23 Duurzaam vervoer

Aan de orde is het VAO Duurzaam vervoer (AO d.d. 24/04).

Voorzitter: Martin Bosma

De voorzitter:

Aan de orde is het VAO Duurzaam vervoer. Een hartelijk woord van welkom aan de staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat. We hebben zes deelnemers van de zijde van de Kamer, van wie er drie gaan spreken. De eerste is de heer Sienot van de fractie van D66 en hij heeft zoals iedereen twee minuten spreektijd. Het woord is aan hem.

De heer Sienot (D66):

Dank u wel, meneer de voorzitter. Wij willen dat mensen ook in schone auto's overal kunnen zien waar ze kunnen opladen of tanken, in heel de EU — misschien zou de staatssecretaris daar aandacht voor kunnen vragen — en zeker ook in Nederland. Daarom hebben we deze motie.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de regering de bewegwijzering voor alternatieve brandstoffen pas gaat aanpassen als de huidige bewegwijzeringsborden aan vervanging toe zijn;

constaterende dat er momenteel al zo'n 120.000 elektrische en plug-in hybride auto's rondrijden en dit aantal de komende jaren fors zal groeien door de kabinetsambitie voor emissievrije auto's;

overwegende dat er vanuit Europese regelgeving verplicht is gesteld inzichtelijk te maken waar alternatieve brandstoffen getankt of geladen kunnen worden;

overwegende dat de nationale uitvoering van die regelgeving niet voorziet in de behoefte van rijders op alternatieve brandstoffen, doordat zij op bewegwijzeringsborden niet kunnen zien of er voor hun auto een tankstation of snellaadstation aanwezig is op de verzorgingsplaats;

overwegende dat de app, waarin te zien zou moeten zijn waar e-auto's geladen kunnen worden, niet over de meest actuele data beschikt en daardoor niet ideaal is voor gebruik onderweg;

overwegende dat het gebruik van een app tijdens het rijden sowieso ontmoedigd moet worden door de overheid;

verzoekt de regering om de komende maanden in kaart te brengen wat mogelijkheden en kosten zijn om het plaatsen van bewegwijzering te versnellen, met heldere pictogrammen voor het laden of tanken van auto's op alternatieve brandstoffen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Sienot en Dik-Faber. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 244 (31305).

De heer Remco Dijkstra (VVD):

Interessant, maar uit welk budget moet dit dan eventueel bekostigd gaan worden?

De heer Sienot (D66):

Ja, dat is een hele goede vraag. Voordat we over budgetten gaan praten, denk ik dat het eerst heel zinnig is om te weten over wat voor uitgaven we het hebben. Er is voor van alles altijd een budget. Er is een duidelijke taakstelling: wij moeten zorgen dat dit goed voor elkaar is. Voor niet-elektrische auto's of auto's op andere brandstoffen hebben we het allang geregeld. Toen er 130 gereden moest worden, was dat ook zo geregeld. Nou, ik vind het allemaal prachtig. Ik denk dat er heel creatieve manieren kunnen zijn om dit op een kosteneffectieve manier te doen. Ik ken de VVD als een partij die dan ook altijd bereid is om te kijken hoe we daar slimme funding voor kunnen vinden.

De heer Remco Dijkstra (VVD):

"Kosteneffectief" is toch gewoon vervangen als je een bord moet vervangen? Dan kun je het pictogram erop meenemen. Waarom zou je nu borden gaan vervangen omdat één partij, die de snellaadpalen langs de snelweg heeft, dat vraagt? Misschien zijn het er zo meteen meerdere, als de tankstations mee gaan doen. Waarom zou je die helpen? Waarom zouden ze dat niet gewoon zelf kunnen financieren? Dan krijg je het toch ook voor elkaar?

