Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-2020nr. 28, item 3

3 Vragenuur: Vragen Postma

Vragen van het lid Postma aan de minister van Economische Zaken en Klimaat, bij afwezigheid van de minister van Infrastructuur en Waterstaat, over fraude met kentekenplaten.

De voorzitter:

Ik geef nu het woord aan mevrouw Postma namens het CDA voor haar vraag aan de minister van Economische Zaken en Klimaat, die ik van harte welkom heet. Deze minister vervangt de minister van Infrastructuur en Waterstaat. De vraag gaat over fraude met kentekenplaten. Het is de eerste keer dat u meedoet aan het mondelinge vragenuur, dus we gaan kijken hoe het gaat.

Mevrouw Postma (CDA):

Ik ben zelf ook heel benieuwd, voorzitter.

De voorzitter:

Het komt goed.

Mevrouw Postma (CDA):

Dank u wel, voorzitter. In een reportage van Nieuwsuur, maar ook in een vlog van Sven van der Meulen van Vrije Vogels, werd duidelijk dat het kinderlijk eenvoudig is om online kentekens te bestellen die niet van echt te onderscheiden zijn. En dat bij bedrijfjes die kentekens maken voor de fun, terwijl RDW de enige is die hiervoor bevoegd is. Zonder moeite werden de nummerplaten van onze minister-president en onze koning opgestuurd, binnen 24 uur.

Het kentekenbewijs is het identiteitsbewijs van de auto, net als het paspoort dat voor ons is. Met een paspoort ga je zorgvuldig om, dat doe je zelf en dat doet ook de overheid die verantwoordelijk is voor de uitgifte. Het verbaast ons dat het zo eenvoudig is om een nepkenteken te bestellen. Dat heeft grote gevolgen. Criminelen maken in toenemende mate gebruik van gestolen auto's en valse kentekens om zware misdaden te plegen, zoals laatst nog bij de verschrikkelijke moord op advocaat Derk Wiersum. Ook zijn er Nederlanders die te maken krijgen met verkeersboetes van plekken waar ze nog nooit zijn geweest.

Dit moet absoluut een halt toegeroepen worden. Criminelen worden in de kaart gespeeld, de veiligheid is in het geding en automobilisten zijn de dupe. Ik heb de volgende vragen. De RDW is verantwoordelijk voor de uitgifte van kentekens. Klopt het dat er ook door de RDW gecertificeerde bedrijven zijn die officiële kentekens uitgeven, maar ook zogenaamde "fun plates"? Hoe kan het dat iemand binnen 24 uur een goed lijkende kopie van een nummerbord kan krijgen? Wie heeft het toezicht op deze uitgifte? Hoe ziet het proces eruit vanaf het moment dat je online een kenteken intoetst om te bestellen tot het moment dat het in je brievenbus aankomt? Welke controle is er vanuit de overheid, van de RDW en van de minister van IenW, op dit proces?

Voorzitter. Uit de reportage van Nieuwsuur blijkt ook hoe makkelijk het is om een auto met een smart key te stelen en te misbruiken voor zware criminaliteit. Twee jaar duurt het om het probleem met de sleutel op te lossen. Ik begrijp inmiddels dat de enige tip die mensen met een auto van tienduizenden euro's met een smart key krijgen, is: bewaar alsjeblieft je smart key in een koekblik, want dan is die moeilijker uit te lezen. Hoe kan het dat de echte oplossing hier zo lang op zich laat wachten? Wat voor acties kan de minister ondernemen om ervoor te zorgen dat deze diefstal afneemt?

De voorzitter:

Dan geef ik nu het woord aan de minister.

Minister Wiebes:

Voorzitter. Dat zijn twee vragen in een: de ene gaat over kentekens en de andere over sleutels. De problematiek van het frauderen met of het vervalsen van kentekenplaten is bekend bij mijn collega's van Justitie en Veiligheid en ook die van Infrastructuur en Waterstaat. Er is een Kamerbrief geweest met het halfjaarbericht politie van 4 juli waarin de minister van JenV de Kamer hierover informeert. Het is heel duidelijk dat er oplossingen moeten komen. Daar werkt de Rijksdienst voor het Wegverkeer aan. In het verleden zijn er allerlei maatregelen genomen.

