Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum ondertekening
Ministerie van Sociale Zaken en WerkgelegenheidStaatscourant 2018, 72839Besluiten van algemene strekking

Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 17 december 2018, 2018-0000176437, tot wijziging van de Tijdelijke subsidieregeling ontwikkeladvies vijfenveertigplussers in verband met openstelling voor alle werkenden en verlenging van de looptijd

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

Gelet op artikel 3, eerste lid, van de Kaderwet SZW-subsidies;

Besluit:

ARTIKEL I

De Tijdelijke subsidieregeling ontwikkeladvies vijfenveertigplussers wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 1, onderdeel c, vervalt ‘in een beroepsgroep, genoemd in artikel 2, tweede lid’.

B

Artikel 2 komt te luiden:

Artikel 2. Te subsidiëren activiteiten

De Minister verstrekt subsidie voor:

  • a. ontwikkeladviestrajecten voor werkenden, die zijn uitgevoerd op de wijze beschreven in bijlage 1; en

  • b. trainingstrajecten ontwikkeladvies voor leidinggevenden van werkenden, die zijn uitgevoerd op de wijze beschreven in bijlage 2.

C

Artikel 4 komt te luiden:

Artikel 4. Subsidieplafond

  • 1. Voor subsidies op grond van artikel 2, onderdeel a, is in totaal € 15.000.000 beschikbaar.

  • 2. Indien op enig tijdstip voor 1 juli 2019 € 12.500.000 van het beschikbare bedrag, genoemd in het eerste lid, is verstrekt, is in de periode tot 1 juli 2019 het resterende bedrag van € 2.500.000 uitsluitend beschikbaar voor werkenden die werkzaam zijn in de volgende beroepsgroepen:

    • a. secretarieel personeel, managementassistenten, medewerkers data-invoer, typisten en tekstverwerkers voor zover geen sprake is van:

      • 1°. administratieve-, financieel/boekhoudkundige- en salaris- en personeelsfuncties;

      • 2°. een dienstbetrekking in de sector zorg en welzijn;

      • 3°. een dienstbetrekking in de sector Rijk, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel e, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement.

    • b. werkenden in beroepen in de cateringbranche;

    • c. werkenden in de sector detailhandel en in fysieke winkels in de reisbranche;

    • d. gemeenteambtenaren;

    • e. buitengewoon opsporingsambtenaren, bedoeld in artikel 142 van het Wetboek van Strafvordering, toezichthouders en handhavers, voor zover niet werkzaam in de sector Rijk, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel e, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement;

    • f. schoonmakers, voor zover geen sprake is van een dienstbetrekking in de sector zorg en welzijn en in de sector Rijk, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel e, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement;

    • g. ambulancepersoneel en meldkamerpersoneel ten behoeve van de ambulancedienst;

    • h. werkenden in de sector primair onderwijs;

    • i. werkenden in de sector middelbaar beroepsonderwijs.

  • 3. Indien toepassing is gegeven aan het tweede lid en het bedrag van € 2.500.000 op 1 juli 2019 niet volledig is verstrekt, is per 1 juli 2019 het resterende bedrag beschikbaar voor alle werkenden, bedoeld in artikel 2, onderdeel a.

  • 4. Voor subsidies op grond van artikel 2, onderdeel b, is € 2.000.000 beschikbaar.

D

Aan artikel 5 worden twee leden toegevoegd, luidende:

  • 4. In afwijking van het eerste lid kan de behandeling van de subsidieaanvraag worden opgeschort tot 1 juli 2019, als dat in het belang is van de aanvrager in verband met toepassing van artikel 4, tweede lid.

  • 5. De opschorting van de behandeling wordt zo spoedig mogelijk aan de aanvrager medegedeeld, alsmede binnen welke termijn de beschikking tegemoet kan worden gezien.

E

Artikel 7 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het tweede lid, onderdeel c, vervalt ‘, bedoeld in artikel 2, tweede lid,’.

2. In het vierde lid wordt ‘subsidie-aanvragen’ vervangen door ‘subsidieaanvragen’ en wordt ‘1 juli 2019, 17.00 uur’ vervangen door ‘10 januari 2020, 17.00 uur’.

F

Aan artikel 8 worden twee leden toegevoegd, luidende:

  • 3. Indien toepassing wordt gegeven aan artikel 4, tweede lid, en artikel 5, vierde lid, kan de beslistermijn voor subsidieaanvragen die voor 1 juli 2019 zijn ingediend, eenmalig met ten hoogste vier weken verlengd worden.

  • 4. De verlenging van de beslistermijn wordt zo spoedig mogelijk aan de aanvrager medegedeeld.

G

Bijlage 1 wordt vervangen door de bijlage, opgenomen in de bijlage bij deze regeling.

H

Bijlage 2 wordt als volgt gewijzigd:

1. In format 2.1 en format 2.2 wordt na ‘Ik verklaar deelgenomen te hebben aan genoemde training ontwikkeladvies leidinggevenden’ toegevoegd ‘met een tijdsbeslag van in totaal minimaal drie uren’.

