Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid | Staatscourant 2024, 37921 | algemeenverbindendverklaring van cao-bepalingen |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid | Staatscourant 2024, 37921 | algemeenverbindendverklaring van cao-bepalingen |
Sociaal Fonds Colland Arbeidsmarkt 2024/2029
Verbindendverklaring gewijzigde cao-bepalingen
MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
Gelezen het verzoek van Actor Bureau voor sectoradvies namens partijen bij bovengenoemde collectieve arbeidsovereenkomst, strekkende tot algemeenverbindendverklaring van gewijzigde bepalingen van deze collectieve arbeidsovereenkomst;
Partijen ter ener zijde: Vereniging Cumela Nederland, Koninklijke Vereniging van Hoveniers en Groenvoorzieners (VHG), Land- en Tuinbouw Organisatie Nederland (LTO Nederland), PLANTUM NL, Koninklijke Algemeene Vereeniging voor Bloembollencultuur (KAVB), Glastuinbouw Nederland, Koninklijke Handelsbond voor Boomkwekerij- en Bolproducten (Anthos), De Nederlandse Fruittelers Organisatie (NFO), Nederlandse Vereniging van Boseigenaren, Algemene Vereniging Inlands Hout, Vereniging Landschapsbeheerorganisaties, Werkgeversvereniging AB Nederland, Coöperatieve Bond van verenigingen voor Kunstmatige Inseminatie van Varkens, Vereniging van Nederlandse Groenvoederdrogerijen (V.N.G.) en Envigo RMS B.V.;
Partijen ter andere zijde: FNV, CNV en Vakvereniging Het Zwarte Corps.
Gelet op de artikelen 2, 4 en 5 van de Wet op het algemeen verbindend en het onverbindend verklaren van bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten;
Besluit:
Het besluit tot algemeenverbindendverklaring van bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst voor de Agrarische en aanverwante sectoren inzake Sociaal Fonds Colland Arbeidsmarkt1 wordt met inachtneming van dictum II als volgt gewijzigd:
A
De onder dictum I opgenomen bepalingen worden als volgt gewijzigd:
Artikel 4 lid 9 komt te luiden:
9. Werknemersbijdrage
a. Er kan een werknemersbijdrage worden overeengekomen die onderdeel uitmaakt van de premie voor het B-deel.
b. In de premie voor het B-deel voor de sector als bedoeld onder artikel 1sub C5 (Hoveniersbedrijf) is een werknemersbijdrage opgenomen ter hoogte van:
i. 0,10% voor de doelactiviteit als bedoeld in artikel 2 lid 6b van de statuten en:
ii. 0,10% voor de doelactiviteit als bedoeld in artikel 2 lid 7 van de statuten.
c. In de premie voor het B-deel voor de sector als bedoeld onder artikel 1 sub C4 (Groen, Grond en Infrastructuur) is een werknemersbijdrage opgenomen ter hoogte van 0,10% voor de doelactiviteit als bedoeld in artikel 2 lid 6b van de statuten.
d. In de premie voor het B-deel voor de sector als bedoeld onder artikel 1 sub C7 (Open Teelten), deelsector Boomkwekerij, is een werknemersbijdrage opgenomen ter hoogte van 0,10% voor de doelactiviteit als bedoeld in artikel 2 lid 6b van de statuten.
Bijlage B komt te luiden:
In aanvulling op respectievelijk in afwijking van hetgeen in artikel 1 sub B is bepaald over het begrip ‘werkgever’, geldt het volgende voor:
a. Bedrijfsverzorgingsdiensten:
Niet als werkgever wordt beschouwd een werkgever die:
a. tenminste 15% van het totaal aantal arbeidsuren uitzendt op basis van een uitzendovereenkomst als bedoeld in artikel 7:690 BW, met uitzendbeding als bedoeld in artikel 7:691 lid 2 BW, of
b. als lid is toegelaten tot de Algemene Bond Uitzendondernemingen (ABU), of
c. als lid is toegelaten tot de Nederlandse Bond van Bemiddelings- en Uitzendondernemingen (NBBU).
b. Bloembollengroothandel, Dierhouderij, Glastuinbouw, Open Teelten, Paddenstoelenteelt:
Arbeidsuren zijn inclusief de uren die via handmatige loonbedrijven, uitzendbureaus en overige derden worden besteed.
c. Groen, Grond en Infrastructuur:
Eveneens onder het begrip ‘werkgever’ valt:
i. diegene die bedrijfsactiviteiten zoals in artikel 1 sub C 4 vermeld al dan niet in een Groen, Grond en Infrastructuur onderneming doet verrichten, tenzij voor die werkgever reeds een andere cao geldt.
ii. diegene die een onderneming uitoefent met drie of meer verschillende soorten bedrijfsactiviteiten indien het percentage arbeidsuren dat besteed wordt aan activiteiten in artikel 1 sub C 4 vermeld groter is dan ieder afzonderlijk percentage arbeidsuren dat aan een andere bedrijfsactiviteit wordt besteed.
iii. Degene die én bedrijfsactiviteiten verricht zoals vermeld onder artikel 1 sub C 4 én activiteiten verricht die vallen onder de cao Bouw & Infra (gepubliceerd in de Staatscourant 7 april 2016 nr. 18112) wordt - in afwijking van het onder artikel 1 sub B 2 en in deze bijlage onder cii bepaalde - alleen als werkgever beschouwd indien het percentage loonsom dat besteed wordt aan activiteiten zoals vermeld onder C 4 groter is dan ieder afzonderlijk percentage loonsom dat aan een andere bedrijfsactiviteit wordt besteed.
d. Hoveniersbedrijf:
i. Als op een onderneming meerdere cao’s van toepassing kunnen zijn, hoeft onderhavige cao niet te worden toegepast indien de in artikel 1 sub C 5 genoemde bedrijfsactiviteiten ondergeschikte betekenis hebben in de bedrijfsvoering.
ii. Niet als werkgever wordt beschouwd de bij de Nederlandse Vereniging van Golfaccommodaties als lid aangesloten golfbaanexploiterende onderneming of instelling.
iii. In afwijking van het onder artikel 1 sub B bepaalde wordt niet als werkgever beschouwd de onderneming die op grond van hetgeen opgenomen is in de bijlage bij het besluit d.d. 18 maart 2008 nr. UAW/CAV/06-74568/12 bij het verplichtstellingsbesluit van het Bedrijfspensioenfonds voor de Landbouw (gepubliceerd in de Staatscourant 3 augustus 2016 nr. 41695) behoort tot de Bouwnijverheid.
e. Bos en Natuur:
i. Als werkgever worden tevens beschouwd:
• Stichting Landschap Erfgoed Utrecht
• Stichting Landschapsbeheer Zeeland
• Stichting Landschapsbeheer Flevoland
• Stichting Landschapsbeheer Friesland
• Stichting Landschapsbeheer Drenthe
• Stichting Landschapsbeheer Groningen
ii. In afwijking van het onder artikel 1 sub B bepaalde wordt niet als werkgever beschouwd:
• de onderneming die op grond van hetgeen opgenomen is in de Bijlage bij het besluit d.d. 18 maart 2008 nr. UAW/CAV/06-74568/12 bij het verplichtstellingsbesluit van het Bedrijfspensioenfonds voor de Landbouw (gepubliceerd in de Staatscourant 3 augustus 2016 nr. 41695) behoort tot de Bouwnijverheid;
• Staatsbosbeheer.
f. Dierhouderij:
Niet als werkgever wordt beschouwd een werkgever die de navolgende bedrijfsactiviteiten uitvoert:
– de viskwekerij en vishouderij (inclusief schaal- en schelpdieren) in visvijvers of in open water;
– de stalhouderij c.q. een onderneming die paarden houdt voor recreatieve doeleinden en/of sportwedstrijden;
– de weefsel- en micro-organismen kwekerij;
– de proefdierenfokkerij met uitzondering van Envigo RMS B.V. te Horst;
– de gezelschapsdierenfokkerij.
Artikel 2 lid 8 en 9 komen te luiden:
8. De voorwaarden voor subsidieverlening voor projecten die betrekking hebben op de activiteiten genoemd onder lid 3 tot en met lid 7, de wijze van betaling en de uitvoering daarvan worden nader bij reglement vastgesteld.
9. De stichting heeft geen winstoogmerk.
Artikel 12 lid 3 komt te luiden:
3. De opdracht tot het verrichten van voormelde werkzaamheden zal bij schriftelijke overeenkomst worden vastgelegd. De kosten die gemaakt worden door het bestuursbureau komen ten laste van het A-deel zoals omschreven in de cao Colland.
