36 446 Wijziging van de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs en enige andere wetten in verband met de invoering van regels voor het verlenen van toelating voor het ter beschikking stellen van arbeidskrachten (Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten)

S BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 2 juli 2026

In 2020 heeft het Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten onder leiding van Emile Roemer het rapport «Geen Tweederangsburgers. Aanbevelingen om misstanden bij arbeidsmigranten in Nederland tegen te gaan» uitgebracht.1 Het aanjaagteam heeft de aanbeveling gedaan dat alle uitzendondernemingen (hierna: uitleners) verplicht gebruik moeten maken van een geblokkeerde rekening (hierna: g-rekening). De g-rekening is een speciale bankrekening die een tijdige en volledige afdracht van belastingen en premies bevordert en die ondernemers onder voorwaarden de mogelijkheid biedt om hun aansprakelijkheid voor fiscale schulden van derden te matigen of te voorkomen.2 Met het verplichten van de g-rekening wordt voorkomen dat belastingschulden van uitleners onbetaald blijven, waarmee de kans kleiner wordt dat werknemers de dupe worden van uitbuiting. Zo wordt een bijdrage geleverd aan het voorkomen van misstanden in de uitzendsector en het creëren van een eerlijker speelveld.

Het toenmalige Kabinet heeft aangegeven positief te staan tegenover deze aanbeveling, de wens uitgesproken de g-rekening verplicht te stellen en in overleg te treden met de Belastingdienst en banken over de mogelijkheden. De Belastingdienst heeft daarom uitvoering gegeven aan het besluit van het Kabinet om een verkenning te doen naar hoe deze aanbeveling gerealiseerd kan worden, waar u bijgaand het eindrapport van aantreft. Uit de verkenning in samenspraak met alle betrokken partijen blijkt dat alle 35 aanbevelingen moeten worden geïmplementeerd en aanpassing van wet- en regelgeving nodig is om verplichtstelling van het gebruik van een g-rekening voor uitleners te realiseren.

De Minister van SZW en ik nemen de aanbevelingen uit dit rapport over en spreken daarmee uit voornemens te zijn een g-rekening verplicht te stellen voor uitleners.

Over het tijdstip van inwerkingtreding is nog niet besloten. Dat kan pas als alle partijen er gelijktijdig voor klaar zijn3. Dit wordt nog onderzocht. Met de beoogde verplichtstelling van de g-rekening wordt uitvoering gegeven aan de op 8 april 2025 door uw Kamer aangenomen motie van het lid Saris c.s.4. Ik ga nu, mede namens de Minister van SZW, nader in op de verkenning, de aanbevelingen in het rapport en onze reactie op deze aanbevelingen.

Uitvoeren verkenning

In 2022 heeft het toenmalige kabinet de wens herhaald om de g-rekening op termijn verplicht te stellen voor gecertificeerde uitleners5. Ook is destijds aangegeven dat op dat moment een verplichte g-rekening niet haalbaar is. Het aantal g-rekeningen kan door de huidige procesinrichting en techniek niet stijgen. Het Ministerie van Financiën en de Belastingdienst hebben zich richting banken aan deze «freeze» gecommitteerd.6

Het aanpassen van de werkprocessen van de g-rekening heeft veel voeten in de aarde. Dit komt onder meer omdat er verschillende partijen bij zijn betrokken: de Belastingdienst, de ondernemers die een g-rekening houden en de banken die de g-rekening verstrekken. Daarnaast hebben de stortingen op de g-rekening gevolgen voor de omvang van een eventuele aansprakelijkheid voor de fiscale inleners- en ketenaansprakelijkheid. Daardoor zijn ook de opdrachtgevers die storten op een g-rekening, belanghebbenden. Bovendien zijn de werkprocessen deels onderdeel van het betalingsverkeer en deels onderdeel van het publieke domein. Deze complexiteit en verwevenheid maken het noodzakelijk om een aanpassing van deze werkprocessen met alle partijen goed af te stemmen. Daarom heeft de Belastingdienst een verkenning naar de verplichte g-rekening uitgevoerd. De verkenning is begin 2023 van start gegaan en is in januari 2026 afgerond.

Uitkomst van de verkenning

Startpunt voor de verkenning was het rapport «Toekomst van de g-rekening» uit 20167. In dit rapport is onderzocht of er geschikte alternatieven voor de g-rekening waren. Dit bleek niet het geval. In het eerdergenoemde rapport zijn bij alle gebruikers van de g-rekening de wensen tot verbetering van de werkprocessen van de g-rekening in kaart gebracht. De verkenning is begonnen met het actualiseren en verdiepen van deze gebruikerswensen. Een intensieve dialoog tussen alle partijen die aan de verkenning hebben deelgenomen, heeft uiteindelijk geleid tot een pakket aan maatregelen dat op unanieme instemming van de deelnemende partijen kan rekenen.

