Kamervragen zonder Antwoord

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVraagDatum indiening
Tweede Kamer der Staten-Generaal2009-20102010Z08742

Vragen van het lid Arib (PvdA) aan de ministers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en voor Jeugd en Gezin over de toename van het aantal jongeren met overgewicht in Nederland (ingezonden 25 mei 2010).

Vraag 1

Bent u op de hoogte van het feit dat het aantal jongeren met overgewicht toeneemt in Nederland?1

Vraag 2

Hoe verklaart u dit, gezien het feit dat vijf jaar geleden het Convenant Overgewicht werd gesloten om dit probleem juist te bestrijden? Bent u van mening dat het Convenant voldoende succesvol is? Bent u van mening dat het Convenant de verwachtingen heeft waargemaakt? Zo ja, kunt u concreet benoemen tot welke aantoonbare en meetbare resultaten de inbreng van het Convenant heeft geleid? Hoeveel heeft het Convenant tot nu toe gekost? Welk budget heeft het Convenant voor de komende jaren? Welk deel van dit budget wordt besteed aan personeelskosten?

Vraag 3

Heeft u enig idee waarom de voorzitter van het Convenant zegt niet tevreden te zijn met de resultaten van het Convenant, maar hoopvol te zijn voor de toekomst? Waarop is deze hoop gebaseerd? Deelt u deze mening?

Vraag 4

Welke concrete wijzigingen in beleid hebt u doorgevoerd of gaat u nu binnenkort invoeren die ertoe zullen leiden dat het aantal jongeren met overgewicht nu wél snel zal afnemen?

Vraag 5

Bent u van mening dat de Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie (FNLI) voortdurend innovatieve producten ontwikkelt en dat deze producten daadwerkelijk bijdragen aan de vermindering van het aantal mensen met overgewicht?

Vraag 6

Bent u van mening dat de oproep van de FNLI aan haar leden om «uiterst terughoudend te zijn met reclame voor snoep en versnaperingen speciaal gericht op kinderen» enig c.q. voldoende effect sorteert?

Vraag 7

Bent u van mening dat de oproep van de FNLI aan haar leden om «uiterst terughoudend te zijn met reclame voor snoep en versnaperingen speciaal gericht op kinderen» voor de overheid aanleiding mag zijn geen reclameverbod in te voeren? Zo ja, kunt u garanderen dat deze oproep ervoor zal zorgen dat er geen reclame voor niet gezonde producten gericht op kinderen meer zal worden gemaakt?

Vraag 8

Bent u van mening dat de overheid voldoende actief optreedt en alle mogelijke maatregelen heeft genomen om overgewicht terug te dringen? Zo ja, betekent dat dat geen aanvullend beleid meer nodig is en dat het aantal mensen met overgewicht binnenkort sterk zal dalen? Zo nee, welke maatregelen zijn er mogelijk, welke daarvan zijn aantoonbaar effectief en van welke kan effect worden verwacht? Welke maatregelen gaat u zo snel mogelijk implementeren?

Vraag 9

Ziet u aanleiding uw reactie op de motie Arib2, in uw brief van 9 maart 20103 te herzien en op korte termijn daadkrachtiger op te treden, nu blijkt dat het aantal jongeren met overgewicht schrikbarend stijgt?

Vraag 10

Denkt u dat de wens van de voorzitter van het Convenant dat Nederland over vijf jaar «de gezondste jeugd van Europa» heeft werkelijkheid zal worden? Zo nee, waarom niet? Zo ja, hoe gaat u daarvoor zorgen?


XNoot
1

de Volkskrant, 19 mei 2010.

XNoot
2

Kamerstuk 31 899, nr. 3.

XNoot
3

Kamerstuk 31 899, nr. 17.