Artikel 15 lid 4 komt te luiden:
4. Dit verslag moet gecontroleerd zijn door een externe registeraccountant en voorzien zijn van een controleverklaring van een externe registeraccountant. Uit deze stukken moet blijken dat de uitgaven gedaan zijn overeenkomstig de in artikel 2 van de statuten genoemde activiteiten.
Artikel 1 lid 3 komt te luiden:
3. Voorts wordt in dit reglement verstaan onder:
Een onderneming of instelling gericht op het in enige vorm geven van onderwijs;
Een kortdurende lesperiode waarin een (leer)onderwerp wordt behandeld en wordt verzorgd door of onder auspiciën van een school of een onderwijsvorm die opleidt tot een beroep of een groep van beroepen en wordt gegeven door of onder auspiciën van een school. In onderstaande gevallen wordt geen subsidie verstrekt:
1. Werkgever leidt zelf op;
2. Advies- en coaching trajecten;
3. Informatie/voorlichtingsbijeenkomsten;
4. Software uitleg door leverancier.
Een besluit op een subsidieaanvraag;
Het jaar dat start op 1 augustus en loopt tot en met 31 juli van het daaropvolgende jaar;
Het jaar dat loopt van 1 januari tot en met 31 december;
De rechtspersoon of natuurlijk persoon zoals bedoeld in artikel 1 sub B cao Colland die premies afdraagt aan de stichting op basis van cao Colland;
Diegene, die bij een werkgever als bedoeld onder f. krachtens een overeenkomst tot het persoonlijk verrichten van arbeid werkzaam is;
De in verband met het volgen van een cursus te betalen bijdrage aan inschrijfgeld, cursusgeld, leermiddelengeld, examengeld en verblijfskosten (excl. overnachting);
De door het bestuur van de stichting ingestelde commissie als bedoeld in artikel 11 van de statuten;
Een cursus die door de werkgever als maatwerk wordt aangeboden aan de werknemers van zijn onderneming;
Het Colland Administratie Systeem. Dit is het digitaal loket van de stichting voor aanvragen en declaraties. Het loket is te vinden op www.collandarbeidsmarkt.nl;
De Stichting Colland Arbeidsmarkt.
Een voor ieder toegankelijk cursusaanbod dat wordt gepubliceerd op de website, via een folder of social media van de school door middel van onder andere openbare informatie zoals beschrijving van de inhoud, docenten, locatie, programma en prijs. Hierbij is het van belang dat:
– Eenieder zich direct in kan schrijven voor een cursus, of;
– Er minimaal een openbaar, algemeen, inschrijfformulier beschikbaar is op de website van de opleider.
Het door of namens het bestuur vastgestelde totaalbedrag per sector dat gedurende een bepaald kalenderjaar ten hoogste beschikbaar is voor verstrekking van subsidie op grond van deze regeling.
Artikel 3 lid 9 wordt ingevoegd, onder vernummering van lid 9 tot lid 10, luidende:
Artikel 6 wordt ingevoegd, onder vernummering van artikel 6 t/m 8 tot artikel 7 t/m 9, luidende:
2. Om te controleren op misbruik of oneigenlijk gebruik van de regeling verricht de administrateur structureel een steekproef. De aan deze steekproef gestelde voorwaarden en vereisten staan vermeld op www.collandarbeidsmarkt.nl. De stichting is gerechtigd om naar aanleiding van de resultaten van de steekproef aanvullend onderzoek te (laten) verrichten naar de juistheid van de aanvraag.
3. De indiener van de aanvraag is verplicht om aan de steekproef en een eventueel aanvullend onderzoek mee te werken. Indien deze dit naar oordeel van de administratie niet volledig doet, wordt de aanvraag afgewezen.
4. Tot de resultaten van de steekproef en eventueel het aanvullend onderzoek bekend zijn, wordt een subsidietoekenning voor in behandeling zijnde en nieuwe aanvragen aangehouden.
Deel A lid 2 komt te luiden:
2. Niet voor vergoeding in aanmerking komen:
a. Cursussen die door andere fondsen of regelingen volledig gesubsidieerd worden;
b. Cursussen die niet vallen in een van de groepen onder de definities zoals bedoeld onder 1.
c. Cursuskosten die betrekking hebben op een cursus die gegeven wordt door een school:
i. die (juridisch) gelieerd is aan een specifieke werkgever;
ii. die geen voor eenieder open inschrijving voor haar cursusaanbod kent;
iii. die geen marktconforme cursusprijzen hanteert, dit ter beoordeling van de sectorcommissie;
iv. cursuskosten die betrekking hebben op een cursus die gevolgd is door een werknemer die op de eerste cursusdag nog geen werknemer was in de zin van dit reglement.
Deel B lid 2 wordt ingevoegd, onder vernummering van lid 2 t/m 5 tot lid 3 t/m 6, luidende:
2. Het bestuur stelt op advies van de sectorcommissie het subsidieplafond vast. Als het subsidieplafond bereikt is, wordt dit bekend gemaakt op www.collandarbeidsmarkt.nl.
Artikel 2 komt te luiden:
In dit reglement wordt verstaan onder:
Een onderneming of instelling gericht op het in enige vorm geven van onderwijs;
Een lesperiode van minimaal een dagdeel (4 uur) in groepsverband gericht op het vergroten van kennis en vaardigheden van de werknemer noodzakelijk bij zijn huidige werkgever en verzorgd door een school. Ondanks het ontbreken van een groepsverband kan E-learning onder deze definitie vallen, mits sprake is van een lesduur van minimaal 2 uur;
Het jaar dat start op 1 augustus en loopt tot en met 31 juli van het daaropvolgende jaar;
Het jaar dat loopt van 1 januari tot en met 31 december;
i. De rechtspersoon of natuurlijk persoon zoals bedoeld in artikel 1 sub B cao Colland die premies afdraagt aan de stichting op basis van cao Colland;
Diegene, die bij een werkgever op basis van een arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 7:610 BW in dienst is van werkgever;
Het in verband met het volgen van een cursus te betalen inschrijfgeld, cursusgeld, leermiddelengeld, examengeld en verblijfskosten (exclusief overnachting);
De Stichting Colland Arbeidsmarkt;
Het bestuur van de stichting;
De conform artikel 11 van de statuten van de stichting ingestelde commissie ten behoeve van een sector als bedoeld in artikel 1;
De administrateur die in opdracht van en namens het bestuur uitvoering geeft aan de administratie die voortvloeit uit deze scholingsregeling.
Een cursus die door de werkgever als maatwerk wordt aangeboden aan werknemers van zijn onderneming;
Het Colland Administratie Systeem. Dit is het digitaal loket van de stichting voor declaraties. Het loket is te vinden op www.collandarbeidsmarkt.nl.
De tegemoetkoming in de cursuskosten die overeenkomstig dit reglement door of namens de stichting verstrekt wordt.
Een voor ieder toegankelijk cursusaanbod dat wordt gepubliceerd op de website van de school door middel van onder andere openbare informatie zoals beschrijving van de inhoud, docenten, locatie, programma en prijs. Hierbij is het van belang dat:
– Eenieder zich direct in kan schrijven voor een cursus, of;
– Er minimaal een openbaar, algemeen, inschrijfformulier beschikbaar is op de website van de opleider.
Het door of namens het bestuur vastgestelde totaalbedrag per sector dat gedurende een bepaald kalenderjaar ten hoogste beschikbaar is voor verstrekking van subsidie op grond van deze regeling.
Artikel 5 lid 2 en 7 komen te luiden:
2. Het bestuur stelt op advies van de betreffende sectorcommissie vast:
a. het vergoedingspercentage voor de subsidie per cursusgroep;
b. het subsidieplafond.
4. De cursusgroepen en de vergoedingspercentages zijn te vinden op www.collandarbeidsmarkt.nl. Als het subsidieplafond bereikt is, wordt dit bekend gemaakt op www.collandarbeidsmarkt.nl.
7. Niet voor subsidie in aanmerking komen:
a. cursuskosten die betrekking hebben op een cursus die door andere fondsen of regelingen volledig gesubsidieerd wordt;
b. cursuskosten van cursussen die niet opgenomen zijn in een cursusgroep;
c. cursuskosten die betrekking hebben op een cursus die gegeven wordt door een school:
i. die (juridisch) gelieerd is aan een specifieke werkgever;
ii. die geen voor eenieder open inschrijving voor haar cursusaanbod kent;
iii. die geen marktconforme cursusprijzen hanteert, dit ter beoordeling van de betreffende sectorcommissie;
d. cursuskosten die betrekking hebben op een cursus die gevolgd is door een werknemer die op de eerste cursusdag nog geen werknemer was in de zin van dit reglement.
