Regeling van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 21 december 2023, nr. WJZ/ 41183278, tot wijziging van de Regeling kostenverevening reductie CO2-emissies glastuinbouw in verband met de vaststelling van de prijs met ton geëmitteerde CO2 en de omrekenfactor voor gas

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,

Gelet op artikel 4 van het Besluit kostenverevening reductie CO2-emissies glastuinbouw;

Besluit:

ARTIKEL I

De Regeling kostenverevening reductie CO2-emissies glastuinbouw wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 1 wordt in de alfabetische volgorde de volgende begripsbepaling toegevoegd:

standaard CO2-emissiefactor voor aardgas:

standaard CO2-emissiefactor voor aardgas in kilogram CO2/GJ aardgas die bij of krachtens artikel 16.12 van de Wet milieubeheer jaarlijks door de Minister van Economische Zaken en Klimaat wordt gepubliceerd.

B

Artikel 3, derde lid, komt te luiden:

  • 3. Degene die een inrichting drijft, bepaalt de CO2-jaarvracht over 2022 en volgende jaren overeenkomstig de in de bijlage opgenomen berekeningsmethode.

C

Artikel 4 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het tweede lid komt te luiden:

  • 2. Het bedrag (P) per ton geëmitteerde CO2als bedoeld in artikel 3 van het besluit is: het gewone gemiddelde van de laatste prijs in euro, zoals waargenomen op alle handelsdagen van 1 januari tot en met 31 december van het voorafgaande jaar, van de termijncontracten van broeikasgasemissierechten voor levering in december van dat jaar, op de koolstofbeurs in de Europese Unie met het hoogste handelsvolume van die contracten in die maanden.

2. Na het tweede lid wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. De formule wordt toegepast bij de afrekening van de verschuldigde vergoeding vanaf het jaar 2021.

D

Bijlage 1 vervalt, alsmede de aanduiding ‘2’ van bijlage 2.

E

Onderdeel 2 van de bijlage komt te luiden:

  • 2. De CO2-emissie, in ton CO2, gerelateerd aan het totale gasverbruik (Eg) wordt:

    • a. tot en met 2021 berekend volgens de formule:

      An x 31.65 x 56.8 / 1.000.000;

    • b. vanaf 2022 berekend volgens de formule:

      An x 31.65 x standaard CO2-emissiefactor voor aardgas / 1.000.000.

Hierbij staat An als bedoeld in onderdelen a en b, voor de in het betrokken kalenderjaar verbruikte hoeveelheid gas in normaal kubieke meters.

ARTIKEL II

  • 1. Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

  • 2. Artikel I, onderdeel C, werkt terug tot en met 1 oktober 2023.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage, 21 december 2023

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, P. Adema

TOELICHTING

Met onderhavige wijzigingsregeling is de Regeling kostenverevening reductie CO2-emissies glastuinbouw (hierna: de Regeling) op twee onderdelen gewijzigd. De Regeling is een uitwerking van het kostenvereveningssysteem voor glastuinbouwondernemingen. Dat systeem houdt in dat bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorieën glastuinbouwbedrijven een vergoeding moeten betalen indien alle glastuinbouwbedrijven gezamenlijk meer CO2 uitstoten dan een vastgestelde hoeveelheid CO2-emissies. De hoogte van de toegestane CO2-emissies wordt jaarlijks vastgesteld door de Minister van Economische Zaken en Klimaat. In de Regeling wordt onder andere een uitwerking gegeven van de formule die bepaalt hoe de vergoeding wordt berekend die betaald moet worden als er sprake is van overschrijding van de toegestane CO2-emissies.

De Regeling is op twee onderdelen gewijzigd, omdat de regeling op twee plaatsen gerepareerd moet worden. Ten eerste is vastgesteld hoe hoog de prijs is per ton geëmitteerde CO2 (P) in de formule van artikel 3 van het Besluit kostenverevening reductie CO2-emissies glastuinbouw. Deze berekening was tot nu toe niet vastgelegd in de Regeling, maar alleen in de toelichting van de Regeling en in het met de sector vastgestelde convenant CO2 emissieruimte binnen het CO2-sectorsysteem glastuinbouw voor de periode 2013-20201. In de Regeling is de afspraak over het vaststellen van de hoogte van de prijs (P) zoals bedoeld in het met de sector vastgestelde convenant CO2 emissieruimte binnen het CO2-sectorsysteem glastuinbouw voor de periode 2021–20242 vastgelegd.

