%

21PC

Rijksuniversiteit Groningen

8,81422%

21PD

Universiteit Utrecht

12,68312%

21PE

Erasmus Universiteit Rotterdam

6,59049%

21PF

Technische Universiteit Delft

8,00203%

21PG

Technische Universiteit Eindhoven

5,16182%

21PH

Universiteit Twente

5,33149%

21PJ

Universiteit Maastricht

5,49419%

21PK

Universiteit van Amsterdam

12,60876%

21PL

Vrije Universiteit Amsterdam

6,99080%

21PM

Radboud Universiteit Nijmegen

8,70272%

21PN

Universiteit van Tilburg

3,68290%

22NC

Open Universiteit

4,69760%

00DV

Protestantse Theologische Universiteit

0,90909%

21QO

Theologische Universiteit Apeldoorn

0,12475%

23BF

Universiteit voor Humanistiek

0,24862%

25AV

Theologische Universiteit Kampen

0,11396%

Percentages onderwijsopslag universiteiten met opleidingen op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving, bedoeld in artikel 4.11, tweede lid van het besluit

Universiteit

percentage

21PI

Wageningen University

100,00000%

BIJLAGE 3 BIJ ARTIKEL 3, TWEEDE LID, ONDERDEEL A

Bedragen onderwijsopslag hogescholen, bedoeld in artikel 4.11, eerste lid, van het besluit

hogeschool

kwaliteit

kwetsbare opleidingen

bijzondere voorzieningen

totaalbedrag

00IC

Katholieke PABO Zwolle

€ 93.863

 

€ 46.910

€ 140.773

00MF

Hogeschool voor de Kunsten Utrecht

€ 800.097

 

€ 930.402

€ 1.730.499

01VU

Christelijke Hogeschool Windesheim

€ 2.382.683

 

-€ 21.111

€ 2.361.572

02BY

Gerrit Rietveld Academie

€ 196.978

€ 248.342

€ 675.567

€ 1.120.887

02NR

Hotelschool Den Haag

€ 256.756

 

€ 39.682

€ 296.438

02NT

Design Academy Eindhoven

€ 120.245

 

€ 152.345

€ 272.590

04CS

Hogeschool Helicon

€ 67.305

 

€ 26.084

€ 93.389

07GR

Avans Hogeschool

€ 3.007.123

 

€ 953.853

€ 3.960.976

08OK

Hogeschool De Kempel

€ 122.048

 

€ 40.116

€ 162.164

08YJ

Hogeschool Edith Stein

€ 127.540

 

€ 251.565

€ 379.105

09OT

Iselinge Hogeschool

€ 65.475

 

€ 7.021

€ 72.496

10IZ

PC Hogeschool Marnix Academie

€ 161.730

 

€ 44.696

€ 206.426

14NI

Codarts, Hogeschool voor de Kunsten

€ 396.974

 

€ 413.468

€ 810.442

15BK

Christelijke Hogeschool Driestar

€ 164.000

 

€ 95.229

€ 259.229

21MI

Hogeschool Zeeland

€ 558.058

 

€ 328.899

€ 886.957

21QA

Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten

€ 1.032.000

 

€ 1.113.332

€ 2.145.332

21RI

Hogeschool Leiden

€ 982.800

 

€ 251.548

€ 1.234.348

21UG

Hs Interconfessionele PABO Amsterdam/Alkmaar

€ 150.638

 

€ 503.310

€ 653.948

21UI

NHTV internationaal hoger onderwijs Breda

€ 841.018

 

€ 97.032

€ 938.050

21WN

NHL Hogeschool

€ 1.183.366

 

€ 1.782.132

€ 2.965.498

22EX

Stenden Hogeschool

€ 1.276.074

 

€ 696.300

€ 1.972.374

22HH

Gereformeerde Hogeschool

€ 177.602

 

€ 276.565

€ 454.167

22OJ

Hogeschool Rotterdam

€ 3.729.799

 

€ 676.275

€ 4.406.074

23AH

Saxion Hogeschool

€ 2.540.770

 

€ 463.923

€ 3.004.693

23KJ

Hogeschool voor de Kunsten

€ 540.232

 

€ 751.489

€ 1.291.721

25BA

Christelijke Hogeschool Ede

€ 495.525

 

€ 1.281.204

€ 1.776.729

25BE

Hanzehogeschool Groningen

€ 3.215.763

 

€ 375.568

€ 3.591.331

25DW

Hogeschool Utrecht

€ 4.515.466

 

€ 1.458.274

€ 5.973.740

25JX

Hogeschool Zuyd

€ 2.253.261

 

€ 915.933

€ 3.169.194

25KB

Hogeschool van Arnhem en Nijmegen

€ 3.698.868

 

€ 1.085.379

€ 4.784.247

27NF

ArtEZ hogeschool

€ 879.588

 

€ 565.224

€ 1.444.812

27PZ

Hogeschool INHolland

€ 4.068.884

€ 126.839

€ 322.744

€ 4.518.467

27UM

De Haagse Hogeschool

€ 2.463.665

 

€ 357.606

€ 2.821.271

28DN

Hogeschool van Amsterdam

€ 4.826.789

 

€ 256.267

€ 5.083.056

30GB

Fontys Hogescholen

€ 4.837.820

 

€ 1.373.751

€ 6.211.571

 

Totaal

€ 52.230.803

€ 375.181

€ 18.588.582

€ 71.194.566

Bedragen onderwijsopslag van hogescholen met opleidingen op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving, bedoeld in artikel 4.11, eerste lid, van het besluit

hogeschool

kwaliteit

kwetsbare opleidingen

bijzondere voorzieningen

totaalbedrag

01DZ

STOAS Hogeschool

€ 92.966

€ 13.614

€ 922.081

€ 1.028.661

01MY

Christelijke Agrarische Hogeschool Dronten

€ 196.150

 

