Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2022-2023 | 36200-XVI nr. J |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2022-2023 | 36200-XVI nr. J |
Vastgesteld 20 januari 2023
De leden van de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport1 hebben in het kader van de behandeling van de begrotingsstaten Volksgezondheid, Welzijn en Sport 2023 (36 200 XVI) kennisgenomen van de brief van de Minister van VWS van 23 december 2022 over de gevolgen van het uitstel van de behandeling van de ontwerpbegroting2 en van de brieven van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 22 december 20223 en 6 januari 20234 inzake de stand van zaken van de Hervormingsagenda Jeugd.
Naar aanleiding daarvan hebben de leden van de fracties van de Partij van de Arbeid en GroenLinks, gelet op het geplande plenaire begrotingsdebat op dinsdag 24 januari 2023, tijdens de commissievergadering op 17 januari 2023 te kennen gegeven een aantal vragen aan de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport te willen voorleggen. De leden van de Fractie-Nanninga en van de fracties van de SP, 50-Plus en van de SGP sluiten zich bij deze vragen aan. De leden van de SP-fractie stellen daarnaast een separate vraag.
Naar aanleiding hiervan is op 18 januari 2023 een brief gestuurd aan Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
De Staatssecretaris heeft op 19 januari 2023 gereageerd.
De commissie brengt bijgaand verslag uit van het gevoerde schriftelijk overleg.
De griffier van de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport, De Boer
Aan de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Den Haag, 18 januari 2023
De leden van de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) hebben in het kader van de behandeling van de begrotingsstaten Volksgezondheid, Welzijn en Sport 2023 (36 200 XVI) kennisgenomen van de brief van de Minister van VWS van 23 december 2022 over de gevolgen van het uitstel van de behandeling van de ontwerpbegroting5 en van uw brieven van 22 december 20226 en 6 januari 20237 inzake de stand van zaken van de Hervormingsagenda Jeugd.
Naar aanleiding daarvan hebben de leden van de fracties van de Partij van de Arbeid en GroenLinks, gelet op het geplande plenaire begrotingsdebat op dinsdag 24 januari 2023, tijdens de commissievergadering op 17 januari 2023 te kennen gegeven nog de volgende vragen aan u te willen voorleggen. De leden van de Fractie-Nanninga en van de fracties van de SP, 50-Plus en van de SGP sluiten zich bij deze vragen aan. De leden van de SP-fractie stellen daarnaast nog een separate vraag.
De leden van de fracties van de PvdA, GL, de Fractie-Nanninga en de SGP hebben afgelopen december hun zorgen geuit over het inboeken van 374 miljoen euro budgettaire opbrengst voor het jaar 2023, zonder dat er overeenstemming is over de Hervormingsagenda Jeugdzorg tussen het Rijk en de gemeenten.8 Zonder deze hervormingsagenda kunnen deze leden niet beoordelen wat de consequenties van deze besparing zijn voor de kwaliteit en uitvoering van de jeugdzorg. De beoogde overeenstemming over de hervormingsagenda voor het einde van 2022 is niet behaald, en u geeft aan dat er meer tijd nodig is. Ook leggen uw brief van 6 januari 2023 en de reactie daarop van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) van 16 januari 20239 flinke verschillen bloot tussen de interpretaties van het Rijk en de gemeenten over de samenhang tussen het afronden van de hervormingsagenda en de ingeboekte besparingen voor 2023. In het licht van deze ontwikkelingen hebben deze leden de volgende vragen:
– De hervormingsagenda die aan de basis moet liggen van betere jeugdzorg en een beheersbaar stelsel voor jeugdzorg was oorspronkelijk voorzien voor januari 2022. Inmiddels is een jaar verstreken en de onderhandelingen voor de hervormingsagenda lopen nog steeds. Hoe verhoudt zich deze vertraging tot de lopende uitvoering van de jeugdzorg? Kunt u schetsen wat de gevolgen van deze lange vertraging zijn voor de kwaliteit en de uitvoering van de jeugdzorg en daarmee de zorg aan kwetsbare kinderen, jongeren en gezinnen? Hoe beoogt u deze effecten te monitoren?