Verbeterde werkprocessen

De overeengekomen verbeteringen zien op verschillende aspecten van het g-rekeningstelsel. Ten eerste zien de verbeteringen op het aanpassen en vereenvoudigen van bestaande werkprocessen. Zo wordt voorgesteld de g-rekeningovereenkomst te laten vervallen en komt daarvoor een goedkeurende beschikking gebruik g-rekening in de plaats. Ten tweede wordt voorgesteld het berichtenverkeer tussen de Belastingdienst en banken en tussen de Belastingdienst en ondernemers die een g-rekening houden verder te digitaliseren8. Tot slot worden verbeteringen voorgesteld met betrekking tot het verkorten en vergemakkelijken van deblokkeringen van het tegoed op de g-rekening. Voor deze verbeteringen zijn wijzigingen in wet- en regelgeving nodig9. De werking van de g-rekening blijft ongewijzigd.

Het is onwenselijk om twee stelsels (oud en nieuw) naast elkaar te laten bestaan. Om die reden zullen de nieuwe werkprocessen ook gaan gelden voor de bestaande g-rekeningen en zijn in het nieuwe stelsel alle werkprocessen uniform10.

Buitenlandse uitleners

Alle toegelaten uitleners worden op grond van de regels bij of krachtens de Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten te zijner tijd verplicht om een g-rekening te houden. Bepaalde buitenlandse uitleners kunnen echter niet of moeilijker bij een Nederlandse bank een zakelijke rekening, met daaraan gekoppeld, een g-rekening openen. Voorgesteld wordt om buitenlandse ondernemers die geen g-rekening kunnen openen de mogelijkheid te bieden om aan de Belastingdienst een ontheffing te vragen van de verplichting om een g-rekening te houden en zodoende aan het toelatingsstelsel te kunnen voldoen. De voorwaarden van deze ontheffing zijn zo vormgegeven dat zij de Belastingdienst waarborgen bieden die gelijkwaardig zijn aan de waarborgen van de verplichte g-rekening. Ook zullen de inleners van buitenlandse toegelaten uitleners onder voorwaarden in aanmerking komen voor vrijwaring11.

Passende rechtsbescherming

Als het houden van een g-rekening een voorwaarde wordt om als uitlener in Nederland te worden toegelaten kan een weigering of intrekking van een goedkeurende beschikking gebruik g-rekening ingrijpende gevolgen hebben voor een (voorlopig) toegelaten uitlener. Deze mogelijke gevolgen vragen om passende rechtsbescherming. Daarom wordt voorgesteld om te voorzien in de mogelijkheid voor bezwaar en beroep tegen een weigering of intrekking van een goedkeurende beschikking gebruik g-rekening. Deze mogelijkheid voor bezwaar en beroep zal ook van toepassing moeten zijn voor een weigering of intrekking van een ontheffing verplichte g-rekening voor buitenlandse partijen die geen g-rekening kunnen openen12.

Overgangsmaatregelen

Het aantal g-rekeningen zal naar verwachting structureel stijgen met circa 1.000 tot 5.100 g-rekeningen13. Er zal een eenmalige piek zijn van het aantal nieuwe g-rekeningen (tussen de 5.700 en 8.500) en er zal een eenmalige piek zijn van het aantal opzeggingen van g-rekeningen (tussen de 3.400 en 4.700)14. Het voorgaande gaat mogelijk piekbelastingen veroorzaken voor alle bij de g-rekening betrokken partijen. Om deze piekbelasting op te vangen zullen in de invoeringsperiode extra maatregelen worden getroffen15.

Beoordeling uitkomst van de verkenning

Beoordeling voorstellen

De voorstellen van de verkenning vormen één samenhangend geheel. Het kabinet is dan ook voornemens het volledige pakket aan voorstellen in zijn geheel uit te voeren. Dit voornemen betekent dat de Belastingdienst systemen en werkprocessen moet aanpassen16. In het rapport is op enkele onderdelen aangegeven dat nadere uitwerking in dialoog met alle partijen nog nodig is, waar de Belastingdienst zorg voor zal dragen.

Versterking toelatingsstelsel uitleners

Het overnemen van de aanbevelingen van de verkenning maakt het mogelijk de bestaande freeze op het aantal g-rekeningen op te heffen. Het verplichten om een g-rekening te houden bevordert de fiscale compliance van toegelaten uitleners. Het betreft een verbetering van de nakoming van de fiscale betaalverplichtingen en ook van het toezicht op de aangifteverplichtingen van deze ondernemingen. Ook versterkt de verplichting om een g-rekening te houden een zo gelijk mogelijk speelveld binnen de toegelaten uitleners.

Verbetering van het g-rekeningstelsel

De aanbevelingen uit de verkenning leiden verder tot een vereenvoudiging en verbetering van de werkprocessen van het g-rekeningstelsel. Deze vereenvoudigingen en verbeteringen gelden voor alle bij de uitvoering van het g-rekeningstelsel betrokken partijen. De voorgestelde verbeteringen behelzen het vereenvoudigen, het (gedeeltelijk) digitaliseren van gegevensuitwisselingen en het verkorten van de behandelduur van bijvoorbeeld deblokkeringsverzoeken. Ook wordt de rechtsbescherming van de ondernemers verbeterd. Met het hele pakket aan verbeteringen wordt het g-rekeningstelsel gemoderniseerd, robuuster en neemt het draagvlak voor het g-rekeningstelsel toe. Dit is een goede uitgangspositie als het in de toekomst wenselijk wordt geacht om de uitbreiding van de werking van het g-rekeningstelsel naar andere doelgroepen nader te onderzoeken.