Omdat het een afspraak is die op grond van het convenant vanaf 2021 geldt, is deze prijs reeds toegepast voor de berekening over 2021 (Artikel I, onderdeel C, nieuw artikel 4, derde lid). Deze bepaling treedt daarom met terugwerkende kracht in werking (artikel II, onderdeel 2). Toepassing van de afgesproken prijs in het convenant over de uitstoot van 2021 was mogelijk, omdat de bepaling van de prijs tot nu toe niet in de Regeling was opgenomen.

Ten tweede is de zogenoemde omrekenfactor voor gas gewijzigd. In de bijlage bij de Regeling is de berekening voor de CO2-jaarvracht opgenomen, die met de emissie-aangifte wordt gedaan. De CO2-emissie, in ton CO2, wordt berekend volgens een bepaalde formule, waarbij de in het betrokken kalenderjaar verbruikte hoeveelheid gas in normaal kubieke meters vermenigvuldigd wordt met een CO2-emissiefactor voor aardgas. Hiervoor werd de factor 56,8 kg CO2/GJ aardgas gebruikt. Voor andere berekeningen van CO2-emissies van aardgas, zoals voor het Europese systeem voor emissiehandel, het zogenoemde EU-ETS, en rapportage van de nationale CO2-emissies aan de Verenigde Naties en de Europese Unie wordt een standaard CO2-omrekenfactor van aardgas gebruikt. Deze standaard omrekenfactor, die vastgesteld wordt op basis van metingen door de Gasunie, wordt jaarlijks door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland gepubliceerd. Met deze wijziging van de Regeling wordt de CO2-emissie van de glastuinbouwsector ten behoeve van de Regeling op dezelfde manier berekend als de overige CO2-emissies in Nederland en wordt hersteld dat dit niet op dezelfde manier gebeurde.

De laatste jaren ligt de vastgestelde standaard CO2-emissiefactor tussen de 56,6 en 56,4 kg CO2/GJ aardgas. De CO2-emissie van de glastuinbouw ten behoeve van de Regeling zou in het geval dat 56,4 kg CO2/GJ aardgas in plaats van 56,8 kg CO2/GJ aardgas 0,7% lager komen te liggen.

Deze nieuwe rekenfactor zal worden toegepast voor de berekening van de CO2-jaarvracht vanaf 2022. Volgens de gebruikelijke systematiek is in 2023 opgave gedaan van het aardgasgebruik over het jaar 2022. In 2024 wordt de CO2-jaarvracht vastgesteld. Daarbij zal het aardgasverbruik berekend worden met de met de nieuwe rekenfactor. Over het aanpassen van deze factor is, in tegenstelling tot het berekenen van de prijs, geen afspraak gemaakt in het voornoemde convenant met de glastuinbouwsector over de jaren 2021–2024. Over de uitstoot van 2021 is de oude factor nog toegepast. Het met terugwerkende kracht aanpassen van de rekenfactor voor het jaar 2021 zou tot een ongewenste vertraging van de afwikkeling van de heffing hebben geleid.

Tevens is van de gelegenheid gebruik gemaakt om bijlage 1 te laten vervallen, omdat daarin een berekening van de CO2-jaarvracht over 2014 werd beschreven en deze bijlage niet langer relevant is (artikel I, onderdelen B en D).

Regeldruk

Er zijn geen gevolgen voor de regeldruk. Het Adviescollege Toetsing Regeldruk heeft daarom besloten om geen formeel advies uit te brengen.

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. Dit is een uitzondering op de zogenoemde vaste verandermomenten en de minimuminvoeringstermijn. Dit is gerechtvaardigd omdat het gaat om reparatieregelgeving, zoals eerder in de toelichting is aangegeven.

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, P. Adema


X Noot
1

Convenant CO2 emissieruimte binnen het CO2-sectorsysteem glastuinbouw voor de periode 2013–2020 Staatscourant 2018, nr. 66263

X Noot
2

Convenant CO2 emissieruimte binnen het CO2-sectorsysteem glastuinbouw voor de periode 2021–2024 Staatscourant 2022, nr. 15244

Naar boven