Advies Raad van State inzake het ontwerp van een algemene maatregel van bestuur, houdende wijziging van het Warenwetbesluit informatie levensmiddelen en het Warenwetbesluit bestuurlijke boeten in verband met het wijzigen van de voorwaarden waaronder een voedselkeuzelogo mag worden gebezigd

Nader Rapport

25 april 2023

3482133-1035049-WJZ

Directie Wetgeving en Juridische Zaken

Aan de Koning

Nader rapport inzake het ontwerp van een algemene maatregel van bestuur, houdende wijziging van het Warenwetbesluit informatie levensmiddelen en het Warenwetbesluit bestuurlijke boeten in verband met het wijzigen van de voorwaarden waaronder een voedselkeuzelogo mag worden gebezigd

Blijkens de mededeling van de Directeur van Uw Kabinet van 10 oktober 2022, no.2022002190, machtigde Uwe Majesteit de Afdeling advisering van de Raad van State haar advies inzake het bovenvermelde ontwerp van een algemene maatregel van bestuur rechtstreeks aan mij te doen toekomen. Dit advies, gedateerd 16 november 2022, No. W13.22.00120/III, bied ik U hierbij aan.

De tekst van het advies bied ik u hierbij aan, voorzien van mijn reactie. Het advies is integraal opgenomen in het nader rapport en cursief weergegeven.

Bij Kabinetsmissive van 10 oktober 2022, no.2022002190, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het Ontwerpbesluit houdende wijziging van het Warenwetbesluit informatie levensmiddelen en het Warenwetbesluit bestuurlijke boeten in verband met het wijzigen van de voorwaarden waaronder een voedselkeuzelogo mag worden gebezigd, met nota van toelichting.

Het ontwerpbesluit introduceert de mogelijkheid van het bij ministeriële regeling aanwijzen van Nutri-Score als voedselkeuzelogo.

De Afdeling advisering van de Raad van State wijst op enkele onduidelijkheden in het voorstel die een nadere toelichting behoeven. Zo is het onduidelijk wat is gedaan met adviezen van het wetenschappelijk comité en de Gezondheidsraad, of er rekening is gehouden met de Unierechtelijke aspecten en waarom wordt afgeweken van de vaste verandermomenten, mede gelet op de beoogde pilots. In verband daarmee is aanpassing van de toelichting nodig.

1. Wetenschappelijk comité en Gezondheidsraad

Met het voorstel wordt het Warenwetbesluit informatie levensmiddelen gewijzigd om de mogelijkheid te creëren Nutri-Score aan te wijzen als voedselkeuzelogo. Een onafhankelijk wetenschappelijk comité is ingesteld om advies te geven over het algoritme achter Nutri-Score en de impact van Nutri-Score op de volksgezondheid. Op 26 juli 2022 is een update voor het algoritme van Nutri-Score door het wetenschappelijk comité gepubliceerd.

In een debat van de vaste kamercommissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport inzake preventief gezondheidsbeleid bleek dat de Staatssecretaris vóór de definitieve beslissing over het aanwijzen van Nutri-Score als voedselkeuzelogo wilde wachten op het advies van het wetenschappelijk comité en een reflectie daarop van de Gezondheidsraad. Het valt de Afdeling op dat er in het voorstel niets is toegelicht over (de uitkomsten van de) advisering door het wetenschappelijk comité.

De Afdeling adviseert hierop in de toelichting nader in te gaan.

2. Unierechtelijke aspecten

De Nutri-Score is een voedingsclaim zoals bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder 4, van Verordening (EG) Nr. 1924/2006. Op grond van artikel 8, eerste lid, van deze verordening zijn alleen de voedingsclaims toegestaan die in de bijlage bij de verordening zijn opgenomen.

De voedingsclaims in deze bijlage hebben betrekking op uitsluitend de hoeveelheid energie van een levensmiddel of op de hoeveelheid van één stof of nutriënt. Het voedselkeuzelogo Nutri-Score valt daarbuiten, omdat de gehele samenstelling van een levensmiddel hierbij in acht wordt genomen. De verhouding van het voorstel tot genoemde verordening behoeft toelichting, evenals de kennisgeving, dan wel notificatie van dit voorstel en/of de ministeriële regeling.