2. In format 2.1 en format 2.2 wordt ‘werknemers of ambtenaren die vallen onder de in de Tijdelijke subsidieregeling ontwikkeladvies vijfenveertigplussers genoemde beroepsgroepen’ vervangen door ‘werkenden als bedoeld in de Tijdelijke subsidieregeling ontwikkeladvies vijfenveertigplussers’.

I

Na artikel 11 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 11a. Overgangsrecht

Deze regeling, zoals die luidde op de dag voor de datum van inwerkingtreding van de Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 17 december 2018, 2018-0000176437, tot wijziging van de Tijdelijke subsidieregeling ontwikkeladvies vijfenveertigplussers in verband met openstelling voor alle werkenden en verlenging van de looptijd (Stcrt. 2018, 72839), blijft, met uitzondering van artikel 4, van toepassing ten aanzien van ontwikkeladviestrajecten als bedoeld in artikel 2, die zijn aangevangen voor die datum.

J

Artikel 12 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt ‘1 januari 2020’ vervangen door ‘1 juli 2020’.

2. In het tweede lid wordt ‘31 december 2019’ vervangen door ‘30 juni 2020’.

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag, 17 december 2018

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, W. Koolmees

BIJLAGE, BEHORENDE BIJ ARTIKEL I, ONDERDEEL G

Bijlage 1, behorende bij artikel 2, onderdeel a, van de Tijdelijke subsidieregeling ontwikkeladvies vijfenveertigplussers

Beschrijving ontwikkeladviestraject en verplichte formats

Een ontwikkeladviestraject moet aan een aantal eisen voldoen om voor subsidie in aanmerking te kunnen komen. Onderstaand wordt beschreven welke eisen dit zijn.

Ontwikkeladviestraject

Het ontwikkeladviestraject omvat gerichte interventies die resulteren in een ontwikkelplan voor de korte- en langere termijn volgens het onderstaande format 1.2.

Van het ontwikkeladviestraject wordt een verslag gemaakt volgens het onderstaande format 1.1.

Het ontwikkeladviestraject omvat minimaal de volgende activiteiten:

  • 1. Registratie van de loopbaanadviseur op de website www.ontwikkeladvies45plussers.nl.

  • 2. Voor de start van een ontwikkeladviestraject vergewist de loopbaanadviseur zich ervan dat de werkende voldoet aan de eisen die de regeling stelt aan de doelgroep die in aanmerking komt voor een gesubsidieerd ontwikkeladvies.

  • 3. De loopbaanadviseur stelt de identiteit van de werkende vast door een kopie te maken van een wettig identiteitsbewijs. Deze kopie wordt bewaard in de administratie.

  • 4. Ondertekening door de werkende van het formulier ‘Toestemmingsverklaring verwerking persoonsgegevens werkende’ (format 1.4).

  • 5. Het ontwikkeladvies start met het door de werkende alleen, of samen met de loopbaanadviseur, invullen van het digitale intakeformulier op www.ontwikkeladvies45plussers.nl.

    De loopbaanadviseur ontvangt na het verzenden van het intakeformulier een uniek nummer per e-mail. Deze e-mail moet de loopbaanadviseur bewaren in zijn administratie. Het nummer zal meerdere malen moeten worden verstrekt, zoals in de subsidieaanvraag.

  • 6. De loopbaanadviseur geeft de werkende individuele begeleiding met een tijdsbeslag van in totaal minimaal vier uren. Het is ook mogelijk om een groepsbijeenkomst van minimaal twee uren te combineren met individuele begeleiding van minimaal drie uren.

  • 7. De loopbaanadviseur stelt een verslag op conform format 1.1 en laat dit ondertekenen door de werkende.

  • 8. De loopbaanadviseur stelt samen met de werkende het ontwikkelplan op conform format 1.2. en laat dit ondertekenen door de werkende.

  • 9. Het ontwikkeladviestraject wordt afgesloten met een door de werkende en de loopbaanadviseur ingevulde en ondertekende prestatieverklaring conform format 1.3.

Inhoud ontwikkeladviesgesprekken

Onderwerpen die tijdens de ontwikkeladviesgesprekken aan bod moeten komen zijn:

  • •. Situatieschets en bewustwording van de eigen situatie en toekomstperspectieven van de werkende.

  • •. Persoonsprofiel van de werkende, waaronder:

    • ○. Competenties;

    • ○. Kwaliteiten;

    • ○. Vaardigheden;

    • ○. Eisen die de werkende stelt aan arbeidsuren, reistijd, locatie en dergelijke;

  • •. Toekomstoriëntatie;

  • •. Adviseren over financiële, persoonlijke en rechtspositionele consequenties en zicht geven op instanties of sites waar kennis over deze zaken te halen is.

Ontwikkelplan

Als resultaat van de begeleiding stelt de werkende zelf of samen met de loopbaanadviseur een ontwikkelplan op conform format 1.2. Hierin worden kort en bondig een aantal acties beschreven die de werkende op de korte of de lange termijn kan inzetten om te werken aan zijn wendbaarheid en om aan het werk te blijven tot het pensioen.