De heer Sienot (D66):

Volgens mij doen we dat ook niet voor brandstofstations, dus dat vind ik eigenlijk een heel gekke redeneerlijn. Ik zou zeggen dat het heel handig is om te weten waar je je auto kunt opladen of waar je schone brandstof kunt tanken. Dat willen wij bevorderen. Dat kan bij vervanging. Dat is al het beleid. Het kan sneller als je ook andere manieren zoekt. Er staan bijvoorbeeld in heel Nederland borden langs de weg waarop je kunt zien over hoeveel meter je benzine kunt tanken. Daar kan prima een klein pictogrammetje bij, met een stickertje ofzo, dat aangeeft dat je ook kunt opladen.

De heer Van Aalst (PVV):

Bijzonder: D66 wil nu al allerlei aanpassingen doen aan infrastructuur. Ik kan mij herinneren dat wij asfalt voorstelden en dat u toen niet zo heel erg gretig was. We hebben nog niet eens keuzes gemaakt over elektrisch of waterstof of wat nu daadwerkelijk de toekomst heeft. Waarom zouden we op dit moment onze infrastructuur al gaan aanpassen, terwijl we nog geen keuze hebben gemaakt? Je kunt toch gewoon wachten totdat er een vervanging nodig is en het daar dan op aanpassen?

De heer Sienot (D66):

Nou, de markt maakt al een keuze. Er rijden op dit moment al 120.000 elektrische auto's rond en dat aantal groeit snel. Als je naar de leasemarkt kijkt, is de elektrische wagen zelfs een zeer populaire wagen. Dat is allemaal al aan de gang. Waterstof of andere brandstoffen zijn me wat dat betreft allemaal even lief; begrijp me niet verkeerd. Ik wil technologieneutraal beleid, maar de behoefte is er, of je nou groen gas tankt, elektrisch laadt of wat dan ook, om te weten waar je je auto op enig moment kunt voorzien van energie.

De heer Van Aalst (PVV):

Ja, correct. Ik ben heel blij met de woorden van de heer Sienot over innovatie. Het komt inderdaad uit de markt. Het gaat allemaal vanzelf, net als zo meteen die bewegwijzering. Partijen moeten hier toch helemaal niet mee bezig zijn? Laat dit toch gewoon aan de markt over.

De heer Sienot (D66):

Daar verschillen de geschiedenis en het inzicht van de heer Van Aalst fors. De geschiedenis van elke transitie, en zeker energietransitie, laat zien dat er altijd een soort aanloopperiode is. In die aanloopperiode speelt de overheid vaak een stimulerende rol, een kaderstellende rol en waar nodig neemt ze ook belemmeringen weg. Dat is precies hier aan de hand. Dit is de aanloopperiode, waarin we aanlopen tegen het oude denken, het fossiele denken, dat we gaan laten vervangen door het schone denken. Daar hoort een pictogram bij waarop je ziet waar je brandstof kunt tanken of laden.

De heer Von Martels (CDA):

Hoewel ik enige sympathie kan opbrengen voor de woorden van de heer Sienot, wil ik hem wel vragen of hij ook mogelijkheden ziet om dit in Europees verband te regelen.

De heer Sienot (D66):

Ik begon mijn introductie daarmee; ik ben blij dat u me nog de gelegenheid geeft om daar, gezien de geringe tijd, iets meer over uit te weiden. Ik weet bijvoorbeeld dat je in Frankrijk en Duitsland al pictogrammen hebt. Daar kun je langs de kant dus al zien waar je kunt laden. We zeggen vaak dat we dingen Europees moeten oplossen en dan kijken we naar Frankrijk en Duitsland als landen die niet willen. Nou, hier gaan ze ons voor — laten we ze volgen! Er zijn andere landen waartegen we kunnen zeggen: jongens, doe ook mee. Ik zou de staatssecretaris willen vragen om daar in Europees verband aandacht voor te vragen.

De voorzitter:

Dank u wel. De volgende spreker van de zijde van de Kamer is de heer Remco Dijkstra van de fractie van de VVD.