De Afdeling adviseert in de toelichting op de Unierechtelijke aspecten in te gaan.

3. Inwerkingtreding en pilots

Momenteel bestaat er geen specifieke wettelijke grondslag voor het gebruik van Nutri-Score als voedselkeuzelogo. Het voorstel verandert dit en treedt zo spoedig mogelijk na publicatie in werking.

De Afdeling mist in de toelichting een duidelijke reden om af te wijken van de vaste verandermomenten. De toelichting vermeldt dat om aanzienlijke ongewenste nadelen voor de levensmiddelenbranche te voorkomen er wordt afgeweken van de vaste verandermomenten. De vraag rijst welke nadelen hiermee worden bedoeld en waarom deze met spoedige inwerkingtreding worden weggenomen. In dat verband constateert de Afdeling dat het voornemen bestaat om pilots te houden voor de implementatie van Nutri-Score als voedselkeuzelogo. Dit roept de vraag op of het de bedoeling is deze pilots te houden voordat tot inwerkingtreding van de wijziging respectievelijk tot aanwijzing van Nutri-Score als voedselkeuzelogo wordt overgegaan en hoe dit zich vervolgens verhoudt tot het Unierecht en de daaruit voortvloeiende stand still-plicht (zie hiervoor punt b). De Afdeling adviseert in de toelichting hierop nader in te gaan.

De Afdeling advisering van de Raad van State heeft een aantal opmerkingen bij het ontwerpbesluit en adviseert daarmee rekening te houden voordat een besluit wordt genomen.

De vice-president van de Raad van State,

Th.C. de Graaf

De Afdeling advisering van de Raad van State heeft geadviseerd om de nota van toelichting van het ontwerp-besluit op enkele punten te verduidelijken. Naar aanleiding van bovenvermeld advies, is aanvullend toegelicht op welke manier rekening is gehouden met Unierechtelijke aspecten, wat de uitkomst is van de adviezen van het wetenschappelijk comité en de Gezondheidsraad en waarom wordt afgeweken van de vaste verandermomenten.

Ik moge U hierbij het ontwerp-besluit en de gewijzigde nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E.J. Kuipers.

Advies Raad van State

No. W13.22.00120/III

’s-Gravenhage, 16 november 2022

Aan de Koning

Bij Kabinetsmissive van 10 oktober 2022, no.2022002190, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het Ontwerpbesluit houdende wijziging van het Warenwetbesluit informatie levensmiddelen en het Warenwetbesluit bestuurlijke boeten in verband met het wijzigen van de voorwaarden waaronder een voedselkeuzelogo mag worden gebezigd, met nota van toelichting.

Het ontwerpbesluit introduceert de mogelijkheid van het bij ministeriële regeling aanwijzen van Nutri-Score als voedselkeuzelogo.

De Afdeling advisering van de Raad van State wijst op enkele onduidelijkheden in het voorstel die een nadere toelichting behoeven. Zo is het onduidelijk wat is gedaan met adviezen van het wetenschappelijk comité en de Gezondheidsraad, of er rekening is gehouden met de Unierechtelijke aspecten en waarom wordt afgeweken van de vaste verandermomenten, mede gelet op de beoogde pilots. In verband daarmee is aanpassing van de toelichting nodig.

1. Wetenschappelijk comité en Gezondheidsraad

Met het voorstel wordt het Warenwetbesluit informatie levensmiddelen gewijzigd om de mogelijkheid te creëren Nutri-Score aan te wijzen als voedselkeuzelogo. Een onafhankelijk wetenschappelijk comité is ingesteld om advies te geven over het algoritme achter Nutri-Score en de impact van Nutri-Score op de volksgezondheid.1 Op 26 juli 2022 is een update voor het algoritme van Nutri-Score door het wetenschappelijk comité gepubliceerd.2

In een debat van de vaste kamercommissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport inzake preventief gezondheidsbeleid bleek dat de Staatssecretaris vóór de definitieve beslissing over het aanwijzen van Nutri-Score als voedselkeuzelogo wilde wachten op het advies van het wetenschappelijk comité en een reflectie daarop van de Gezondheidsraad.3 Het valt de Afdeling op dat er in het voorstel niets is toegelicht over (de uitkomsten van de) advisering door het wetenschappelijk comité.

