5 Regeling van werkzaamheden

De voorzitter:

Ik stel voor, dinsdag a.s. ook te stemmen over de aangehouden motie-Krol (34200, nr. 14), over de moties zoals ingediend bij het wetgevingsoverleg over het jaarverslag OCW en het Onderwijsverslag en over de brief van de vaste commissie voor Europese Zaken over de subsidiariteitstoets inzake het EU-voorstel: verordening herziening besluitvorming genetisch gemodificeerde organismen (ggo's) (COM (2015) 177) (34214, nr. 4). 

Op verzoek van de aanvragers stel ik voor, de volgende debatten van de lijst af te voeren: 

  • -het dertigledendebat over zware criminelen die hun criminele activiteiten vanuit de gevangenis voortzetten; 

  • -het dertigledendebat over giftige stoffen in vliegtuigen. 

Ik stel voor, toestemming te verlenen tot het houden van wetgevings- c.q. notaoverleg met stenografisch verslag op: 

  • -maandag 22 juni van 11.00 uur tot 17.00 uur van de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken over de Raming van de Kamer voor 2016. 

Aangezien voor een aantal stukken de termijn is verstreken, stel ik voor de volgende stukken voor kennisgeving aan te nemen: 

27625, nr. 327; 29398, nr. 422; 29398, nr. 417; 29398, nr. 423; 31936, nr. 222; 31293, nr. 213; 34000-XII, nr. 53; 31288, nr. 404; 29683, nr. 191; 33561, nr. 13; 33913, nr. 7. 

Tevens deel ik mee dat de volgende aangehouden moties zijn vervallen: 

33920, nr. 6; 33949, nr. 16; 28286, nr. 741; 28286, nr. 744; 26991, nr. 445. 

Overeenkomstig de voorstellen van de voorzitter wordt besloten. 

De voorzitter:

Het woord is aan de heer Krol van 50PLUS 

De heer Krol (50PLUS):

Mevrouw de voorzitter. Vanochtend werden wij opgeschrikt door de berichten in het nieuws over een rapport van het Centraal Planbureau over langdurige werkloosheid. Een onderdeel daarvan is de participatie van ouderen. Voorgesteld werd om mensen boven een bepaalde leeftijd na een korte periode al minder WW te geven. Ieder van ons weet hoe moeilijk het is om een baan te vinden als je boven de 45 jaar bent. Wij vinden het een ongelooflijk voorstel. Wij vinden het ook een heel belangrijke zaak waar snel over gesproken moet worden. Vandaar dat ik op korte termijn een plenair debat hierover wens, voorafgegaan door een brief met het standpunt van het kabinet over dit rapport. 

De voorzitter:

Een verzoek om steun tot het houden van een debat, voorafgegaan door een brief over het rapport van het CPB over langdurige werkloosheid. 

De heer De Graaf (PVV):

Steun voor beide voorstellen. 

De heer Anne Mulder (VVD):

Steun voor het voorstel. Graag ook een brief van het kabinet waarin het alle maatregelen langsloopt. De VVD heeft hier vaak aandacht voor gevraagd. Kijk naar de cao's, die zijn zo dichtgetimmerd dat ouderen moeilijk aan het werk komen. Daar willen wij het graag over hebben. 

De heer Pieter Heerma (CDA):

Steun voor de brief en het debat. De discussie over de positie van ouderen op de arbeidsmarkt loopt al heel lang. Het is goed om hier met het kabinet over te spreken. 

De heer Schouw (D66):

Steun. 

De heer Ulenbelt (SP):

Het stuk van het "Centraal Propagandabureau voor de Bazen" kunnen wij niet onweersproken laten. Steun voor beide verzoeken van de heer Krol. 

De heer Dijkgraaf (SGP):

Na deze opmerking van de heer Ulenbelt des te meer steun voor het debat, ook al om het met hem te mogen aangaan. Ik zou in de brief ook graag een reactie willen op het, op ons verzoek, aangekondigde wetsvoorstel om de premiekorting voor ouderen inbaar te maken voor kleine bedrijven. Dat zou namelijk kunnen helpen. Steun dus voor de brief en het debat. 

De heer Slob (ChristenUnie):

Steun voor beide verzoeken. 

Mevrouw Vermeij (PvdA):

Van mijn kant ook steun. Ook steun voor een brief waarin nogmaals wordt ingegaan op de modellenwerkelijkheid van het CPB, die volgens mij niet gaat werken. Graag een debat over wat wél werkt om mensen die oud zijn en langdurig werkloos weer aan het werk te helpen. 

