31 239 Stimulering duurzame energieproductie

Nr. 332 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN EN KLIMAAT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 8 juni 2021

Met deze brief informeer ik uw Kamer over de resultaten van de eerste openstellingsronde van de Stimuleringsregeling duurzame energieproductie en klimaattransitie (SDE++) in het najaar van 2020. Daarnaast informeer ik uw Kamer nader over de komende openstelling van de SDE++ in 2021 en de uitvoering van een drietal moties op het terrein van de SDE++.

Voorlopige resultaten SDE++ 2020

In het Regeerakkoord (Kamerstuk 34 700, nr. 34) is aangekondigd dat de SDE+ zou worden verbreed met als doel om ook andere CO2-reducerende technieken naast hernieuwbare energie te ondersteunen. Hiertoe zijn verschillende nieuwe technieken aan de SDE+ toegevoegd, waaronder de afvang en opslag van CO2 (CCS), elektrische boilers en de benutting van restwarmte. De resultaten wijzen op een succesvolle eerste openstelling van de SDE++. Er is een groot aantal projecten positief beschikt en er is een grote variatie aan technieken. Met deze mix van hernieuwbare energietechnieken en CO2-reducerende opties zal een zo hoog mogelijke CO2-reductie gerealiseerd worden voor het beschikbare verplichtingenbudget. Daarmee levert de SDE++ een belangrijke bijdrage aan het kosteneffectief realiseren van het streven van het Kabinet naar 49% CO2-reductie in 2030 ten opzichte van 1990.

Op 14 september 2020 heb ik uw Kamer geïnformeerd over de eerste openstelling van de SDE++ in 2020 (Kamerstuk 31 239, nr. 326). De openstelling vond plaats van 24 november 2020 tot 17 december 2020 en er was een verplichtingenbudget beschikbaar van € 5 miljard. In mijn brief van 14 januari jl. (Kamerstuk 31 239, nr. 328) heb ik uw Kamer geïnformeerd over het aantal aanvragen uit deze openstellingsronde. Er zijn in totaal 4.112 subsidieaanvragen ingediend met een gezamenlijk budgetclaim van € 6.4 miljard.

Inmiddels is het merendeel van de aanvragen beoordeeld en zijn de meeste beschikkingen afgegeven door Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). De beoordeling is nog niet volledig afgerond, maar ik wil uw Kamer desondanks graag alvast informeren over de voorlopige resultaten voorafgaand aan het commissiedebat Klimaat en Energie van 10 juni aanstaande. Van het totaal aantal aanvragen zijn tot nu toe 3.486 projecten positief beschikt met een bijbehorend verplichtingenbudget van bijna € 4,7 miljard. Dit is de maximale subsidie die aan alle projecten gezamenlijk over hun gehele looptijd kan worden uitgekeerd. De werkelijke kasuitgaven aan de SDE++ voor de komende jaren die voortvloeien uit deze beschikkingen zullen waarschijnlijk lager zijn. Deze hangen af van de marktwaarde van energie, de daadwerkelijke realisatie van beschikte projecten en de energie die geproduceerd wordt of de CO2 die gereduceerd wordt. Als alle projecten volledig worden gerealiseerd, leveren zij gezamenlijk 3,32 Mton CO2-reductie per jaar op.

Tabel 1 geeft een overzicht van de projecten die tot nu toe een positieve beschikking hebben ontvangen. Hierin is te zien dat het overgrote deel van de beschikkingen, evenals in recente rondes van de SDE+-regeling, zijn afgegeven voor zon-PV projecten (3.426). 97% van deze projecten wordt gerealiseerd op dak. Het grootste deel van het verplichtingenbudget is toebedeeld aan CCS, namelijk € 2,1 miljard, waarmee 2,34 Mton CO2 per jaar wordt gereduceerd. Het overige verplichtingenbudget wordt met name gereserveerd voor de technieken die een bijdrage leveren aan de warmtetransitie, zoals elektrische boilers, warmtepompen en biomassa. Het nog niet beschikte budget zal naar verwachting ook naar deze technieken gaan. Daarnaast wordt goed nagegaan of warmte voldoende aan bod komt in de SDE++, mede gezien de afspraken die gemaakt zijn in het Klimaatakkoord rond de ontwikkeling van duurzame warmte voor 40 PJ in 2030. Zodra de beoordeling is afgerond, zal de eindstand worden gepubliceerd op de website van RVO.