De Afdeling adviseert hierop in de toelichting nader in te gaan.

2. Unierechtelijke aspecten

De Nutri-Score is een voedingsclaim zoals bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder 4, van Verordening (EG) Nr. 1924/2006.4 Op grond van artikel 8, eerste lid, van deze verordening zijn alleen de voedingsclaims toegestaan die in de bijlage bij de verordening zijn opgenomen.

De voedingsclaims in deze bijlage hebben betrekking op uitsluitend de hoeveelheid energie van een levensmiddel of op de hoeveelheid van één stof of nutriënt. Het voedselkeuzelogo Nutri-Score valt daarbuiten, omdat de gehele samenstelling van een levensmiddel hierbij in acht wordt genomen. De verhouding van het voorstel tot genoemde verordening behoeft toelichting, evenals de kennisgeving5, dan wel notificatie6 van dit voorstel en/of de ministeriële regeling.

De Afdeling adviseert in de toelichting op de Unierechtelijke aspecten in te gaan.

3. Inwerkingtreding en pilots

Momenteel bestaat er geen specifieke wettelijke grondslag voor het gebruik van Nutri-Score als voedselkeuzelogo. Het voorstel verandert dit en treedt zo spoedig mogelijk na publicatie in werking.7

De Afdeling mist in de toelichting een duidelijke reden om af te wijken van de vaste verandermomenten. De toelichting vermeldt dat om aanzienlijke ongewenste nadelen voor de levensmiddelenbranche te voorkomen er wordt afgeweken van de vaste verandermomenten. De vraag rijst welke nadelen hiermee worden bedoeld en waarom deze met spoedige inwerkingtreding worden weggenomen. In dat verband constateert de Afdeling dat het voornemen bestaat om pilots te houden voor de implementatie van Nutri-Score als voedselkeuzelogo.8 Dit roept de vraag op of het de bedoeling is deze pilots te houden voordat tot inwerkingtreding van de wijziging respectievelijk tot aanwijzing van Nutri-Score als voedselkeuzelogo wordt overgegaan en hoe dit zich vervolgens verhoudt tot het Unierecht en de daaruit voortvloeiende stand still-plicht (zie hiervoor punt b).

De Afdeling adviseert in de toelichting hierop nader in te gaan.

De Afdeling advisering van de Raad van State heeft een aantal opmerkingen bij het ontwerpbesluit en adviseert daarmee rekening te houden voordat een besluit wordt genomen.

De vice-president van de Raad van State, Th.C. de Graaf.

Tekst zoals toegezonden aan de Raad van State: Besluit houdende wijziging van het Warenwetbesluit informatie levensmiddelen en het Warenwetbesluit bestuurlijke boeten in verband met het wijzigen van de voorwaarden waaronder een voedselkeuzelogo mag worden gebezigd

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 4 oktober 2022, kenmerk 3435530-1035049-WJZ;

Gelet op:

  • de artikelen 36 en 38 van Verordening (EU) nr. 1169/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2011 betreffende de verstrekking van voedselinformatie aan consumenten, tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1924/2006 en (EG) nr. 1925/2006 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijn 87/250/EEG van de Commissie, Richtlijn 90/496/EEG van de Raad, Richtlijn 1999/10/EG van de Commissie, Richtlijn 2000/13/EG van het Europees Parlement en de Raad, Richtlijnen 2002/67/EG en 2008/5/EG van de Commissie, en Verordening (EG) nr. 608/2004 van de Commissie (PbEU 2011, L 304);

  • de artikelen 8 en 23 van Verordening (EG) nr. 1924/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 inzake voedings- en gezondheidsclaims voor levensmiddelen (PbEU 2006, L 404);