– De gemeenten geven aan dat ze problemen voorzien in de financiering en uitvoering van de jeugdzorg in 2023 bij het doorvoeren van de 374 miljoen budgettaire opbrengst voordat de hervormingsagenda is vastgesteld. Bent u bereid om de financiële risico’s van het eventueel niet behalen van de beoogde besparingen in de door de Commissie van Wijzen opgestelde financiële reeks – inclusief de 374 miljoen besparing over 2023 – te betrekken bij de onderhandelingen met de VNG over de hervormingsagenda, nauwlettend te monitoren wat de effecten van de beoogde besparingen zijn op de financiering, kwaliteit en uitvoering van de jeugdzorg (inclusief in 2023) en, indien hier aanleiding toe is, eventuele financiële aanpassingen te doen?
– Kunt u het parlement dit voorjaar – uiterlijk 1 maart – informeren over de uitkomsten van de onderhandelingen en de bijbehorende implicaties voor de financiering, kwaliteit en uitvoering van de jeugdzorg?
Ten slotte vragen de leden van de SP-fractie u een tijdpad te garanderen, waarbinnen het conflict door het kabinet uiterlijk is opgelost.
De leden van de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport zien uw reactie met belangstelling tegemoet en ontvangen deze in verband met een ordentelijke plenaire planning graag uiterlijk vrijdag 20 januari 2023 10:00 uur.
Voorzitter van de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport T. Klip-Martin
Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 19 januari 2023
Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen van de leden van fracties van de PvdA, GL, de Fractie-Nanninga, SP, 50-Plus en SGP inzake de VWS-begroting 2023 en de Hervormingsagenda Jeugd (172581.02U, ingezonden 18 januari 2023).
De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, M. van Ooijen
Antwoorden op Kamervragen van de PvdA, GL, de Fractie-Nanninga, SP, 50-Plus en SGP inzake de VWS-begroting 2023 en de Hervormingsagenda Jeugd (172581.02U, ingezonden 18 januari 2023).
De leden van de fracties van de PvdA, GL, de Fractie-Nanninga en de SGP hebben afgelopen december hun zorgen geuit over het inboeken van 374 miljoen euro budgettaire opbrengst voor het jaar 2023, zonder dat er overeenstemming is over de Hervormingsagenda Jeugdzorg tussen het Rijk en de gemeenten.10 Zonder deze hervormingsagenda kunnen deze leden niet beoordelen wat de consequenties van deze besparing zijn voor de kwaliteit en uitvoering van de jeugdzorg. De beoogde overeenstemming over de hervormingsagenda voor het einde van 2022 is niet behaald, en u geeft aan dat er meer tijd nodig is. Ook leggen uw brief van 6 januari 2023 en de reactie daarop van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) van 16 januari 202311 flinke verschillen bloot tussen de interpretaties van het Rijk en de gemeenten over de samenhang tussen het afronden van de hervormingsagenda en de ingeboekte besparingen voor 2023. In het licht van deze ontwikkelingen hebben deze leden de volgende vragen:
Vraag:
De hervormingsagenda die aan de basis moet liggen van betere jeugdzorg en een beheersbaar stelsel voor jeugdzorg was oorspronkelijk voorzien voor januari 2022. Inmiddels is een jaar verstreken en de onderhandelingen voor de hervormingsagenda lopen nog steeds. Hoe verhoudt zich deze vertraging tot de lopende uitvoering van de jeugdzorg? Kunt u schetsen wat de gevolgen van deze lange vertraging zijn voor de kwaliteit en de uitvoering van de jeugdzorg en daarmee de zorg aan kwetsbare kinderen, jongeren en gezinnen? Hoe beoogt u deze effecten te monitoren?
Antwoord:
De jeugdzorg kan en moet veel beter, zowel vanwege inhoudelijke knelpunten als financiële houdbaarheid. Dat vinden alle betrokken partijen. Kwetsbare jeugdigen en hun ouders krijgen te vaak geen passende zorg: de juiste zorg, op tijd en op de juiste plek. Jeugdigen en hun ouders moeten voor jeugdhulp laagdrempelig en dicht bij huis terecht kunnen bij stevige lokale teams die ook zelf hulp bieden. Daarbij is het van belang dat er oog is voor de brede situatie van het gezin waarin de jeugdige opgroeit; niet elke hulpvraag behoeft een zorgantwoord.