Artikel 6 lid 3 komt te luiden:
3. De declaratie wordt niet in behandeling genomen:
a. als deze is ingediend voor de eerste cursusdag;
b. als deze is ingediend twee maanden na de laatste cursusdag. Bepalend is de datum waarop de administrateur de declaratie ontvangt;
c. als deze betrekking heeft op een cursist die op de eerste cursusdag geen werknemer was in de zin van dit reglement;
d. als deze op het moment dat het subsidieplafond is bereikt nog niet is beoordeeld.
Artikel 2 lid 2 en 3 komen te luiden:
2. De hoogte van de vergoeding en de lijst van de BBL-opleidingen wordt jaarlijks per 1 september na instemming van de sectorcommissie door het bestuur vastgesteld en gepubliceerd op www.collandarbeidsmarkt.nl.
3. De eventuele vergoeding voor praktijktrainingen wordt jaarlijks per 1 september na instemming van de sectorcommissie door het bestuur vastgesteld en gepubliceerd op www.collandarbeidsmarkt.nl.
Artikel 2 lid 2 komt te luiden:
2. Voorts wordt in dit reglement verstaan onder:
Reglement Seniorenregeling Hoveniersbedrijf 2019;
Verstrekkingenreglement regeling minder werken voor oudere werknemers in het Hoveniersbedrijf 2006
Verstrekkingenreglement regeling minder werken voor oudere werknemers in het Hoveniersbedrijf 2008;
Verstrekkingenreglement regeling minder werken voor oudere werknemers in het Hoveniersbedrijf 2014;
het, op grond van artikel 2 lid 6 sub b. van de statuten, verkorten van de arbeidstijd tot 80% conform het Reglement;
het verkorten van de arbeidstijd tot 80% conform Reglement 2008 en Reglement 2014;
De toekenning van vier extra betaalde vakantiedagen per kalenderjaar conform Reglement 2008 en Reglement 2014;
1. De werkgever zoals bedoeld in artikel 1 sub B cao Colland, die een onderneming uitoefent waarvan de bedrijfsactiviteiten uitsluitend of in hoofdzaak bestaan uit activiteiten zoals vermeld in artikel 1 sub C lid 5 cao Colland;
Degene die op basis van een arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 7:610 BW in dienst is van de werkgever zoals bedoeld onder sub h.
De werkgever wiens verzoek om voor een werknemer aan de seniorenregeling te mogen deelnemen is ingewilligd;
Van volledig arbeidsongeschiktheid is sprake wanneer:
– de werknemer tenminste 104 weken onafgebroken arbeidsongeschikt wegens ziekte e.d. is geweest en;
– de werkgever niet langer verplicht is tot loondoorbetaling en;
– aan werknemer een uitkering op grond van de WIA is toegekend op basis van een arbeidsongeschiktheidspercentage van 80%-100%.
óf wanneer:
– aan de werknemer een verkorte wachttijd c.q. vervroegde IVA-uitkering conform de WIA is toegekend.
Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering;
Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen;
De instantie aan wie op grond van artikel 13 van de statuten de uitvoering van de administratie van het fonds is opgedragen;
De door het bestuur ingestelde commissie van werkgevers- en werknemersvertegenwoordigers zoals omschreven in artikel 11 van de statuten;
het Colland Administratie Systeem. Dit is het digitaal loket van het fonds voor aanvragen en declaraties. Het loket is te vinden op www.collandarbeidsmarkt.nl.
Stichting Colland Arbeidsmarkt.
Bestuur van het fonds.
De geschillencommissie als bedoeld in artikel 72 cao voor het Hoveniersbedrijf in Nederland (Stcrt. 9 januari 2019, nummer 1265).
1. De werkgever zoals bedoeld in artikel 1 sub B van cao Colland, die een onderneming uitoefent waarin de bedrijfsactiviteiten uitsluitend of in hoofdzaak bestaan uit activiteiten zoals vermeld in artikel 1 sub C lid 4 cao Colland;
Artikel 4 lid 1 en 2 komen te luiden:
1. De werkgever in de sector Hoveniersbedrijf kan deelnemen aan de seniorenregeling indien de betreffende werknemer aantoonbaar direct voorafgaand aan de ingangsdatum van deelname aan de regeling:
a. in dienst is van de werkgever in de sector Hoveniersbedrijf en;
b. gedurende minimaal vijf aaneensluitende jaren tenminste 26 weken per jaar in dienst is geweest bij een werkgever in de sector Hoveniersbedrijf;
c. de leeftijd heeft bereikt van 60 jaar;
d. De perioden waarover de werkgever het loon heeft doorbetaald tijdens ziekte, worden meegerekend.
Parttime werknemers en werknemers die gedeeltelijk arbeidsongeschikt zijn in de zin van de WAO of WIA kunnen deelnemen aan de regeling.
2. Voor deelname aan de seniorenregeling dient een nieuwe arbeidsovereenkomst of een aanvulling, als in een schriftelijke overeenkomst, op de arbeidsovereenkomst van werknemer te worden gesloten tussen de betreffende werkgever en werknemer. Uiterlijk drie maanden voorafgaand aan de datum waarop de werknemer van de regeling gebruik wil maken, dient hij een schriftelijk verzoek in bij de werkgever. De werkgever stemt in met het verzoek, tenzij zwaarwegende bedrijfsomstandigheden zich daartegen verzetten. In dat geval deelt de werkgever zijn gemotiveerde afwijzing schriftelijk aan de werknemer mee.
Artikel 5 komt te luiden:
1. Deelname aan de seniorenregeling Hoveniersbedrijf voor werknemers die voorheen werkzaam waren in de sector Groen, Grond en Infrastructuur
In afwijking van artikel 4 lid 1 geldt dat de werknemer die voorheen werkzaam was bij een werkgever in de sector Groen, Grond en Infrastructuur en in de vijf aaneensluitende jaren direct voorafgaand aan de ingangsdatum van deelname aan de regeling is gaan werken bij een werkgever in de sector Hoveniersbedrijf, gebruik kan maken van de seniorenregeling die van toepassing is in de sector Hoveniersbedrijf. Hierbij geldt dat:
a. de werknemer in totaal gedurende de vijf aaneensluitende jaren direct voorafgaand aan de ingangsdatum van de in artikel 4 beschreven overeenkomst tot minder werken, in elk jaar gedurende ten minste 26 weken, als werknemer in dienst is geweest bij een werkgever in de sector Hoveniersbedrijf en/of een werkgever in de sector Groen, Grond en Infrastructuur;
b. voldaan wordt aan de overige voorwaarden gesteld aan deelname aan de seniorenregeling Hoveniersbedrijf.
2. Deelname aan de seniorenregeling Groen, Grond en Infrastructuur voor werknemers die voorheen deelnamen aan de seniorenregeling Hoveniersbedrijf
Als de arbeidsovereenkomst tussen een werknemer en de deelnemer wordt beëindigd en de werknemer treedt in dienst van een werkgever in de sector Groen, Grond en Infrastructuur dan kan de werknemer gebruik maken van de basisregeling van de seniorenregeling die van toepassing is in de sector Groen, Grond en Infrastructuur. Hierbij geldt dat voldaan moet worden aan de voorwaarden gesteld aan deelname aan basisregeling van de seniorenregeling in de sector Groen, Grond in Infrastructuur. De werknemer kan uitsluitend deelnemen aan de basisregeling. De werknemer kan pas in aanmerking komen voor de uitgebreide regeling van de seniorenregeling die van toepassing is in de sector Groen, Grond en Infrastructuur zodra de werknemer vijf aaneensluitende jaren, in elk jaar gedurende ten minste 26 weken, in dienst is geweest van een werkgever in de sector Groen, Grond en Infrastructuur.