  • de artikelen 8, eerste lid, 13, 14 en 32b, eerste lid, van de Warenwet;

De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van .........., No. ..........);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van .........., kenmerk ..........;

Hebben goedgevonden en verstaan:

ARTIKEL I

Het Warenwetbesluit informatie levensmiddelen wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 1 wordt in de definitie van voedselkeuzelogo ‘wat betreft energie of de gehaltes aan verzadigd vet, transvet, toegevoegd suiker, voedingsvezel of zout’ vervangen door ‘wat betreft energie, de gehaltes aan vet, toegevoegd suiker, voedingsvezel, zout, groenten, fruit, peulvruchten of eiwit.’

B

In artikel 2, tweede lid, wordt ‘11, eerste en vijfde lid’ vervangen door ‘11, tweede en derde lid’.

C

Artikel 11 komt te luiden:

Artikel 11
  • 1. Onverminderd verordening (EG) 1924/2006 mag bij de verhandeling van een levensmiddel een bij ministeriële regeling aangewezen voedselkeuzelogo worden gebezigd.

  • 2. Een logo als bedoeld in het eerste lid, wordt niet gebezigd bij:

    • a. alcoholhoudende dranken;

    • b. volledige zuigelingenvoeding, opvolgzuigelingenvoeding, bewerkte levensmiddelen op basis van granen, babyvoeding, voeding voor medisch gebruik en de dagelijkse voeding volledig vervangende producten voor gewichtsbeheersing als bedoeld in verordening (EU) 609/2013; en

    • c. voedingssupplementen als bedoeld in het Warenwetbesluit voedingssupplementen.

  • 3. Bij ministeriële regeling kunnen regels voor het gebruik van een voedselkeuzelogo worden vastgesteld.

D

Artikel 12 vervalt.

ARTIKEL II

De bijlage bij het Warenwetbesluit bestuurlijke boeten wordt als volgt gewijzigd:

1. In het onderdeel ‘Inhoud’ wordt ‘C-29 Warenwetbesluit informatie levensmiddelen – Warenwetregeling allergeneninformatie niet-voorverpakte levensmiddelen – Warenwetregeling uitlekgewichten verduurzaamde champignons en zuurkool’ vervangen door ‘C-29 Warenwetbesluit informatie levensmiddelen – Warenwetregeling allergeneninformatie niet-voorverpakte levensmiddelen – Warenwetregeling uitlekgewichten verduurzaamde champignons en zuurkool – Warenwetregeling aanwijzing voedselkeuzelogo’.

2. Onderdeel C-29.7 komt te luiden:

C-29.7

artikel 2, tweede lid, juncto artikel 11, tweede lid

€ 525,–

€ 1.050,–

X

3. Na onderdeel C-29.13.1 wordt een rubriek ingevoegd, luidende:

C-29.14

Warenwetbesluit informatie levensmiddelen

Warenwetregeling aanwijzing voedselkeuzelogo

   

X

C-29.14.1

artikel 2, tweede lid, juncto artikel 11, derde lid, juncto

artikel 2

€ 525,–

€ 1.050,–

 

ARTIKEL III

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

NOTA VAN TOELICHTING

1. Algemeen

In het Nationaal Preventieakkoord van 20181 is afgesproken dat de rijksoverheid de regie in handen zal nemen om te komen tot één breed gedragen voedselkeuzelogo, waarbij de Europese ontwikkelingen met betrekking tot voedselkeuzelogo’s worden meegewogen.2 Op 28 november 2019 heeft de toenmalige staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) de Kamer geïnformeerd over zijn besluit om Nutri-Score als voedselkeuzelogo aan te wijzen.3 Om uitvoering te kunnen geven aan dit besluit, is het noodzakelijk dat de huidige voorwaarden omtrent het bezigen van een voedselkeuzelogo worden aangepast. Deze voorwaarden zijn opgenomen in het Warenwetbesluit informatie levensmiddelen (hierna: WIL). Dit besluit strekt ertoe deze voorwaarden te wijzigen.

