Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 17 oktober 2017
Uw Kamer heeft eerder dit jaar de motie Van Brenk1 aangenomen Handelingen II 2016/17, nr. 95, item 7). In de motie wordt verzocht om samen met de bij de Green Deal Grondstoffen betrokken
partijen nader in kaart te brengen welke belemmeringen er wel en niet zijn weggenomen,
en met welke reden. Tevens wordt de regering verzocht met voortvarendheid de eventuele
nog bestaande belemmeringen weg te nemen.
Met deze brief ga ik in op de uitvoering van deze motie.
De Green Deal Grondstoffen gaat over de terugwinning van bruikbare grondstoffen uit
afvalwater. Het gaat onder andere over cellulose, fosfaat (struviet), alginaat en
polymeren. De waterschappen leveren met deze terugwinning een belangrijke bijdrage
aan de ontwikkeling van de circulaire economie. Op het pad naar een circulaire economie
komen de waterschappen belemmeringen tegen die moeten worden opgelost. De waterschappen
zijn koplopers en lopen hier dus als eerste tegenaan. Ik heb begrip voor de frustratie
die dat soms oproept. Samen met de Waterschappen pak ik die belemmeringen dan ook
aan.
De belangrijkste gevonden (juridische) belemmeringen zijn:
-
1. de afvalstatus van struviet en andere mogelijke producten uit de Grondstoffenfabriek2;
-
2. het tot dusverre ontbreken van een (Europese) markt voor gerecyclede grondstoffen;
-
3. het mogen toepassen van struviet als meststof in Nederland en Europa.
1. De afvalstatus van struviet en andere mogelijke producten uit de Grondstoffenfabriek
Struviet dat wordt teruggewonnen uit afvalwater heeft de status van afvalstof. Door
deze status worden de exportmogelijkheden beperkt. Hierdoor nemen de administratieve
verplichtingen toe bij grensoverschrijdend transport. Bovendien is voor het verder
verwerken van struviet een vergunning nodig en werkt het nadelig op het imago ervan.
Om van de afvalstatus af te komen, moet er volgens de Europese Kaderrichtlijn afvalstoffen
gekeken worden naar de risico’s voor gezondheid en milieu. Om aan voldoende gegevens
hiervoor te komen, doet Waternet samen met andere waterschappen onderzoek. Het Rijksinstituut
voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) adviseert in opdracht van het Ministerie van
Infrastructuur en Milieu bij de opzet van het onderzoek en de beoordeling van de resultaten.
Dit onderzoek wordt waarschijnlijk dit najaar afgerond. Op basis van de resultaten
kan nog dit jaar over de afvalstatus van struviet worden besloten.
Ook voor andere mogelijk terug te winnen grondstoffen uit afvalwater zal gekeken worden
naar de mogelijkheid om van de afvalstatus af te komen. Een voorbeeld hiervan is cellulose
dat wordt toegepast in de wegenbouw.
Om de beoordeling van de afvalstatus van producten sneller te laten verlopen, werkt
het RIVM aan een algemeen afwegingskader om risico’s voor gezondheid en milieu van
circulaire grondstoffen in te kunnen schatten en te kunnen beoordelen. Dat is belangrijk
voor de transitie naar een circulaire economie en voor het imago van circulaire grondstoffen.
2. Het ontbreken van een Europese markt
Waternet levert nu struviet als grondstof aan ICL in Amsterdam voor de productie van
fosfaatkunstmest. De waterschappen willen hun afzetmarkt vergroten en zoeken daarom
naar meer mogelijkheden om de circulaire grondstoffen af te kunnen zetten. Ook voor
de marktintroductie van struviet werken de waterschappen en het Ministerie van Infrastructuur
en Milieu samen. In het kader van de North Sea Resources Roundabout wordt onderzocht of struviet kan worden geëxporteerd naar Frankrijk door belemmeringen
in Franse regelgeving weg te nemen. Mede vanwege mogelijke aanpassingen in de Franse
regelgeving kunnen de belemmeringen pas in 2018 zijn weggenomen. De ervaringen met
de North Sea Resources Roundabout kunnen mogelijk helpen om ook belemmeringen bij de export naar andere landen weg
te nemen.
3. Struviet als meststof in Nederland en Europa
Deze belemmering is weggenomen. Al eerder (vanaf 2015) is het, als uitvloeisel van
de Green Deal, wettelijk toegestaan om struviet als meststof in Nederland toe te passen.
Daarvoor is het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet gewijzigd.
In het kader van de herziening van de Europese Meststoffenverordening beziet de Europese
Commissie of struviet een vrij verhandelbare Europese meststof met CE-markering kan
worden. Hiermee zal het afvalstoffenlabel voor struviet in de hele EU verdwijnen.
Het Europese herzieningsproces is echter nog gaande en zal naar verwachting op zijn
vroegst in 2018 zijn afgerond.
Ik waardeer de actieve en vooruitstrevende rol van de waterschappen om de circulaire
economie dichterbij te brengen. De Green Deal is een inspiratie voor andere projecten
in het kader van de circulaire economie. Ik zou dan ook constructief willen blijven
samenwerken met de waterschappen.
De Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu,
S.A.M. Dijksma