€ 1.441.773

€ 1.637.923

21CW

HAS Den Bosch

€ 265.815

 

€ 2.910.409

€ 3.176.224

27PZ

Hogeschool INHolland

€ 68.239

 

€ 855.107

€ 923.346

30HD

Hogeschool Van Hall Larenstein

€ 507.183

 

€ 2.996.573

€ 3.503.756

 

Totaal

€ 1.130.353

€ 13.614

€ 9.125.943

€ 10.269.910

BIJLAGE 5 BIJ ARTIKEL 4, EERSTE LID

Bedragen onderzoek universiteiten, bedoeld in artikel 4.23, eerste lid van het besluit

universiteit

toponderzoekscholen

bijzondere voorzieningen

totaalbedrag

21PB

Universiteit Leiden

€ 2.032.918

€ 4.088.108

€ 6.121.026

21PC

Rijksuniversiteit Groningen

€ 5.996.931

€ 1.355.790

€ 7.352.721

21PD

Universiteit Utrecht

€ 5.264.893

€ 1.725.181

€ 6.990.074

21PE

Erasmus Universiteit Rotterdam

€ 789.321

€ 4.027.203

€ 4.816.524

21PF

Technische Universiteit Delft

€ 1.377.508

€ 4.730.790

€ 6.108.298

21PG

Technische Universiteit Eindhoven

€ 6.180.722

€ 1.329.404

€ 7.510.126

21PH

Universiteit Twente

 

€ 8.627.754

€ 8.627.754

21PJ

Universiteit Maastricht

     

21PK

Universiteit van Amsterdam

€ 3.363.917

€ 1.197.479

€ 4.561.396

21PL

Vrije Universiteit Amsterdam

€ 1.645.356

€ 1.177.183

€ 2.822.539

21PM

Radboud Universiteit Nijmegen

€ 479.498

€ 1.441.034

€ 1.920.532

21PN

Universiteit van Tilburg

     

22NC

Open Universiteit

 

€ 259.065

€ 259.065

00DV

Protestantse Theologische Universiteit

     

21QO

Theologische Universiteit Apeldoorn

     

23BF

Universiteit voor Humanistiek

     

25AV

Theologische Universiteit Kampen

     
 

Totaal

€ 27.131.064

€ 29.958.991

€ 57.090.055

Bedragen onderzoek universiteiten, met opleidingen op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving, bedoeld in artikel 4.23, eerste lid van het besluit

universiteit

toponderzoekscholen

bijzondere voorzieningen

totaalbedrag

21PI

Wageningen University

€ 3.147.957

€ 2.231.169

€ 5.379.126

BIJLAGE 7 BIJ ARTIKEL 6

Bedragen academische ziekenhuizen, bedoeld in artikel 4.27, eerste lid onder d. van het besluit

universiteit

bedrag

21PB

Universiteit Leiden

€ 15.013.749

21PC

Rijksuniversiteit Groningen

€ 13.824.366

21PD

Universiteit Utrecht

€ 15.936.884

21PE

Erasmus Universiteit Rotterdam

€ 15.261.048

21PJ

Universiteit Maastricht

€ 10.775.779

21PK

Universiteit van Amsterdam

€ 19.413.421

21PL

Vrije Universiteit Amsterdam

€ 13.150.703

21PM

Radboud Universiteit Nijmegen

€ 13.242.039

 

Totaal

€ 116.617.989

BIJLAGE 9 BIJ ARTIKEL 4, DERDE LID

Bedragen ontwerp en ontwikkeling hogescholen, bedoeld in artikel 4.24, eerste lid van het besluit

hogeschool

bedrag

00IC

Katholieke PABO Zwolle

€ 39.116

00MF

Hogeschool voor de Kunsten Utrecht

€ 19.204

01VU

Christelijke Hogeschool Windesheim

€ 276.195

02BY

Gerrit Rietveld Academie

 

02NR

Hotelschool Den Haag

 

02NT

Design Academy Eindhoven

 

04CS

Hogeschool Helicon

€ 11.728

07GR

Avans Hogeschool

€ 43.369

08OK

Hogeschool De Kempel

€ 51.231

08YJ

Hogeschool Edith Stein

€ 49.556

09OT

Iselinge Hogeschool

€ 26.485

10IZ

PC Hogeschool Marnix Academie

€ 65.022

14NI

Codarts, Hogeschool voor de Kunsten

€ 8.764

15BK

Christelijke Hogeschool Driestar

€ 67.470

21MI

Hogeschool Zeeland

€ 28.999

21QA

Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten

€ 26.292

21RI

Hogeschool Leiden

€ 81.196

21UG

Hs Interconfessionele PABO Amsterdam/Alkmaar

€ 55.162

21UI

NHTV internationaal hoger onderwijs Breda

 

21WN

NHL Hogeschool

€ 121.859

22EX

Stenden Hogeschool

€ 90.991

22HH

Gereformeerde Hogeschool

€ 35.958

22OJ

Hogeschool Rotterdam

€ 191.134

23AH

Saxion Hogeschool

€ 35.056

23KJ

Hogeschool voor de Kunsten

€ 1.933

25BA

Christelijke Hogeschool Ede

€ 49.749

25BE

Hanzehogeschool Groningen

€ 98.144

25DW

Hogeschool Utrecht

€ 342.056

25JX

Hogeschool Zuyd

€ 33.961

25KB

Hogeschool van Arnhem en Nijmegen

€ 247.713

27NF

ArtEZ hogeschool

€ 35.765

27PZ

Hogeschool INHolland

€ 202.475

27UM

De Haagse Hogeschool

€ 73.399

28DN

Hogeschool van Amsterdam

€ 221.872

30GB

Fontys Hogescholen

€ 509.475

 