Het doel van een voedselkeuzelogo is om het voor consumenten eenvoudiger te maken levensmiddelen te kiezen die gezonder zijn ten opzichte van vergelijkbare levensmiddelen in een bepaalde productcategorie.

Artikel 11 van het WIL stelt regels inzake het ontwikkelen, toepassen en gebruiken van een voedselkeuzelogo. Deze regels zijn in 2011 geïntroduceerd in de voorganger van het WIL, het Warenwetbesluit Voedsel-informatie levensmiddelen. Daarbij was destijds het uitgangspunt dat het logo, inclusief bijbehorende gebruiksvoorwaarden, zou worden ontwikkeld door representatieve organisaties van producenten en verhandelaren. Vervolgens zouden deze organisaties een verzoek tot goedkeuring van een voedselkeuzelogo bij de Minister van VWS moeten indienen.

In 2013 wees de Minister van VWS ‘het Vinkje’ aan als voedselkeuzelogo, in het Besluit houdende goedkeuring van het Vinkje als voedselkeuzelogo en van de gebruiksvoorwaarden ervan (Stcrt. 2013, 9864). Het Vinkje was een duaal logo, waarbij een blauw of groen Vinkje op de verpakking van een product kon worden geplaatst. Het blauwe Vinkje gaf daarbij de betere keuze in een relatief ongezonde categorie levensmiddelen aan en het groene Vinkje de gezondere keuze van de basisproducten. Het logo bleek niet goed door consumenten te worden begrepen. In 2017 is het Besluit tot goedkeuring van het Vinkje vervallen. Daarna is er geen voedselkeuzelogo aangewezen. Omdat het Vinkje in beheer was van een stichting waarvan de levensmiddelenindustrie in het bestuur zat, werd de indruk gewekt dat het logo van het bedrijfsleven was. Met het huidige logo wordt bewust de keuze gemaakt om de regie en uitvoering bij de rijksoverheid neer te leggen.

De Minister van VWS zal daarom niet langer op verzoek een logo goedkeuren, maar wijst het voedselkeuzelogo uit eigen beweging aan. Ook zal in de communicatie duidelijk worden dat dit nieuwe logo afkomstig is van de rijksoverheid.

De wijzigingen worden in de artikelsgewijze toelichting toegelicht.

2. Gevolgen voor regeldruk

Het Adviescollege toetsing regeldruk (ATR) heeft het dossier niet geselecteerd voor een formeel advies, omdat het geen gevolgen voor de regeldruk van burgers en bedrijven heeft.

3. Regulier Overleg Warenwet

Het ontwerp van dit besluit is op 7 april 2021 voorgelegd aan het Regulier Overleg Warenwet (ROW)4. Deze consultatie heeft geleid tot het doorvoeren van wijzigingen in de Nota van Toelichting. Er is duidelijker toegelicht dat er wordt nagestreefd om beter aan te sluiten bij de voedingsrichtlijnen van andere lidstaten van de Europese Unie, om mogelijk te maken dat er een logo wordt aangewezen dat op Europees niveau breed wordt gedragen.

4. Handhaafbaarheid, uitvoerbaarheid en fraudebestendigheid

Het ontwerp van dit besluit is door de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) beoordeeld op handhaafbaarheid, uitvoerbaarheid en fraudebestendigheid. Hoewel het besluit uitvoerbaar wordt geacht, voorziet de NVWA problemen met betrekking tot de handhaafbaarheid, gelet op de beperkte capaciteit van de organisatie.

5. Voorhang

In overeenstemming met artikel 32b, tweede lid, van de Warenwet, is een ontwerp van deze algemene maatregel van bestuur op 22 juni 2022 aan beide kamers der Staten-Generaal gezonden (Kamerstukken II, 2022/23, 26 991, nr. 582). De voorhangprocedure heeft niet geleid tot vragen of opmerkingen vanuit beide Kamers.

