Handeling
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Vergadernummer | Datum vergadering |
|---|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2024-2025 | nr. 61, item 4 |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Vergadernummer | Datum vergadering |
|---|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2024-2025 | nr. 61, item 4 |
Vragenuur
Vragen De Hoop
Vragen van het lid De Hoop aan de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, viceminister-president, over het bericht "Gemeente checkt of huurders niet te veel betalen: 'Het is bij de beesten af'".
De voorzitter:
Ik heet van harte welkom de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening. Ik geef voor het stellen van de vragen graag het woord aan de heer De Hoop van de fractie van GroenLinks-Partij van de Arbeid.
De heer De Hoop (GroenLinks-PvdA):
Voorzitter. De kern van een zeker bestaan is een dak boven je hoofd. Iedereen verdient een plek waar je tot rust kan komen, een plek waar je kunt dromen, waar je je veilig voelt en waar je je successen viert, een plek waar je ook kunt zijn als het even niet zo goed gaat. Dat was een tijdje geleden eigenlijk best vanzelfsprekend, maar de afgelopen jaren zijn we getuige geweest van het verval van de volkshuisvesting. Een betaalbare mooie woning, het is een luxeproject geworden.
De wooncrisis heeft vormen aangenomen die onwerkelijk zijn. Van trotse volkshuisvesting zijn we teruggekeerd naar een tijd waarin verkrotting en woekerprijzen geen uitzondering maar gewoon veel voorkomend zijn geworden. Voor een woning van 60 vierkante meter met een kleine kamer van 15 vierkante meter wordt €2.600 huur betaald door vier huurders. Mensen zitten in woningen waar schimmel tot aan de muur reikt, met verveloze kozijnen, rottend hout. Arbeidsmigranten slapen opgepropt in een kamer onder bedroevende hygiënische omstandigheden. Het is werkelijk waar niet te geloven, het is onbestaanbaar, het is on-Nederlands en het is onacceptabel. Ik wil dat de minister hier zo snel mogelijk een einde aan maakt.
Is de minister ook geschrokken van de voorbeelden uit het artikel van de NOS en vindt zij het ook schandalig hoe pandjesbazen huurders behandelen?
De voorzitter:
Heel goed. Het woord is aan de minister.
Minister Keijzer:
Dank u wel, voorzitter. Ben ik geschrokken? Helaas zie je dit soort verhalen en beelden wel vaker, maar ik zou mijn positie als minister niet op de juiste manier invulling geven als ik hier niet ook aandacht vraag voor de vele verhuurders die datgene doen wat zij moeten doen, namelijk een dak boven het hoofd van mensen vorm en inhoud geven. Dat zijn namelijk de meesten. Ik denk dus dat het goed is om dat voorop te stellen.
Vervolgens is de vraag niet zozeer of ik geschrokken ben. De vraag is: wat kan je hieraan doen? Dan is het goed om hier te vertellen, natuurlijk voor zover deze Kamer dat niet weet, maar in ieder geval voor de mensen die zitten te luisteren, over de Wet goed verhuurderschap. Het is op zichzelf al bijzonder dat je zo'n wet nodig hebt, want ik zou zeggen dat het een kwestie van beroepseer is dat je je als verhuurder op een beschaafde manier gedraagt. Maar voor degenen die dat niet doen, hebben we de Wet goed verhuurderschap. Die is op 1 juli 2023 in werking getreden. Sinds 1 januari 2024 moet elke gemeente een meldpunt hebben waar huurders melding kunnen maken van ongewenst verhuurgedrag. Wat kan je daar dan melden? Je kan daar allerlei verschillende zaken melden. De regels die gemeenten moeten handhaven, gaan over een verbod op discriminatie en intimidatie, over het schriftelijk vastleggen van huurovereenkomsten en over een informatieplicht voor verhuurders over rechten plichten op schrift voor de huurders. Er mag een maximale borg gevraagd worden van twee maanden kale huur, geen dubbele bemiddelingskosten, geen te hoge servicekosten en geen te hoge huurprijzen. En er is een verplichte puntentelling. Dat staat allemaal nog los van de specifieke regels voor verhuur aan arbeidsmigranten. Daar had de heer De Hoop het ook over. Hij zei namelijk dat de huurovereenkomst los moet staan van de arbeidsovereenkomst en in een taal moet worden opgesteld die de arbeidsmigrant begrijpt.
