Provinciaal blad van Overijssel
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Overijssel | Provinciaal blad 2025, 8988 | ruimtelijk plan of omgevingsdocument |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Overijssel | Provinciaal blad 2025, 8988 | ruimtelijk plan of omgevingsdocument |
Gedeputeerde Staten van Overijssel,
Overwegende dat de minister voor Natuur en Stikstof op 25 november 2022 het ‘Wijzigingsbesluit Habitatrichtlijngebieden vanwege aanwezige waarden’ (hierna: 'Veegbesluit') nam;
Overwegende dat het Veegbesluit voor Overijssel in 14 Natura 2000-gebieden in totaal voor 49 habitattypen en 5 soorten instandhoudingsdoelstellingen toevoegt aan de Natura 2000-aanwijzingsbesluiten;
Overwegende dat Gedeputeerde Staten voor de nieuwe instandhoudingsdoelstellingen maatregelen moeten treffen om de doelstellingen te realiseren;
Overwegende dat deze maatregelen opgenomen worden in aanvullingen op de bestaande Natura 2000-beheerplannen en deze plannen aangemerkt worden als een programma onder de Omgevingswet;
Gelet op artikel 3.8, lid 3 van de Omgevingswet
Gelet op afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht
Besluiten:
Het ontwerp van de aanvulling op het Natura 2000-beheerplan van Olde Maten en Veerslootslanden vast te stellen
zoals is aangegeven in Bijlage A.
Op 25 november 2022 stelde de minister voor Natuur en Stikstof het ‘Wijzigingsbesluit Habitatrichtlijngebieden vanwege aanwezige waarden’ vast (ook wel het ‘Veegbesluit’ genoemd). Het Veegbesluit wijzigt voor 100 Natura 2000-gebieden in Nederland het Aanwijzingsbesluit, omdat ten onrechte habitattypen en/of soorten nog niet aangewezen waren.
In de Aanwijzingsbesluiten van de Natura 2000-gebieden staan de instandhoudingsdoelstellingen voor de in het gebied voorkomende soorten en habitattypen (habitats). Het Rijk is verantwoordelijk voor deze Aanwijzingsbesluiten, waarbij de aanwijzingen in Nederland grofweg plaatsvonden in de periode 2008 – 2015.
Na de aanwijzing van de Natura 2000-gebieden bleek uit betere gegevens over het natuurgebied dat ten tijde van de aanwijzing méér habitats in de gebieden voorkwamen dan wat in het eerdere Aanwijzingsbesluit staat. Deze habitats moeten ook instandhoudingsdoelstellingen krijgen. Het Veegbesluit is genomen om dit te repareren.
In Overijssel gaat het om 14 Natura 2000-gebieden waar het Veegbesluit in totaal voor 54 habitats (veelal habitattypen, soms soorten) instandhoudingsdoelstellingen toevoegt aan de Aanwijzingsbesluiten. In één geval schrapt het Veegbesluit een habitattype.
In dit document worden de wijzigingen aan het Aanwijzigingsbesluit van Natura 2000-gebied Olde Maten & Veerslootslanden toegelicht.
geIn Hoofdstuk 2 Instandhoudingsdoelstellingen introduceren wij de nieuwe instandhoudingsdoelstellingen welke zijn toegevoegd aan het Aanwijzingsbesluit van het Natura 2000-gebied als gevolg van het Veegbesluit. De nieuwe instandhoudingsdoelstellingen worden overzichtelijk gepresenteerd in een tabel.
Vervolgens geven wij in Hoofdstuk 3 Analyse en maatregelen per habitat een analyse per habitat met informatie over de ecologische vereisten, oppervlakte, kwaliteit en trend, aangezien deze habitattypen nog niet in het Beheerplan zijn opgenomen. Ook bespreken wij de maatregelen welke nodig zijn om de nieuwe instandhoudingsdoelstellingen te bereiken. Dit geldt als een aanvulling op het bestaande Natura 2000-beheerplan.
Tot slot, hebben wij het huidige Beheerplan van het Natura 2000-gebied toegevoegd als Bijlage II Natura 2000-beheerplan Olde Maten & Veerslootslanden.
In dit hoofdstuk presenteren wij een lijst met de nieuwe instandhoudingsdoelstellingen welke zijn toegevoegd aan het Aanwijzingsbesluit van het Natura 2000-gebied als gevolg van het Veegbesluit.