Totaal

€ 3.141.329

Bedragen ontwerp en ontwikkeling hogescholen, met opleidingen op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving, bedoeld in artikel 4.24, eerste lid van het besluit

hogeschool

bedrag

01DZ

STOAS Hogeschool

€ 61.986

01MY

CAH Dronten

 

21CW

HAS Den Bosch

 

27PZ

Hogeschool INHOLLAND

 

30HD

Hogeschool Van Hall Larenstein

 
 

Totaal

€ 61.986

ARTIKEL II WIJZIGING VAN DE REGELING FINANCIËN HOGER ONDERWIJS PER 1 JANUARI 2013

De Regeling financiën hoger onderwijs wordt als volgt gewijzigd:

A

Bijlagen 1 tot en met 7 en 9 komen te luiden:

BIJLAGE 1 BIJ ARTIKEL 3, EERSTE LID, ONDERDEEL A

Bedragen onderwijsopslag universiteiten, bedoeld in artikel 4.11, eerste lid van het besluit

universiteit

kwaliteit

kwetsbare opleidingen

bijzondere voorzieningen

totaalbedrag

21PB

Universiteit Leiden

€ 19.640

€ 2.599.718

€ 3.300.720

€ 5.920.078

21PC

Rijksuniversiteit Groningen

€ 28.656

€ 3.398.347

€ 1.197.022

€ 4.624.025

21PD

Universiteit Utrecht

€ 34.142

€ 5.914.113

€ 1.481.166

€ 7.429.421

21PE

Erasmus Universiteit Rotterdam

€ 28.909

€ 293.618

€ 9.761.929

€ 10.084.456

21PF

Technische Universiteit Delft

€ 13.751

€ 5.618.214

€ 11.010.511

€ 16.642.476

21PG

Technische Universiteit Eindhoven

€ 7.295

€ 3.003.068

€ 261.491

€ 3.271.854

21PH

Universiteit Twente

€ 8.011

€ 3.124.702

€ 15.943.659

€ 19.076.372

21PJ

Universiteit Maastricht

€ 19.185

€ 934.097

€ 1.131.488

€ 2.084.770

21PK

Universiteit van Amsterdam

€ 38.030

€ 3.340.994

€ 4.106.004

€ 7.485.028

21PL

Vrije Universiteit Amsterdam

€ 29.713

€ 1.675.141

€ 2.793.781

€ 4.498.635

21PM

Radboud Universiteit Nijmegen

€ 23.134

€ 2.671.337

€ 1.179.572

€ 3.874.043

21PN

Universiteit van Tilburg

€ 16.416

€ 413.126

€ 503.777

€ 933.319

22NC

Open Universiteit

€ 2.481

€ 380.157

€ 2.055.009

€ 2.437.647

00DV

Protestantse Theologische Universiteit

€ 165

 

€ 272.762

€ 272.927

21QO

Theologische Universiteit Apeldoorn

€ 52

   

€ 52

23BF

Universiteit voor Humanistiek

€ 288

   

€ 288

25AV

Theologische Universiteit Kampen

€ 52

 

€ 745

€ 797

 

Totaal

€ 269.920

€ 33.366.632

€ 54.999.636

€ 88.636.188

Bedragen onderwijsopslag universiteiten met opleidingen op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving, bedoeld in artikel 4.11, eerste lid van het besluit

universiteit

kwaliteit

kwetsbare opleidingen

bijzondere voorzieningen

totaalbedrag

21PI

Wageningen University

€ 15.000

€ 15.000

€ 547.400

€ 577.400

BIJLAGE 2 BIJ ARTIKEL 3, EERSTE LID, ONDERDEEL B

Percentages onderwijsopslag universiteiten, bedoeld in artikel 4.11, tweede lid, van het besluit

universiteit

percentage

21PB

Universiteit Leiden

10,06612%

21PC

Rijksuniversiteit Groningen

8,36695%

21PD

Universiteit Utrecht

13,10657%

21PE

Erasmus Universiteit Rotterdam

6,21948%

21PF

Technische Universiteit Delft

7,79717%

21PG

Technische Universiteit Eindhoven

5,61476%

21PH

Universiteit Twente

5,37019%

21PJ

Universiteit Maastricht

5,93924%

21PK

Universiteit van Amsterdam

12,22222%

21PL

Vrije Universiteit Amsterdam

5,90882%

21PM

Radboud Universiteit Nijmegen

9,26677%

21PN

Universiteit van Tilburg

2,72536%

22NC

Open Universiteit

5,71972%

00DV

Protestantse Theologische Universiteit

1,09262%

21QO

Theologische Universiteit Apeldoorn

0,14788%

23BF

Universiteit voor Humanistiek

0,29942%

25AV

Theologische Universiteit Kampen

0,13671%

Percentages onderwijsopslag universiteiten met opleidingen op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving, bedoeld in artikel 4.11, tweede lid van het besluit

Universiteit

percentage

21PI

Wageningen University

100,00000%

BIJLAGE 3 BIJ ARTIKEL 3, TWEEDE LID, ONDERDEEL A

Bedragen onderwijsopslag hogescholen, bedoeld in artikel 4.11, eerste lid, van het besluit

hogeschool

kwaliteit

kwetsbare opleidingen

bijzondere voorzieningen

totaalbedrag

00IC

Katholieke PABO Zwolle

   

€ 54.539

€ 54.539

00MF

Hogeschool voor de Kunsten Utrecht

   

€ 776.158

€ 776.158

01VU

Christelijke Hogeschool Windesheim

   

€ 1.761.743

€ 1.761.743

02BY

Gerrit Rietveld Academie

   