3. Deelname aan de seniorenregeling Hoveniersbedrijf voor werknemers die voorheen deelnamen aan de seniorenregeling Groen, Grond en Infrastructuur
Als de arbeidsovereenkomst tussen een werknemer en de deelnemer in de sector Groen, Grond en Infrastructuur wordt beëindigd en de werknemer treedt in dienst van een werkgever in de sector Hoveniersbedrijf dan kan de werknemer gebruik maken van de seniorenregeling die van toepassing is in de sector Hoveniersbedrijf. Hierbij geldt dat:
a. voldaan wordt aan de voorwaarden gesteld aan deelname aan de seniorenregeling in de sector Hoveniersbedrijf;
b. de nieuwe werkgever het verzoek tot deelname z.s.m. na indiensttreding meldt bij CAS conform artikel 7;
c. de duur dat de werknemer tijdens het dienstverband met de werkgever in de sector Groen, Grond en Infrastructuur gebruik gemaakt heeft van de seniorenregeling in mindering wordt gebracht op de maximale deelnameperiode van de seniorenregeling;
Artikel 6 komt te luiden:
1. Voor actieve of oud-deelnemers aan regeling 1 (80%) of regeling 2 (vier extra vakantiedagen) geldt, met inachtneming van het bepaalde in de volgende leden van dit artikel, een overgangsregeling. Voor zover niet anders bepaald zijn de overige bepalingen van het reglement van toepassing.
2. Actieve deelnemers aan regeling 1 (80%):
Voor deze deelnemers geldt dat de duur van de reeds verstreken deelnameperiode voor de betreffende werknemer op grond van regeling 1 in mindering wordt gebracht op de maximale deelnameperiode op grond van de seniorenregeling.
3. Actieve deelnemers aan regeling 2 (vier extra vakantiedagen):
Voor deze deelnemers geldt dat de duur van de reeds verstreken deelnameperiode op grond van regeling 2 in mindering wordt gebracht op de maximale deelnameperiode op grond van de seniorenregeling.
Gedurende de resterende deelnameperiode kan deze deelnemer:
a. gebruik blijven maken van regeling 2 of in plaats daarvan:
b. overstappen naar de seniorenregeling (80% werken). Deze overstap is definitief; terugkeren naar regeling 2 is dan niet meer mogelijk.
4. Oud-deelnemers aan regeling 1 (80%):
Deze oud-deelnemers kunnen onder de volgende voorwaarden gaan deelnemen aan de seniorenregeling:
a. deelname aan regeling 1 is uitsluitend beëindigd vanwege het bereiken van de daaraan gestelde maximale deelnameperiode zonder dat sprake was van een beëindigingsreden als bedoeld in artikel 15a lid 1 sub c en d van dit reglement.
b. de duur van deelname aan regeling 1 wordt in mindering gebracht op de maximale deelnameperiode van de seniorenregeling.
c. Deelname wordt aangemeld conform artikel 7.
5. Oud-deelnemers aan regeling 2 (vier extra vakantiedagen)
Deze oud-deelnemers kunnen uitsluitend deelnemen aan de seniorenregeling (80%) onder de volgende voorwaarden:
a. de duur van deelname aan regeling 2 wordt in mindering gebracht op de maximale deelnameperiode van de seniorenregeling.
b. Deelname wordt aangemeld conform artikel 7.
Hernieuwde deelname aan regeling 2 is niet mogelijk.
6. Voor de in lid 4 en lid 5 bedoelde aanmelding is geen terugwerkende kracht mogelijk. Dit betekent dat de aanmelding plaatsvindt op basis van de op het aanmeldingsmoment voor de werknemer geldende arbeidsovereenkomst. De aanmelding wordt opnieuw beoordeeld en behandeld.
7. Dit artikel is niet van toepassing op actieve of oud-deelnemers aan de regeling conform reglement 2006.
Artikel 15a lid 1 komt te luiden:
1. Voor de deelnemer eindigt de deelname aan de seniorenregeling:
a. bij volledige vroegpensioenering of bij het bereiken van de datum waarop de werknemer de individuele AOW-leeftijd bereikt;
b. door overlijden van de werknemer;
c. wanneer de deelnemer te kennen geeft dat hij de deelname wenst te beëindigen;
d. wanneer de deelnemer handelt in strijd met dit reglement of met door het bestuur gegeven nadere aanwijzingen;
e. wanneer de deelnemer acht jaar gebruik heeft gemaakt van de seniorenregeling of een combinatie van de regelingen zoals bedoeld in artikel 2 sub d., sub e. en sub f.;
f. bij beëindiging van de arbeidsovereenkomst met de werknemer.
Artikel 19 lid 3 komt te luiden:
3. Indien de werkgever het verzoek van de werknemer om gebruik te maken van de seniorenregeling afwijst (zie artikel 3 lid 2), kan de werknemer een bezwaar indienen bij de geschillencommissie Hoveniers. De geschillencommissie Hoveniers neemt binnen drie maanden na ontvangst van het bewaarschrift een besluit.
Bijlage 13 komt te luiden:
Dit reglement is van toepassing op de sector Groen, Grond en Infrastructuur zoals bedoeld in artikel 1 sub C. lid 4 cao Colland en geldt uitsluitend voor aanmeldingen en wijzigingen die conform artikel 9 van dit reglement op en na 1 januari 2022 zijn ontvangen en voor werkgevers en werknemers op wie de overgangsbepalingen van artikel 8 van toepassing zijn.
1. In dit reglement worden geacht te zijn opgenomen de begripsbepalingen omschreven in artikel 1 sub D. cao Colland.
2. Voorts wordt in dit reglement verstaan onder:
De mogelijkheid tot minder werken voor oudere werknemers zoals bedoeld in artikel 2 lid 6 sub b Statuten Stichting Colland Arbeidsmarkt;
1. De werkgever zoals bedoeld in artikel 1 sub B van cao Colland, die een onderneming uitoefent waarin de bedrijfsactiviteiten uitsluitend of in hoofdzaak bestaan uit activiteiten zoals vermeld in artikel 1 sub C lid 4 cao Colland;
Degene die op basis van een arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 7:610 BW in dienst is bij een werkgever als bedoeld onder sub b.;
De werkgever wiens verzoek om voor een werknemer aan de regeling te mogen deelnemen is ingewilligd;
Van volledige arbeidsongeschiktheid is sprake wanneer:
i. de werknemer tenminste 104 weken onafgebroken arbeidsongeschikt wegens ziekte e.d. is geweest en;
ii. de werkgever niet langer verplicht is tot loondoorbetaling en;
iii. aan de werknemer een uitkering op grond van de WIA is toegekend op basis van een arbeidsongeschiktheidspercentage van 80%-100%.
óf wanneer:
i. aan de werknemer een verkorte wachttijd c.q. vervroegde IVA-uitkering conform de WIA is toegekend.
Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering;
Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen;
Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten;
De instantie aan wie op grond van artikel 13 van de statuten de uitvoering van de administratie van het fonds is opgedragen;
De door het bestuur ingestelde commissie van werkgevers- en werknemersvertegenwoordigers zoals omschreven in artikel 11 van de statuten;
De paritaire commissie zoals bedoeld in artikel 88 cao Groen, Grond en Infrastructuur (Stcrt. 2 juli 2024, nummer 18146);
loondag d.w.z. iedere werkdag in de week (maandag tot en met vrijdag);
het Colland Administratie Systeem. Dit is het digitaal loket van het fonds voor aanvragen en declaraties. Het loket is te vinden op www.collandarbeidsmarkt.nl;
Stichting Colland Arbeidsmarkt;
Bestuur van het fonds;
1. De werkgever zoals bedoeld in artikel 1 sub B cao Colland, die een onderneming uitoefent en waarvan de bedrijfsactiviteiten uitsluitend of in hoofdzaak bestaan uit activiteiten zoals vermeld in artikel 1 sub C lid 5 cao Colland;
1. De werknemer die gedurende minimaal vijf aaneensluitende jaren direct voorafgaand aan de ingangsdatum van de in dit artikel beschreven overeenkomst tot minder werken, in elk jaar gedurende ten minste 26 weken, als werknemer in dienst is geweest bij een werkgever in de sector Groen, Grond en Infrastructuur, kan onder de hierna genoemde voorwaarden gebruik maken van de mogelijkheid om zijn arbeidstijd te verkorten.
2. Uiterlijk drie maanden voorafgaand aan de datum waarop de werknemer van de regeling gebruik wil maken, dient hij schriftelijk een verzoek in bij de werkgever. De werkgever stemt in met het verzoek van de werknemer, tenzij zwaarwegende bedrijfsomstandigheden zich daartegen verzetten. In dat geval deelt de werkgever zijn gemotiveerde afwijzing schriftelijk aan de werknemer mee.
3. Er wordt een schriftelijke aanvulling op de arbeidsovereenkomst opgemaakt en getekend door de betreffende werkgever en werknemer.