De doelen zijn geformuleerd in termen van “behoud” of “uitbreiding” van de omvang (oppervlakte habitattype of leefgebied soort of populatiegrootte soort) en “behoud” of “verbetering” van de kwaliteit (van het habitattype of het leefgebied van de soort).
De website www.natura2000.nl vermeldt per Natura 2000-gebied de instandhoudingsdoelstellingen. Het Veegbesluit voegde voor het gebied Olde Maten & Veerslootslanden de volgende instandhoudingsdoelstellingen toe aan het aanwijzingsbesluit:
Habitattype
|
Oppervlakte
| Kwaliteit |
H6430A Ruigten en zomen (moerasspirea) | = | = |
H6230 Heischrale graslanden | = | = |
= behoud oppervlakte / kwaliteit; > uitbreiding oppervlakte / verbetering kwaliteit.
Het Veegbesluit verwijdert voor Olde Maten en Veerslootslanden het habitattype H3150 Meren met krabbenscheer en fonteinkruiden uit het aanwijzingsbesluit. Uit onderzoek blijkt namelijk dat dit habitattype niet in het gebied voorkomt ten tijde van de aanmelding en de aanwijzing van het gebied (de locaties waar de kwalificerende plantengemeenschappen voorkomen, betreffen geen vlakvormige wateren).
In dit hoofdstuk presenteren wij voor ieder habitattype met nieuwe instandhoudingsdoelstellingen (zie ook Paragraaf 2.2) een korte analyse met meer informatie over oppervlakte, kwaliteit en trend. Vervolgens beschrijven wij ook de maatregelen welke nodig zijn om de nieuwe instandhoudingsdoelstellingen te bereiken.
In de volgende paragrafen verwijzen wij in voorkomende gevallen naar ‘M-nummers’, 'K-nummers ' en ‘V-nummers’. Dit zijn verwijzingen naar maatregelen (‘M-nummers’) en knelpunten ('K-nummers') in het geldende Natura 2000-beheerplan (zie Bijlage II Natura 2000-beheerplan Olde Maten & Veerslootslanden). Bij ‘V-nummers’ gaat het om maatregelen die we treffen voor de nieuwe instandhoudingsdoelstellingen uit het Veegbesluit.
Voor zover we in de volgende paragrafen een oordeel geven over de kwaliteit en/of trend van habitattypen en/of soorten dan is dit oordeel gebaseerd op expert judgement van de provincie of van de terreinbeheerder, tenzij anders vermeld.
In de volgende paragrafen staan ook oppervlaktes van habitattypen. Deze oppervlaktes zijn afkomstig uit de habitattypenkaart van dit gebied. De habitattypenkaarten van de Overijsselse Natura 2000-gebieden kunt u hier vinden: Atlas van Overijssel, Habitattypenkaart.
Voor informatie over de ecologische vereisten per habitattype verwijzen wij u naar de Herstelstrategieën op de website www.natura2000.nl.
Maatregelen met mogelijke gevolgen voor de omgeving
In Natura 2000-gebied Olde Maten & Veerslootslanden voegt het Veegbesluit het habitat H6230 Heischrale graslanden toe waarvoor we niet kunnen uitsluiten dat ook de omgeving van het gebied gevolgen kan ondervinden van de maatregelen. Het betreft een grondwaterafhankelijke habitat dat gevoelig is voor verrijking en dat ligt tussen percelen met een landbouwkundig gebruik.
Om te bepalen welke maatregelen nodig zijn, moeten we eerst nader onderzoek doen naar grondwaterkwaliteit en bodemchemische condities (zie paragraaf 3.2). Bij dit onderzoek betrekken we deskundigen, maar ook eigenaren die mogelijk getroffen worden door een maatregel. Na afronding van de onderzoeken verwerken we de resultaten daarvan bij de herziening van de betreffende Natura 2000-beheerplannen (de komende jaren herzien we voor alle gebieden de Natura 2000-beheerplannen).