Tevens wordt in het ontwikkelplan beschreven waar de werkende terecht kan om (financiële) ondersteuning te krijgen bij de uitvoering van zijn ontwikkelplan.

Punten die in elk geval aan de orde moeten komen in het ontwikkelplan zijn:

  • ○. Wie neemt welke acties op de korte en de lange termijn om beter voorbereid te zijn op de toekomst?

  • ○. Wanneer en hoe kan er actie worden ondernomen?

  • ○. Mogelijkheden om persoonlijke ontwikkelvraagstukken en huidige beperkingen in bijvoorbeeld energieniveau, financiële sfeer, de persoonlijke of gezinssfeer, leren en taalvaardigheid aan te pakken.

  • ○. Indien van toepassing: suggesties voor het inzetten van andere experts om bovenstaande belemmeringen te verhelpen.

Formats

Onderstaande formats zijn verplicht. Dit betekent dat wanneer deze niet of onvolledig worden ingevuld, de loopbaanadviseur niet in aanmerking komt voor subsidie.

Format 1.1 Verslag ontwikkeladviestraject

Naam deelnemer (werkende):

Uniek nummer (verstrekt door onderzoeksbureau Regioplan):

Startdatum ontwikkeladviestraject (datum invullen digitale intakeformulier op www.ontwikkeladvies45plussers.nl):

Naam loopbaanadviseur:

Ad1) Situatieschets

 
 
 
 
 
 
 
 
 

Ad2) Persoonsprofiel

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

Ad3) Toekomstoriëntatie

 
 
 
 
 
 
 
 

Ad4) Overige relevante punten

 
 
 
 
 
 
 
 

Dit verslag geeft goed weer wat tijdens het ontwikkeladviestraject is besproken en aan de orde is geweest.

Plaats en datum:

Datum:

Handtekening deelnemer (werkende):

Plaats en datum:

Datum:

Handtekening loopbaanadviseur:

Format 1.2 Ontwikkelplan

Naam deelnemer (werkende):

Uniek nummer (verstrekt door onderzoeksbureau Regioplan):

Startdatum ontwikkeladviestraject (datum invullen digitale intakeformulier op www.ontwikkeladvies45plussers.nl):

Naam loopbaanadviseur:

1) Actie/termijn/ondersteuning

 
 
 
 

2) Actie/termijn/ondersteuning

 
 
 
 

3) Actie/termijn/ondersteuning

 
 
 
 

4) Actie/termijn/ondersteuning

 
 
 
 

5) Actie/termijn/ondersteuning

 
 
 
 

Voor akkoord:

Plaats en datum:

Datum:

Handtekening deelnemer (werkende):

Plaats en datum:

Datum:

Handtekening loopbaanadviseur:

Format 1.3 Prestatieverklaring ontwikkeladvies

Naam deelnemer ontwikkeladvies (werkende):

E-mail adres1:

Telefoonnummer2:

Burgerservicenummer:

Uniek nummer (verstrekt door onderzoeksbureau Regioplan):

Functie:

In te vullen door deelnemer (werkende):

Ik verklaar deelgenomen te hebben aan een ontwikkeladviestraject bij ............ (naam loopbaanadviseur), dat heeft bestaan uit:

  • •. Een digitale intakevragenlijst

  • •. Bespreking van/advies over:

    • •. eigen situatie en toekomstperspectieven

    • •. wie ben ik en wat kan ik

    • •. toekomstoriëntatie

    • •. toekomstmogelijkheden

    • •. wat kan ik zelf gaan doen

  • •. Het adviestraject is afgerond met:

    • •. een door mij gemaakt ontwikkelplan

    • •. een verslag

Het ontwikkeladviestraject is gestart met het invullen van het digitale intakeformulier op (datum) ............ en geëindigd op (datum) ............

Ik verklaar dat het ontwikkeladvies bestond uit:*

[ ] minimaal 4 uur aan individuele begeleiding.

[ ] minimaal 3 uur aan individuele begeleiding en daarnaast een groepsbijeenkomst van minimaal 2 uur.

* aanvinken wat van toepassing is

  • •. Bij aanvang van dit ontwikkeltraject was of ben ik 45 jaar of ouder.

  • •. Ik heb het formulier ondertekend waarmee ik toestemming geef voor inzage in mijn persoonsgegevens.

  • •. Ik geef toestemming dat het Ministerie van SZW contact met mij kan opnemen als onderdeel van de controle op de aan mijn loopbaanadviseur verstrekte subsidie.

Plaats: ......................

Datum:......................

Handtekening werkende:

In te vullen door loopbaanadviseur die ontwikkeladviestraject heeft gegeven:

Ik heb mij ervan vergewist dat de werkende voldoet aan de eisen die de Tijdelijke subsidieregeling ontwikkeladvies vijfenveertigplussers stelt.