De voorzitter:

Ik aarzel even of ik aan de griffier zal vragen om de vragen te inventariseren. 

De heer Krol (50PLUS):

Dat lijkt me heel wijs. 

De voorzitter:

Heel wijs, zegt de aanvrager. Ik zal dat doen. Mijnheer Krol, u hebt de steun van de Kamer voor het houden van een plenair debat over het rapport van het CPB over langdurige werkloosheid. Ik zal de griffier van de commissie vragen om de vragen die er leven te inventariseren, zodat de brief voldoet aan de verwachtingen. Ik zal het stenogram van dit gedeelte van de vergadering doorgeleiden naar het kabinet om alvast te laten weten dat de vragen eraan komen. Ik stel de spreektijden vast op vier minuten per fractie. 

De heer Krol (50PLUS):

En wij hebben elkaar goed begrepen: voor het reces. 

De voorzitter:

Nee, dat verzoek hebt u niet gedaan. 

De heer Krol (50PLUS):

Het is een uitermate dringende kwestie, dus als ik dat aanvullende verzoek mag doen … 

De voorzitter:

Ik moet dat apart voorleggen, als u dat verzoek wilt doen. Ik geef daar een waarschuwing bij, want wij hebben nog drie weken, dus negen vergaderdagen … 

De heer Krol (50PLUS):

Het is mij bekend dat wij nog negen vergaderdagen hebben, maar ik heb geen bezwaar tegen een tiende vergaderdag. 

De voorzitter:

Wij hebben nog negen vergaderdagen en er liggen veel verzoeken van de Kamer om debatten in te plannen. Willen de leden het door de heer Krol aangevraagde debat per se nog voor het zomerreces ingepland hebben? Ik zie een ja van de D66-fractie, maar ik stel vast dat de meerderheid het verzoek van de heer Krol niet steunt. Wij zullen het debat dus zo snel mogelijk inplannen, maar dat zal niet meer voor de zomer zijn. 

Het woord is aan mevrouw Visser van de VVD, voor twee rappels. 

Mevrouw Visser (VVD):

Mede namens mijn collega Dijkstra van de VVD-fractie doe ik een rappel over de beantwoording van onze schriftelijke vragen inzake milieuzones en cameratoezicht. Wij hebben die vragen eind april ingediend. In mei kwam er een uitstelbrief waarin werd gemeld dat de vragen voor 5 juni zouden zijn beantwoord, maar inmiddels is het 11 juni. Bij dezen dus een rappel. 

De voorzitter:

Ik zal het stenogram van dit gedeelte van de vergadering doorgeleiden naar het kabinet. 

Het woord is aan de heer Dijkgraaf van de SGP, ook met een rappel. 

De heer Dijkgraaf (SGP):

Voorzitter. Namens de heer Van der Staaij doe ik een rappel over de onbeantwoorde schriftelijke vragen aan de ministers van Veiligheid en Justitie en van Buitenlandse Zaken over het bericht dat een omstreden sjeik naar Eindhoven komt. Wij hebben die vragen ingezonden op 29 april 2015. Daarop is een uitstelbericht gekomen op 20 mei. Wij hebben nog steeds geen antwoord op de vragen ontvangen. Ik verzoek om de antwoorden deze week naar de Kamer te sturen, wat mij betreft echt uiterlijk maandag aanstaande. 

De voorzitter:

Ik zal het stenogram van dit gedeelte van de vergadering doorgeleiden naar het kabinet. 

Het woord is aan de heer Klaver van GroenLinks. 

De heer Klaver (GroenLinks):

Voorzitter. Afgelopen dinsdag vroeg een meerderheid van de Kamer om een brief van het kabinet. Daar hebben wij het kabinet twee dagen tijd voor gegeven. Vijf minuten voor deze regeling van werkzaamheden ontvingen wij een brief met daarin twee alinea's, waarin geen antwoord wordt gegeven op enkele belangrijke vragen. Belangrijke vragen waren welk tijdpad het kabinet voor ogen heeft, wat nog voor de zomer besproken zal worden en wat nog in de zomer aan de orde zal komen, wat er rond Prinsjesdag gebeurt en wat de rol van het belastingplan is. Krijgen wij een totaalplaatje te zien, dat misschien in delen wordt uitgevoerd, of gaan wij alleen naar deelonderwerpen kijken? De vraag die gisteren opspeelde, is: wordt een en ander openbaar gemaakt? De premier zei toen: nee, want dan wordt het uit elkaar gescheurd door de oppositie. Als de premier dat vindt, zou ik dat graag nog even op papier krijgen. Als er een akkoord is, wordt dat dan gedeeld met de Kamer? Kunnen wij er dan over spreken? De nieuwe brief waar ik om vraag, ontvang ik graag voor 15.00 uur vanmiddag. 