Beoogde inwerkingtreding van de voorstellen

De verplichting om een g-rekening te houden treedt op een later tijdstip in werking dan de inwerkingtreding van het nieuwe toelatingsstelsel voor uitzendondernemingen. Dit zal tenminste een jaar zijn nadat de Nederlandse Arbeidsinspectie gestart is met de handhaving in het nieuwe toelatingsstelsel. Ervan uitgaande dat de handhaving inderdaad een jaar na inwerkingtreding van het toelatingsstelsel van start is gegaan, kan de verplichting om een g-rekening te houden in ieder geval niet eerder dan 1 januari 2029 inwerkingtreden.

Conform de aanbeveling in de verkenning zal over het tijdstip van inwerkingtreding pas worden besloten als alle partijen er gelijktijdig voor klaar zijn17. Mede gezien de uitdagingen op IV-gebied waar de Belastingdienst voor staat, waaronder een overvraagd IV-portfolio, is nog niet duidelijk wanneer het moment van inwerkingtreding kan zijn. Zodra de benodigde conceptwetgeving en conceptregelgeving gereed is, doet de Belastingdienst daarvoor een uitvoeringstoets. In die toets wordt onder meer getoetst wat een haalbare inwerkingtredingsdatum voor de Belastingdienst van die wet- en regelgeving zou kunnen zijn en wat de budgettaire consequenties zijn voor de uitvoering. Om een realistisch tijdspad te kunnen maken, vindt ook afstemming plaats met de bij het proces van de g-rekening betrokken externe partners. Met de uitvoeringstoets deel ik ook informatie over het mogelijke tijdstip van inwerkingtreding met uw Kamer.

Aanpak en prioritering voor de implementatie van de voorstellen van de verkenning

De verkenning laat zien dat de implementatie van de voorstellen van de verkenning een krachtige sturing en een voortdurende afstemming en coördinatie vragen tussen de betrokken partijen. Hiervoor neemt de Belastingdienst het voortouw en stelt een projectleiding in. Voor het draagvlak bij de aan de verkenning deelnemende partijen is het belangrijk om ook uitvoering te geven aan de aanbeveling uit de verkenning om het vervangen van postaal verkeer tussen de banken en de Belastingdienst door secure e-mail te onderzoeken. Daarnaast vraagt ook het terugbrengen van het aantal processtappen bij de deblokkering van de g-rekening nadere analyse.

Mede namens de Minister van SZW ben ik de betrokken partijen dankbaar voor hun constructieve bijdrage aan de verkenning.

De Staatssecretaris van Financiën, E. Eerenberg


X Noot
1

Kamerstukken II, 2020/21, 29 861, nr. 53

X Noot
2

Zie hoofdstuk 3.1 van het Eindrapport voor een nadere uitleg over de g-rekening

X Noot
3

Hoofdstuk 5.4 van het Eindrapport

X Noot
4

Kamerstukken II, 2024/25, 36 446, nr. 77

X Noot
5

Kamerstukken II 2021/22, 29 861, nr. 92

X Noot
6

Kamerstukken II, 2014/15, 31 066, nr. 233, bijlage blz. 32–34

X Noot
7

Kamerstukken II, 201617, 31 066, nr.318 (bijlage)

X Noot
8

Zie de hoofdstukken 7 tot en met 10 van het Eindrapport voor een verdere uitleg over deze verbeteringen

X Noot
9

Zie hoofdstuk 17.3 van het Eindrapport voor het juridisch kader van de verkenning en hoofdstuk 17.6 van het Eindrapport over de kenmerken van het wettelijk pandrecht van de ontvanger

X Noot
10

Zie voorts hoofdstuk 12 van het Eindrapport over de inrichting transitie oude naar nieuwe stelsel in relatie tot bestaande g-rekeningen

X Noot
11

Zie voorts hoofdstuk 14 van het Eindrapport over ontheffing verplichte g-rekening (buitenlandse uitleners en toepassing artikel 34.6.2 LI)

X Noot
12

Zie voorts hoofdstuk 13 van het Eindrapport over rechtsbescherming: bezwaar en beroep

X Noot
13

Er zijn ongeveer 45.000 g-rekeningen (hoofdstuk 3.4 van het Eindrapport)

X Noot
14

Zie hoofdstuk 6.1 van het Eindrapport

X Noot
15

Zie voorts hoofdstuk 15 van het Eindrapport (Invoeringsperiode en piekbelasting)

X Noot
16

Zie hoofdstuk 16 van het Eindrapport over de gevolgen automatisering en uitvoeringskosten van de Belastingdienst

X Noot
17

Hoofdstuk 5.4 van het Eindrapport

Naar boven