Gemeentes kunnen dus tegen al deze zaken optreden. De Huurcommissie heeft daarnaast een functie gekregen ten opzichte van te hoge huurprijzen. Even terug naar de gemeente. Gemeentes kunnen vervolgens ook bestuursrechtelijk optreden. In de wet zijn er verschillende instrumenten voor opgenomen om daar vorm en inhoud aan te geven.
De heer De Hoop (GroenLinks-PvdA):
Niet om het een of ander, maar ik vind het toch wel veelzeggend dat de minister eerst de behoefte heeft om te zeggen hoeveel goede verhuurders er zijn, voordat we komen tot het probleem: er zijn veel te veel verhuurders die er echt malafide praktijken op nahouden. Ik vind dat toch wel tekenend voor deze minister.
Maar met ingang van 1 januari 2025 zijn gemeenten bevoegd om boetes op te leggen aan verhuurders die de maximale huurprijzen overschrijden. Ik ben wel benieuwd hoeveel verhuurders zich niet aan die regels houden. Hoeveel boetes zijn er tot nu toe uitgedeeld, vraag ik de minister.
Minister Keijzer:
De mogelijkheden om hiertegen op te treden zijn nog niet zo lang geleden, per 1 juli 2023, in werking getreden. De regels ten aanzien van de te hoge huurprijzen zijn nog geen tweeënhalve maand geleden in werking getreden. Per 1 januari 2025 mogen gemeenten namelijk toezien op maximale huurprijzen. Ik heb dan ook op dit moment geen overzicht over dat laatste onderdeel. Als de heer De Hoop informatie wil ten aanzien van dat eerste onderdeel, kan ik kijken of gemeentes dat bij elkaar opgeteld kunnen verstrekken, zodat ik de Kamer kan informeren.
Om hoeveel gevallen gaat dat dan? Ik denk dat het goed is om je te realiseren dat bijvoorbeeld de Huurcommissie, waar ik wel cijfers van heb, het afgelopen jaar een kleine 18.000 zaken heeft behandeld. Daarbij is trouwens niet in elke zaak de huurder in het gelijk gesteld. Wat is dan het percentage daarvan? Als je je realiseert dat we 2,7 miljoen huurwoningen hebben waar deze regels voor gelden, komen we op een percentage van 0,66%. Dat zijn zaken die bij de Huurcommissie geweest zijn. Het is denk ik wel heel goed om te benadrukken dat er zeker verhuurders zijn die zich misdragen — volgens mij vinden de heer De Hoop en ik elkaar compleet in het uitspreken dat dit onacceptabel is — maar dat het totale beeld is dat de meeste verhuurders gelukkig beroepseer hebben, namelijk: onder de juiste omstandigheden een kwalitatief volwaardige woning verhuren voor de prijs die daarvoor geldt.
De heer De Hoop (GroenLinks-PvdA):
De Wet betaalbare huur is ingevoerd omdat heel veel verhuurders een veel te hoge prijs vroegen. De minister heeft de cijfers sinds januari 2025 nog niet. Dat kan ik begrijpen. Sinds 1 juli 2023 — daar had de minister het ook al over — zijn de gemeenten bevoegd om boetes op te leggen aan verhuurders die intimideren of een woning verwaarlozen. Hoeveel verhuurders houden zich niet aan die regels? Hoeveel boetes zijn er uitgedeeld sinds 1 juli 2023?
Minister Keijzer:
Daar heb ik het actuele overzicht niet van. Ik denk dat het goed is dat we ons realiseren dat dit voor de gemeentes ook een nieuwe taak was. Vervolgens zijn ze aan het werk gegaan. Ze hebben vervolgens een escalatieladder opgesteld van de verschillende mogelijkheden die de wet hun biedt. Denk aan: een waarschuwing voorafgaand aan een sanctie, een last onder dwangsom, het opleggen van een bestuurlijke boete en bij recidive een bestuurlijke boete van de vijfde categorie. Ze hebben daarvoor zelf een boetetabel voor vastgesteld. Gemeentes hebben nu dus zo'n twee jaar die taak. Die zijn ze inmiddels aan het uitvoeren en zoals ik in eerste instantie al tegen u zei, voorzitter, kan ik bij de gemeentes achterhalen of er cijfers zijn om vervolgens bij elkaar opgeteld voor heel Nederland aan te geven hoe vaak dat gebeurd is. Maar op dit moment heb ik de cijfers niet paraat. Uiteraard wil ik de heer De Hoop toezeggen dat ik contact opneem met de VNG om te achterhalen of die cijfers er inmiddels zijn.