4. Aan de overeenkomst tot minder werken zijn de volgende rechten en verplichtingen voor werkgever en werknemer verbonden:
a. De werknemer werkt gedurende vier dagen per week in de basisregeling of drie dagen per week in de uitgebreide regeling.
b. In de basisregeling ontvangt de werknemer 90% van het bruto weekloon zoals dat zou zijn wanneer geen overeenkomst tot minder werken, zoals omschreven in dit artikel, zou zijn gesloten. In de uitgebreide regeling ontvangt de werknemer 85% van het bruto weekloon zoals dat zou zijn wanneer geen overeenkomst tot minder werken, zoals omschreven in dit artikel, zou zijn gesloten. Elke uitbreiding van de omvang van het dienstverband welke minder dan één jaar voor aanvang van het gebruik van de regeling is ingegaan, met uitzondering van de uitbreiding van de omvang van het dienstverband van 38 uur naar 40 uur onder de voorwaarde dat voorafgaand aan de deelname al minimaal een jaar 40 uur werd gewerkt, blijft hierbij buiten aanmerking.
c. In de basisregeling wordt een-negende deel van het bruto weekloon waarop de werknemer recht heeft op grond van de in dit artikel beschreven overeenkomst tot minder werken geacht betrekking te hebben op de vijfde (niet gewerkte) arbeidsdag.
d. In de uitgebreide regeling wordt vijf-zeventiende deel van het bruto weekloon waarop de werknemer recht heeft op grond van de in dit artikel beschreven overeenkomst tot minder werken geacht betrekking te hebben op de vierde én vijfde (niet gewerkte) arbeidsdagen.
e. Het uurloon wijzigt niet door deelname aan de regeling. Het aantal SV-dagen wordt 4 in de basisregeling en 3 in de uitgebreide regeling.
f. De werknemer ontvangt vakantiegeld op basis van het door hem feitelijk verdiende brutoloon.
g. De werknemer heeft recht op 80% (in de basisregeling) cq. 60% (in de uitgebreide regeling) van het aantal vakantiedagen (wettelijk en bovenwettelijk) en roostervrije dagen waarop recht zou bestaan, als geen overeenkomst tot minder werken, zoals omschreven in dit artikel, zou zijn gesloten. Het recht op opbouw van extra bovenwettelijke vakantiedagen vanwege leeftijd (conform artikel 59, lid 2 cao Groen, Grond en Infrastructuur) vervalt vanaf deelname aan de basisregeling. Bij deelname aan de uitgebreide regeling vervalt tevens het recht op opbouw van extra bovenwettelijke vakantiedagen vanwege de duur van het dienstverband (conform artikel 59 lid 3 cao Groen, Grond en Infrastructuur).
h. De werknemer ontvangt een reiskostenvergoeding op basis van vier (in de basisregeling) of drie (in de uitgebreide regeling) werkdagen per week.
i. Overige vergoedingen worden vastgesteld op 80% (in de basisregeling) of 60% (in de uitgebreide regeling) van de vergoeding waarop recht zou bestaan, als geen overeenkomst tot minder werken, zoals omschreven in dit artikel, zou zijn gesloten.
j. Werknemer en werkgever leggen in hun overeenkomst tot minder werken een met name genoemde dag (in de basisregeling) of twee met name genoemde dagen (in de uitgebreide regeling) vast, waarop de werknemer niet werkt. Van de aldus vastgelegde vrije dag / dagen kan, in onderling overleg, worden afgeweken.
k. Het is de werknemer niet toegestaan om op de vrije dag / vrije dagen die ontstaat / ontstaan door het sluiten van de in dit artikel beschreven overeenkomst, werkzaamheden te verrichten, hetzij op basis van een arbeidsovereenkomst, hetzij in de zelfstandige uitoefening van zijn beroep of bedrijf.
l. De werknemer kan vanaf zijn 60e jaar tot zijn individuele AOW leeftijd gedurende maximaal acht jaar van de basisregeling gebruik maken.
m. De werknemer kan vanaf drie jaar voorafgaand aan zijn individuele AOW leeftijd tot zijn individuele AOW leeftijd gebruik maken van de uitgebreide regeling.
n. De werknemer kan vanuit dezelfde functie bij dezelfde werkgever eenmalig uit de regeling stappen. Bij herintreding in de regeling wordt de tijd gedurende welke de werknemer al heeft deelgenomen aan de regeling in mindering gebracht op de termijn van maximaal acht jaar.
5. Voor parttime werknemers en werknemers die gedeeltelijk arbeidsgeschikt zijn in de zin van de WAO of WIA gelden de in lid 4 genoemde rechten naar rato.
1. Deelname aan de seniorenregeling Groen, Grond en Infrastructuur voor werknemers die voorheen werkzaam waren in de sector Hoveniersbedrijf
In afwijking van artikel 4 lid 1 geldt dat de werknemer die voorheen werkzaam was bij een werkgever in de sector Hoveniersbedrijf en in de vijf aaneensluitende jaren direct voorafgaand aan de ingangsdatum van de overeenkomst tot minder werken is gaan werken bij een werkgever in de sector Groen, Grond en Infrastructuur, gebruik kan maken van de basisregeling van de seniorenregeling die van toepassing is in de sector Groen, Grond en Infrastructuur. Hierbij geldt dat:
a. de werknemer in totaal gedurende de vijf aaneensluitende jaren direct voorafgaand aan de ingangsdatum van de in artikel 4 beschreven overeenkomst tot minder werken, in elk jaar gedurende ten minste 26 weken, als werknemer in dienst is geweest bij een werkgever in de sector Groen, Grond en Infrastructuur en/of een werkgever in de sector Hoveniersbedrijf;
b. voldaan wordt aan de overige voorwaarden gesteld aan deelname aan de basisregeling van de seniorenregeling Groen, Grond en Infrastructuur;
c. de werknemer uitsluitend kan deelnemen aan de basisregeling. De werknemer kan pas in aanmerking komen voor de uitgebreide regeling van de seniorenregeling die van toepassing is in de sector Groen, Grond en Infrastructuur zodra de werknemer vijf aaneensluitende jaren, in elk jaar gedurende ten minste 26 weken, in dienst is geweest van een werkgever in de sector Groen, Grond en Infrastructuur.
2. Deelname aan de seniorenregeling Hoveniersbedrijf voor werknemers die voorheen deelnamen aan de seniorenregeling Groen, Grond en Infrastructuur
Als de arbeidsovereenkomst tussen de werknemer en de deelnemer wordt beëindigd en de werknemer treedt in dienst van een werkgever in de sector Hoveniersbedrijf dan kan de werknemer gebruik maken van de seniorenregeling die van toepassing is in de sector Hoveniersbedrijf. Hierbij geldt dat voldaan moet worden aan de voorwaarden gesteld aan deelname aan de seniorenregeling in de sector Hoveniersbedrijf.
3. Deelname aan de seniorenregeling Groen, Grond en Infrastructuur voor werknemers die voorheen deelnamen aan de seniorenregeling Hoveniersbedrijf
Als de arbeidsovereenkomst tussen een werknemer en de deelnemer in de sector Hoveniersbedrijf wordt beëindigd en de werknemer treedt in dienst van een werkgever in de sector Groen, Grond en Infrastructuur dan kan de werknemer gebruik maken van de basisregeling van de seniorenregeling die van toepassing is in de sector Groen, Grond en Infrastructuur. Hierbij geldt dat:
a. voldaan wordt aan de overige voorwaarden gesteld aan deelname aan de basisregeling van de seniorenregeling in de sector Groen, Grond en Infrastructuur;
b. de nieuwe werkgever het verzoek tot deelname uiterlijk op de datum van indiensttreding meldt bij CAS conform artikel 9;
c. de duur dat de werknemer tijdens het dienstverband met de werkgever in de sector Hoveniersbedrijf gebruik gemaakt heeft van de seniorenregeling in minder wordt gebracht op de maximale deelnameperiode van de seniorenregeling;
d. de werknemer uitsluitend kan deelnemen aan de basisregeling. De werknemer kan pas in aanmerking komen voor de uitgebreide regeling van de seniorenregeling die van toepassing is in de sector Groen, Grond en Infrastructuur zodra de werknemer vijf aaneensluitende jaren, in elk jaar gedurende ten minste 26 weken, in dienst is geweest van een werkgever in de sector Groen, Grond en Infrastructuur.
1. De werknemer kan vanaf de leeftijd van 60 jaar van de basisregeling gebruik maken.
2. De werknemer kan vanaf drie jaar voorafgaand aan zijn individuele AOW leeftijd van de uitgebreide regeling gebruik maken.
Werkgevers kunnen voor één of meer van hun werknemers deelnemen aan de regeling wanneer de betreffende werknemers voldoen aan de in artikel 4 gestelde voorwaarden.