De heer Remco Dijkstra (VVD):

Dank u wel, voorzitter. Ik denk dat we een goed algemeen overleg hebben gehad over duurzaam vervoer. Ik vind het eigenlijk wel mooi dat we die titel toch hebben geclaimd hier in dit huis en dat wij als Kamercommissie daarover mogen praten, omdat je ook ziet dat de mobiliteitsbehoefte verandert. Het gaat bijvoorbeeld om de bevoorrading van de steden, waar we het slimmer kunnen doen, met andere typen voertuigen zelfs, die binnenkomen, ten minste als ze schoon zijn. Het gaat om allerlei nieuwe manieren van vervoer; we hebben varianten op de fiets gezien. En de hele infrastructuur behoeft toch ook wel aanpassingen. Mijn pleidooi als VVD is: laten we vooral aansluiten bij de Europese zaken die we hebben en voorkomen dat we nationale koppen op beleid zetten, en laten we de euro's die we hebben ook zo efficiënt mogelijk hun werk laten doen. Over het algemeen is dat toch via de markt en niet als de overheid een bepaalde technologie bepaalt. Nee, laat het alsjeblieft aan de markt. Of het dan zo meteen elektrisch, op een bepaald wattage of iets dergelijks, of waterstof is, laat alle bloemen daarin bloeien.

Ik heb ook gepleit om een koppeling te leggen met de goederencorridors, niet alleen over de weg maar ook over het water wat mij betreft, met nieuwe soorten brandstof, bijvoorbeeld de uitrol van LNG en CNG. Zo verduurzamen we de binnenvaart, want dat is uiteindelijk ook een vorm van duurzaam vervoer, in dit geval goederenvervoer. Ik zou niet het hele AO willen overdoen en ik zie dat mijn tijd doorloopt.

Ten slotte bronbeleid. Daar zet de VVD echt op in. Dat moeten we natuurlijk ook Europees afdwingen. Ik ben blij met de ambitie van de staatssecretaris daarin. We hebben de nieuwe voorstellen voor vrachtwagens gezien. Er kan echt wel een tandje bij. Bronbeleid voorkomt namelijk heel veel ellende die wij als liberalen niet willen, namelijk iedere keer dat overheidsingrijpen. Nu doen we het gewoon vooraf, bij de fabrikant, daar waar het hoort. Daar moeten we het doen. Dat is het meest kosteneffectief.

Dank u wel.

De voorzitter:

Dank u wel. De laatste spreker van de zijde van de Kamer is de heer Laçin van de fractie van de SP. Neem me niet kwalijk, mevrouw Kröger is aan de beurt. Sorry, mevrouw Kröger; u mag tien seconden langer spreken. O, die zijn inmiddels al voorbij! Het woord is aan u.

Mevrouw Kröger (GroenLinks):

Dank u wel, voorzitter. Ik heb een drietal moties.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de Rekenkamer constateert dat effectiviteit en doelmatigheid van veel maatregelen van het luchtkwaliteitsbeleid niet kon of kan worden aangetoond;

overwegende dat er nog veel gezondheidswinst te behalen valt met verdere verlaging van de concentratie vervuilende stoffen in de lucht;

overwegende dat gezondheidswinst doel van het luchtkwaliteitsbeleid is;

verzoekt de regering om voor al het beleid en alle maatregelen die de luchtkwaliteit significant beïnvloeden, te kwantificeren wat de verwachte effecten op de gezondheidsgevaarlijke stoffen zijn en deze verwachtingen bijtijds te evalueren;

verzoekt de regering voorts om voor al het beleid en alle maatregelen die de luchtkwaliteit beïnvloeden te kwantificeren wat de verwachte effecten op de ziektelast zijn en deze verwachtingen bijtijds te evalueren,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Kröger. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 245 (31305).

De heer Remco Dijkstra (VVD):

We kennen GroenLinks als grote pleitbezorger van stedelijke milieuzones en ook uitbreidingen daarvan. Vorige week was Verantwoordingsdag. Toen was hier ook de Algemene Rekenkamer. Die heeft becijferd dat we 408 miljoen euro hebben uitgegeven aan acht maatregelen in totaal — het vervangen van roetfilters en dat soort zaken — en dat dat een gezondheidswinst heeft opgeleverd van 0,01% tot 0,02%. Wat vindt GroenLinks ervan dat we 408 miljoen hebben uitgegeven voor eigenlijk minimale of nul gezondheidswinst?