De heer De Hoop (GroenLinks-PvdA):
Dat staat dan genoteerd. Dank. Ondanks deze wet, die in 2023 al ingevoerd is, krijgen we deze signalen. Gisteren zagen we ook het bericht van de NOS. Is de capaciteit voor de handhaving eigenlijk wel op orde? Ik heb daar totaal geen beeld bij. Ik maak mij grote zorgen na deze signalen. Wat hebben we aan een wet als die niet wordt gehandhaafd? Ik zou daar toch graag iets over willen horen van de minister. Hoe ziet zij dat?
Minister Keijzer:
De heer De Hoop zegt dat de wet niet wordt gehandhaafd. Nou, het feit dat wij hier nu spreken over een nieuwsbericht waaruit blijkt dat de gemeente juist wel is gaan handhaven en optreden, maakt dat dit een beetje een bijzondere discussie is op dit moment. Bij de invoering van de Wet goed verhuurderschap is uiteraard ook met gemeentes gesproken of ze die taak willen en aankunnen. En ja, ik ben me ervan bewust dat er op dit moment gesprekken zijn met gemeentes over of ze het aankunnen, alle taken bij elkaar opgeteld. Maar dat is een andere discussie. Over deze taak heeft de Kamer indertijd, voor zover mijn informatie strekt — maar daar was de heer De Hoop bij, want ik denk hij toen zelfs al Kamerlid was — besloten om hem op te nemen in de Wet goed verhuurderschap en later ook in de Wet betaalbare huur. Daarop zijn gemeentes aan het werk gegaan. Totdat ik het tegendeel hoor, ga ik ervan uit dat gemeentes deze taak op zich nemen. Recent ben ik bij de Haagse pandjesbrigade geweest. Met ontzag heb ik daar gehoord hoe zij optreden tegen verhuurders die zich misdragen. Het gebeurt dus ook. De komende tijd moeten we met elkaar zien hoe het bestuursrechtelijk optreden van de gemeentes uiteindelijk uitpakt in de praktijk.
Maar nogmaals, ik zou mijn werk niet goed doen als ik hier geen aandacht zou vragen voor al die verhuurders, zowel verhuurders in de corporatiewereld als private verhuurders, die gewoon voortreffelijk vorm en inhoud geven aan hun verhuurderschap.
De heer De Hoop (GroenLinks-PvdA):
Ik zei niet dat er niet gehandhaafd wordt, ik zei dat er genoeg capaciteit zou moeten zijn. Want we hebben niks aan een wet als die niet goed gehandhaafd wordt. Dat even in reactie op de minister, want ze zei het anders dan ik het zei.
Zou de minister het een goed idee vinden als er een verhuurdersregister komt waar alle malafide verhuurders — verhuurders waarvan we het weten — met naam en toenaam in komen te staan, zodat kwaadwillende pandjesbazen sneller aangepakt kunnen worden?
Minister Keijzer:
Ik ben naar aanleiding van een Kamermotie bezig met een huurregister. Dat is trouwens makkelijk gezegd, maar veel moeilijker gedaan. Ik ben even kwijt of ik uw Kamer al geïnformeerd heb over hoe ik daar vaar, maar zo niet, dan meld ik u bij dezen dat dit aanstaande is. Dat is iets anders dan een verhuurdersregister, en dan heel specifiek — want daar ziet de vraag van de heer De Hoop op — verhuurders die op enig moment in de tijd geen goede vorm en inhoud gegeven hebben aan hun verhuurderschap. Ik hoef u denk ik niet uit te leggen dat dit nog veel makkelijker gezegd is dan gedaan, want je zult dan ook met elkaar moeten gaan vaststellen wanneer dat aan de orde is en wanneer je vindt dat een verhuurder zich bij herhaling zo misdragen heeft. Een keer iets verkeerd doen lijkt mij namelijk onvoldoende. Het gaat erom dat een verhuurder zich bij herhaling zo misdragen heeft dat hij op zo'n lijst terecht moet komen. Ik ben op dit moment dus nog niet zover. Laten we nu eerst met elkaar eens goed bezien hoe de Wet goed verhuurderschap in de praktijk werkt en of dat uiteindelijk leidt tot verhuurders die zich bij herhaling misdragen. Dan is het misschien veel beter om daar een ander instrument op te zetten dan weer met elkaar een systeem op te tuigen dat wellicht goed klinkt in de discussie, maar zijn doel voorbijschiet, namelijk zorgen voor goede huizen voor mensen die aangewezen zijn op de verhuurmarkt.