1. Voor de werknemer die gedurende de periode van 31 december 2020 tot 1 juli 2021 reeds gebruik maakt van een regeling tot minder werken op grond van het oude reglement, wordt de duur dat hij gebruik kan maken van de regeling verlengd tot maximaal acht jaar maar uiterlijk tot de voor de werknemer geldende AOW-leeftijd. De periode dat de werknemer reeds gebruik gemaakt heeft van de regeling wordt in mindering gebracht op de maximale duur van acht jaar.
2. Voor de werkgever die ten behoeve van een werknemer als bedoeld in lid 1 deelneemt aan de regeling wordt de periode van deelname verlengd overeenkomstig lid 1.
3. Artikel 9 is van overeenkomstige toepassing op de werkgever en werknemer als bedoeld in lid 1 en lid 2. Deelname blijft derhalve gebaseerd op een oorspronkelijke werkweek voorafgaand aan deelname van maximaal 38 uur.
4. Artikel 7 is van overeenkomstige toepassing.
1. De werkgever die voor zijn werknemer wil deelnemen aan de regeling, of de deelname wil wijzigen kan dit vanaf drie maanden voorafgaand aan de gewenste ingangsdatum door middel van een digitale aanmelding via CAS bij de administrateur melden.
2. Als de werkgever geen mogelijkheden heeft om de aanmelding digitaal via CAS te laten lopen, kan de aanvraag of wijziging schriftelijk ingediend worden.
3. De aanmelding of wijziging dient volledig ingevuld te worden. De door werkgever en werknemer ondertekende schriftelijke aanvulling op de arbeidsovereenkomst (overeenkomst tot minder werken) moet meegestuurd worden. Het oorspronkelijke loon en het oorspronkelijke aantal uren per week dat geldt vóórafgaand aan (eerste) deelname aan de regeling dient te worden vermeld in de schriftelijke aanvulling op de arbeidsovereenkomst. Bij voortzetting van de regeling bij een andere werkgever in de sector conform artikel 18 moet de door werknemer en de nieuwe werkgever ondergetekende schriftelijke arbeidsovereenkomst worden meegestuurd.
4. Als de aanmelding of wijziging niet volledig is, ontvangt de werkgever binnen twee weken na binnenkomst van de aanmelding bericht, om de ontbrekende gegevens of documenten alsnog bij de administratie in te dienen.
5. Vindt aanmelding of wijziging plaats na het tijdstip waarop werknemer en werkgever de regeling of wijziging wensen in te laten gaan, dan kan de regeling of wijziging niet eerder ingaan dan op de datum waarop de volledige aanmelding is ontvangen.
6. Uiterlijk twee weken na ontvangst van de volledige aanmelding of wijziging ontvangt de werkgever een besluit over (gewijzigde) deelname aan de regeling. Het besluit vermeldt de deelnemer aan de regeling, de werknemer die het betreft en de datum waarop de regeling aanvangt of wordt gewijzigd.
7. Wijziging van de arbeidstijd na aanmelding. Als de arbeidstijd van de werknemer na ingang van de regeling met instemming van werkgever en werknemer verder wordt verminderd, is de deelnemer verplicht dit (digitaal) te melden via CAS aan de administrateur. Deze melding dient vergezeld te gaan van een door werkgever en werknemer ondertekend document (overeenkomst tot minder werken) waaruit deze nieuwe arbeidstijd blijkt. De vergoeding aan de werkgever als bedoeld in artikel 9 wordt naar rato van de aanpassing van de arbeidstijd verminderd. Dit geldt ook omgekeerd als een werknemer zijn arbeidstijd vermeerderd. Het bepaalde in lid 5 is van overeenkomstige toepassing.
1. De werkgever ontvangt van het fonds een vergoeding voor de gederfde arbeidsprestatie van de werknemer die deelneemt aan de regeling.
2. De door het fonds te verstrekken vergoeding wordt na instemming van de sectorcommissie jaarlijks door het bestuur vastgesteld op een bedrag per gedeclareerde dag, ongeacht de werkelijke kosten. Dit bedrag wordt jaarlijks aangepast in dezelfde mate als de daadwerkelijke loonkostenstijging volgens de collectieve arbeidsovereenkomst Groen, Grond en Infrastructuur. Het bedrag wordt berekend door het verschil in loonkosten te nemen tussen 80% werken met 80% loon en 80% werken met 90% loon waarbij uitgegaan wordt van een werknemer in schaal E met 6 functiejaren op basis van 40-urige werkweek als bedoeld in de collectieve arbeidsovereenkomst Groen, Grond en Infrastructuur.
3. De hoogte van de in lid 2 genoemde vergoeding wordt gepubliceerd op www.collandarbeidsmarkt.nl.
4. Voor werknemers (zowel met een 38-urige als 40-urige werkweek) met een loon boven E6 op basis van een 40-urige werkweek kan een hogere vergoeding dan bedoeld in lid 2 worden toegekend. Om voor deze hogere vergoeding in aanmerking te komen, dient de werkgever hierom gelijktijdig met de aanmelding te verzoeken door het beantwoorden van de vraag over het loon van de werknemer in CAS. Uitgaande van het verschil tussen het E6-loon op basis van een 40-urige werkweek en het werkelijke loon wordt een percentage berekend waarmee de vergoeding als bedoeld in lid 2 wordt verhoogd. Dit percentage wordt per werknemer eenmalig, bij de aanmelding, vastgesteld en geldt voor de gehele duur van de deelname.
5. Voor parttimers en gedeeltelijk arbeidsgeschikte werknemers wordt genoemde vergoeding naar rato vastgesteld.
6. De vergoeding wordt tweemaal per jaar achteraf uitbetaald in juli en januari.
7. De vergoeding wordt automatisch verstrekt via CAS na controle door de fondsadministratie.
Met ingang van 1 januari 2021 bestaat de mogelijkheid in de sector Groen, Grond en Infrastructuur dat werkgever en werknemer in overleg een normale arbeidstijd van 40 uur per week overeenkomen. Het is niet mogelijk om gedurende de deelname de oorspronkelijke, voorafgaand aan de deelname voor de betrokken werknemer geldende werkweek van 38 uur te wijzigen in 40 uur.
Het bestuur vordert hetgeen op grond van de regeling ten onrechte betaald is terug.
1. Besluiten inzake de toekenning, wijziging, weigering, herziening of terugvordering van een vergoeding worden door het bestuur van het fonds genomen.
2. Besluiten inzake toekenning, wijziging, weigering, herziening of terugvordering van een vergoeding zijn met redenen omkleed en worden schriftelijk ter kennis van de werkgever gebracht.
1. Het bestuur is bevoegd bepaaldelijk te omschrijven bevoegdheden geheel of gedeeltelijk te mandateren aan:
a. een door het bestuur aangewezen commissie welke moet zijn samengesteld naar het aan artikel 4 van de statuten ten grondslag liggende beginsel van pariteit;
b. de directie van de administrateur.
2. De directie van de administrateur is onder goedkeuring van het bestuur bevoegd één of meer personeelsleden van de administrateur te machtigen tot het voor en namens haar uitoefenen van de haar op grond van het bepaalde in het eerste lid toegekende bevoegdheden.
Als de toepassing van het in de voorgaande artikelen bepaalde kennelijk onredelijke uitkomsten tot gevolg heeft, beslist het bestuur.
Voor de deelnemer eindigt de deelname aan de regeling :
a. bij volledige vroegpensionering of bij het bereiken van de individuele AOW leeftijd van de werknemer;
b. bij overlijden van de werknemer;
c. wanneer de deelnemer te kennen geeft dat hij de deelname wenst te beëindigen;
d. wanneer de deelnemer handelt in strijd met dit reglement of met door het bestuur gegeven nadere aanwijzingen;
e. wanneer de deelnemer voor de werknemer 8 jaar gebruik heeft gemaakt van de regeling;
f. bij beëindiging van de arbeidsovereenkomst met de werknemer.
Als de arbeidsovereenkomst tussen de werknemer en de deelnemer wordt beëindigd en de werknemer treedt in dienst van een andere werkgever in de sector Groen, Grond en Infrastructuur dan kan de werknemer het gebruik van de seniorenregeling voortzetten bij de nieuwe werkgever. Hierbij geldt dat:
a. voldaan wordt aan de voorwaarden genoemd in artikel 4;
b. de nieuwe werkgever het verzoek tot deelname uiterlijk op de datum van indiensttreding meldt bij CAS conform artikel 9;
c. de duur dat de werknemer tijdens het dienstverband met de oude werkgever gebruik gemaakt heeft van de regeling in mindering wordt gebracht op de maximale deelnameperiode.
