Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum ondertekening
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en SportStaatscourant 2010, 11521Besluiten van algemene strekking

Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 14 juli 2010, nr. VGP/VC 3012190, houdende wijziging van de Warenwetregeling tatoeëren en piercen in verband met de aanpassing van de tarieven voor het aanvragen van een vergunning aan de stijging van de loonkosten 2010

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Gelet op artikel 4, vijfde lid, van het Warenwetbesluit tatoeëren en piercen;

Besluit:

ARTIKEL I

Artikel 5 van de Warenwetregeling tatoeëren en piercen wordt als volgt gewijzigd:

1. In het tweede lid wordt:

  • a. ‘€ 371,36’ telkens vervangen door: € 381,40;

  • b. ‘€ 324,94’ vervangen door: € 333,73;

  • c. ‘€ 185,68’ vervangen door: € 190,70;

  • d. ‘€ 464,20’ vervangen door: € 476,75.

2. In het derde en vierde lid wordt ‘€ 23,21’ telkens vervangen door: € 23,84.

3. In het vijfde lid wordt ‘€ 92,85’ vervangen door: € 95,36.

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 september 2010.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

A. Klink.

TOELICHTING

In artikel 4, vijfde lid, van het Warenwetbesluit tatoeëren en piercen is bepaald dat de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport regels stelt met betrekking tot de hoogte van de retributies van de vergunning voor het gebruik van tatoeage- en piercingmateriaal. De tarieven van deze retributies zijn opgenomen in artikel 5 van de Warenwetregeling tatoeëren en piercen.

Bij de berekening van de tarieven is uitgegaan van een uurtarief van de GGD-ambtenaar van € 87,18 in 2007. Dit tarief bestaat alleen uit loonkosten. Bij de vaststelling van de Warenwetregeling tatoeëren en piercen is in de toelichting op artikel 5 aangegeven dat het tarief jaarlijks wordt geïndexeerd naar aanleiding van de indexatie van de CAO voor de gemeenten. Voor 2008 en 2009 zijn de tarieven aangepast1.

Om het tarief voor de aanvraag van een vergunning kostendekkend te houden is het van belang dat de stijging van de loonkosten wordt doorgevoerd in de tarieven voor de vergunning. De tarieven zijn voor 2010 niet geïndexeerd, aangezien er eind 2009 nog geen nieuwe CAO voor de gemeenten was vastgesteld. Naast het feit dat een nieuwe CAO soms lang op zich laat wachten, ziet het er ook naar uit dat de nieuwe CAO ook eenmalige loonsverhogingen bevat. Het werken met eenmalige en structurele loonsverhogingen maakt het aanpassen van de tarieven aan de CAO voor gemeenten moeilijk werkbaar. In het vervolg worden de tarieven geïndexeerd op basis van het door het CBS vastgestelde loonindexcijfer voor de sector overheid. De tarieven kunnen dan ook jaarlijks op een vaste datum aangepast worden. In 2009 is geen indexering toegepast voor de tarieven voor 2010. Deze regeling past de tarieven aan op grond van het CBS loonindexcijfer voor de sector overheid over 2009 van 2,7%.

Gezien de financiële consequenties is afgeweken van de vaste verandermomenten.

Regulier Overleg Warenwet

Het ontwerp van deze regeling is ter informatie toegezonden aan de deelnemers aan het Regulier Overleg Warenwet.

Administratieve lasten en bedrijfseffecten

Deze regeling heeft geen gevolgen voor de administratieve lasten voor de burger en het bedrijfsleven.

Deze regeling heeft gevolgen voor de bedrijfseffecten. In de toelichting bij de Warenwetregeling tatoeëren en piercen zijn de jaarlijkse bedrijfseffecten berekend. Deze bedroegen € 216.011, vermeerderd met € 13.000 (stijging loonkosten 2008 en 2009).

Door de stijging van de loonkosten van de GGD-ambtenaar zullen de jaarlijkse bedrijfseffecten stijgen met 2,7%. Dit komt neer op ruim € 6000.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

A. Klink.


XNoot
1

Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 14 februari 2008, nr. VGP/PSL 2829073, houdende wijziging van de Warenwetregeling tatoeëren en piercen in verband met de aanpassing van de tarieven voor het aanvragen van een vergunning aan de stijging van de loonkosten (Stcrt. 2008, nr. 36) en Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 3 december 2009, nr. VGP/PSL 2895343, houdende wijziging van de Warenwetregeling tatoeëren en piercen in verband met de aanpassing van de tarieven voor het aanvragen van een vergunning aan de stijging van de loonkosten 2009 (Stcrt. 2008, nr. 1962)