Naam en handtekening loopbaanadviseur:

Format 1.4 Toestemmingsverklaring verwerking persoonsgegevens werkende

Toestemmingsverklaring

U gaat een ontwikkeladviestraject volgen. Dit traject bestaat uit een aantal gesprekken/begeleidingssessies met uw loopbaanadviseur. Tijdens deze gesprekken/sessies werkt u samen met uw loopbaanadviseur aan een ontwikkelplan.

Het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) betaalt dit traject: uw loopbaanadviseur krijgt subsidie. Voordat het traject van start kan gaan, vragen we uw toestemming voor een aantal zaken.

1. Inzage in uw ontwikkelplan en het verslag voor controle

SZW kan bij uw loopbaanadviseur een controle uitvoeren. Hiermee wordt vastgesteld of het ontwikkeladviestraject echt is uitgevoerd en of het volgens de regels is gebeurd. Daarvoor is uw BSN-nummer nodig en is inzage in uw persoonlijke ontwikkelplan en het verslag nodig. De controlerende ambtenaar van SZW heeft een geheimhoudingsplicht. Hij zal geen kopieën maken of op een andere manier uw gegevens delen met derden. Het ministerie wil alleen weten of er een door u ondertekend verslag en ontwikkelplan is. En of het plan en het verslag op de juiste wijze zijn opgesteld.

2. Benadering voor onderzoeksdoeleinden door het door het ministerie ingeschakelde onderzoeksbureau en medewerking aan onderzoek

Het ministerie wil graag weten wat het ontwikkeladviestraject de deelnemers heeft opgeleverd. Een onderzoeksbureau, Regioplan, gaat dit onderzoek uitvoeren. Het onderzoeksbureau zal u tweemaal vragen om een korte online enquête in te vullen. Daarvoor is het nodig dat zij beschikken over uw contactgegevens. Uw gegevens worden anoniem verwerkt.

Door dit formulier te ondertekenen, geeft u toestemming. U vindt het goed dat uw persoonsgegevens worden gebruikt zoals hierboven is beschreven. Uw toestemming geldt alleen voor de twee beschreven doelen.

Als u geen toestemming geeft, kan uw loopbaanadviseur geen subsidie voor het ontwikkeladviestraject aanvragen. U zult hier dan geen gebruik van kunnen maken of het zelf moeten betalen.

Deze toestemming is twee jaar geldig.

Plaats en datum:

Naam en handtekening deelnemer (werkende):

Burgerservicenummer:

TOELICHTING

Algemeen

Achtergrond

Op 5 december 2017 is de Tijdelijke subsidieregeling ontwikkeladvies vijfenveertigplussers in werking getreden (Stcrt. 2017, 69644). Het doel van deze gesubsidieerde ontwikkeladviezen is het bewustzijn over de noodzaak van reflectie op de loopbaan te stimuleren bij oudere werkenden, die nog niet concreet met ontslag, werkloosheid of arbeidsongeschiktheid bedreigd zijn. Het ontwikkeladviestraject heeft als doel werkenden van 45 jaar of ouder toe te rusten om tijdig een reëel beeld van het toekomstperspectief in hun huidige werk te krijgen en meer regie op hun toekomstige loopbaan te nemen. Hiermee wordt beoogd de kans op toekomstige (langdurige) werkloosheid te verkleinen.

Vanwege de beperkte looptijd en het beschikbare budget is er bij de start van de regeling voor gekozen om het instrument zo gericht en effectief mogelijk in te zetten, door de gesubsidieerde trajecten ter beschikking te stellen aan slechts een beperkt aantal beroepsgroepen. Bij de selectie daarvan hebben de volgende kenmerken en voorwaarden een rol gespeeld:

  • De problematiek van de beroepsgroep moet zich ertoe lenen: ontwikkelingen in de aard van het werk en/of het kunnen volhouden van de werkzaamheden tot pensioenleeftijd.

  • Er wordt nog geen vergelijkbaar product aan de doelgroep aangeboden.

  • De beroepsgroep heeft een substantiële omvang van werkenden uit de doelgroep: er moeten voldoende potentiële gebruikers zijn om leerervaringen op te kunnen doen.

  • Er is een infrastructuur die benut kan worden voor de ontwikkeling en implementatie, waaronder het gericht benaderen van de beoogde beroepsgroep.

  • De vertegenwoordigende sociale partners en/of beroepsverenigingen zijn enthousiast om hier mee aan de slag te gaan en zullen het gebruikmaken van de geboden mogelijkheden stimuleren.

De verwachting was dat met de geselecteerde beroepsgroepen een totaal van 20.500 trajecten gehaald zou kunnen worden, zeker na de aanvulling van de doelgroepen per 28 maart 2018 (Stcrt. 2018, 16701). Het uiteindelijke doel is het realiseren van 25.000 ontwikkeladviezen.

Bij het opstellen van de regeling is rekening gehouden met de mogelijkheid om op enig moment, gedurende de looptijd, de doelgroep uit te breiden of het subsidieplafond gericht te verhogen. Om die reden was het totaal beschikbare budget in de regeling nog niet toebedeeld in de vorm van concreet te realiseren ontwikkeladviezen.