1. Arbeid, die op het tijdstip van aanmelding reeds door de werknemer werd verricht naast de arbeid die op basis van de arbeidsovereenkomst met de deelnemer wordt verricht, mag in dezelfde omvang worden voortgezet zonder dat de inkomsten uit de overige arbeid in mindering op de vergoeding worden gebracht.
2. Behoudens naar het oordeel van het bestuur uitzonderlijke omstandigheden is het de werknemer verboden na het tijdstip van aanmelden voor de regeling:
a. de omvang van de in het eerste lid bedoelde overige arbeid te vergroten, dan wel;
b. werkzaamheden te verrichten, hetzij op basis van arbeidsovereenkomst, hetzij in de zelfstandige uitoefening van zijn beroep of bedrijf, op de vrije dag / dagen die ontstaat / ontstaan door het sluiten van de in artikel 4 lid 2 bedoelde schriftelijke aanvulling op de arbeidsovereenkomst tot minder werken.
Voor het in uitzonderlijke omstandigheden vergroten van de omvang van de arbeid ofwel het gaan verrichten van andere arbeid, zoals bovenbedoeld, dient vooraf toestemming aan het bestuur te worden gevraagd. De met het vergroten van de omvang van de arbeid ofwel het gaan verrichten van andere arbeid verkregen inkomsten worden alsdan volgens door het bestuur te stellen regelen in mindering op de vergoeding gebracht.
De deelnemer dient desgevraagd of uit eigen beweging aan de administrateur alle inlichtingen te verstrekken die voor de beoordeling van het recht op vergoeding en de hoogte daarvan van belang kan zijn.
De deelnemer heeft geen recht op vergoeding van het fonds als de werknemer volledig arbeidsongeschikt is, zie voor de definitie artikel 2, lid 2, sub e.
De administrateur is bevoegd controle uit te oefenen op de naleving van de verplichtingen van de deelnemer.
1. Een bezwaar tegen een besluit van het bestuur betreffende de (ingangsdatum van) deelname, de hoogte, herziening of terugvordering van een toegekende vergoeding moet binnen vier weken na dagtekening van het desbetreffende besluit schriftelijk en gemotiveerd worden ingediend bij het bestuur.
2. Het bestuur delegeert de behandeling van het bezwaar aan de sectorcommissie. De sectorcommissie neemt binnen drie maanden na ontvangst van het bezwaarschrift door het bestuur een besluit.
3. Als de werkgever het verzoek van de werknemer om gebruik te maken van de seniorenregeling afwijst (zie artikel 4 lid 2), kan de werknemer een bezwaar indienen bij de paritaire commissie Groen, Grond en Infrastructuur. De paritaire commissie Grond, Grond en Infrastructuur neemt binnen drie maanden na ontvangst van het bezwaarschrift een besluit.
4. Tegen een beslissing op het bezwaar als bedoeld in lid 2 of lid 3 is binnen het fonds geen beroep meer mogelijk.
Artikel 1b lid 2 sub b komt te luiden:
Artikel 5 lid 2 komt te luiden:
2. De door het fonds te verstrekken vergoeding wordt na instemming van de sectorcommissie jaarlijks door het bestuur vastgesteld. De vergoeding bestaat uit een bedrag per gedeclareerde dag. Het bedrag wordt berekend door het verschil te nemen tussen 80% werken met 80% loon van de betreffende werknemer en 80% werken met 90% loon van de betreffende werknemer tot een maximum van het loon geldend bij Loongebouw B, functiegroep G met 10 treden. De conform deze berekening vastgestelde dagvergoeding geldt gedurende de gehele periode dat de betreffende werknemer deelneemt aan de regeling met dien verstande dat de dagvergoeding aangepast wordt in geval van een verhoging van de cao-lonen conform de cao Glastuinbouw.
Voor parttimers en gedeeltelijk arbeidsgeschikte werknemers wordt genoemde verstrekking naar rato vastgesteld.
Vermindering van de arbeidstijd na aanmelding
Als de arbeidstijd van de werknemer na ingang van de regeling met instemming van werkgever en werknemer verder wordt verminderd, zal de vergoeding aan de werkgever niet worden gewijzigd.
Artikel 13b lid 2 komt te luiden:
2. Deelname aan de regeling in dienst van werkgever in een andere agrarische sector.
Als de arbeidsovereenkomst tussen de werknemer en de deelnemende werkgever wordt beëindigd en de werknemer treedt in dienst van een werkgever in de sector Glastuinbouw, Dierhouderij of Open Teelten dan kan de werknemer gebruik maken van de seniorenregeling die van toepassing is in de betreffende sector. Hierbij geldt dat:
a. voldaan wordt aan de voorwaarden gesteld aan deelname aan de seniorenregeling in de betreffende sector;
b. de nieuwe werkgever het verzoek tot deelname z.s.m. na indiensttreding meldt bij CAS conform de voorwaarden gesteld bij het Seniorenreglement van de betreffende sector;
c. de duur dat de werknemer tijdens het dienstverband met de werkgever in de sector Bloembollengroothandel gebruik gemaakt heeft van de seniorenregeling in mindering wordt gebracht op de maximale periode van de seniorenregeling zoals die eventueel in de betreffende sector geldt.
Artikel 2 komt te luiden:
In dit reglement wordt verstaan onder:
Een onderneming of instelling gericht op het in enige vorm geven van onderwijs;
Een lesperiode van minimaal een dagdeel (4 uur) in groepsverband gericht op het vergroten van kennis en vaardigheden van de werknemer noodzakelijk bij zijn huidige werkgever en verzorgd door een school. Ondanks het ontbreken van een groepsverband kan E-learning en een individuele taaltraining onder deze definitie vallen, mits voor E-learning sprake is van een lesduur van minimaal 2 uur en aantoonbare tijdsregistratie;
Het jaar dat start op 1 augustus en loopt tot en met 31 juli van het daaropvolgende jaar;
Het jaar dat loopt van 1 januari tot en met 31 december;
i. De rechtspersoon of natuurlijk persoon zoals bedoeld in artikel 1 sub B cao Colland die premies afdraagt aan de stichting op basis van cao Colland
Diegene, die bij een werkgever op basis van een arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 7:610 BW in dienst is van werkgever;
Het in verband met het volgen van een cursus te betalen inschrijfgeld, cursusgeld, leermiddelengeld, examengeld en verblijfskosten (exclusief overnachting);
De Stichting Colland Arbeidsmarkt;
Het bestuur van de stichting;
De conform artikel 11 van de statuten van de stichting ingestelde commissie ten behoeve van de sector als bedoeld in artikel 1;
De administrateur die in opdracht van en namens het bestuur uitvoering geeft aan de administratie die voortvloeit uit deze scholingsregeling.
Een cursus die door de werkgever als maatwerk wordt aangeboden aan werknemers van zijn onderneming;
Het Colland Administratie Systeem. Dit is het digitaal loket van de stichting voor declaraties. Het loket is te vinden op www.collandarbeidsmarkt.nl.
De tegemoetkoming in de cursuskosten die overeenkomstig dit reglement door of namens de stichting verstrekt wordt.
Een voor ieder toegankelijk cursusaanbod dat wordt gepubliceerd op de website, via een folder of social media van de school door middel van onder andere openbare informatie zoals beschrijving van de inhoud, docenten, locatie, programma en prijs. Hierbij is het van belang dat:
– Eenieder zich direct in kan schrijven voor een cursus, of;
– Er minimaal een openbaar, algemeen, inschrijfformulier beschikbaar is.
Het door of namens het bestuur vastgestelde totaalbedrag per sector dat gedurende een bepaald kalenderjaar ten hoogste beschikbaar is voor verstrekking van subsidie op grond van deze regeling.
Artikel 4 lid 2, 4 en 7 komen te luiden:
2. Het bestuur stelt op advies van de sectorcommissie vast:
a. het vergoedingspercentage voor de subsidie per cursusgroep;
b. het subsidieplafond.
4. De cursusgroepen en de vergoedingspercentages zijn te vinden op www.collandarbeidsmarkt.nl. Als het subsidieplafond bereikt is, wordt dit bekend gemaakt op www.collandarbeidsmarkt.nl.