De voorzitter:

Ik begrijp die vraag, hoor, en hij is heel interessant, maar hij valt een beetje buiten het VAO. Ik had gehoopt dat u specifiek een vraag zou stellen over deze motie. Misschien dat mevrouw Kröger heel kort, in een of twee zinnetjes, antwoord kan geven?

Mevrouw Kröger (GroenLinks):

De motie is precies om ervoor te zorgen dat het luchtkwaliteitsbeleid ook daadwerkelijk op gezondheidsimpact wordt doorgerekend. Wat wij altijd al gezegd hebben, is dat het luchtkwaliteitsbeleid in Nederland op dit moment niet ver genoeg gaat en we daarom nog steeds niet aan de Europese normen voldoen.

De voorzitter:

Perfect. De heer Dijkstra, afrondend, kort, puntig.

De heer Remco Dijkstra (VVD):

Dan zijn we het dus eens dat iedere euro die je investeert in luchtkwaliteit, ook een meetbaar effect moet hebben. Als dat uw pleidooi is, dan vinden we elkaar.

Mevrouw Kröger (GroenLinks):

Elke maatregel op luchtkwaliteit moet een effect hebben op de gezondheid.

De voorzitter:

Prima.

Mevrouw Kröger (GroenLinks):

Ik ga verder.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de (elektrische) fiets een belangrijke vervangende modaliteit voor de auto kan zijn;

constaterende dat de huidige MIRT-systematiek en de NMCA-systematiek de verschillende modaliteiten apart beoordeelt;

verzoekt de regering om te onderzoeken hoe de fiets als modaliteit beter gemodelleerd kan worden zodat de potentie ervan niet langer wordt onderschat,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Kröger. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 246 (31305).

Mevrouw Kröger (GroenLinks):

En tot slot.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat het verwijderen van roetfilters nog steeds openlijk wordt aangeboden door garagebedrijven;

overwegende dat de dreiging van het afkeuren van het voertuig bij de apk-controle kennelijk onvoldoende afschrikwekkende werking heeft;

overwegende dat veel garages die apk's verrichten (nog) niet over moderne roetmeetapparatuur beschikken;

verzoekt de regering om de RDW te verzoeken actief onderzoek in te stellen naar verdachte garagebedrijven die roetfilters verwijderen en/of de apk niet goed uitvoeren;

verzoekt de regering tevens om de ILT te verzoeken actief onderzoek in te stellen naar bedrijven met een grote dieselvloot, die verdacht worden van het illegaal verwijderen van roetfilters;

verzoekt de regering voorts om het verwijderen van roetfilters en andere apparatuur om uitlaatgassen te reinigen, strafbaar te stellen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Kröger en Van Tongeren. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 247 (31305).

Mevrouw Kröger (GroenLinks):

Dank u wel, voorzitter.

De voorzitter:

Dan, zoals reeds aangekondigd, de heer Laçin van de fractie van de SP. Hij is de laatste spreker van de zijde van de Kamer.

De heer Laçin (SP):

Dank, voorzitter. We hebben zeker een goed AO gehad. Ik heb een tweetal moties op onderwerpen die ik ook heb aangesneden tijdens het AO, en vervolgens nog een slotopmerking.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat door belastingvoordeel de afgelopen jaren veel geleasete auto's hybride of elektrisch waren;

constaterende dat eenmaal uit een leaseconstructie deze auto's vaak niet in Nederland blijven, omdat het tweedehands aanschaffen of leasen ervan relatief duur is;

overwegende dat daarmee een grote groep belastingbetalende Nederlanders niet kan profiteren van het belastingvoordeel op deze auto's;

overwegende dat het behoud van deze auto's van groot belang is voor het verduurzamen van ons wagenpark;

overwegende dat dit probleem al geruime tijd bekend is;

verzoekt de regering om samen met de mobiliteitstafel een pakket aan maatregelen op te stellen zodat deze auto's in Nederland kunnen blijven, en de Kamer hierover voor de zomer te informeren,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Laçin. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 248 (31305).