De heer De Hoop (GroenLinks-PvdA):
Iets anders waar ik de minister nog niet over gehoord heb, is dat heel veel huurders bang zijn om naar de Huurcommissie te stappen omdat ze bang zijn voor intimidatie door de huisbaas. Hoe gaat de minister ervoor zorgen dat huurders die zo in hun rechten geraakt worden, de moed hebben en de ruimte voelen om wel naar de Huurcommissie te stappen en wel in te grijpen? Er zijn heel veel mensen die niet eens melding durven te maken.
Minister Keijzer:
Die verhalen ken ik ook. Dat is best wel een catch 22, in mooi Nederlands. In de Wet goed verhuurderschap zit een verbod op intimidatie, maar als mensen bang zijn om het te melden, is dat ook weer ingewikkeld. We hebben in deze wet vast ook een evaluatiebepaling. Als we bezig gaan met de evaluatie van deze wet, laten we dan met elkaar bezien hoe dit in de praktijk uitpakt. Daarvoor moet uiteraard ook het gesprek met gemeenten aangegaan worden.
De heer De Hoop (GroenLinks-PvdA):
Ik ging dit vragenuurtje eigenlijk in met de hoop dat de minister net zo geschrokken zou zijn van de berichten die ik las als ik. Ik had gehoopt dat ze dacht: hier is iets extra's nodig. Ik had gehoopt dat de minister zou zeggen: dit zijn de cijfers, zo vaak is er al ingegrepen, zoveel boetes zijn er uitgedeeld. Ik heb het niet gehoord. Wel heb ik gehoord dat de minister hier drie, vier, vijf keer herhaald heeft hoeveel goede verhuurders er zijn. Natuurlijk zijn die er. Er zijn ontzettend veel goede verhuurders. Er zijn fantastische woningbouwcorporaties. Maar er zijn heel veel huurders die zich grote zorgen maken, te veel huur betalen, schimmel tot aan de muren hebben. En ik heb nog niks van deze minister gehoord wat zij daar extra voor gaat doen. Ik vind het onbegrijpelijk dat dezelfde minister op dit moment een wet die hier iets aan doet al wil verzwakken. Ik vraag van deze minister actie. Ik vind dit echt onvoldoende en hoop dat zij meer gaat doen om huurders te gaan beschermen in plaats van pandjesbazen te beschermen.
Minister Keijzer:
Het lijkt net alsof in de woorden van de heer Habtamu de goede verhuurders de corporaties zijn en de slechte verhuurders de private verhuurders, die het predicaat "pandjesbaas" krijgen. Maar dat is natuurlijk niet zo. Ook met betrekking tot corporaties worden er klachten gemeld bij de Huurcommissie. Die worden trouwens lang niet altijd in het gelijk gesteld, waarbij de corporatie dus in het ongelijk wordt gesteld. Maar laten we nou toch alsjeblieft stoppen met dit tegenover elkaar te zetten. Op alle fronten gedraagt de meerderheid, de óvergrote meerderheid van de verhuurders zich gelukkig goed. Maar met de heer De Hoop ben ik het eens dat je over degenen die op hun geweten hebben wat in dat artikel staat, niet fel genoeg kunt zijn. Dat is gewoon een schande.
De voorzitter:
Dank u wel. Vervolgvragen. De heer Grinwis.
De heer Grinwis (ChristenUnie):
Slechts een paar kilometer hier verderop in het Laakkwartier zijn er dagelijks schandalige situaties aan de orde. Mensen worden echt uitgebuit, vaak niet in een kwalitatief hoogwaardige woning, maar in een woning met schimmel op de muur. Ik ben heel blij dat we de laatste jaren wetten hebben aangenomen, namelijk de Wet goed verhuurderschap en de Wet betaalbare huur, die gemeenten en de Haagse Pandbrigade tools in handen geven om op te treden. Mijn vraag aan de minister is: is zij er ook zo blij mee dat deze wetten er zijn en dat gemeenten daarmee meer mogelijkheden hebben om te handhaven? Is ze ook zo trots op de Haagse Pandbrigade? Zouden we niet in veel meer gemeenten het op die manier moeten organiseren? Ik zie namelijk de mannen en vrouwen van de Haagse Pandbrigade dagelijks de wijk ingaan en het daarbij opnemen voor de huurder en zich inzetten voor de veiligheid in de stad. Chapeau!
