Handeling
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Vergadernummer | Datum vergadering |
|---|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 1994-1995 | nr. 37, pagina 1433-1435 |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Vergadernummer | Datum vergadering |
|---|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 1994-1995 | nr. 37, pagina 1433-1435 |
Er is geen inhoudsopgave aanwezig.
De voorzitter:
Ik deel aan de Kamer mede, dat is ingekomen een bericht van het overlijden van het lid der Kamer de heer Van Aardenne. Ik verzoek u te gaan staan.
"Je moet de moed niet opgeven zolang het kan", zei Gijs van Aardenne eind 1994, toen het onherroepelijk vaststond dat hij ongeneeslijk ziek was. Deze uitspraak zou ook het motto kunnen zijn voor het openbare leven van Van Aardenne. Tegelijkertijd was het een uiting van zijn geloof: "Alles heeft zijn uur en ieder ding onder de hemel zijn tijd." Zo nam hij dan ook op 13 juni zijn plaats in in deze Kamer. Wie herinnert zich niet de blijde glimlach, de ogen toch wat verlegen wegkijkend, toen hij omringd door vooraanstaande nieuwe en oude politieke vrienden die dag in de Ridderzaal op de foto werd gezet. Hij was dankbaar voor de geïmproviseerde voorzieningen die de oude vergaderruimten met trappen en trapjes, gangen en hoekjes, ook voor hem ontsloten. Hoe zou hij genoten hebben van zijn aanwezigheid, straks over een uur, bij de heringebruikneming van deze vergaderzaal.
Hij zag zijn lidmaatschap van deze Kamer niet als een vorm van eerherstel want, zoals onze collega Wiegel heeft gezegd: "daarvoor moet je eer zijn aangetast". Van Aardenne liet zich niet verbitteren. Van rancune wilde hij niet weten, ook al kende zijn leven als bestuurder grote teleurstellingen. Het lidmaatschap van de Eerste Kamer zag hij als een mogelijkheid om opnieuw zijn liefde voor en loyaliteit aan het bestuur inhoud te geven. Een regent in de goede betekenis van het woord: constant, hard werkend, redelijk, maar vooral ook aardig. Zijn lach kon het beeld van de stoïcijn plotseling volstrekt wegvagen.
Zijn aandeel in het debat met dit kabinet zou een eigen betekenis hebben gehad. Immers, in mei 1994 werd hij overhaast van vakantie uit Sicilië teruggeroepen om met ons vroegere medelid Jan Vis en Klaas de Vries de mogelijkheden te verkennen voor een kabinet van PvdA, VVD en D66. Die eerste poging mislukte, maar de basis was gelegd. En toen de formateur het uiteindelijke resultaat op tafel legde, verdedigde Van Aardenne, over zijn aanvankelijke scepsis heen, loyaal de uitkomst binnen zijn partij. Het was ook in die periode dat het begin van zijn slopende ziekte zich openbaarde en hem deed besluiten af te zien van een nieuwe periode als minister. Ik herinner mij het gezamenlijke diner van alle (in)formateurs hier, in de koffiekamer, omdat die ruimte per lift bereikbaar was. Hij sprak openlijk over zijn ziekte, vast van plan "te doen wat ik altijd heb gedaan, het gevecht aangaan".
Als minister van Economische Zaken raakte hij ervan overtuigd dat na de verwoestende gevolgen van twee oliecrises een structurele herijking van het financiële en economische beleid voorwaarde was voor een economisch herstel. Hij was een van de belangrijkste architecten van het beleid van Lubbers I. Van Aardenne, de bruggenbouwer, ook in het kabinet. Creatief en bereid om compromissen te sluiten en daarvoor te staan, met gevoel voor het politiek haalbare. Dat stempelde zijn beleid, vooral in het eerste kabinet-Van Agt, met de gevolgen waarvan hij later opnieuw zou worden geconfronteerd.
