35 510 Parlementaire ondervraging kinderopvangtoeslag

Nr. 101 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 7 juli 2022

Op 27 mei jongstleden heeft u, op voorstel van het lid Omtzigt, verzocht om per ommegaande de documenten op te sturen die vallen onder het tweede deelbesluit met betrekking tot een verzoek op grond van de Wet open overheid (Woo) inzake:

«Documenten die zien op de vraag of het rapport van de Nationale ombudsman, de uitspraak van de Raad van State of het memo Palmen, in 2017/2018/2019 tot juniweek aanleiding hebben gevormd om na te denken over compensatie en of daar verschillende meningen over zijn geweest.»

Op 2 juni heb ik in een brief aangegeven ernaar te streven deze documenten voor de zomer aan uw Kamer te doen toekomen.1 U treft de documenten als bijlage bij deze brief aan.2

De documenten bevestigen het bestaande beeld dat er reeds in deze periode signalen waren over grote problemen met de kinderopvangtoeslag maar dat hieraan helaas niet de opvolging is gegeven die deze signalen verdienden.

De bijgevoegde documenten zijn geïnventariseerd naar aanleiding van het verzoek dat eerder is gedaan op grond van de Woo en worden nu aan uw Kamer verstrekt op grond van artikel 68 van de Grondwet. Ten behoeve van het Woo-verzoek is een brede uitvraag gedaan bij de relevante dienstonderdelen, waaronder Toeslagen. Vervolgens zijn de geïnventariseerde documenten beoordeeld op de aanwezigheid van informatie die in het belang van de Staat niet zou moeten worden geopenbaard of documenten die reeds openbaar zijn.

Voor zover informatie niet openbaar wordt gemaakt betreft dit veelal informatie die de persoonlijke levenssfeer van betrokkenen raakt of informatie die niet binnen het bereik van het oorspronkelijke Woo verzoek valt. Voorts zijn geen documenten bijgevoegd die al openbaar zijn, bijvoorbeeld omdat deze zijn gepubliceerd op het informatiepunt KOT of als bijlage bij het onderzoek van PwC: Reconstructie en tijdlijn van het «memo-Palmen» openbaar zijn gemaakt.3

Ik merk, wellicht ten overvloede, op dat PwC voor haar onderzoek toegang heeft gehad tot alle documentatie die beschikbaar was bij het ministerie, waaronder ook de informatie die thans wordt verstrekt.

De Staatssecretaris van Financiën, A. de Vries


X Noot
1

Kamerstuk 35 510, nr. 99.

X Noot
2

Nb. Vanwege een fout in de software moest de set in tweeën worden gesplitst.

Naar boven