De heer Van Haersma Buma (CDA):

Een cryptischer brief dan die welke wij zojuist hebben gekregen, heeft de Kamer nog niet vaak ontvangen. Ik steun het verzoek van de heer Klaver om een nadere toelichting, bijvoorbeeld op de zin dat het kabinet dicht bij overeenstemming is — die overeenstemming is er dus nog niet — over de mogelijkheden om de lasten op arbeid te verlagen. Wat zijn die mogelijkheden? Is er wel sprake van echte overeenstemming? Met andere woorden: wat wordt precies bedoeld in de brief? 

Een tweede punt waarover het CDA opheldering wil hebben, betreft een uitspraak van de minister-president. Deze heeft het gisteravond bestaan om te zeggen dat het overleg in de achterkamertjes gevoerd moet worden, omdat het anders in de Kamer toch maar wordt verscheurd. Kan de minister-president toelichten hoe hij een debat met de Kamer over dit onderwerp ziet? 

De heer Slob (ChristenUnie):

Eigenlijk wordt het steeds gekker. Gisteren zei de staatssecretaris van Financiën, de heer Wiebes, tegen de media dat er een akkoord op hoofdlijnen is. Vandaag ontvangen wij pas vijf minuten voor het begin van de regeling van werkzaamheden een brief van het kabinet waarin wordt meegedeeld dat er nog geen akkoord is, maar dat men er misschien wel dichtbij is, met nog wat cryptische zinnen eromheen. Dit is natuurlijk ongelofelijk. Ik steun dus het verzoek van de GroenLinksfractie om zo snel mogelijk een echte brief te ontvangen op grond waarvan wij duidelijkheid kunnen krijgen. Ik vraag mij met grote twijfels af of er nog iemand in het kabinet is die de regie over dit belangrijke proces heeft. 

De heer Pechtold (D66):

Ik voorspelde gisteren dat een dergelijke brief van het kabinet een gerecyclede dode boom zou zijn, maar de brief is niet meer dan een twijgje. Er staat werkelijk niets op dit stuk papier. Wij herhalen dus waar wij gisteren om vroegen, namelijk een duidelijk tijdpad. De twee fractievoorzitters van de coalitie lieten zich dinsdagavond na een tip vangen voor een camera, en zij waren heel enthousiast. Op grond daarvan meende ik dat er nu echt versnelling in zat. En Wiebes zei gisteren: we zijn er eigenlijk; het is techniek. Nu worden we toch weer in het ongewisse gelaten. Wij horen graag het tijdpad, of er stukken komen of niet, of we ergens naartoe moeten en wie dan waar naartoe moet. Iedereen zit daarop te wachten. Tot die tijd heb ik veel geduld, maar het raakt wel een beetje op. 

De heer Roemer (SP):

Als er dan toch een brief komt, laat de minister-president dan ook alle vragen die zijn ingediend door alle partijen in deze Kamer, behalve de coalitiepartijen, voor 15.00 uur vanmiddag beantwoorden. 

Dan kom ik tot het punt waarover zo veel te doen is. Een nieuw belastingstelsel gaat niet over deze kabinetsperiode en het is ook niet iets van deze coalitiepartijen. Een nieuw belastingstelsel moet misschien wel vijftien tot twintig jaar mee. Alle opeenvolgende kabinetten hebben van doen met dit belastingstelsel. Om die reden heb ik steeds gezegd dat daarvoor een zo breed mogelijk draagvlak moet bestaan en dat zo veel mogelijk partijen moeten meedoen. Dat krijg je niet voor elkaar als er zelfs over een eerste praatstuk ergens in een bunker in het duingebied van Noordwijk, in het grootste geheim, in de grootste achterkamer die je maar kunt vinden, wordt besloten. Daarom mijn dringende oproep. Ik wil graag in de brief een verklaring van de minister-president of hij alsnog van plan is om, als er een eerste stuk van de coalitie ligt, dat openbaar te maken, zodat wij met onze achterban kunnen kijken wat erin staat, waarmee we vooruit kunnen en welke suggesties wij hebben, om er vervolgens een fatsoenlijk debat over te kunnen voeren. Die brief wil ik graag hebben, want zo wordt het per definitie echt helemaal niets. 