Tabel 1. Overzicht beschikte projecten per 1 juni 2021

Tabel 1. Overzicht beschikte projecten per 1 juni 2021

Zoals in elke ronde van de SDE+ vallen er ook een aantal projecten uit. Van het totaal aantal ingediende aanvragen zijn er 304 projecten om verscheidene redenen afgewezen of ingetrokken door de indiener. Bijvoorbeeld in het geval van een onvolledige aanvraag of op basis van inhoudelijke gronden vanwege geen of een onjuiste vergunning, een dubbele aanvraag (aanvragers heeft reeds subsidie ontvangen) en/of een gebrek aan toestemming van de locatie-eigenaar of een geldige transportindicatie.

Openstelling SDE++ 2021

In mijn brief op 22 februari 2021 (Kamerstuk 31 239, nr. 329) heb ik uw Kamer geïnformeerd over de openstelling van de SDE++ in 2021. Deze zou plaatsvinden van 21 september tot en met 14 oktober 2021. Provincies en gemeenten hebben aangegeven dat er met de voorziene openstellingsdatum druk staat op de vergunningverlening van veel wind- en zonprojecten. Doordat de openstelling in september start, valt de zienswijzeperiode van deze vergunningaanvragen namelijk in de zomerperiode en dat is vanuit het oogpunt van goede procesparticipatie niet wenselijk. Daarom is besloten om de openstellingsronde later te starten, namelijk op 5 oktober 2021. Daarnaast zal de totale openstellingsronde opgerekt worden in verband met de herfstvakantie, waardoor de openstelling sluit op 11 november 2021 (zie Tabel 2). In mijn brief op 22 februari 2021 (Kamerstuk 31 239, nr. 329) heb ik aangegeven welke categorieën ik voornemens ben open te stellen. Ik streef ernaar om voor de zomer de onderliggende regelgeving voor de openstelling van de SDE++ te publiceren. Hiervoor is voor nieuwe technieken nog de goedkeuring van de Europese Commissie omtrent staatssteun nodig.

Tabel 2: Openstellingsronde SDE++ 2021

Fase

Start- en einddatum

Fasegrenzen €/tCO2

1

5 oktober, 9:00 tot 11 oktober, 17:00

60

2

11 oktober, 17:00 tot 25 oktober, 17:00

80

2

25 oktober, 17:00 tot 8 november, 17:00

115

3

8 november, 17:00 tot 11 november 17:00

300

Moties gerelateerd aan de SDE++

De afgelopen periode heeft uw Kamer een aantal moties aangenomen die betrekking hebben op de SDE++ en/of de stimulering van hernieuwbare energie. Daarbij heeft uw Kamer verzocht om een brief te sturen over de uitvoering van de moties van het lid Grinwis. In het resterende van mijn brief geef ik hier graag invulling aan.

Motie Mulder over verzekerbaarheid zonnepanelen

Eerder heb ik uw Kamer geïnformeerd over het onderzoek dat de TKI Urban Energy coördineert naar de factoren van zonnepanelen op daken die van invloed zijn op de brandveiligheid en daarmee op de verzekerbaarheid (Kamerstuk 31 239, nr. 329). Het onderzoek loopt en de eerste resultaten zullen zoals verwacht rond de zomer beschikbaar zijn. Naar aanleiding van de motie van het lid Agnes Mulder c.s. over knelpunten bij het verzekeren van zon op dak projecten (Kamerstuk 32 813, nr. 634), heb ik ook gesproken met energiecoöperaties. Aangezien de problematiek die zij ervaren rondom de verzekerbaarheid van schade door of aan zonnepanelen grotendeels overeenkomt met die van commerciële partijen, zullen de uitkomsten van het onderzoek ook voor coöperaties bijdragen aan meer inzicht op dit vlak. Op deze manier geef ik invulling aan de motie.

Motie Grinwis over beschikkingen bij- en meestook biomassa kolencentrales

Met de motie Grinwis (Kamerstuk 35 668, nr. 34) verzoekt uw Kamer het kabinet om zeker te stellen dat de invoering van de Wijziging van de Wet verbod op kolen niet zal leiden tot het toekennen van extra subsidiegeld dan wel nieuwe subsidiebeschikkingen voor de bij- en meestook van biomassa in kolencentrales. Zoals het kabinet eerder heeft aangegeven worden er geen nieuwe beschikkingen afgegeven voor de bij- en meestook van biomassa in kolencentrales. In de brief van 4 juli 2017 over de najaarsronde van de SDE+ in 2017 is aangeven dat de categorie bij- en meestook van biomassa in kolencentrales in de SDE+ niet meer wordt opengesteld (Kamerstuk 31 239, nr. 261). In het Energieakkoord is namelijk afgesproken dat met de SDE+ bij- en meestook gestimuleerd wordt tot aan een maximum van 25 PJ per jaar. Dit maximum is in de voorjaarsronde van 2017 bereikt. Daarom is en wordt de categorie bij- en meestook van biomassa sinds de najaarsronde van de SDE+ in 2017 niet meer opengesteld. Voor de bestaande beschikkingen geldt eveneens dat ophoging van de subsidie niet aan de orde is.