Minister Keijzer:
Ja, eens. Ik ben daar op werkbezoek geweest en het is echt bijzonder om te zien. Overigens zijn niet alleen daar mensen actief op dit vlak, maar ook bij de Huurcommissie. Die komen dingen tegen die je eigenlijk niet wilt weten. Je bent eigenlijk verbaasd als je de foto's ziet. Er wordt daar echt heel goed werk gedaan.
De heer Peter de Groot (VVD):
Elke verhuurder die zich misdraagt, is er een te veel. Het is goed om te zien dat de Haagse Pandbrigade haar werk doet. Ik ben ook blij te horen dat de minister zegt dat er zo ontzettend veel goede verhuurders zijn. Dat mag ook gememoreerd worden in dit vragenuur.
Ik heb één vraag aan de minister over de Wet goed verhuurderschap. Die wet zorgt ervoor dat gemeenten gebieden kunnen aanwijzen waar verhuurders vergunningen moeten aanvragen om daadwerkelijk te mogen verhuren. Kan de minister voorafgaand aan het volgende commissiedebat een overzicht verstrekken van de plekken waar dit in Nederland het geval is, zodat wij over de inhoud en de cijfers het debat met elkaar kunnen voeren?
Minister Keijzer:
Nogmaals, deze wetten zijn net in werking getreden. Ik weet dus niet wat er al aan geaggregeerde informatie over heel Nederland is. Maar ik vind het een interessante vraag, dus ik zal ook op dit onderwerp met de VNG in gesprek gaan om te vragen of die informatie er is. Als die er is, dan zal ik die uiteraard met de Kamer delen.
Mevrouw Welzijn (NSC):
De meeste mensen worden niet vermoord en de meeste mensen worden niet beroofd, maar als je vermoord of beroofd wordt, dan hoop je dat de focus naar het slachtoffer gaat. Ik zou dus ook graag willen horen van de minister, ondanks dat er zo veel verhuurders zijn die het goed doen, wat zij nou vindt van het feit dat er zo veel huurders slachtoffer zijn van verhuurders die zich misdragen. Op welke manier kunnen we ervoor zorgen dat hier actiever op gehandhaafd wordt? Dus in plaats van te wachten op een melding en daarop af te gaan, kun je de mensen die niet durven te melden helpen door hen actief op te zoeken.
Minister Keijzer:
Ik heb net in antwoord op de heer De Hoop al aangegeven dat je daar niet scherp genoeg op kunt zijn. Ik wil dat uiteraard nog een keer herhalen. Ik heb de foto's gezien. Het is werkelijk schandalig. Wat kan ik daar verder nog aan toevoegen?
Mevrouw Wijen-Nass (BBB):
Ik ben heel erg blij dat de minister benadrukt dat verhuurders niet altijd moeten worden weggezet als huisjesmelkers of pandjesbazen. In Nederland zijn namelijk heel erg veel mensen op zoek naar een betaalbare huurwoning. Ik heb zelf ook zo'n woning gehuurd van een hele goede verhuurder. Dat moeten we hier ook met z'n allen benadrukken. Maar er zijn natuurlijk ook situaties waarin het helemaal niet goed gaat. Ik ben benieuwd of de minister het met mij eens is dat er al binnen de huidige wetgeving genoeg mogelijkheden zijn om die misstanden aan te pakken.
Minister Keijzer:
Die wet is hier nog niet zo heel lang geleden in de Kamer vastgesteld. In die wet zitten een aantal regels waar verhuurders zich aan mogen, nee, moeten houden. Ik heb ze net ook allemaal opgesomd. Daarnaast kent de wet ook een instrumentarium, namelijk datgene waar gemeenten op mógen letten. Hier geldt het woord "mogen". Maar dat gemeenten zich dit natuurlijk aantrekken en met die wet aan de bak willen, en naar mijn smaak ook moeten, daar kan ik glashelder over zijn.