Aanleiding wijziging

Betrokken partijen, zoals loopbaanadviseurs, sociale partners, brancheverenigingen en SZW hebben herhaaldelijk actie ondernomen om publiciteit aan de regeling te geven. Desondanks blijft het gebruik van de regeling met de huidige doelgroepen ver achter bij de doelstelling ervan. Normaal hebben dit soort regelingen een aanlooptijd en neemt het gebruik in de loop van de tijd sterk toe. Echter, deze toename is niet zichtbaar in aantallen deelnemers van deze regeling.

Wel is de regeling bij uitvoerders (loopbaanadviseurs), arbeidsmarktdeskundigen, betrokken bedrijven, sociale partners en de politiek enthousiast ontvangen. De wenselijkheid en de noodzaak van het aanbieden en het stimuleren van het gebruik van het beoogde ontwikkeladvies wordt breed ondersteund. Ook bestaat de wens de regeling breder open te stellen voor de totale doelgroep van werkende vijfenveertigplussers. De reacties op het ontwikkeladvies van de mensen die er gebruik van hebben gemaakt zijn overwegend positief. Wel lijken de loopbaanadviseurs door de beperking tot de negen beroepsgroepen en door de strikte vormgeving van het ontwikkeladvies, enigszins terughoudend in het aanbieden van het instrument. Dit komt enerzijds door de mogelijke financiële risico’s wanneer achteraf zou blijken dat men geen subsidie toegewezen krijgt, omdat een deelnemer niet binnen de omschreven beroepsgroep valt, of omdat het subsidieplafond bereikt zou zijn en anderzijds omdat men de mogelijkheid tot een iets andere aanpak, zoals het inzetten van een groepsbijeenkomst of e-coaching, wenselijk acht.

Uitbreiding doelgroep tot alle werkende vijfenveertigplussers

Met deze wijziging kan het beschikbare budget voor dit onderdeel van het actieplan perspectief voor vijftigplussers optimaal worden benut, door het mogelijk te maken om de arbeidsmarktpositie van alle vijftigplussers te verbeteren en daarmee toekomstige werkloosheid en arbeidsongeschiktheid onder deze groep te voorkomen. De mogelijkheid om een ontwikkeladviestraject te volgen is dan ook in het belang van alle werkende vijfenveertigplussers, ongeacht in welk beroep men werkzaam is. De budgettaire reden die ten grondslag lag aan de aangebrachte beperking van de beroepsgroepen die gebruik konden maken van de subsidieregeling, blijkt in de praktijk niet nodig en kan grotendeels vervallen. Tegelijkertijd kan met een groter aantal deelnemers het effect van het instrument beter onderzocht worden. Mede vanwege het pilotkarakter van de regeling is daarom besloten om de regeling nu breed open te stellen voor alle werkenden van 45 jaar of ouder. Voorwaarde is wel dat men gemiddeld minimaal 12 uur per week werkzaam is.

Een onderkend nadeel van het uitbreiden van de doelgroep is dat er meer mensen gebruik zullen maken van de subsidie die ook zonder deze subsidie in beweging zouden zijn gekomen en waarvoor subsidiëring van het ontwikkeladvies derhalve minder nodig was (‘dead weight loss’). Bij de evaluatie zal daarom aandacht worden besteed aan de vraag wat het effect van de brede openstelling is geweest op de kenmerken van de gebruikers.

Subsidieplafonds

Met deze regelwijziging wordt het totale subsidieplafond voor de looptijd van de regeling vastgesteld op € 17.000.000.

De in artikel 4, eerste, lid (oud), genoemde afzonderlijke subsidieplafonds voor de beroepsgroepen genoemd in artikel 2, tweede lid, onderdelen a tot en met i (oud), komen te vervallen. Het totale subsidieplafond voor de doelgroep genoemd in artikel 4, eerste lid (nieuw), wordt vastgesteld op € 15.000.000. Er wordt een voorziening getroffen om te voorkomen dat het beschikbare budget door de verbreding van de doelgroep al voor 1 juli 2019 wordt uitgeput en de in artikel 2, tweede lid, onderdelen a tot en met i (oud), genoemde oorspronkelijke beroepsgroepen al voor 1 juli 2019 geen gebruik meer zouden kunnen maken van de subsidieregeling. Daarom wordt er tot 1 juli 2019 een bedrag van € 2.500.000 gereserveerd voor de oorspronkelijke doelgroep. Dat is als volgt geregeld. Als voor 1 juli 2019 € 12.500.000 van het totaal beschikbare bedrag is gebruikt, is het resterende bedrag van € 2.500.000 uitsluitend beschikbaar voor de ‘oude’ doelgroep, zoals die bestond voor inwerkingtreding van de huidige regelwijziging. Als op 1 juli 2019 het totale subsidieplafond van € 15.000.000 nog niet is bereikt, is het totale resterende bedrag alsnog beschikbaar voor alle werkenden.

Het subsidieplafond voor de in artikel 2, onderdeel b, genoemde trainingstrajecten wordt vastgesteld op € 2.000.000.