Motie Grinwis over reserves in de SDE++

De motie Grinwis (Kamerstuk 35 668, nr. 34) verzoekt de regering om in het toekennen van de SDE++-subsidies verstandig te anticiperen op de gestegen en nog stijgende ETS-prijs. Ik vind het van belang om de verwachte uitgaven van de SDE++ zo realistisch mogelijk in te schatten, gelet op de budgettaire omvang van de regeling. Onderstaand geef ik aan hoe ik invulling geef aan deze motie.

Voor iedere SDE++ openstellingsronde stel ik een verplichtingenbudget vast. Het verplichtingenbudget betreft de maximale subsidie die kan worden toegekend. Bij het vaststellen van de hoogte van het verplichtingenbudget wordt rekening gehouden met projecten die niet of vertraagd worden gerealiseerd en met de verwachte ontwikkeling van energie- en CO2-prijzen. Hieronder valt tevens de ETS-prijs. Hierdoor is het verplichtingenbudget voor de SDE++ openstelling hoger dan de beschikbare middelen voor de SDE++. Dat betekent dat overprogrammering bij de SDE++ wordt toegepast. Zoals de Algemene Rekenkamer in haar verantwoordingsonderzoek bij het Jaarverslag 2020 heeft aangegeven, leidt het meebewegen van de ramingen met de energie- en CO2-prijsontwikkelingen tot grote volatiliteit in de ramingen.1 Gelet op zowel het belang van de regeling voor het realiseren van de doelstellingen als de budgettaire omvang van de regeling, vind ik het daarom van belang om de ramingen zorgvuldig te doen. Daarom ga ik uit van de laatste inschattingen van het PBL ten aanzien van de ETS-prijs zoals deze zijn opgenomen in de Klimaat- en Energieverkenning. Op deze manier wordt zoveel mogelijk ruimte gecreëerd voor het ondersteunen van de energietransitie, zonder dat dit leidt tot onbeheersbare budgettaire risico’s.

Onverschuldigde subsidiebetalingen voorjaar 2021

Op 23 februari jl. zijn door een fout in een update van de betalingssoftware van RVO een aantal foutieve betalingen gedaan aan SDE+ projecten. Het gaat om een totaalbedrag van ca. € 41 miljoen verdeeld over 6.219 projecten. RVO heeft de desbetreffende projecten de volgende dag geïnformeerd over de onverschuldigde betalingen. Een week later zijn de bedragen teruggevorderd of is er een voorstel gedaan tot verrekening met toekomstige SDE-betalingen. Momenteel is er voor een bedrag van € 38,3 miljoen teruggevorderd of verrekend. Het restant zal de komende periode worden ontvangen of verrekend. De tabel hieronder geeft inzicht in de stand van zaken per 1 juni 2021.

Tabel 3: Stand onverschuldigde betalingen per 1 juni 2021

Tabel 3: Stand onverschuldigde betalingen per 1 juni 2021

Tot slot

Met de eerste openstelling van de SDE++ kan een groot aantal projecten in verschillende sectoren ondersteund worden. Hiermee wordt een belangrijke bijdrage geleverd aan het realiseren de klimaat- en energiedoelstellingen. De komende SDE++ ronde zal plaatsvinden in oktober 2021, waarbij ook een aantal nieuwe technieken zijn toegevoegd. Tegelijkertijd is de voorbereiding van de openstelling van de SDE++ in 2022 al weer in volle gang. Op deze manier blijf ik invulling geven aan het realiseren van de doelstellingen en het versterken van de SDE++-regeling.

De Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat, D. Yeşilgöz-Zegerius


X Noot
1

Algemene Rekenkamer (2021) Verantwoordingsonderzoek: Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (XIII) – Rapport bij Jaarverslag 2020. Kamerstuk 35 830 XIII, nr. 2.

Naar boven