De afgelopen periode heeft veelvuldig overleg plaatsgevonden om tot een Hervormingsagenda te komen. Er zijn grote stappen gezet in het uitwerken van de inhoudelijke maatregelen die in de agenda zullen landen. Op 22 december jl. heb ik uw Kamer gemeld dat helaas meer tijd nodig is om tot financiële afspraken over de Hervormingsagenda te komen.12
De Hervormingsagenda is een belangrijk koersdocument voor de noodzakelijke aanpassingen in de jeugdzorg voor de middellange termijn. Tegelijkertijd zijn betrokken partijen hard bezig met het treffen van maatregelen om de jeugdzorg nu al te verbeteren, met in het bijzonder aandacht voor acute problemen. Zo zijn Rijk, gemeenten en aanbieders bezig met de af- en ombouwmogelijkheden in de gesloten jeugdhulp, onder andere vanuit de uitvoering van de specifieke uitkering vastgoedtransitie residentiële jeugdhulp. Het team Wachttijden van het Ondersteuningsteam Zorg voor de Jeugd is aan de slag met de aanpak van wachttijden in het jeugddomein. De problematiek in de acute jeugd-ggz wordt aangepakt. Hiervoor is € 50 miljoen euro beschikbaar gekomen voor de jaren 2021–2023. Met de aanpak «Mentale gezondheid: van ons allemaal» zetten partijen zich in voor een mentaal gezond Nederland met specifieke aandacht voor de jeugd.13 In de jeugdbescherming is het aantal proeftuinen die het Toekomstscenario beproeven uitgebreid van 6 naar 11. Ook zijn er verschillende wetsvoorstellen in Uw Kamer behandeld. De Wet maatschappelijk verantwoord inkopen Jeugdwet en Wmo 2015 is vervolgens op 1 juli 2022 in werking getreden. De Wet verlenging duur pleegzorg en vervallen van de verleningsbeschikking bij machtigingen tot uithuisplaatsing en gesloten is in werking getreden op 1 januari 2023. In mijn Kamerbrief van 14 november jl. vindt u een uitgebreide toelichting op wat er op het terrein van jeugdzorg gebeurt.14 Ook zijn met gemeenten, bij het uitkomen van het advies van de Commissie van Wijzen in juni 2021, reeds afspraken gemaakt over diverse te nemen maatregelen, onder andere ten aanzien van standaardisatie contractering, tariefdifferentiatie en brede invoering POH-jeugd GGZ. Uit de inventarisatie die de VNG afgelopen jaar heeft gehouden, blijkt dat een ruime meerderheid van gemeenten in de afgelopen jaren al stappen heeft gemaakt in het verbeteren van (de sturing op) de jeugdhulp en bezig is met de afgesproken maatregelen.15
Er zijn dus al veel maatregelen in gang gezet. Met deze maatregelen willen we ervoor zorgen dat jongeren ook op korte termijn de best mogelijke zorg kunnen ontvangen.
De voortgang van al deze trajecten volg ik op verschillende manieren. Zo vindt periodiek overleg plaats met betrokken partijen over de voortgang van specifieke trajecten. Daarnaast ontvangt het Ministerie van VWS periodiek cijfers van het CBS over het jeugdhulpgebruik, jeugdbescherming en jeugdreclassering die inzicht geven in ontwikkeling per gemeente en landelijk. Ook is er een jaarlijkse Jeugdmonitor waarin wordt gekeken naar de demografische ontwikkelingen bij jeugdigen en het jeugdzorggebruik van jongeren in relatie tot de leefsituatie en diverse maatschappelijke indicatoren. Daarnaast is de ambitie om te komen tot betere kwaliteit en beschikbaarheid van data en een betere landelijke integrale monitoring, die inzicht genereert in de werking van het jeugdstelsel over de jaren heen. Zo zijn er al stappen gezet om te komen tot een verbetering van het inzicht in de financiële informatie van gemeenten (IV3) en willen we ook komen tot een verbinding van landelijke databronnen. De monitoring heeft als doel het functioneren van het stelsel in beeld te brengen op de doelen kwaliteit, betaalbaarheid en toegankelijkheid. Daarnaast is het ook bedoeld om beter zicht te krijgen op de effecten van landelijk, regionaal en gemeentelijk beleid, zodat we op basis van feiten keuzes kunnen maken, we van onszelf en elkaar kunnen leren, beter kunnen bijsturen waar nodig en het stelsel beter beheersbaar kunnen maken.
Voorstellen om te komen tot betere kwaliteit, beschikbaarheid van data en monitoring maken ook onderdeel uit van de Hervormingsagenda. De data waarmee gemeenten en Rijk kunnen sturen kan en moet immers ook beter worden.