€ 628.733

€ 628.733

02NR

Hotelschool Den Haag

   

€ 208.520

€ 208.520

02NT

Design Academy Eindhoven

   

€ 219.809

€ 219.809

04CS

Hogeschool Helicon

   

€ 47.724

€ 47.724

07GR

Avans Hogeschool

   

€ 2.291.763

€ 2.291.763

08OK

Hogeschool De Kempel

   

€ 69.618

€ 69.618

08YJ

Hogeschool Edith Stein

   

€ 258.468

€ 258.468

09OT

Iselinge Hogeschool

   

€ 40.651

€ 40.651

10IZ

PC Hogeschool Marnix Academie

   

€ 127.670

€ 127.670

14NI

Codarts, Hogeschool voor de Kunsten

   

€ 463.030

€ 463.030

15BK

Christelijke Hogeschool Driestar

   

€ 153.525

€ 153.525

21MI

Hogeschool Zeeland

   

€ 577.385

€ 577.385

21QA

Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten

   

€ 1.088.882

€ 1.088.882

21RI

Hogeschool Leiden

   

€ 639.676

€ 639.676

21UG

Hs Interconfessionele PABO Amsterdam/Alkmaar

   

€ 443.108

€ 443.108

21UI

NHTV internationaal hoger onderwijs Breda

   

€ 598.330

€ 598.330

21WN

NHL Hogeschool

   

€ 2.837.049

€ 2.837.049

22EX

Stenden Hogeschool

   

€ 1.348.807

€ 1.348.807

22HH

Gereformeerde Hogeschool

   

€ 236.202

€ 236.202

22OJ

Hogeschool Rotterdam

   

€ 3.144.250

€ 3.144.250

23AH

Saxion Hogeschool

   

€ 2.278.529

€ 2.278.529

23KJ

Hogeschool voor de Kunsten

   

€ 805.337

€ 805.337

25BA

Christelijke Hogeschool Ede

   

€ 1.268.061

€ 1.268.061

25BE

Hanzehogeschool Groningen

   

€ 2.307.570

€ 2.307.570

25DW

Hogeschool Utrecht

   

€ 4.298.428

€ 4.298.428

25JX

Hogeschool Zuyd

   

€ 1.615.941

€ 1.615.941

25KB

Hogeschool van Arnhem en Nijmegen

   

€ 3.063.135

€ 3.063.135

27NF

ArtEZ hogeschool

   

€ 711.784

€ 711.784

27PZ

Hogeschool INHolland

 

€ 126.839

€ 3.408.629

€ 3.535.468

27UM

De Haagse Hogeschool

   

€ 2.542.871

€ 2.542.871

28DN

Hogeschool van Amsterdam

   

€ 4.107.330

€ 4.107.330

30GB

Fontys Hogescholen

   

€ 4.553.067

€ 4.553.067

 

Totaal

 

€ 126.839

€ 48.976.322

€ 49.103.161

Bedragen onderwijsopslag van hogescholen met opleidingen op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving, bedoeld in artikel 4.11, eerste lid, van het besluit

hogeschool

kwaliteit

kwetsbare opleidingen

bijzondere voorzieningen

totaalbedrag

01DZ

STOAS Hogeschool

 

€ 13.614

€ 954.710

€ 968.324

01MY

Christelijke Agrarische Hogeschool Dronten

   

€ 1.668.361

€ 1.668.361

21CW

HAS Den Bosch

   

€ 3.062.564

€ 3.062.564

27PZ

Hogeschool INHolland

   

€ 784.357

€ 784.357

30HD

Hogeschool Van Hall Larenstein

   

€ 3.255.399

€ 3.255.399

 

Totaal

 

€ 13.614

€ 9.725.391

€ 9.739.005

BIJLAGE 4 BIJ ARTIKEL 3, EERSTE LID, ONDERDEEL B

Percentages onderwijsopslag hogescholen, bedoeld in artikel 4.11, tweede lid, van het besluit

hogeschool

percentage

00IC

Katholieke PABO Zwolle

0,23573%

00MF

Hogeschool voor de Kunsten Utrecht

6,04311%

01VU

Christelijke Hogeschool Windesheim

0,48872%

02BY

Gerrit Rietveld Academie

1,80250%

02NR

Hotelschool Den Haag

0,28351%

02NT

Design Academy Eindhoven

0,83890%

04CS

Hogeschool Helicon

0,84411%

07GR

Avans Hogeschool

3,54491%

08OK

Hogeschool De Kempel

0,36742%

08YJ

Hogeschool Edith Stein

0,26865%

09OT

Iselinge Hogeschool

0,21610%

10IZ

PC Hogeschool Marnix Academie

0,48253%

14NI

Codarts, Hogeschool voor de Kunsten

5,44790%

15BK

Christelijke Hogeschool Driestar

0,38219%

21MI

Hogeschool Zeeland

1,14329%

21QA

Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten

13,83213%

21RI

Hogeschool Leiden

1,10799%

21UG

Hs Interconfessionele PABO Amsterdam/Alkmaar

0,54648%

21UI

NHTV internationaal hoger onderwijs Breda

0,23764%

21WN

NHL Hogeschool

0,70480%

22EX

Stenden Hogeschool

2,11634%

22HH

Gereformeerde Hogeschool

0,32834%

22OJ

Hogeschool Rotterdam

4,52715%

23AH

Saxion Hogeschool

2,30315%

23KJ

Hogeschool voor de Kunsten

6,83102%

25BA

Christelijke Hogeschool Ede

0,37451%

25BE

Hanzehogeschool Groningen

6,13217%

25DW

Hogeschool Utrecht

1,79139%

25JX

Hogeschool Zuyd

7,70895%

25KB

Hogeschool van Arnhem en Nijmegen

4,37477%

27NF

ArtEZ hogeschool

9,82408%

27PZ

Hogeschool INHolland

4,27366%

27UM

De Haagse Hogeschool

0,80793%

28DN

Hogeschool van Amsterdam

0,72119%

30GB

Fontys Hogescholen

9,06674%

Percentages onderwijsopslag hogescholen met opleidingen op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving, bedoeld in artikel 4.11, tweede lid van het besluit