VoorzitterAchteraf is het misschien wat ironisch dat juist hij, de bruggenbouwer, averij zou oplopen omdat de omslag van massale steun aan individuele bedrijven naar generieke maatregelen politiek, óók binnen de regeringspartijen, nog niet breed gedragen werd. Was Van Aardenne misschien ook een te aardig mens en een te loyaal bestuurder om de brug naar het nieuwe beleid, zelfs als de no-nonsense in persoon, in looppas over te willen steken? Parlementair-historisch onderzoek zal ooit deze en andere vragen wel beantwoorden.
De Eerste Kamer was voor Van Aardenne geen onbekend terrein. Als minister verdedigde hij hier wetsvoorstellen en begrotingen. Wie de Handelingen van die vergaderingen doorbladert, komt onderwerpen tegen die toen zeer leefden: maatregelen op het terrein van investeringen, besluiten met betrekking tot energie-opwekking, de deelneming aan het ultracentrifuge-project. Het waren geen debatten waarin de toenmalige minister van Economische Zaken zich als een meeslepend, visionair redenaar liet kennen. Hij achtte zich daarvoor ook niet in de wieg gelegd, stammend uit een Dordtse familie en opgegroeid in een Rotterdams gezin waarin "zuinigheid met vlijt" voorop stond. Hij deed de boekhouding voor het familiehuisje in Zeeland, zorgvuldig, rechtvaardig. Zijn politieke loopbaan vanaf 1964 in de gemeenteraad van Dordrecht had hem geleerd waar hij goed in was, en dat was veel. Terugblikkend op een mogelijk lijsttrekkerschap in 1982 concludeerde hij dan ook: "Ik zou het land in moeten en bühnewerk moeten doen; daar had ik de constructie niet voor. Ik vond mezelf veel meer een bestuurder en een zoeker naar oplossingen."
In februari 1986 herdacht hij als vice-minister-president in deze Kamer de plotseling overleden minister van Binnenlandse Zaken, zijn partijgenoot Rietkerk. De karakteristieken die hij toen noemde, zijn achteraf bezien evenzeer van toepassing op Van Aardenne zelf: integer, bescheiden, nuchter, wars van (politieke) modes, wars ook van publiciteit rond zijn privé-leven. Maar wel was hij open over zijn ziekte, niet van plan zich te laten opsluiten zolang het nog kon.
Gijs van Aardenne liep niet met zichzelf te koop. Velen meenden dat hij een econoom was, maar hij had in Leiden wis- en natuurkunde gestudeerd. Zijn belangstelling voor de natuur maakte hem al op jonge leeftijd tot een vogelaar die trouw lid bleef van de Zeeuwse vogelwacht. Van huis uit kreeg hij zijn liefde voor de muziek mee; ook tijdens zijn ziekte, in zijn rolstoel, ging hij op CD-jacht. Hoe druk ook, hij was een pater familias die op hoogtijdagen graag de zijnen om zich heen verzamelde en minutieus meeleefde met hun wel en wee. Ons gevoel te vroeg een ervaren politicus, loyaal bestuurder en aimabel medelid te moeten missen, verbleekt daarom ook bij het gevoel van gemis dat hij in eigen kring achterlaat.
Vlak voor mijn vakantie, begin augustus, belde ik hem op. Zijn stem was, naar zijn eigen zeggen, wat gebarsten maar zijn geest was ongebroken. "Ik hoop in de rest van de zomer wat op te knappen zodat ik niet iedere middag meer hoef te rusten. Ik krijg ook een andere auto waar de hele rolstoel in kan. Alles kost wel moeite; niets gaat zo maar; maar ik doe mijn best." De moed niet opgeven zolang het kan. Op 10 augustus bleek het niet meer te kunnen.
Namens de Kamer spreek ik de wens uit dat zijn vrouw en kinderen sterkte mogen putten uit al hetgeen Gijs van Aardenne in zijn leven als dienaar van de publieke zaak en als zorgzaam mens in eigen kring heeft gedaan.
Ik geef het woord aan de minister-president.
Minister Kok:
Wij staan hedenmiddag stil bij het overlijden van oud-minister Gijs van Aardenne op 10 augustus jongstleden. Ik wil namens de regering onze gevoelens van medeleven tot uitdrukking brengen. Zijn overlijden heeft ons allen getroffen. Onze gedachten gaan in het bijzonder uit naar zijn vrouw Marijke en zijn vier kinderen. Zij hebben hun echtgenoot en vader verloren.