De heer Laçin (SP):

De tweede motie.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat grote aanbieders van huurauto's sjoemelen met roetfilters;

constaterende dat in Duitsland tijdens de jaarlijkse keuring standaard een techniek wordt toegepast die controleert of roetfilters geplaatst zijn en werken;

overwegende dat controleren tijdens de algemene periodieke keuring (apk) makkelijker is dan handhaven op de weg;

verzoekt de regering om technieken die controleren op gesjoemel met roetfilters standaard onderdeel te maken van de apk voor voertuigen met dieselmotoren,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Laçin. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 249 (31305).

De heer Laçin (SP):

Tot slot, voorzitter. We zijn benieuwd naar de uitwerking van de plannen op het gebied van milieuzones breed, maar ook vooral op het handhaven van de milieuzones voor vrachtwagens, bijvoorbeeld op de Maasvlakte en de Rotterdamse haven. Die krijgen we voor de zomer, heeft de staatssecretaris toegezegd tijdens het AO. Dus daar wachten we met veel belangstelling op.

Dank u wel.

De voorzitter:

Heel goed. Zal ik even kort schorsen voor de staatssecretaris? Drie minuutjes.

De vergadering wordt van 16.29 uur tot 16.32 uur geschorst.

De voorzitter:

Het woord is aan de staatssecretaris.

Staatssecretaris Van Veldhoven:

Dank u wel, voorzitter. Meerdere leden hebben geconstateerd dat we een goed AO hebben gehad. Dat ben ik met al die leden eens. Het was mooi om duurzaam vervoer in die samenhang eens met elkaar te bespreken. Dus dank voor de Kamer dat zij op deze manier de agenda heeft samengesteld.

Ik begin met mijn reactie. De heer Sienot stelde de vraag of ik wilde bevorderen dat je in de hele EU makkelijk zou kunnen laden. Dat vind ik echt een schot in de roos. Het zou net zo makkelijk moeten zijn om over de grens je auto te laden als het is om daar je telefoon op te laden. Als we vanuit die doelstelling het gesprek aangaan met onze buurlanden, dan zie je dat zij daar ook die behoefte hebben. Daar heb ik al heel mooie afspraken over kunnen maken met Luxemburg en België. Zelfs Noordrijn-Westfalen heeft gezegd zich daar graag bij aan te willen sluiten. Ik was recent bij mijn Franse collega. Ook zij ziet heel erg de noodzaak om dat steeds makkelijker te maken. Wij hebben met elkaar afgesproken om dit onderwerp in de Brusselse overleggen, in de context van de EU, hoger op de agenda te zetten. Er wordt al veel werk verzet, maar laten we met elkaar zorgen dat dat ook snel genoeg gaat. Dat is dus een gedeelde ambitie.

Dan is er een motie van de heer Sienot en mevrouw Dik-Faber op stuk nr. 244. Ik snap het punt van beide leden. Zij zeggen: als je zero-emissierijden wilt stimuleren, dan kun je niet verwachten van die chauffeurs dat ze gaan zitten appen achter het stuur om te kijken waar ze hun voertuig weer kunnen laden. Maar dit punt hebt u ook met de minister gewisseld. Ik begrijp dat zij ermee aan de gang is. De basis is duidelijk, die vervanging, maar eigenlijk is de oproep van de heer Sienot en mevrouw Dik-Faber: kijk nou ook eens creatief of we dat toch wat kunnen versnellen. Ik zou beide leden willen verzoeken om de motie aan te houden, want er wordt naar gekeken. Dan kan altijd bekeken worden of dat niet snel genoeg is, maar dat zou mijn verzoek zijn.

De heer Sienot (D66):

Op zich klinkt dat als veel enthousiasme. Wat het verzoek van het aanhouden betreft, ben ik heel benieuwd over welke periode we spreken.