Verlenging looptijd

Om de bredere doelgroep voldoende tijd te geven om zich voor te kunnen bereiden op het gebruik van de regeling wordt de looptijd verlengd met een half jaar. Subsidieaanvragen kunnen worden ingediend tot 10 januari 2020, 17.00 uur (artikel 7, vierde lid). De regeling vervalt met ingang van 1 juli 2020 en blijft van toepassing op de afwikkeling van verstrekte subsidies.

Opzet ontwikkeladvies

Het ontwikkeladvies is een integraal en persoonlijk advies. Dit advies wordt door onafhankelijke en professionele loopbaanadviseurs uitgevoerd. Het advies moet allereerst bewustzijn creëren over de huidige en toekomstige arbeidsmarktpositie en inzicht geven in de huidige competenties en loopbaanmogelijkheden. De loopbaanadviseur geeft daartoe individuele begeleiding en advisering aan de werkende met een tijdsbeslag van in totaal minimaal vier uren (bijlage 1, onder punt 6). Vanuit de praktijk van de loopbaanadviseurs is echter aangegeven dat men het voor het proces vaak een meerwaarde vindt hebben als er ook de mogelijkheid zou bestaan een deel van het ontwikkeladviestraject in de vorm van een groepssessie te kunnen aanbieden. Motivatie hiervoor is dat een activiteit met ‘lotgenoten’ soms een meerwaarde kan hebben boven individuele gesprekken, zeker als het gaat om trajecten die vanuit het bedrijf gestimuleerd zijn en waar meerdere collega’s gebruik van maken. Om hieraan tegemoet te komen, wordt een groepsbijeenkomst van minimaal twee uur gecombineerd met minimaal drie uur aan individuele begeleiding ook als optie toegestaan.

In de opzet van het ontwikkeladvies is de term gesprekken vervangen door begeleiding. De regeling stelt geen eisen aan de vorm waarop de individuele begeleiding plaatsvindt, anders dan dat dit één-op-één begeleidingscontacten moeten zijn en geen groepssessies. De invulling wordt aan de professionaliteit van de loopbaanadviseur overgelaten en moet gangbaar en breed geaccepteerd zijn binnen de beroepsgroep van loopbaanadviseurs. De loopbaanprofessional moet bepalen of het een medium is dat past bij de deelnemer en geschikt is om met deze deelnemer het gewenste resultaat te bereiken. De deelnemer moet met de vorm instemmen en zal een eigen vrije keuze moeten hebben om ja of nee te zeggen tegen de voorgestelde aanpak. Dit geldt ook voor blended vormen als Skype en één-op-één gesprekken, één-op-één gesprekken en e-coaching of alle drie de vormen naast elkaar. De verplichte formats bij de regeling zijn hierop aangepast.

Het ontwikkeladvies start met het door de werkende alleen, of samen met de loopbaanadviseur, invullen van het digitale intakeformulier op www.ontwikkeladvies45plussers.nl.

Artikelsgewijs

Artikel I, onderdelen A en B

De doelgroep van de subsidieregeling was in artikel 2, tweede lid, beperkt tot een aantal beroepsgroepen. Deze beperking komt te vervallen en daarom komen de verwijzingen naar de beroepsgroepen in artikel 1, onderdeel c, en in artikel 2 ook te vervallen. Dat wil zeggen dat de subsidieregeling wordt opengesteld voor alle werkenden als bedoeld in artikel 1, onderdeel c. Hiermee wordt beoogd alle werkenden van 45 jaar en ouder die minimaal 12 uur per week werkzaam zijn, de mogelijkheid te geven om deel te nemen aan een gesubsidieerd ontwikkeladviestraject.

Het tweede en derde lid van artikel 2 komen te vervallen, maar blijven op grond van artikel 11a (nieuw) wel van toepassing op subsidieverstrekking naar aanleiding van trajecten die zijn aangevangen voor de inwerkingtredingsdatum van deze wijziging. In verband met de brede openstelling voor alle werkende vijfenveertigplussers, wordt in artikel 4, tweede lid, een voorziening getroffen voor de beroepsgroepen die vóór inwerkingtreding van wijzigingsregeling tot de doelgroep van de subsidieregeling behoorden.

Artikel I, onderdeel C

In artikel 4 wordt het subsidieplafond geregeld. In totaal is er € 15.000.000 beschikbaar voor ontwikkeladviestrajecten als bedoeld in artikel 2, onderdeel a.