Laat ik van de precieze antwoorden op de vragen van mevrouw Postma hier en daar abstraheren. Er is nu in elk geval een systeem van gecontroleerde afgifte en inname van kentekens. Dat stamt uit 2000 en is daarna aangevuld met allerlei andere maatregelen. Het is inmiddels duidelijk dat de georganiseerde misdaad ons weer voor is en dat er een volgende stap moet worden gezet. Die volgende stap zou kunnen zijn dat het ministerie van JenV en dat van IenW samen met de RDW nu zoeken naar een digitale kentekenplaat. Dat is een kentekenplaat waar een chip in zit die op afstand afleesbaar is, de zogenaamde RFID-chip. Die zou het moelijker maken om kentekens te vervalsen. Er wordt nu gekeken, ook naar aanleiding van de opkomst hiervan, of dat proces naar digitale kentekenplaten versneld kan worden. Overigens zal er zodra die er zijn wel weer iets nieuws nodig zijn. Dat blijft een ratrace. Maar de twee bewindslieden hebben zich voorgenomen om de Kamer vóór de zomer verder te informeren over dat traject.

Mevrouw Postma had het ook over de smart key in het koekblik. Dat is iets wat natuurlijk meer ligt bij de auto-industrie. De markt vraagt om auto's die niet makkelijk open te breken en te jatten zijn. Daar schiet op dit moment de markt enigszins in tekort. Maar dat is niet een bevoegdheid van de minister van IenW; daar moet de auto-industrie iets aan doen.

Mevrouw Postma (CDA):

Ik kom eerst even op de smart key. Er was vroeger een werkgroep voertuigdiefstal. Die werkgroep was samen met de overheid, maar ook met de autosector en met partijen zoals de ANWB, actief om juist dit soort dingen tegen te gaan.

Minister Wiebes:

Ja.

Mevrouw Postma (CDA):

Hoe staat het met die groep, en zijn ze hier dan druk mee aan de slag?

Mijn andere punt ging over de kentekenplaat zelf. Ik had het net over vlogger Sven van de Meulen. Dat is gewoon een vlogger, een jongen van 22 jaar. Hij kan online een kenteken bestellen. Zo simpel is het dus.

Minister Wiebes:

Ja.

Mevrouw Postma (CDA):

Ik zie dat er in 2000 een maatregel is genomen. Je kunt dus online gewoon iets bestellen. Dan lijkt mij dat er iets misgaat in dat controleproces. Ik zie het zo voor me. Die aanvraag komt binnen in een geautomatiseerd systeem. Het wordt verwerkt naar een druksysteem. En daartussen faalt die controle. Zo'n kentekenplaat kost ook maar €12, dus ik heb niet de illusie dat er veel mensen actief zijn in die controlefunctie. Dus ik zou toch eens even willen vragen of de minister wat scherper op dat proces kan gaan zitten. Hij heeft het nu over de zomer van 2020. Het is nu net herfst en het wordt straks winter. We zijn in de zomer dus dan alweer driekwart jaar verder.

En wat gebeurt er ondertussen? We halen 1 miljard binnen aan verkeersboetes. Daartussen zitten een heleboel boetes die eigenlijk onterecht zijn. Mensen rijden volgens het boetesysteem ergens, maar rijden daar in werkelijkheid niet, en krijgen toch een boete binnen. Ik heb om mijn bureau een boete liggen van iemand. Die boete is in Frankrijk opgelegd, maar hij is helemaal niet in Frankrijk geweest. Hoe kan de minister daarmee aan de slag gaan? En dan graag iets sneller dan "de zomer van 2020".

Minister Wiebes:

Of de werkgroep zoals hij bestond, nu nog precies in deze vorm bestaat, weet ik niet. Ik weet dat de problematiek van de smart keys binnenkort ook besproken wordt met RAI. Dat is de organisatie waarin autofabrikanten verenigd zijn.

Hoe kan het dat iemand binnen 24 uur een kenteken krijgt? Dat komt natuurlijk doordat er partijen zijn die nepkentekenplaten maken. Dat zit dan niet in de officiële controleketen van de overheid. Maar deze partijen maken kentekens gewoon na. Ik zal de twee bewindslieden die hierover gaan, vragen om in diezelfde brief hierop in te gaan.

De voorzitter:

Uw laatste zin, mevrouw Postma.

Mevrouw Postma (CDA):

Mijn laatste zin! Deze kentekens worden besteld bij bedrijven die door de RDW gecertificeerd zijn om officiële kentekenplaten uit te geven, maar ook fun plates. Ik ben van mening dat als jij door de RDW gecertificeerd bent om officiële kentekenplaten uit te geven, je daar als bedrijf een betere controle op moet hebben. En ik ben van mening dat de minister daar verantwoordelijk voor is.

Minister Wiebes:

En als dat door die bedrijven wordt gedaan, dan klopt dat ook. Ik zal dus de collega's vragen om in die brief daarop in te gaan, en ook op de andere maatregelen, zoals het moeilijker maken van het namaken van de kentekenplaten.

De voorzitter:

Dank u wel, mevrouw Postma. Dat heeft u goed gedaan.