Gijs van Aardenne is relatief jong overleden. Hij werd 65 jaar. Wij herinneren ons hem als een aimabel mens. Hij heeft in zijn leven veel politieke functies vervuld. Hij was een overtuigd liberaal. Hij begon zijn politiek-bestuurlijke loopbaan als wethouder in Dordrecht. Daarna maakte hij in het begin van de jaren zeventig de stap naar de landelijke politiek; eerst als lid van de Tweede Kamer, vervolgens als minister van Economische Zaken in het kabinet Van Agt/Wiegel. Dezelfde functie vervulde hij in het kabinet Lubbers I, in die periode was hij tevens vice-premier.
Hij bleek een bruggenbouwer van formaat te zijn; een man die als geen ander compromissen – houdbare compromissen – kon bewerkstelligen. Het ministerschap was hem op het lijf geschreven. Hij beschikte over een combinatie van nogal zeldzame eigenschappen: een scherp analytisch vermogen, een werkelijke bereidheid naar anderen te luisteren, een grote feitenkennis, een fenomenale werkkracht en vooral ook de bereidheid tot het dragen van verantwoordelijkheid, die hij niet uit de weg ging, ook niet als het wel heel erg moeilijk was.
Een van die momenten waarop het heel erg moeilijk was, beleefde hij met de problemen rondom RSV. Bekend zijn de woorden van Gijs van Aardenne toen: "Ik voel mij niet gauw bezeerd. Je bent niet geschikt voor de politiek als je niet kunt incasseren."
Gijs van Aardenne wilde, toen hij in 1986 afscheid nam van het landsbestuur, stevig in de maatschappij verankerd blijven. "Helemaal voor de politiek leven, heb ik altijd volstrekt verkeerd gevonden. Daarmee isoleer je je", zo waren zijn woorden. En ook: "De politiek is te ver af komen te staan van de maatschappij en ze lijdt daaraan." Hij was onder andere voorzitter van het College voor ziekenhuisvoorzieningen en van het Nederlands instituut voor vliegtuigontwikkeling. Hij bekleedde vele adviseurschappen en commissariaten van zeer uiteenlopende aard. Hij zag als zijn politieke hoogtepunten de twee formaties uit 1977 en 1982, met daarin, denk ik, in het bijzonder het mede vormgeven aan het sociaal-economische beleid. Voor zijn bijdrage aan de Nederlandse politiek werd Gijs van Aardenne aan het begin van dit jaar benoemd tot Groot-officier in de Orde van Oranje-Nassau.
In de zomer van 1994 keerde Gijs van Aardenne in een voor hem, evenzeer als waarschijnlijk voor vele anderen, onverwachte rol terug in politiek Den Haag, ditmaal als informateur. Wij zijn hem veel dank verschuldigd voor de belangrijke rol die hij in die informatieperiode heeft vervuld. Ook al leidde de eerste poging om tot een kabinet van PvdA, VVD en D66 te komen niet tot een positief resultaat, vaststaat dat zijn creatieve inbreng en zijn constructieve houding de vorming van het huidige kabinet uiteindelijk mede mogelijk hebben gemaakt. Wij zijn hem hiervoor bijzondere dank verschuldigd.
Hij vond, om later maar al te goed te begrijpen redenen, dat hij een nieuw ministerschap niet meer kon overwegen. Nog maar enkele maanden geleden werd hij gekozen tot lid van de Eerste Kamer, tot lid van dit huis. In zijn woorden: "Ik ga het gevecht aan door zo gewoon mogelijk te doen, dat is immers altijd mijn levenshouding geweest." Helaas was de tijd hem niet gegeven, hieraan nog verdere invulling te geven.
Met het overlijden van Gijs van Aardenne hebben wij een integer en bekwaam bestuurder en politicus verloren, maar bovenal een wijs mens.
De voorzitter:
Ik verzoek u een ogenblik stilte in acht te nemen.
(De aanwezigen nemen enige ogenblikken stilte in acht.)
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/h-ek-19941995-37-1433-1435.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.