In artikel 4, tweede lid, wordt een bedrag van € 2.500.000 gereserveerd voor de beroepsgroepen die vóór inwerkingtreding van deze regeling tot de doelgroep van de subsidieregeling behoorden. Werkenden in deze beroepsgroepen hebben geen rekening kunnen houden met de openstelling van de subsidieregeling voor alle werkenden. Om te voorkomen dat het subsidieplafond door deze brede openstelling reeds voor 1 juli 2019 wordt bereikt en de oorspronkelijke doelgroep daardoor geen gebruik meer kan maken van de subsidieregeling, wordt voor deze beroepsgroepen een voorziening getroffen in artikel 4, tweede lid. Indien al voor 1 juli 2019 € 12.500.000 van het totaal beschikbare bedrag is verstrekt, is het resterende bedrag van € 2.500.000 in de periode tot 1 juli 2019 uitsluitend beschikbaar voor werkenden die werkzaam zijn in de genoemde beroepsgroepen. Het gaat hier om de beroepsgroepen die vóór inwerkingtreding van deze regeling tot de doelgroep van de subsidieregeling behoorden. Dit geeft de oorspronkelijke doelgroep de mogelijkheid om alsnog voor 1 juli 2019 gebruik te maken van de subsidieregeling. Daarmee worden werkenden die niet werkzaam zijn in een beroepsgroep als bedoeld in de onderdelen a tot en met i tot 1 juli 2019 uitgesloten. Dit is alleen het geval indien de situatie bedoeld in artikel 4, tweede lid, zich voordoet.

Indien toepassing is gegeven aan artikel 4, tweede lid, is het mogelijk dat het resterende bedrag van € 2.500.000 op 1 juli 2019 niet volledig is verstrekt. In artikel 4, derde lid, wordt daarom geregeld dat het resterende bedrag per 1 juli 2019 beschikbaar is voor alle werkenden. De werkenden die door de toepassing van het tweede lid tijdelijk waren uitgesloten komen in dat geval weer in aanmerking voor subsidie.

Het is mogelijk dat de situatie, bedoeld in artikel 4, tweede lid, zich niet voordoet. In dat geval blijft het totaal beschikbare bedrag van € 15.000.000 gedurende de gehele looptijd van de regeling beschikbaar voor alle werkenden. Het is ook mogelijk dat de situatie, bedoeld in artikel 4, tweede lid, zich wel voordoet en dat het resterende bedrag van € 2.500.000 vóór 1 juli 2019 volledig is gebruikt. In dat geval is het subsidieplafond van € 15.000.000 bereikt en kan er geen subsidie meer worden verstrekt.

Artikel I, onderdeel D

Subsidieaanvragen worden ingevolge artikel 5, eerste lid, behandeld op volgorde van ontvangst. Op basis van het vierde lid (nieuw), is het mogelijk om de behandeling van een subsidieaanvraag tot 1 juli 2019 op te schorten. Deze mogelijkheid is bedoeld voor de situatie waarin toepassing wordt gegeven aan artikel 4, tweede lid, en waarbij opschorting van de behandeling in het belang is van de aanvrager. Het gaat hier om aanvragen voor werkenden die niet werkzaam zijn in een beroepsgroep als bedoeld in artikel 4, tweede lid. Opschorting van de behandeling kan in het belang zijn van de aanvrager, omdat op 1 juli 2019 duidelijk wordt of er sprake is van een resterend bedrag dat ingevolge artikel 4, derde lid, beschikbaar wordt gesteld voor alle werkenden. Door de behandeling van de aanvraag op te schorten, kan de aanvraag na 1 juli 2019 worden beoordeeld en kan de aanvrager, zolang het subsidieplafond nog niet is bereikt, alsnog in aanmerking komen voor subsidie. De behandeling van bedoelde aanvragen wordt op 1 juli 2019 voortgezet, waarbij de volgorde van ontvangst weer van toepassing is.

De opschorting van de behandeling wordt ingevolgde het vijfde lid (nieuw) zo spoedig mogelijk aan de aanvrager medegedeeld, waarbij ook wordt aangegeven binnen welke termijn de beschikking tegemoet kan worden gezien.

Artikel I, onderdeel E

De looptijd van de regeling wordt met een half jaar verlengd. Subsidieaanvragen kunnen worden ingediend tot en met 10 januari 2020, 17.00 uur.

Artikel I, onderdeel F

In artikel 8 wordt met toevoeging van twee artikelleden de mogelijkheid gegeven om de beslistermijn van 22 weken eenmalig te verlengen. De beslistermijn voor een subsidieaanvraag die voor 1 juli 2019 is ingediend, kan eenmalig met ten hoogste vier weken worden verlengd, indien toepassing wordt gegeven aan artikel 4, tweede lid, en artikel 5, vierde lid. De mogelijkheid tot verlenging van de beslistermijn is bedoeld voor de situatie waarin het bedrag, genoemd in artikel 4, tweede lid, is bereikt. In dat geval kan gebruik worden gemaakt van de mogelijkheid om de behandeling van een subsidieaanvraag op te schorten tot 1 juli 2019 (artikel 5, vierde lid). Om de subsidieaanvraag na 1 juli 2019 te kunnen beoordelen, kan het daarom nodig zijn om de beslistermijn eenmalig te verlengen.

De verlenging van de beslistermijn wordt zo spoedig mogelijk aan de aanvrager medegedeeld.

Artikel I, onderdeel G

In bijlage 1 worden verschillende wijzigingen aangebracht. Ten behoeve van de toegankelijkheid van deze wijzigingsregeling is ervoor gekozen om de bijlage te vervangen. In bijlage 1 zijn de volgende wijzigingen aangebracht.