Staatssecretaris Van Veldhoven:

Omdat dit onderwerp de warme aandacht heeft van beide bewindspersonen en een van die twee bewindspersonen op dit moment in India is voor de handelsmissie, wil ik dat even met de minister afstemmen. Maar dat laten we nog wel even weten.

De voorzitter:

Maar wacht even, houdt u nou die motie aan of niet? Dat moeten wij natuurlijk even weten.

De heer Sienot (D66):

Dan houd ik haar even aan.

De voorzitter:

Op verzoek van de heer Sienot stel ik voor zijn motie (31305, nr. 244) aan te houden.

Daartoe wordt besloten.

Staatssecretaris Van Veldhoven:

Hartelijk dank.

De heer Dijkstra constateerde terecht dat de mobiliteitsvraag voorlopig alleen nog maar gaat groeien en dat je als overheid zo techniekneutraal mogelijk wil zijn, dus dat zero-emissie hetgeen is waar je op wilt sturen. Hij zei ook dat we op het water moeten verduurzamen. Dat ben ik van harte met hem eens. Ook dat is voor een deel de portefeuille van de minister, maar ook zij spreekt daar met u over, weet ik.

Dan het punt van het bronbeleid. Dat moeten we inderdaad Europees stevig neerzetten. Naar aanleiding van de laatste voorstellen kan daar inderdaad een tandje bij. Dat ben ik helemaal met de heer Dijkstra eens. Als we in Europa tot ambitieuze voorstellen komen, dan kunnen we daar voor heel Europa veel baat bij hebben, ook in de context van de doelstellingen van het Parijse akkoord. Ik trek ook samen op met andere lidstaten. Ook dit heb ik besproken met mijn Franse collega. Wij vinden echt dat hier wel een tandje bij moet kunnen. De Brusselse onderhandelingen zijn het speelveld waarop we dat moeten zien te bereiken. Daar zet ik mij dus absoluut voor in.

Mevrouw Kröger had drie moties. De motie op stuk nr. 245 gaat over een doorrekening van alle maatregelen die de luchtkwaliteit significant beïnvloeden en daarnaast over het kwantificeren van de beïnvloeding. Doorrekening is ontzettend belangrijk. De Rekenkamer heeft daar aandacht voor gevraagd. Ik heb zelf ook een ibo aangekondigd, want je wilt weten of wat je doet effectief is en tegen welke kosten. Daarnaast hebben we het pakket aan maatregelen dat ik u heb voorgesteld voor het NSL. Die 100 maatregelen worden op dit moment doorgerekend door TNO. Ik ben ook van plan te zorgen dat we die doorrekeningen voor het toekomstige schoneluchtakkoord hebben. Daarom zijn dat ibo en dat rapport van de Rekenkamer belangrijk. Dus daar ben ik allemaal mee bezig. Er was een eerdere motie van mevrouw Kröger die vroeg: kijk nou ook of je het gezondheidseffect in kaart kunt brengen. Die ben ik ook aan het uitvoeren. Dus een aanvullende motie is niet nodig. Als mevrouw Kröger haar aanhoudt om te kijken of het straks voldoende is geweest, dan zou ik me daar nog iets bij kunnen voorstellen. Anders kan ik de motie op dit moment geen positief oordeel geven.

De voorzitter:

Mevrouw Kröger, heel kort.

Mevrouw Kröger (GroenLinks):

Ik heb een vraag over de doorrekeningen die op dit moment plaatsvinden. Zou de staatssecretaris wat meer duidelijkheid kunnen geven over de vraag hoe op dit moment de gezondheidseffecten in die doorrekeningen meegenomen worden? Want dan zou ik uiteraard bereid zijn om de motie aan te houden. Dat kan ook schriftelijk, zodat in kaart kan worden gebracht hoe de gezondheidsimpact in die doorrekeningen wordt meegenomen.