De heer Dijkgraaf (SGP):

Ik vind het wel bijzonder dat de minister-president niet middels deze brief, waar het helemaal niet in staat, maar wel via de pers tegen ons zegt dat het noodgedwongen in een achterkamertje moet, omdat het anders niks wordt. Dat geluid hebben we nooit gehoord. Wel is er door sommigen in achterkamertjes gebivakkeerd. 

De heer Klaver (GroenLinks):

We noemen geen namen. 

De heer Dijkgraaf (SGP):

De namen zijn mij inderdaad ontschoten. Soms is het heel efficiënt om het zo te doen, maar niet omdat het zo zou moeten. Je moet per keer bekijken wat de beste route is. Als ik de geluiden nu bij elkaar optel, zou het kabinet er goed aan doen om, als het akkoord tussen de twee partijen er ligt, dat naar de Kamer te sturen. Ik ben het overigens wel eens met de heer Pechtold: het is geen boom, het is geen twijgje, het is nu slechts één blaadje. We willen toch wel graag een pak papier hebben waarin de verschillende voorstellen staan, zodat we daarover een ordelijk debat met elkaar kunnen voeren. 

Mevrouw Neppérus (VVD):

Ik lees in de brief duidelijk: "dicht bij een akkoord". Dat is dus nog geen akkoord. Laten we gewoon even geduld hebben en rustig wachten. Geen steun dus. 

De heer Wilders (PVV):

Het zegt veel: een minister-president die zegt dat het niet openbaar mag worden omdat het weleens in de papierversnipperaar zou kunnen verdwijnen. Dat betekent dat er niet alleen maar mooie dingen voor de Nederlanders in staan. Dat moet iedereen weten, dat moet iedereen zien en daarover moeten we kunnen debatteren. Steun dus voor het voorstel van de collega van GroenLinks. 

De heer Nijboer (PvdA):

Ik zie een heleboel verbazing bij de collega's over iets wat op Verantwoordingsdag uitgebreid door de minister-president is toegelicht en naar aanleiding waarvan hij door verschillende collega's is geïnterrumpeerd. In de brief staat dat het kabinet dicht bij overeenstemming is. De PvdA-fractie biedt het kabinet graag de gelegenheid om die overeenstemming te bereiken. Tot die tijd hebben wij geen behoefte aan het verzoek van de heer Klaver. 

De heer Klaver (GroenLinks):

Gisteren kwam het bericht tot ons dat er een akkoord zou zijn. Dat werd gisteren al iets bijgesteld. Nu komt in een brief het bericht naar ons toe dat er op hoofdlijnen een akkoord is, maar dat er nog naar wat dingen moet worden gekeken en dat er misschien nog wat komt. De oppositie heeft een aantal vragen gesteld, met het verzoek om die vandaag te beantwoorden. Die vragen zijn niet beantwoord. We hebben gevraagd of het openbaar wordt gemaakt als de coalitie er eindelijk uit is. We vernemen wel een aantal zaken via het nieuws en de premier doet een paar krasse uitspraken, maar ik zie ook graag dat dit ordentelijk aan de Kamer wordt gecommuniceerd en dat het even in een brief wordt opgenomen. Daarom blijf ik bij mijn verzoek om een brief voor 15.00 uur vanmiddag. De opstelling van de coalitie noopt mij er ook toe om de voorzitter te vragen rekening te houden met een extra te houden regeling vandaag. 

De heer Roemer (SP):

Mevrouw de voorzitter, zie dit maar als een punt van orde. Het is in de Kamer gebruikelijk dat, als Kamerleden om informatie vragen, dit niet wordt geblokkeerd door een meerderheid. Ze hebben er beide geen behoefte aan en dat mag, maar ik heb dat in ieder geval niet begrepen als: er mag geen informatie worden verschaft. Laat dat even helder zijn. 

De voorzitter:

Zeker niet. U stond al bij de microfoon en daardoor kon ik mijn conclusie nog niet formuleren. Ik vond het netter om u eerst even het woord te geven. In dit geval was het misschien handig geweest als ik het wel had gedaan, want ik had willen zeggen dat ik het stenogram van dit gedeelte van de vergadering, inclusief alle opmerkingen die hierover zijn gemaakt, zal doorgeleiden naar het kabinet, met het verzoek om de brief voor 15.00 uur vanmiddag naar de Kamer te sturen. Ik heb het verzoek van de heer Klaver ook gehoord. 

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst. 

Naar boven