Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum ondertekening
Ministerie van FinanciënStaatsblad 2021, 261Klein Koninklijk Besluit

Besluit van 28 mei 2021 tot vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet implementatie richtlijnen elektronische handel

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Financiën van 26 mei 2021, nr. 0000078936;

Gelet op artikel II van de Wet implementatie richtlijnen elektronische handel;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Enig artikel

De Wet implementatie richtlijnen elektronische handel treedt in werking met ingang van 1 juli 2021.

Onze Minister van Financiën is belast met de uitvoering van dit besluit dat met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 28 mei 2021

Willem-Alexander

De Staatssecretaris van Financiën, J.A. Vijlbrief

Uitgegeven de zevende juni 2021

De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus

NOTA VAN TOELICHTING

De aanvankelijke datum van inwerkingtreding van de te implementeren richtlijnen elektronische handel was 1 januari 2021, maar ten tijde van de indiening van het wetsvoorstel implementatie richtlijnen elektronische handel bij de Tweede Kamer was nog niet duidelijk of de datum van inwerkingtreding van deze richtlijnen zou worden uitgesteld. Daarom is er indertijd voor een inwerkingtreding gekozen op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Nadien is een richtlijn tot stand gekomen die de inwerkingtreding van de nieuwe regeling uitstelt tot 1 juli 2021. Als gevolg daarvan wordt in het inwerkingtredingsbesluit bepaald dat de Wet implementatie richtlijnen elektronische handel in werking treedt per 1 juli 2021.

Wat de gevolgen voor de uitvoerbaarheid betreft, is er geen aanvullende impact ten opzichte van de eerder opgestelde uitvoeringstoets noodspoor implementatie EU btw e-commerce per 1 juli 2021.1

De Staatssecretaris van Financiën, J.A. Vijlbrief


X Noot
1

Kamerstukken II 2020/21, 35 527, nr. 14.