Vraag:
De gemeenten geven aan dat ze problemen voorzien in de financiering en uitvoering van de jeugdzorg in 2023 bij het doorvoeren van de 374 miljoen budgettaire opbrengst voordat de hervormingsagenda is vastgesteld. Bent u bereid om de financiële risico’s van het eventueel niet behalen van de beoogde besparingen in de door de Commissie van Wijzen opgestelde financiële reeks – inclusief de 374 miljoen besparing over 2023 – te betrekken bij de onderhandelingen met de VNG over de hervormingsagenda, nauwlettend te monitoren wat de effecten van de beoogde besparingen zijn op de financiering, kwaliteit en uitvoering van de jeugdzorg (inclusief in 2023) en, indien hier aanleiding toe is, eventuele financiële aanpassingen te doen?
Antwoord:
Ja, ik ben bereid om de financiële risico’s van het eventueel niet behalen van de beoogde besparingen in de door de Commissie van Wijzen opgestelde financiële reeks te betrekken bij de onderhandelingen met de VNG over de Hervormingsagenda. In mijn brieven van 22 december jl. en 6 januari jl. heb ik uw Kamer gemeld dat Rijk en VNG tijdens het bestuurlijk overleg op 22 december jl. de conclusie hebben getrokken dat meer tijd nodig is om tot passende (financiële) afspraken te komen.16 Er is in het bijzonder nog een nader gesprek nodig over hoe we omgaan met de situatie indien de afgesproken hervormingen niet leiden tot de daaraan gekoppelde besparingen. Hierover wil ik afspraken maken met gemeenten, die recht doen aan eerdere afspraken, onze rollen in het stelsel en waarbij alle betrokken partijen worden gestimuleerd de Hervormingsagenda succesvol tot uitvoering te brengen.
Het monitoren van de effecten van de Hervormingsagenda maakt onderdeel uit van de afspraken die wij met elkaar beogen te maken. Dit betekent dat gedurende de uitvoering van de Hervormingsagenda inzichtelijk zal worden gemaakt wat de effecten van de maatregelen zijn en hoe de uitgaven zich ontwikkelen. De uitkomsten hiervan zullen geagendeerd worden in bestuurlijke overleggen tussen Rijk en VNG om te bezien of en hoe we kunnen bijsturen.
Vraag:
Kunt u het parlement dit voorjaar – uiterlijk 1 maart – informeren over de uitkomsten van de onderhandelingen en de bijbehorende implicaties voor de financiering, kwaliteit en uitvoering van de jeugdzorg?
Antwoord:
Ja, ik ben uiteraard graag bereid uw Kamer uiterlijk 1 maart hierover te informeren.
Vraag:
Ten slotte vragen de leden van de SP-fractie u een tijdpad te garanderen, waarbinnen het conflict door het kabinet uiterlijk is opgelost.
Antwoord:
Op dit punt kan ik u geen garanties geven. Wel kan ik u melden dat Rijk, VNG en andere betrokken partijen hun uiterste best doen om zo spoedig mogelijk tot goede afspraken te komen.
Samenstelling:
Ganzevoort (GL), Gerkens (SP), Van Dijk (SGP), Van Hattem (PVV), Oomen-Ruijten (CDA), Rombouts (CDA), Bredenoord (D66), Koole (PvdA), De Bruijn-Wezeman (VVD), Baay-Timmerman (50PLUS), A.J.M. van Kesteren (PVV), Klip-Martin (VVD) (voorzitter), Vos (VVD), Dessing (FVD), Van Gurp (GL), Prast (PvdD), Van Pareren (Fractie-Nanninga) (ondervoorzitter), Prins (CDA), Krijnen (GL), Verkerk (CU), De Vries (Fractie-Otten), Van der Voort (D66), Keunen (VVD), Hermans (Fractie-Nanninga), Raven (OSF) en Karakus (PvdA).
Verslag inzake de VWS-begroting 2023, 14 december 2022 (Kamerstukken I, 2022–2023, 36 200 XVI, E)
Brief van de VNG aan de Staatssecretaris van VWS van 16 januari 2023 (op 17 januari 2023 ter inzage gelegd onder griffienummer 172581–01)
Verslag inzake de VWS-begroting 2023, 14 december 2022 (Kamerstukken I, 2022–2023, 36 200 XVI, E)
Brief van de VNG aan de Staatssecretaris van VWS van 16 januari 2023 (op 17 januari 2023 ter inzage gelegd onder griffienummer 172581–01)
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-36200-XVI-J.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.