In de opsomming van verplichte activiteiten wordt onder punt 5 verduidelijkt op welk moment het ontwikkeladviestraject start. Het ontwikkeladviestraject start met het invullen van het digitale intakeformulier op www.ontwikkeladvies45plussers.nl waarna een uniek nummer wordt verstrekt. Dit is ook verwerkt in de betreffende formats.

Daarnaast wordt onder punt zes de mogelijkheid gegeven om een groepsbijeenkomst van minimaal twee uren te combineren met individuele begeleiding van minimaal drie uren. Daarbij wordt niet meer vereist dat het ontwikkeladviestraject bestaat uit ‘gesprekken’ met de werkende. De invulling van de individuele begeleiding wordt aan de professionaliteit van de loopbaanadviseur overgelaten. Voor een nadere toelichting hierover wordt verwezen naar de algemene toelichting onder het kopje ‘Opzet ontwikkeladvies’. In de gehele bijlage is de term ‘gesprekken’ verwijderd en waar nodig vervangen door ‘begeleiding’. Het gespreksverslag (format 1.1) wordt voortaan aangeduid als ‘verslag’.

Format 1.3 wordt aangepast in verband met de nieuwe mogelijkheid om individuele begeleiding te combineren met een groepsbijeenkomst. In de prestatieverklaring dient de werkende te verklaren welke vorm van begeleiding is toegepast, door aan te vinken wat van toepassing is.

Artikel I, onderdeel H

In format 2.1 en format 2.2 wordt in het onderdeel dat wordt ingevuld door de deelnemers ter verduidelijking een zinsnede toegevoegd. De training ontwikkeladvies leidinggevenden dient te bestaan uit één of meerdere gesprekken of bijeenkomsten van minimaal drie uren. In de prestatieverklaringen voor de training ontwikkeladvies leidinggevenden wordt daarom de zinsnede ‘met een totale tijdsduur van minimaal drie uren’ toegevoegd. Daarnaast wordt in beide formats de zinsnede waarin verwezen wordt naar beroepsgroepen vervangen door de zinsnede ‘werkenden als bedoeld in de Tijdelijke subsidieregeling ontwikkeladvies vijfenveertigplussers’, zodat de prestatieverklaring aansluit op de openstelling voor alle werkenden.

Artikel I, onderdeel I

Er wordt een overgangsrechtelijke bepaling ingevoegd na artikel 11 (artikel 11a). Daarin wordt geregeld dat de onderhavige wijzigingen niet van toepassing zijn op subsidieverstrekking naar aanleiding van trajecten die zijn aangevangen voor de inwerkingtredingsdatum van deze wijzigingsregeling. De subsidieregeling wordt met onderhavige wijziging opengesteld voor alle werkenden. Een overgangsrechtelijke bepaling is nodig om te voorkomen dat afgewezen aanvragen opnieuw worden ingediend, omdat de werkende nu wel onder de doelgroep valt of omdat de aanvraag nu wel voldoet aan de specifieke eisen die aan de aanvraag worden gesteld. De indieningstermijn voor subsidieaanvragen (‘binnen zes weken’) is namelijk op 17 november 2018 met terugwerkende kracht geschrapt (Stcrt. 2018, 64387). Daarom wordt met een overgangsrechtelijke bepaling geregeld dat de uitbreiding van de doelgroep tot alle werkenden en de overige wijzigingen alleen gelden voor trajecten die na inwerkingtreding van deze wijzigingsregeling zijn aangevangen. Met aanvang van het traject wordt het moment bedoeld waarop het digitale intakeformulier op www.ontwikkeladvies45plussers.nl is ingevuld en het unieke nummer is verstrekt.

De wijziging van het subsidieplafond heeft daarentegen wel directe werking (artikel 4). Dat wil zeggen dat het nieuwe artikel 4 ook van toepassing is op reeds lopende trajecten.

Artikel I, onderdeel J

De looptijd van de subsidieregeling wordt met een half jaar verlengd. De regeling vervalt met ingang van 1 juli 2020 en blijft van toepassing op de afwikkeling van de op grond van deze regeling verstrekte subsidies.

Artikel II

De regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van publicatie daarvan in de Staatscourant. Daarmee wordt afgeweken van de voorgeschreven vaste verandermomenten en minimuminvoeringstermijn. De verwachting is dat de oorspronkelijke doelgroep slechts in beperkte mate zal worden geraakt door deze wijziging, vanwege de voorziening die is getroffen ten aanzien van het subsidieplafond (artikel I, onderdeel C). Een snelle inwerkingtreding van de wijziging is in het voordeel van alle werkende vijfenveertigplussers.

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, W. Koolmees


X Noot
1

Het Ministerie van SZW is verantwoordelijk voor de controle op de verstrekte subsidies. SZW kan contact met u opnemen in het kader van een controle op de aan uw loopbaanadviseur verstrekte subsidie.

X Noot
2

Het Ministerie van SZW is verantwoordelijk voor de controle op de verstrekte subsidies. SZW kan contact met u opnemen in het kader van een controle op de aan uw loopbaanadviseur verstrekte subsidie.