Analyse
Actueel areaal en kwaliteit habitattype
De huidige oppervlakte van Ruigten en zomen (moerasspirea) (H6430A) is volgens de habitattypekaart 0,16 ha in de Olde Maten. In 2024 is er aanvullend gekarteerd, waarbij het type op meer plekken gevonden is (karteereffect ≠ toename). Deze actuele vegetatiekartering wordt momenteel vertaald naar habitattypen en is nog niet beschikbaar, maar het huidig areaal is in ieder geval > 0,16 ha. In de Olde Maten komen matig ontwikkelde vormen voor (Moerasmelkdistelassociatie).
Trends in areaal en kwaliteit habitattype
Onbekend.
Knelpuntenanalyse
Bedreigingen voor ontwikkeling en behoud van het habitattype ruigten en zomen zijn het verdwijnen van de natuurlijke peildynamiek en mogelijk verbossing ivm voorkomen in boksloot.
Kennisleemte
Huidig voorkomen wordt geactualiseerd, maar trend in areaal en kwaliteit zijn onbekend.
Maatregelen
Dit type is momenteel in matig ontwikkelde vorm aanwezig (Moerasmelkdistel-associatie). Het gebrek aan informatie over het actuele voorkomen en de trend in areaal en kwaliteit dient opgelost te worden middels onderzoek. Daarnaast is het niet duidelijk in hoeverre verbossing en verdwijnen van peildynamiek belangrijke knelpunten zijn voor het behoud van dit habitattype en welke knelpunten mogelijk nog onbekend zijn.
Onderzoek naar het voorkomen, de trend en de knelpunten gebeurt in het kader van de herziening van het Natura 2000-beheerplan, onder meer op basis van de nieuwe vegetatiekartering en een nieuwe habitattypenkaart. We herzien de komende jaren voor alle Natura 2000-gebieden het beheerplan. Het beheerplan voor de Olde Maten en Veerslootslanden wordt uiterlijk voor 12‑9‑2028 herzien.
Analyse
Actueel areaal en kwaliteit habitattype
De Heischrale graslanden (H6230) liggen voornamelijk in het oostelijk deel ter hoogte van de Afschuttingsweg en Scholenland, in een complex van blauwgraslanden en niet als habitattype kwalificerende graslanden (in de Veerslootslanden). Daarnaast is er nog een klein oppervlakte waar het habitattype in combinatie met veenmosrietlanden (H7140B) voorkomt (ten noorden van de Conradsweg). Het gaat in totaal om 0,59 ha. Zowel de droge als de vochtige variant komt voor. De kwaliteit is deels matig op grond van het vegetatietype (cf profieldocument): Rompgemeenschap van hondsviooltje en tandjesgras. De andere delen behoren tot de Associatie van liggend walstro en schapegras of de Associatie van klokjesgentiaan en borstelgras; deze kwalificeren in principe als goed, maar aangezien er sprake is van vergrassing door pijpenstrootje (med. J. Bredenbeek, Staatsbosbeheer) is de kwaliteit eerder matig te noemen.
Trends in areaal en kwaliteit habitattype
De trends in areaal en de kwaliteit van het habitattype zijn onbekend. Het is aannemelijk dat vergrassing zorgt voor een negatieve trend in kwaliteit.
Knelpuntenanalyse
De KDW wordt ter plaatse van het habitattype sterk overschreden (K9, K10, K11). Hierdoor kunnen de heischrale graslanden versneld vergrassen (dit is ook gaande) en kunnen typische soorten verdwijnen.
Kennisleemten
Gebrek aan grondwaterkwaliteits- en bodemgegevens, gebrek aan voldoende gedetailleerde hydrologische modellen om grondwateraanvoer naar de wortelzone te kunnen berekenen, gebrek aan vegetatiegegevens.
Maatregelen
/join/id/regdata/pv23/2025/RG48gio84c951f3-9d88-4459-a2e7-19e7e577da46/nld@2025‑06‑03;19
/join/id/regdata/pv23/2025/48pdfd62fa7c7-83ea-4a26-bc1b-762cffacb028/nld@2025‑06‑03;92
/join/id/regdata/pv23/2025/48gio18437562-a081-4ef3-ac77-6da4406649ce/nld@2025‑06‑03;126
/join/id/regdata/pv23/2025/48gio6afa60b9-89e7-46c1-9de1-937f051dff70/nld@2025‑06‑03;54
/join/id/regdata/pv23/2025/48gio0cfde285-5652-4b52-8fe8-325b0f0b92aa/nld@2025‑06‑03;128
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2025-8988.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.