hogeschool

percentage

01DZ

STOAS Hogeschool

7,18915%

01MY

Christelijke Agrarische Hogeschool Dronten

14,48536%

21CW

HAS Den Bosch

22,82253%

27PZ

Hogeschool INHolland

6,14949%

30HD

Hogeschool Van Hall Larenstein

49,35348%

BIJLAGE 5 BIJ ARTIKEL 4, EERSTE LID

Bedragen onderzoek universiteiten, bedoeld in artikel 4.23, eerste lid van het besluit

universiteit

toponderzoekscholen

bijzondere voorzieningen

totaalbedrag

21PB

Universiteit Leiden

€ 5.901.109

€ 4.087.674

€ 9.988.783

21PC

Rijksuniversiteit Groningen

€ 4.761.805

€ 1.355.790

€ 6.117.595

21PD

Universiteit Utrecht

€ 4.023.814

€ 1.725.181

€ 5.748.995

21PE

Erasmus Universiteit Rotterdam

€ 795.738

€ 4.026.590

€ 4.822.328

21PF

Technische Universiteit Delft

€ 1.388.708

€ 4.730.266

€ 6.118.974

21PG

Technische Universiteit Eindhoven

€ 6.230.977

€ 1.329.404

€ 7.560.381

21PH

Universiteit Twente

 

€ 8.626.607

€ 8.626.607

21PJ

Universiteit Maastricht

     

21PK

Universiteit van Amsterdam

€ 2.107.381

€ 1.197.479

€ 3.304.860

21PL

Vrije Universiteit Amsterdam

€ 1.658.735

€ 1.177.183

€ 2.835.918

21PM

Radboud Universiteit Nijmegen

€ 483.397

€ 1.441.034

€ 1.924.431

21PN

Universiteit van Tilburg

     

22NC

Open Universiteit

 

€ 259.026

€ 259.026

00DV

Protestantse Theologische Universiteit

     

21QO

Theologische Universiteit Apeldoorn

     

23BF

Universiteit voor Humanistiek

     

25AV

Theologische Universiteit Kampen

     
 

Totaal

€ 27.351.664

€ 29.956.234

€ 57.307.898

Bedragen onderzoek universiteiten, met opleidingen op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving, bedoeld in artikel 4.23, eerste lid van het besluit

universiteit

toponderzoekscholen

bijzondere voorzieningen

totaalbedrag

21PI

Wageningen University

€ 3.147.957

€ 2.230.168

€ 5.378.125

BIJLAGE 6 BIJ ARTIKEL 4, TWEEDE LID

Percentages onderzoek universiteiten, bedoeld in artikel 4.23, tweede lid van het besluit

universiteit

percentage

21PB

Universiteit Leiden

8,68841%

21PC

Rijksuniversiteit Groningen

8,64314%

21PD

Universiteit Utrecht

12,12642%

21PE

Erasmus Universiteit Rotterdam

5,01518%

21PF

Technische Universiteit Delft

16,63382%

21PG

Technische Universiteit Eindhoven

7,91164%

21PH

Universiteit Twente

6,62762%

21PJ

Universiteit Maastricht

4,51011%

21PK

Universiteit van Amsterdam

10,78849%

21PL

Vrije Universiteit Amsterdam

7,55724%

21PM

Radboud Universiteit Nijmegen

7,36768%

21PN

Universiteit van Tilburg

2,65805%

22NC

Open Universiteit

1,04017%

00DV

Protestantse Theologische Universiteit

0,27700%

21QO

Theologische Universiteit Apeldoorn

0,01468%

23BF

Universiteit voor Humanistiek

0,13384%

25AV

Theologische Universiteit Kampen

0,00651%

Percentages onderzoek universiteiten, met opleidingen op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving, bedoeld in artikel 4.23, tweede lid van het besluit

universiteit

percentage

21PI

Wageningen University

100,00000%

BIJLAGE 7 BIJ ARTIKEL 6

Bedragen academische ziekenhuizen, bedoeld in artikel 4.27, eerste lid onder d. van het besluit

universiteit

bedrag

21PB

Universiteit Leiden

€ 15.089.128

21PC

Rijksuniversiteit Groningen

€ 13.795.028

21PD

Universiteit Utrecht

€ 16.030.031

21PE

Erasmus Universiteit Rotterdam

€ 15.336.389

21PJ

Universiteit Maastricht

€ 10.743.413

21PK

Universiteit van Amsterdam

€ 19.504.695

21PL

Vrije Universiteit Amsterdam

€ 12.958.704

21PM

Radboud Universiteit Nijmegen

€ 13.160.603

 

Totaal

€ 116.617.991

BIJLAGE 9 BIJ ARTIKEL 4, DERDE LID

Bedragen ontwerp en ontwikkeling hogescholen, bedoeld in artikel 4.24, eerste lid van het besluit

hogeschool

bedrag

00IC

Katholieke PABO Zwolle

€ 39.155

00MF

Hogeschool voor de Kunsten Utrecht

€ 20.650

01VU

Christelijke Hogeschool Windesheim

€ 262.080

02BY

Gerrit Rietveld Academie

 

02NR

Hotelschool Den Haag

 

02NT

Design Academy Eindhoven

 