7. Niet voor subsidie in aanmerking komen:
a. cursuskosten die betrekking hebben op een cursus die door andere fondsen of regelingen volledig gesubsidieerd wordt;
b. cursuskosten van cursussen die niet opgenomen zijn in een cursusgroep;
c. cursuskosten die betrekking hebben op een cursus die gegeven wordt door een school:
i. die (juridisch) gelieerd is aan een specifieke werkgever;
ii. die geen voor eenieder open inschrijving voor haar cursusaanbod kent;
iii. die geen marktconforme cursusprijzen hanteert, dit ter beoordeling van de sectorcommissie;
iv. die tevens leverancier c.q. verhuurder is van de machines, apparatuur en/of software waarbij het gebruik hiervan onderwerp is van de betreffende cursusinhoud;
d. cursuskosten die betrekking hebben op een cursus die gevolgd is door een werknemer die op de eerste cursusdag nog geen werknemer was in de zin van dit reglement;
e. cursuskosten die betrekking hebben op werkinstructies en cursussen die bedrijfseigen voorlichting betreffen.
Artikel 5 lid 3 komt te luiden:
3. De declaratie wordt niet in behandeling genomen:
a. als deze is ingediend voor de eerste cursusdag;
b. als deze is ingediend twee maanden na de laatste cursusdag. Bepalend is de datum waarop de administrateur de declaratie ontvangt;
c. als deze betrekking heeft op een cursist die op de eerste cursusdag geen werknemer was in de zin van dit reglement;
d. als deze op het moment dat het subsidieplafond is bereikt nog niet is beoordeeld.
Artikel 6 lid 6 komt te luiden:
6. Per werknemer geldt een maximale subsidie per kalenderjaar. Het bestuur stelt op advies van de sectorcommissie dit maximum per sector vast. De actuele gegevens betreffende de maximale subsidie zijn te vinden op www.collandarbeidsmarkt.nl.
Artikel 10 lid 1 komt te luiden:
1. Indien op enig moment en op welke wijze dan ook geconstateerd wordt dat sprake is van onregelmatigheden die resulteren in oneigenlijk gebruik of misbruik van de regeling kan het bestuur, na voorafgaand advies van de sectorcommissie, besluiten om:
a. de goedkeuring van de declaratie en de toekenning van het subsidiebedrag in te trekken of te herzien;
b. de indiener van de declaratie voor een nader te bepalen periode uit te sluiten van subsidie;
c. cursussen verzorgd door scholen die aantoonbaar meewerken aan een onjuiste declaratie voor een nader te bepalen periode uit te sluiten van subsidie;
d. een reeds uitbetaalde subsidie terug te vorderen en bovendien gemaakte kosten, zoals maar niet beperkt tot onderzoekskosten, bij de werkgever in rekening te brengen.
Artikel 1 komt te luiden:
Artikel 2 komt te luiden:
In dit reglement wordt verstaan onder:
Een onderneming of instelling, niet zijnde een of meerdere zelfstandige(n) zonder personeel, waarvan de activiteiten gericht zijn op het in enige vorm geven van onderwijs. Dit onder verwijzing naar het gestelde in artikel 4 lid 9 en lid 10;
Een lesperiode van minimaal een dagdeel (4 uur) in groepsverband gericht op het vergroten van kennis en vaardigheden van de werknemer noodzakelijk bij zijn huidige werkgever en verzorgd door een school. Ondanks het ontbreken van een groepsverband kan een online training onder deze definitie vallen, mits sprake is van een lesduur van minimaal 2 uur;
Het jaar dat start op 1 augustus en loopt tot en met 31 juli van het daaropvolgende jaar;
Het jaar dat loopt van 1 januari tot en met 31 december;
i. De werkgever zoals bedoeld in artikel 1 sub B cao Colland die een onderneming drijft in de sector Hoveniers en premies afdraagt aan de stichting op basis van cao Colland;
Diegene, die bij een werkgever op basis van een arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 7:610 BW in dienst is van werkgever;
Het in verband met het volgen van een cursus te betalen inschrijfgeld, cursusgeld, leermiddelengeld, examengeld en verblijfskosten (exclusief overnachting);
De Stichting Colland Arbeidsmarkt;
Het bestuur van de stichting;
De conform artikel 11 van de statuten van de stichting ingestelde commissie ten behoeve van een sector als bedoeld in artikel 1;
De administrateur die in opdracht van en namens het bestuur uitvoering geeft aan de administratie die voortvloeit uit deze scholingsregeling.
Een cursus die door de werkgever als maatwerk wordt aangeboden aan werknemers van zijn onderneming;
Het Colland Administratie Systeem. Dit is het digitaal loket van de stichting voor declaraties. Het loket is te vinden op www.collandarbeidsmarkt.nl.
De tegemoetkoming in de cursuskosten die overeenkomstig dit reglement door of namens de stichting verstrekt wordt.
De sector zoals bedoeld in artikel 1, sub C. lid 5 cao Colland.
Een voor ieder toegankelijk cursusaanbod dat wordt gepubliceerd op de website, via een folder of social media van de school door middel van onder andere openbare informatie zoals beschrijving van de inhoud, docenten, locatie, programma en prijs. Hierbij is het van belang dat:
– Eenieder zich direct in kan schrijven voor een cursus, of;
– Er minimaal een openbaar, algemeen, inschrijfformulier beschikbaar is.
Het door of namens het bestuur vastgestelde totaalbedrag per sector dat gedurende een bepaald kalenderjaar ten hoogste beschikbaar is voor verstrekking van subsidie op grond van deze regeling.
Artikel 4 lid 2, 4, 7 en 9 komen te luiden:
2. Het bestuur stelt op advies van de sectorcommissie vast:
a. het vergoedingspercentage voor de subsidie per cursusgroep;
b. het subsidieplafond.
4. De cursusgroepen en de vergoedingspercentages zijn te vinden op www.collandarbeidsmarkt.nl. Als het subsidieplafond bereikt is, wordt dit bekend gemaakt op www.collandarbeidsmarkt.nl.
7. Cursuskosten die niet voor subsidie in aanmerking komen:
a. cursuskosten die betrekking hebben op een cursus die door andere fondsen of regelingen volledig gesubsidieerd wordt;
b. cursuskosten van cursussen die niet opgenomen zijn in een cursusgroep;
c. cursuskosten die betrekking hebben op een cursus die gevolgd is door een werknemer die op de eerste cursusdag nog geen werknemer was in de zin van dit reglement;
d. werkinstructies en cursussen die bedrijfseigen voorlichting betreffen.
9. Organisaties die niet als school worden aangemerkt
Niet in aanmerking voor subsidie komen cursuskosten die betrekking hebben op:
a. een organisatie of persoon die (juridisch) gelieerd is aan een specifieke werkgever in de sector Hoveniers en/of;
b. een of meerdere zelfstandige(n) zonder personeel is en/of;
c. een organisatie die geen voor een ieder open inschrijving van het cursusaanbod kent en/of;
d. een organisatie die geen marktconforme cursusprijzen hanteert, dit ter beoordeling van de sectorcommissie en/of;
e. een organisatie die tevens leverancier c.q. verhuurder is van de machines, apparatuur en/of software waarbij het gebruik hiervan onderwerp is van de betreffende cursusinhoud.
Artikel 5 lid 3 komt te luiden:
3. De declaratie wordt niet in behandeling genomen:
a. als deze is ingediend voor de eerste cursusdag;
b. als deze is ingediend twee maanden na de laatste cursusdag. Bepalend is de datum waarop de administrateur de declaratie ontvangt;
c. als deze betrekking heeft op een cursist die op de eerste cursusdag geen werknemer was in de zin van dit reglement;
d. als deze op het moment dat het subsidieplafond is bereikt nog niet is beoordeeld.
Artikel 6 lid 6 komt te luiden:
6. Per werknemer geldt een maximale subsidie per kalenderjaar. Het bestuur stelt op advies van de sectorcommissie dit maximum per sector vast. De actuele gegevens betreffende de maximale subsidie zijn te vinden op www.collandarbeidsmarkt.nl.
Artikel 10 komt te luiden:
Indien op enig moment en op welke wijze dan ook geconstateerd wordt dat sprake is van onregelmatigheden die resulteren in oneigenlijk gebruik of misbruik van de regeling kan het bestuur, na voorafgaand advies van de sectorcommissie, besluiten om:
a. de goedkeuring van de declaratie en de toekenning van het subsidiebedrag in te trekken of te herzien;
b. de indiener van de declaratie voor een nader te bepalen periode uit te sluiten van subsidie;
c. cursussen verzorgd door scholen die aantoonbaar meewerken aan een onjuiste declaratie voor een nader te bepalen periode uit te sluiten van subsidie;
d. een reeds uitbetaalde subsidie terug te vorderen en bovendien gemaakte kosten, zoals maar niet beperkt tot onderzoekskosten, bij de werkgever in rekening te brengen.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-37921.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.