Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2003-2004nr. 15, pagina 889-890

Regeling van werkzaamheden

De voorzitter:

Ik stel voor, dinsdag a.s. te stemmen over de motie-Slob c.s. over een overzicht van in de landbouwpraktijk ervaren knelpunten rond vrijstellingen in de Wet op belastingen van rechtsverkeer (28207, nr. 4).

Ook stel ik voor, toe te voegen aan de agenda voor volgende week het wetsvoorstel Wijziging van de Kieswet in verband met het besluit van de Raad van de Europese Unie van 25 juni 2002 en 23 september 2002 tot wijziging van de Akte betreffende de verkiezing van de vertegenwoordigers in het Europees Parlement door middel van rechtstreekse algemene verkiezingen, gehecht aan Besluit 76/787/EGKS, EEG, Euratom (Trb. 2003, 16) (28991).

Ik stel voor, aan de orde te stellen in de vergaderingen van 11, 12 en 13 november de wetsvoorstellen:

  • - Vaststelling van de begrotingsstaat van het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (XI) voor het jaar 2004 (29200-XI);

  • en de plenaire afronding van de wetsvoorstellen:

  • - Wijziging van enkele belastingwetten c.a. (Overige fiscale maatregelen 2004) (29035);

  • - Wijziging van de Wet inkomstenbelasting 2001, de Wet op de loonbelasting 1964 en enkele sociale zekerheidswetten c.a. (Levensloopregeling) (29208);

  • - Wijziging van de Wet inkomstenbelasting 2001, ter zake van het bevorderen van de financiering van de eigen woning met eigen middelen (materiële implementatie initiatiefwetsvoorstel-Hillen) (29209);

  • - Wijziging van enkele belastingwetten c.a. (Belastingplan 2004) (29210).

Deze behandeling is inclusief de stemmingen op donderdag 13 november, omdat deze wetsvoorstellen in de Eerste Kamer moeten worden behandeld.

Verder stel ik voor, toe te voegen aan de agenda van 4, 5 en 6 november de wetsvoorstellen:

  • - Wijziging van de Wet medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen en de Wet op de Geneesmiddelenvoorziening ter implementatie van richtlijn nr. 2001/20/EG inzake de toepassing van de goede klinische praktijken bij de uitvoering van klinische proeven met geneesmiddelen voor menselijk gebruik (Wetenschappelijk onderzoek met geneesmiddelen) (28804);

  • - Wijziging van de Landinrichtingswet en enige andere inrichtingswetten (positie van de Centrale Landinrichtingscommissie) (28967);

  • - Invoering van een bijdrage van de werkgever wiens werknemer op of na het bereiken van de leeftijd van 57,5 jaar werkloos wordt (Wet werkgeversbijdrage werkloosheidslasten oudere werknemers) (28862);

  • - Aanpassing van de Auteurswet 1912, de Wet op de naburige rechten en de Databankenwet ter uitvoering van richtlijn nr. 2001/29/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 22 mei 2001 betreffende de harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten in de informatiemaatschappij (PbEG L 167) (Uitvoering richtlijn auteursrecht en naburige rechten in de informatiemaatschappij) (28482).

Overeenkomstig de voorstellen van de voorzitter wordt besloten.

De voorzitter:

Het woord is aan de heer Timmermans.

De heer Timmermans (PvdA):

Voorzitter. Ik wil namens de PvdA-fractie een voorstel indienen voor de agenda van vandaag. Omdat het debat over het niet indienen van een toestemmingswet nog wel enige tijd zal duren, omdat de minister van Buitenlandse Zaken vandaag niet aanwezig is en omdat op de agenda van de afgelopen Europese Raad geen zeer dringende zaken stonden, stel ik voor om de bespreking van het verslag van de Europese Raad te combineren met het algemeen overleg binnenkort ter voorbereiding van de volgende Europese Raad en hierover vandaag dus niet meer te debatteren.

De voorzitter:

In het licht van de agenda voor vandaag vind ik dit een zeer constructief voorstel.

Mevrouw Vos (GroenLinks):

Ik kan mij dat goed voorstellen. Dit voorstel hoor ik echter pas nu en ik heb hierover nog geen contact kunnen hebben met mijn collega Karimi, die op dit onderwerp het woord voert. Ik weet dat zij een aantal haar aangelegen punten aan de orde wilde stellen. Wanneer vindt dit algemeen overleg dan plaats?

De heer Timmermans (PvdA):

Dit is binnen enkele weken, maar ik weet het niet precies. Voor de goede orde wil ik melden dat ik mijn best heb gedaan om zoveel mogelijk woordvoerders te bereiken. Mijn excuses als dit in een incidenteel geval niet is gebeurd. Het onderwerp dat collega Karimi wilde bespreken, is volgens mij het Midden-Oosten. Ik weet dat zij dit graag met de minister van Buitenlandse Zaken wilde doen en die is er dus vandaag niet.

De voorzitter:

Ik durf, als ik de heer Timmermans en mevrouw Vos hoor, te concluderen dat het voorstel van de heer Timmermans de instemming van de Kamer heeft. Aan mevrouw Karimi, die de woordvoerder van de GroenLinksfractie is, zie ik nu dat het ook haar instemming heeft. Ik dank de heer Timmermans nogmaals voor zijn constructieve voorstel. Dit betekent overigens niet dat de tijd die was ingepland voor het debat over de Europese top, nu geheel moet worden besteed aan het andere debat dat vandaag op onze agenda staat, maar dat spreekt voor zich.