04CS

Hogeschool Helicon

€ 10.057

07GR

Avans Hogeschool

€ 41.568

08OK

Hogeschool De Kempel

€ 50.888

08YJ

Hogeschool Edith Stein

€ 43.915

09OT

Iselinge Hogeschool

€ 25.745

10IZ

PC Hogeschool Marnix Academie

€ 74.957

14NI

Codarts, Hogeschool voor de Kunsten

€ 9.051

15BK

Christelijke Hogeschool Driestar

€ 69.191

21MI

Hogeschool Zeeland

€ 30.036

21QA

Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten

€ 24.740

21RI

Hogeschool Leiden

€ 94.467

21UG

Hs Interconfessionele PABO Amsterdam/Alkmaar

€ 56.251

21UI

NHTV internationaal hoger onderwijs Breda

 

21WN

NHL Hogeschool

€ 124.436

22EX

Stenden Hogeschool

€ 89.171

22HH

Gereformeerde Hogeschool

€ 35.601

22OJ

Hogeschool Rotterdam

€ 194.968

23AH

Saxion Hogeschool

€ 34.663

23KJ

Hogeschool voor de Kunsten

€ 1.877

25BA

Christelijke Hogeschool Ede

€ 45.658

25BE

Hanzehogeschool Groningen

€ 96.210

25DW

Hogeschool Utrecht

€ 331.674

25JX

Hogeschool Zuyd

€ 34.260

25KB

Hogeschool van Arnhem en Nijmegen

€ 256.181

27NF

ArtEZ hogeschool

€ 37.948

27PZ

Hogeschool INHolland

€ 179.749

27UM

De Haagse Hogeschool

€ 79.717

28DN

Hogeschool van Amsterdam

€ 242.168

30GB

Fontys Hogescholen

€ 499.288

 

Totaal

€ 3.136.320

Bedragen ontwerp en ontwikkeling hogescholen, met opleidingen op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving, bedoeld in artikel 4.24, eerste lid van het besluit

hogeschool

bedrag

01DZ

STOAS Hogeschool

€ 61.947

01MY

CAH Dronten

 

21CW

HAS Den Bosch

 

27PZ

Hogeschool INHOLLAND

 

30HD

Hogeschool Van Hall Larenstein

 
 

Totaal

€ 61.947

ARTIKEL III INWERKINGTREDING

  • 1. Artikel I treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2012.

  • 2. Artikel II treedt in werking met ingang van 1 januari 2013.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, H. Zijlstra.

TOELICHTING

Algemeen

1. Algemeen

De Regeling financiën hoger onderwijs (hierna: regeling) strekt tot uitvoering van het Uitvoeringsbesluit WHW 2008. De wijzigingsregeling bevat aanpassingen met name in verband met de herberekening van de rijksbijdrage 2012 en de berekening van de rijksbijdrage 2013 in overeenstemming met de begroting van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap samenhangend met Miljoenennota 2013.

2. Gevoerd overleg

Een ontwerp van deze regeling is krachtens het Uitvoeringsbesluit WHW 2008 aan VSNU en HBO-raad voorgelegd, waarna de voorliggende regeling is vastgesteld.

3. Uitvoerings- en handhaafbaarheidstoets

DUO acht de regeling uitvoerbaar en handhaafbaar.

4. Financiële gevolgen

De wijzigingen in deze regeling hebben geen gevolgen voor de Rijksbegroting. Wijziging mede vanwege de tweede suppletore (ontwerp-) begroting 2012 en de eerste en tweede suppletore (ontwerp-) begrotingen 2013 kan op grond van artikel 2.5, vierde lid, van de WHW leiden tot nadere bepaling van de in deze regeling opgenomen bedragen en percentages.

5. Gevolgen administratieve lasten

De regeling heeft geen gevolgen voor administratieve lasten.

Artikelsgewijs

Artikel I Wijziging van de Regeling financiën hoger onderwijs per 1 januari 2012

Onderdeel A

Dit betreft een technische aanpassing waarmee het opschrift van het artikel in overeen-stemming is gebracht met de betreffende bepaling.

Onderdeel B

Vanwege de loon- en prijsbijstelling verstrekt in 2012 is in artikel 4 van de regeling het bedrag dat die een universiteit ontvangt per proefschrift verhoogd met 1,103% tot € 94.438 en het bedrag per ontwerperscertificaat tot € 78.699.

Onderdeel C

Vanwege de in 2012 uitgekeerde loon- en prijsbijstelling zijn de bedragen in bijlagen 1 en 5 voor universiteiten verhoogd met 1,103%. De bedragen in bijlagen 3 en 9 voor hogescholen zijn verhoogd met 1,023% terwijl de bedragen in bijlage 7 voor academische ziekenhuizen zijn verhoogd met 2,510%. Het voorgaande betreft de instellingen die zijn bekostigd ten laste van de begroting van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Verder is sprake van enkele instellingspecifieke aanpassingen.

  • De bedragen onder de noemer kwaliteit in bijlagen 1 en 3 gerelateerd aan onderwijsintensiteit zijn aangepast aan het actuele aandeel van een instelling in de studentgebonden financiering en de onderwijsopslag in percentages.

  • Het bedrag onder de noemer bijzondere voorzieningen in bijlage 1 is aangepast vanwege de toevoeging van € 260.000 voor de jaren 2012 tot en met 2016 aan de rijksbijdrage van Vrije Universiteit Amsterdam, conform de brief van 31 mei 2012 met kenmerk 409310 over de voorziening hindoe seminariumopleiding en met € 260.000 voor de jaren 2012 tot en met 2016 aan de rijksbijdrage van Vrije Universiteit Amsterdam, conform de brief van 31 mei 2012 met kenmerk 409309 over de voorziening boeddhistische seminariumopleiding;

  • Het bedrag onder de noemer bijzondere voorzieningen in bijlage 1 is verder aangepast vanwege de toevoeging van € 962.091 voor 2012 aan de rijksbijdrage van Vrije Universiteit Amsterdam vanwege een technische correctie.