6. Artikelsgewijs

Artikel I, onderdeel A

Een voedselkeuzelogo maakt het voor consumenten eenvoudiger een levensmiddel te kiezen dat gezonder is dan vergelijkbare levensmiddelen in dezelfde productcategorie. Volgens de huidige definitie van het begrip voedselkeuzelogo in het WIL dient te worden gekeken naar de hoeveelheid energie of de gehaltes aan verzadigd vet, transvet, toegevoegd suiker, voedingsvezel of zout om vast te stellen of een product gezonder is dan vergelijkbare producten. Naast deze parameters bestaan er ook andere parameters die relevante informatie bieden over de gezondheidswaarde van een product. Te denken valt bijvoorbeeld aan het eiwitgehalte, maar ook het aandeel groenten, fruit, peulvruchten of noten waaruit een levensmiddel is samengesteld. De wijziging in de definitie van voedselkeuzelogo zorgt ervoor dat ook deze andere parameters kunnen worden betrokken bij de boordeling of een levensmiddel gezonder is dan vergelijkbare levensmiddelen in een productcategorie.

Artikel I, onderdeel B

Dit betreft een technische wijziging in verband met het nieuwe artikel 11.

Artikel I, onderdeel C

Artikel 11 van het WIL stelt regels inzake het ontwikkelen, toepassen en gebruiken van een voedselkeuzelogo. Met deze wijzing wordt mogelijk gemaakt dat de Minister van VWS uit eigen beweging een voedselkeuzelogo aanwijst, zonder dat daar een verzoek van het bedrijfsleven aan vooraf is gegaan. Bij het aanwijzen van een voedselkeuzelogo dient in toereikende mate te worden aangesloten bij geldende voedingsrichtlijnen. Gelet op de Europese ontwikkelingen op dit terrein en ter waarborging dat kan worden aangesloten bij een voedselkeuzelogo dat in andere Europese lidstaten wordt gevoerd, kunnen de Nederlandse richtlijnen Goede Voeding van de Gezondheidsraad echter niet langer als expliciet benoemde randvoorwaarde gelden. Deze richtlijnen zijn zeer specifiek toegesneden op de Nederlandse situatie. Om mogelijk te maken dat er een logo wordt aangewezen dat breed wordt gedragen, ook in andere lidstaten van de Europese Unie, wordt aansluiting bij de voedingsrichtlijnen van betrokken lidstaten nagestreefd.

De keuze van de toenmalige staatssecretaris van VWS om Nutri-Score als voedselkeuzelogo aan te wijzen, is tot stand gekomen met inachtneming van de laatste wetenschappelijke inzichten ter zake en is getoetst door een onafhankelijke wetenschappelijke commissie. In onafhankelijk consumentenonderzoek5 zijn drie voedselkeuzelogo’s vergeleken die momenteel in Europese landen worden gebruikt. Er is onderzocht in hoeverre deze logo’s consumenten helpen om een gezonde(re) keuze te maken. Uit het consumentenonderzoek blijkt dat consumenten met Nutri-Score het beste naar de gezonde(re) keuze kunnen worden geleid. Een gedetailleerde toelichting op de keuze voor Nutri-Score is opgenomen in de toelichting bij de Warenwetregeling aanwijzing voedselkeuzelogo. Voor de aanwijzing en gebruiksvoorwaarden van Nutri-Score wordt afgestemd met de voedingsrichtlijnen van de deelnemende landen. De gebruiksvoorwaarden van het logo worden op internet beschikbaar gesteld, in de Nederlandse taal.

Het tweede, derde en vierde lid van het oude artikel 11 kunnen vervallen, nu de Minister van VWS niet langer een voedselkeuzelogo goedkeurt, maar uit eigen beweging aanwijst – met inachtneming van het bovenstaande. Een gedetailleerde omschrijving van de weigeringsgronden is daarom niet langer noodzakelijk. De bevoegdheid tot het intrekken van een dergelijke aanwijzing ligt reeds in de aanwijzingsbevoegdheid besloten.