De heer Mooiman (PVV):
Wat hier gebeurd is, is natuurlijk verschrikkelijk. Tegelijkertijd is het goed dat hierop gehandhaafd wordt. Ik denk dat de manier waarop de Haagse Pandbrigade dat doet, ook een hele goede is. Maar in het verlengde van wat de heer De Hoop aanduidde, heb ik een vraag over de handhavingscapaciteit elders in het land. We weten natuurlijk dat de grote gemeenten hier veel capaciteit voor hebben, maar dit probleem speelt natuurlijk breder. Wij vragen ons af of de minister, als zij straks met de cijfers gaat komen over hoe vaak er een boete is uitgeschreven — ik geloof dat die cijfers zojuist toegezegd zijn — daarin ook kan meenemen wat de stand van zaken is in de gemeenten in het land en of daar voldoende handhavingscapaciteit is.
Minister Keijzer:
Ik heb net aangegeven dat ik in contact treed met de VNG om te achterhalen of die cijfers er zijn. Als die er zijn, zal ik die uiteraard delen. Maar ik denk dat het goed is dat we in een komend commissiedebat eens met elkaar bespreken hoe dit er nu voor staat, zo'n twee jaar na de inwerkingtreding van die Wet goed verhuurderschap. Maar dat is uiteraard aan uw Kamer.
Mevrouw Vedder (CDA):
De minister zei net: dat kun je alleen maar scherp veroordelen. Toch viel het me op dat de minister begon met de verhuurders en dat het woord "verhuurder" ook vele malen vaker is gevallen dan het woord "huurders", terwijl een serieuze groep huurders serieus in de knel zit en eigenlijk alleen naar de overheid kan kijken voor hulp die zij nodig hebben en waar zij recht op hebben. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat die aarzeling van de minister om daar als eerste bij stil te staan, misschien wel gelijk staat aan het warm omarmen van de Wet betaalbare huur. Iedereen ziet dat de Wet betaalbare huur onder druk staat. Ik wil dus net als de heer Grinwis aan de minister vragen of de Wet betaalbare huur werkt voor het beschermen van huurders. En zo nee, komt dat dan doordat we die wet nog meer tijd moeten geven om zich te bewijzen?
Minister Keijzer:
Dit is een ander debat. Dat gaat over de Wet betaalbare huur. Ik heb uw Kamer op dat punt toegezegd dat ik eind maart kom met een eerste duiding van de cijfers over het uitponden, het verkopen van huurwoningen. Daar is in ieder geval zorg, want als een huurder vanwege een aflopend tijdelijk huurcontract te horen krijgt dat de eigenaar die woning vervolgens gaat verkopen, is dat in ieder geval niet in het belang van de huurder. Dat is dus een terecht onderwerp, waar we het absoluut met elkaar over gaan hebben, maar dat is een ander onderwerp dan hetgeen waarvoor ik in mijn perceptie hier in het vragenuur sta.
Mevrouw Beckerman (SP):
Interessant dat de minister de vraag of huurders met een wet beter beschermd worden tegen woekerhuren niet wil beantwoorden en over een ander onderwerp begint. Het is goed dat er wetten zijn om huurders te beschermen, maar als iemand die al 30 jaar handhaver is in dat NOS-artikel over de huidige situatie zegt "het is bij de beesten af", dan vraagt de SP zich af of alleen waarschuwingen en boetes genoeg zijn. De minister zei net in antwoord op de vraag van De Hoop of een zwarte lijst van verhuurders goed zou zijn: misschien is het beter om een ander instrument in te zetten. Welk ander instrument dan? Denkt de minister dan bijvoorbeeld aan onteigening van deze hele foute verhuurders?
Minister Keijzer:
De Wet goed verhuurderschap kent ook de beheerovername. Dat is de laatste stap in de escalatieladder. Dat wil zeggen dat uiteindelijk het verhuurderschap overgenomen wordt. Dat is gewoon een laatste optie, die ook in de Wet goed verhuurderschap staat. Dat is voor degenen die zich bij herhaling misdragen. Daar ben ik volgens mij glashelder over geweest. De situaties die ik ook gezien heb toen ik op werkbezoek was bij de Haagse Pandbrigade en bij de Huurcommissie, laten weinig aan de verbeelding over. Zo ga je niet om met huurders.