  • Het bedrag onder de noemer bijzondere voorzieningen in bijlage 1 is aangepast vanwege de toevoeging van jaarlijks € 500.000 voor de jaren 2012 tot en met 2015 aan de rijksbijdrage van Universiteit van Maastricht, conform de brief met kenmerk 438800 vanwege de oprichting van het ‘Netherlands Centre for Higher Education and Research’ in Oman.

  • Bijlage 2 is aangepast vanwege een instellingspecifieke technische correctie.

  • Het bedrag in bijlage 5 is aangepast vanwege de toevoeging van € 250.000 voor 2012 en 2013 aan de rijksbijdrage van Technische Universiteit Delft, conform de brief aan deze universiteit van 24 mei 2012 met kenmerk 409999 over de bijdrage aan UNESCO-IHE Institute for Water Education.

Artikel II Wijziging van de Regeling financiën hoger onderwijs per 1 januari 2013

Onderdeel A

De bedragen en percentages in de bijlagen bij deze regeling wijzigen om een aantal redenen.

Bijlage 1 (bedragen onderwijsopslag universiteiten) is aangepast.

Gerelateerd aan kwaliteit gaat het om de volgende wijzigingen.

  • a. De bedragen die in 2012 beschikbaar zijn gesteld voor intensief en activerend onderwijs (Staatscourant 2011 nr. 1702) zijn voor 2013 niet opgenomen in afwachting van het aangaan van prestatieafspraken (Staatscourant 2011 nr. 1702).

  • b. De middelen die in 2013 beschikbaar zijn voor universiteiten vanwege het stimule-ringsprogramma joint degrees, te weten € 269.929, zijn verdeeld op basis van het aantal bekostigde graden bij masteropleidingen dat van belang is bij het berekenen van de rijksbijdrage 2013.

    Gerelateerd aan kwetsbare opleidingen gaat het om de volgende wijziging.

  • c. Vanwege ophoging van de capaciteit voor de studie geneeskunde wordt € 4.340.854 verdeeld over de universiteiten conform het aantal opleidingsplaatsen bedoeld in de brief van 29 maart 2012 met kenmerk 380788.

    Gerelateerd aan bijzondere voorzieningen gaat het om de volgende wijzigingen.

  • d. De verplichting vanwege veiligheid voor de jaren tot en met 2012 loopt af (Staatscourant 2011, nr. 17026), als gevolg waarvan de opslagen bij Rijksuniversiteit Groningen, Universiteit Utrecht en Vrije Universiteit Amsterdam worden verlaagd met € 419.726.

  • e. De verplichting vanwege Innovatie Centra Academisch Bèta-onderwijs voor de jaren tot en met 2012 loopt af (Staatscourant 2011, nr. 13799), als gevolg waarvan de opslag bij Universiteit Utrecht wordt verlaagd met € 301.110.

  • f. De bijdrage vanwege de financiering van het Nederlands Instituut in Damascus en zijn nevenvestigingen in Beiroet en Amman is per 1 januari 2013 stopgezet, resulterend in verlaging van de opslag van Universiteit Leiden met € 597.277 conform de brief van 20 april 2012 (Kamerstukken II, 33000 VIII, nr. 189).

  • g. De bijdrage vanwege Roosevelt Academy opgenomen in de onderwijsopslag van Universiteit Utrecht is verhoogd met € 207.574 ten laste van de onderwijsopslag in percentage (bijlage 2) van deze instelling.

  • h. De middelen beschikbaar voor de overbruggingsmaatregel inzake het profileringsfonds zijn herverdeeld over de instellingen op basis van het aantal langstudeerders ingeschreven bij een deeltijdse opleiding per 30 september 2011 (Staatscourant 2012 nr. 12764); conform de brief van 13 juli 2012 met kenmerk 420537 over Voorlichting wijzigingen maatregel langstudeerders zal bij wijziging van de in deze brief bedoelde aantallen deeltijdse langstudeerders ook bezien worden of het bedrag dat onder de noemer profileringsfonds beschikbaar is gesteld voor de periode 2012–2016 moet worden gecorrigeerd.

  • i. De bijdrage vanwege het seminarium van de Remonstrantse Broederschap conform brief van 7 juni 2006 met kenmerk HO/CBV/2006/23388 is overgeheveld van Universiteit Leiden naar Vrije Universiteit Amsterdam conform de brief van 24 juli 2012 met kenmerk 428892.

  • j. Voor aflossing van het in 2009 afgesproken compensatiebedrag invoering bachelor-masterstructuur is in 2013 € 7.103.688 beschikbaar dat wordt verdeeld over de betreffende universiteiten naar rato van het nog af te lossen bedrag.

  • k. De opslag van Vrije Universiteit Amsterdam is verlaagd vanwege het enkel voor 2012 beschikbaar gestelde bedrag, toegelicht in het voorgaande, bij artikel I, onderdeel C.

Bijlage 2 (percentages onderwijsopslag universiteiten) is om de volgende redenen aangepast.

  • a. Vanwege de maatregel langstudeerders ondermeer genoemd in de brief van 13 april 2011 aan de Tweede Kamer (Kamerstukken II, 2010/2011, 32 618, nr. 32) zijn in deze brief bedoelde collegegeldinkomsten omgeslagen over de instellingen naar rato van het aantal langstudeerders per 30 september 2011, bepaald op basis van de gegevens beschikbaar per 15 april 2012 en een opslag van € 3.063, met inachtneming van de aanpassing van deze bijlage per 25 juni 2011 (Staatscourant 2012 nr. 12764). In totaal betreft dit een bedrag van € 112.531.446 bij door OCW-bekostigde instellingen. Conform de brief van 13 juli 2012 met kenmerk 420537 over Voorlichting wijzigingen maatregel langstudeerders zal de in deze brief bedoelde aanpassing van het aantal deeltijdse langstudeerders leiden tot herziening van deze verdeling, bij een volgende wijziging van deze regeling.