De heer Remco Dijkstra (VVD):

Auto's worden gestolen en het is blijkbaar heel makkelijk om een auto te stelen. Op internet kun je filmpjes zien waarin iemand langs een auto rijdt en met een laptopje het signaal oppikt. En binnen 30 seconden of een minuut rijden ze weg met een kostbare auto. Vervolgens zoeken ze er eentje op internet op en kopiëren ze gewoon bij een of ander louche bedrijfje de kentekenplaat. Dat is natuurlijk schadelijk en daar moeten we tegen optreden. Volgens mij is het primair een juridisch probleem en is daar een aanpak voor nodig. Maar kunnen de bewindspersonen ook kijken naar de rol van verzekeraars? De minister noemde RAI al, van de automobielindustrie zelf. Maar is het bijvoorbeeld ook mogelijk om die ANPR-camera's die we hebben, hiervoor te gebruiken? Ik geloof dat er zo'n 700 of 800 boven de snelwegen in Nederland hangen. Kunnen we die inzetten om te kijken of er rare situaties zijn, waarbij er bijvoorbeeld een auto eerst in Noord-Holland rijdt en tien minuten later in Limburg? Dan moeten we daar ook een signaleringsfunctie aan koppelen.

Minister Wiebes:

Nou, ik ben het geheel met de VVD eens dat bij diefstal niet alleen de overheid als een soort ultieme dweil alles moet opdweilen, maar dat ook private partijen daar een eigen verantwoordelijkheid bij hebben. Dat zijn de fabrikanten, natuurlijk de eigenaars en ook de verzekeringsmaatschappijen. Dat moet niet alleen met RAI, maar ook met verzekeringsmaatschappijen worden besproken. Ik breng die wens over, want dat is natuurlijk het eerste wat er gedaan moet worden: preventie.

Dan de vraag of de ANPR hiervoor kan worden ingezet. Ik heb in de fiscaliteit langdurig moeten studeren op de vraag waar de ANPR kan worden ingezet en ik weet inmiddels dat intuïtieve antwoorden meestal niet de goede antwoorden zijn. Dus ik zorg dat deze suggestie in de brief die de twee bewindslieden hierover schrijven even wordt meegenomen.

De heer Schonis (D66):

Voordat ik een vraag stel waar deze minister heel makkelijk een antwoord op kan geven in de zin van "joh, ik moet het met mijn collega's bespreken", zeg ik: u heeft ook een aantal potjes voor innovatie. We moeten nu toch kijken naar hoe de auto-industrie dit zelf beter zou kunnen doen. Mijn eigen iPhone kan met gezichtsherkenning vergrendeld en ontgrendeld worden. Dat zou je met een auto uiteindelijk ook kunnen doen. Daar zijn vast innovatiepotjes voor te vinden. Dus komt u straks ook met een aanbieding richting de RAI en de auto-industrie om te kijken wat hierbij aan nieuwe technologische ontwikkelingen mogelijk zijn?

Minister Wiebes:

Nou moeten we wel even heel goed oppassen dat we wel dingen op het bordje van de overheid leggen die ook des overheids zijn. Het beter maken van auto's op het gebied van diefstalbeveiliging dan wel het beter opsporen daarvan noemen we geen innovatie in de zin van het regeerakkoord. In het regeerakkoord zien we innovatie als een manier om economische groei te bevorderen langs lijnen van maatschappelijke uitdagingen. Die zijn benoemd in het regeerakkoord. Het gaat dan bijvoorbeeld om gezondheid, voedsel, allerlei sleuteltechnologieën zoals nanotechnologie, maar van het beter beveiligen van autosleutels zou ik echt vinden dat de markt daarmee aan de gang moet gaan. Wij moeten niet elk probleem op het bordje van de overheid neerleggen. Daar gaat het wel om bij de misdaadbestrijding, maar de innovatie van autosleutels hoort bij de markt.

De voorzitter:

De tweede vraag namens D66.

De heer Schonis (D66):

Ik hoor de minister eigenlijk heel goed zeggen waarom we juist wel innovatie hiervoor zouden kunnen toepassen. Nederland wordt dan koploper in innovatie in autotechnologie. Wat zou daarop tegen kunnen zijn?

Minister Wiebes:

Daar is niets op tegen. Maar daarbij is geen financiële interventie van de overheid per se op z'n plaats. Wij zetten in op die dingen waarbij de markt overduidelijk geen enkele prikkel heeft om te ondernemen, omdat het te risicovol is of te ver van een ontwikkelingsstadium. Dit gaat gewoon om doorontwikkeling van bestaande technieken. Wij mogen echt van de markt verwachten dat die hier oplossingen voor aandraagt. Het innovatiebudget zou ook snel uitgeput zijn.

De voorzitter:

Dank u wel.