Mevrouw Beckerman (SP):
Dat is de terechte en harde conclusie: er zijn nog steeds heel veel huurders die echt in ziekmakende omstandigheden zitten en nog steeds dramatisch hoge huren moeten betalen. Gelukkig zijn daar zijn nu deze wetten voor. De vraag is dus: escaleert de wet snel genoeg? Je moet wachten tot jouw verhuurder een waarschuwing of boete krijgt, terwijl we eerder al zagen dat er verhuurders zijn die misschien wel twintig keer op de vingers worden getikt en toch doorgaan. Onze vraag is dus: moeten we niet sneller, harder kunnen ingrijpen?
Minister Keijzer:
Ik denk echt ... Nou ja, over wat ik denk, kan de Kamer zeggen: is dat interessant? Maar de Kamer heeft wetten aangenomen, waaronder de Wet goed verhuurderschap, waar allerlei regels in staan waar verhuurders zich aan hebben te houden in het belang van de huurders; dat zeg ik er nu maar even achteraan. Daar zit een heel instrumentarium bij. Er zijn afspraken gemaakt met gemeentes om die ook te gaan uitvoeren. Sinds 1 januari 2024 moet elke gemeente een meldpunt hebben. Deze wet is dus nog maar net vigerend. Laten we deze wet zijn werk laten doen voordat we er weer iets bovenop gooien.
De voorzitter:
De heer El Abassi van DENK. Sst, mevrouw Beckerman, niet buiten de microfoon.
Minister Keijzer:
Dat geldt voor alle wetten, zegt de heer De Hoop.
De heer El Abassi (DENK):
Fijn dat de minister de verhuurders nog even complimenteert. Wat volgens mij vooral verkeerd aankwam bij heel veel Kamerleden hier, was dat daar helemaal geen vraag over gesteld is. Ik hoorde de heer De Hoop helemaal niet zeggen dat de meerderheid van de verhuurders verkeerd is, maar de minister kiest er bewust voor om daar aan het begin van haar bijdrage wel aandacht aan te besteden. Dat is wel opvallend, zou ik willen zeggen.
De voorzitter:
Ja. Dank u wel. Een reactie van de minister.
De heer El Abassi (DENK):
Waarom heeft de minister daarvoor gekozen?
Minister Keijzer:
Volgens mij, maar dat zou ik even terug moeten kijken, ben ik begonnen met ingaan op de vraag of ik geschrokken was. Daarna, maar ik zou even terug moeten kijken om te zien of mijn herinnering hier klopt, ben ik ingegaan op de relatie die de huurder heeft met de verhuurder. Omdat ik de cijfers ken van de zaken die bij de Huurcommissie worden aangebracht, vind ik het in mijn functie als minister niet meer dan correct om ook aan te geven dat het gelukkig in de meeste situaties wel goed gaat. Ik ben minister. Ik ben verantwoordelijk voor de volkshuisvesting. Voor volkshuisvesting heb je naast alle andere actoren, zoals gemeentes, investeerders en bouwers, in de huur uiteindelijk twee actoren nodig, want zonder een verhuurder heeft een huurder geen huis om te huren en zonder huurder heeft een verhuurder niemand die de huurpenningen betaalt. Uiteindelijk, aan het einde van alles, moeten verhuurders zich netjes gedragen. Uit de berichtgeving op basis waarvan wij hier vandaag in het vragenuurtje staan, komt het beeld naar voren dat dat in die situatie eigenlijk een schandelijke vertoning is. En dan is het goed dat ertegen opgetreden wordt.
De heer El Abassi (DENK):
Dat is goed. Nogmaals, de heer De Hoop had het over huisjesmelkers, over de uitbuiters, zoals ik al aangaf. De minister kiest er toch bewust voor om aan te geven dat heel veel verhuurders het wel goed doen. Ik snap nog steeds niet, en heel veel Kamerleden volgens mij ook niet, waarom de minister daarvoor kiest. De minister had ook kunnen zeggen: ze hebben mooie huizen, een mooie auto en een goed leven. Dat is allemaal onnodig. Het ging hier om huisjesmelkers, om uitbuiters. Daar werden de vragen over gesteld. Toch de minister ervoor om hier stil te staan bij goed verhuurderschap. Dat ligt gewoon niet fijn.
Minister Keijzer:
Misschien zouden meer mensen dat moeten doen.
Dank u wel.
De voorzitter:
Tot zover het vragenuurtje. Ik schors enkele minuten. Dank aan de minister. Fijn dat u antwoord heeft gegeven op deze vragen. Dan gaan we straks stemmen.
De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/h-tk-20242025-61-4.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.