  • b. Vanwege de budgettair-neutrale toepassing van het Uitvoeringsbesluit WHW 2008 inzake de wettelijke studielast in plaats van de studielast bepaald door de instelling.

Bijlage 3 (bedragen onderwijsopslag hogescholen) is aangepast. Het gaat om de volgende wijzigingen.

  • a. De bedragen gerelateerd aan kwaliteit die in 2012 beschikbaar zijn gesteld voor intensief en activerend onderwijs (Staatscourant 2011 nr. 1702) zijn voor 2013 niet opgenomen in afwachting van het aangaan van prestatieafspraken (Staatscourant 2011 nr. 1702).

    Gerelateerd aan bijzondere voorzieningen gaat het om de volgende wijzigingen.

  • b. De bedragen gerelateerd aan functiemix van € 27.838.431 bij door OCW-bekostigde instellingen en € 557.000 bij door EL&I bekostigde instellingen zijn verdeeld over de hogescholen op basis van het aandeel van een instelling in de studentgebondenfinanciering en de onderwijsopslag in percentages.

  • c. De omslag van collegegeldgelden vanwege de maatregel langstudeerders geschiedt vanaf 2013 via de percentages opgenomen in bijlage 4, conform de voor universiteiten toegepaste systematiek.

  • d. De middelen beschikbaar voor de overbruggingsmaatregel inzake het profileringsfonds zijn herverdeeld over de instellingen op basis van het aantal langstudeerders ingeschreven bij een deeltijdse opleiding per 30 september 2011 (Staatscourant 2012 nr. 12764); conform de brief van 13 juli 2012 met kenmerk 420537 over Voorlichting wijzigingen maatregel langstudeerders zal bij wijziging van de in deze brief bedoelde aantallen deeltijdse langstudeerders ook bezien worden of het bedrag dat onder de noemer profileringsfonds beschikbaar is gesteld voor de periode 2012–2016 moet worden gecorrigeerd.

  • e. De opslag van de Gerrit Rietveld Academie is verlaagd vanwege het vervallen van het enkel voor 2012 beschikbaar gestelde bedrag (Staatscourant 2012 nr. 12764).

  • f. Bij de betreffende instellingen zijn de bedragen aangepast conform de afspraken over de overgangsmaatregel bij de wijziging van het Uitvoeringsbesluit WHW 2008 per 2011 (Staatscourant 2010 nr. 12621).

  • g. Tot slot zijn bij de door EL&I bekostigde instellingen de bedragen praktijkleren voor 2013 in overeenstemming gebracht met de artikelen 4 en 8 van de Regeling praktijkleren en Groene plus.

Bijlage 4 (percentages onderwijsopslag hogescholen) is aangepast vanwege de maatregel langstudeerders, ondermeer genoemd in de brief van 13 april 2011 aan de Tweede Kamer (Kamerstukken II, 2010/2011, 32 618, nr. 32): de in deze brief bedoelde collegegeldinkomsten worden omgeslagen over de instellingen naar rato van het aantal langstudeerders per 30 september 2011, bepaald op basis van de gegevens beschikbaar per 15 april 2012 en een opslag van € 3.063. In totaal betreft dit een bedrag van € 128.072.669 bij door OCW-bekostigde instellingen en € 2.049.089 bij door EL&I bekostigde instellingen. Conform de brief van 13 juli 2012 met kenmerk 420537 over Voorlichting wijzigingen maatregel langstudeerders zal de in deze brief bedoelde aanpassing van het aantal deeltijdse langstudeerders leiden tot herziening van deze verdeling, bij een volgende wijziging van deze regeling.

Bijlage 5 (bedragen onderzoek universiteiten) is aangepast vanwege de toekenning van de middelen vanwege de toponderzoekschool NOVA vanaf 2013 aan de penvoerder Universiteit Leiden ter nadere bestemming voor deze toponderzoekschool en voor doorsluizing naar de overige deelnemende universiteiten.

Bijlage 6 (percentages onderzoek universiteiten) is aangepast vanwege van de budgettair-neutrale inbedding van het merendeel van de middelen die tot en met 2012 zijn verdeeld onder de noemer onderzoekscholen; het resterende deel wordt verdeeld op basis van bekostigde graden tot een percentage van 15% van het onderzoekdeel zoals dat eerder in bestuurlijk overleg is bepaald.

Bijlage 7 (bedragen ondersteuning geneeskundig onderwijs en onderzoek) is aangepast conform de afspraken over de correctie voor de onbedoelde effecten van het zogenoemde inschrijvingen-dal (Staatscourant 2011 nr.12621).

In bijlage 9 (de bedragen ontwerp en ontwikkeling voor hogescholen) wordt het bedrag dat voor 2013 beschikbaar is voor hogescholen die een lerarenopleiding verzorgen, verdeeld op basis van het aantal bekostigde inschrijvingen bij deze opleidingen dat is benut voor het berekenen van de rijksbijdrage 2013.

Artikel III Inwerkingtreding

Artikel I treedt in werking met terugwerkende kracht tot 1 januari 2012 aangezien dit betrekking heeft op de rijksbijdrage die voor het begrotingsjaar 2012 beschikbaar wordt gesteld. Artikel II treedt in werking per 1 januari 2013 aangezien dit betrekking heeft op de rijksbijdrage die voor het begrotingsjaar 2013 beschikbaar wordt gesteld.

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, H. Zijlstra.

Naar boven