Artikel I, onderdeel D

Het is in de Europese Unie niet toegestaan om waren die in de ene lidstaat rechtmatig in de handel zijn gebracht, te weigeren in een andere lidstaat als de waren niet voldoen aan de nationale voorschriften van die lidstaat. Lidstaten kunnen de verkoop van deze waren op hun grondgebied niet verbieden, mits deze waren een gelijkwaardig beschermingsniveau bieden. Dat is het beginsel van wederzijdse erkenning, dat in 2015 is opgenomen in artikel 13d van de Warenwet. Het eerste lid van dit artikel bevat een clausule van wederzijdse erkenning voor waren voor bij of krachtens de Warenwet gestelde eisen. Dit maakt dat artikel 12 van het WIL overbodig is geworden en kan vervallen.

Artikel II

In artikel 11 van het WIL worden een aantal levensmiddelen genoemd waarbij geen voedselkeuzelogo gebezigd mag worden. Dat is het geval bij alcoholhoudende dranken, bijzondere voeding in de zin van verordening (EU) 609/20136 en voedingssupplementen. Deze verbodsbepaling wordt met dit besluit niet langer in het eerste lid genoemd, maar in het tweede lid. Het Warenwetbesluit bestuurlijke boeten dient hierop aangepast te worden.

Verder worden in de Warenwetregeling aanwijzing voedselkeuzelogo op grond van artikel 11, derde lid (nieuw), van het WIL nadere regels gesteld aan het gebruik van het voedselkeuzelogo. Deze regeling wordt toegevoegd aan de bijlage van het Warenwetbesluit bestuurlijke boeten, zodat overtreding daarvan bestraft kan worden met een bestuurlijke boete.

Artikel III

Dit besluit treedt zo spoedig mogelijk na publicatie in werking. Om aanzienlijke ongewenste nadelen te voorkomen voor de levensmiddelenbranche wordt afgeweken van de vaste verandermomenten (Aanwijzingen voor de Regelgeving 4.17, vijfde lid, onder a).

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,


X Noot
3

Kamerstukken II, 2021/22, 32 793, nr. 604.

X Noot
4

Verordening (EG) nr. 1924/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 inzake voedings- en gezondheidsclaims voor levensmiddelen (PbEU 2006, L 404, en PbEU 2007, L 12).

X Noot
5

Artikel 23 Verordening (EG) Nr. 1924/2006.

X Noot
6

Richtlijn EU 2015/1535 van het Europees Parlement en de Raad van 9 september 2015 betreffende een informatieprocedure op het gebied van technische voorschriften en regels betreffende de diensten van de informatiemaatschappij (PbEU 2015, L 241).

X Noot
7

Artikel III.

X Noot
8

Kamerstukken II, 2021/22, 32 793, nr. 604.

X Noot
1

Bijlage bij Kamerstukken II, 2018/19, 32 793, nr. 339.

X Noot
2

Bijlage bij Kamerstukken II, 2018/19, 32 793, nr. 339, maatregel 15. p. 41.

X Noot
3

Kamerstukken II, 2019/20, 32 793, nr. 459.

X Noot
4

Aan het ROW nemen vertegenwoordigers deel van ondernemers (industrie en handel), van consumenten, van ministeries (met name van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, en van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit) en van de Nederlandse Voedsel- en Waren Autoriteit.

X Noot
5

Motivaction, ‘Effectiviteit van beeldmerken van drie voedselkeuzelogo’s’, 30 oktober 2019, Raadpleegbaar via https://www.rijksoverheid.nl/.

X Noot
6

Verordening (EU) nr. 609/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 12 juni 2013 inzake voor zuigelingen en peuters bedoelde levensmiddelen, voeding voor medisch gebruik en de dagelijkse voeding volledig vervangende producten voor gewichtsbeheersing, en tot intrekking van Richtlijn 92/52/EEG van de Raad, Richtlijnen 96/8/EG, 1999/21/EG, 2006/125/EG en 2006/141/EG van de Commissie, Richtlijn 2009/39/EG van het Europees Parlement en de Raad en de Verordeningen (EG) nr. 41/2009 en (EG) nr. 953/2009 van de Commissie (PbEU 2013, L 181).

Naar boven