Staatssecretaris Van Veldhoven:

Op dit moment wordt voor de doorrekening van de maatregelen in het NSL natuurlijk de impact op de verlaging van de schadelijke stoffen doorgerekend. Want we moeten aan Europa kunnen laten zien dat we de resterende knelpunten voldoende aanpakken. Ik heb mevrouw Kröger op basis van de eerdere motie toegezegd dat we voor het nieuwe SLA gaan kijken of we ook een gezondheidsindicator kunnen ontwikkelen. Die hebben we nu nog niet, dus dat zit niet in de doorrekening van de extra maatregelen voor het NSL. Het ontwikkelen van zo'n indicator kost wat tijd, maar we zijn ermee aan de slag. De vraag aan mevrouw Kröger is dan of zij de motie aanhoudt of ...

De voorzitter:

Dat had ze zelf even moeten zeggen. Dat heb ik niet van haar gehoord, dus is er niets gewijzigd.

Staatssecretaris Van Veldhoven:

Als de motie niet wordt aangehouden, moet ik haar ontraden, omdat we al deze dingen eigenlijk al aan het doen zijn. Misschien net iets anders geformuleerd dan mevrouw Kröger dat heeft gedaan, en ik zou niet willen dat daar een misverstand over ontstaat.

Dan kom ik bij de motie op stuk nr. 246 over de fiets als onderdeel van het MIRT. Mevrouw Kröger is daar een voorstander van, maar dat zijn meer mensen met u. Er zijn al eerder moties over ingediend die hebben aangezet tot deze beweging. Dit doen we dus al, en daarom zou ik een extra motie moeten ontraden. Dit loopt; het wordt in het Mobiliteitsfonds meegenomen.

Mevrouw Kröger (GroenLinks):

De reden voor deze motie is dat op dit moment in een knelpuntanalyse van bijvoorbeeld het autoverkeer in de modellering niet de fiets — bijvoorbeeld de elektrische fiets op middellange afstanden — als echt alternatief wordt meegemodelleerd. Daar gaat het ons om. De fiets zit inderdaad op een manier in het MIRT, maar het gaat ons om het meenemen ervan in de knelpuntanalyse van het autoverkeer. Als dat geheel al het geval is, zou ik heel graag een brief van de staatssecretaris krijgen waarin staat hoe dat op dit moment wordt vormgegeven. Want dat halen wij er zo niet uit.

Staatssecretaris Van Veldhoven:

Volgens mij is er eerder door de heer Jetten om gevraagd in een motie — of er is een vraag door hem gesteld in het vorige MIRT-overleg — om de fiets als vast onderdeel mee te nemen. Het lijkt mij dus dat wij dat in de volgende brief over het MIRT nog even kunnen terughalen. Maar dat is in ieder geval iets wat al gebeurt: de fiets wordt meegenomen. We kijken natuurlijk ook naar het oplossende vermogen van de fiets.

Dan kom ik bij de motie op stuk nr. 247 over de handhaving van het verbod om roetfilters te verwijderen. Ik heb ook een aantal problemen met deze motie. Helaas, mevrouw Kröger heeft geen geluk vandaag. De RDW heeft geen opsporingsbevoegdheid. Het is een zelfstandige afweging van de ILT op basis van risicobeoordeling. Het illegaal verwijderen van roetfilters is al strafbaar. In een aantal elementen, die mevrouw Kröger in haar motie noemt, kan ik me dus niet helemaal een-op-een vinden. Daarom moet ik de motie ontraden. Maar, zoals we ook in het AO goed hebben gewisseld, werken we aan het bredere plan van aanpak van roetfilters en voeren we natuurlijk gesprekken met de ILT, die risicogestuurd haar toezicht uitvoert. Dus er wordt zeker ook hieraan gewerkt.

Voorzitter. Dan zijn er nog twee moties van de heer Laçin. Zijn eerste motie, op stuk nr. 248, verzoekt de regering om samen met de mobiliteitstafel een pakket aan maatregelen op te stellen, zodat die auto's in Nederland kunnen blijven. Ik heb de mobiliteitstafel al gevraagd — dat heb ik in het AO volgens mij ook gezegd, maar misschien niet duidelijk genoeg — om ook naar deze problematiek te kijken. Maar ik kan de heer Laçin niet garanderen dat daar een pakket aan maatregelen uitkomt, want we moeten natuurlijk kijken wat werkt, wat niet werkt, wat de kosten zijn en dergelijke. Maar de informatie over de mobiliteitstafel komt voor de zomer, dus dan kan de heer Laçin zien of dit punt voldoende is meegenomen.

Nogmaals, ik kan niet beloven dat er een pakket aan maatregelen komt om specifiek deze auto's in Nederland te houden. Misschien is het een troost voor de heer Laçin dat die auto's, zelfs als ze over de grens rijden, in ieder geval goed zijn voor het klimaat, al zijn ze dan niet beschikbaar voor mensen in Nederland. De heer Laçin en ik delen het belang van het beschikbaar komen van auto's voor mensen die een minder grote portemonnee hebben, zodat ook zij de overstap kunnen maken naar elektrisch rijden. Daarom is deze vraag gesteld aan de mobiliteitstafel, maar deze motie moet ik ontraden.

Dan was er nog de motie op stuk nr. 249 van de heer Laçin. In die motie wordt de regering gevraagd om technieken die controleren op gesjoemel met roetfilters standaard onderdeel te maken van de apk. Ook hierover is er eerder een motie geweest en die is door de Kamer aangenomen. Het wordt dus standaard onderdeel van de apk. Ik kom hierop terug met een plan van aanpak. Ik moet deze motie dus helaas ontraden, maar dat is allemaal vanuit het besef dat we in dezelfde richting werken, namelijk richting schoner, zuiniger, beter voor het milieu en beter voor de gezondheid.

De voorzitter:

Eén vraag nog van de heer Laçin.

De heer Laçin (SP):

Ik heb nog een vraag over mijn eerste motie. Dat is de motie over het in Nederland houden van auto's die uit de lease gaan. De staatssecretaris heeft inderdaad aangegeven dat dat wordt besproken aan de mobiliteitstafel, maar deze motie vraagt om maatregelen om die auto's hier te houden. Volgens mij hebben verschillende partijen tijdens het AO ook aangegeven dat zij dat belangrijk vinden. Deze motie gaat daarom iets verder dan de toezegging die de staatssecretaris heeft gedaan. Ik wil de staatssecretaris dus toch vragen of zij samen met Financiën kan kijken of er maatregelen mogelijk zijn om te werken aan prikkels om die auto's hier te houden, want dat is belangrijk voor het verduurzamen van ons wagenpark.

Staatssecretaris Van Veldhoven:

De heer Laçin en ik kunnen elkaar in die zin vinden dat ik bereid ben om dit probleem te bekijken en om te bekijken of we slimme maatregelen kunnen bedenken, zoals ik tijdens het AO heb gezegd. Maar de heer Laçin zegt terecht: ik wil een stap verder gaan en ik wil gewoon dat er maatregelen komen en dat Financiën er desnoods geld bij doet. Zover wil ik niet gaan. Ik ontraad de motie daarom. Maar om de heer Laçin te laten merken dat ik ook over dit onderwerp creatief aan het nadenken ben, zeg ik wel het volgende. Toen ik bij mijn collega in Frankrijk was, kwam op een gegeven moment ter sprake dat er netwerkbedrijven zijn die soms tweedehandsautobatterijen kopen omdat zij die wel kunnen gebruiken voor de stabilisering van het net. Ik heb bij een zeker netwerkbedrijf dus gezegd: zou dat niet eens een pilot zijn; is daar niet een link te leggen, wellicht zelfs met deze auto's die uit de lease komen? Kun je daarmee misschien het risico verlagen voor mensen die zo'n tweedehandsauto kopen? Kun je het daarmee aantrekkelijker maken? Wij denken dus creatief na over die mogelijkheden, maar in de motie staat eigenlijk "garandeer mij dat er een pakket aan maatregelen komt om deze auto's in Nederland te houden" en zover kan ik niet gaan.

De beraadslaging wordt gesloten.

De voorzitter:

Dinsdag stemmen wij over de moties. Tot zover dit debat.

Naar boven