Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201935035 nr. 7

35 035 Verslagen van de commissie voor de Verzoekschriften en de Burgerinitiatieven

Nr. 7 VERSLAG OVER HET BURGERINITIATIEF «EIGELAND VOOR EEN KINDERPARDON DAT WÉL WERKT»

Vastgesteld 3 april 2019

Het burgerinitiatief

Het burgerinitiatief «Eigeland voor een kinderpardon dat wél werkt» is op dinsdag 11 december 2018 door de initiatiefnemers aangeboden aan de voorzitter van de commissie voor de Verzoekschriften en de Burgerinitiatieven.

Het betreft een verzoek om de Regeling Langdurig Verblijvende Kinderen (de Overgangsregeling) opnieuw te hanteren en daarnaast 400 kinderen en hun gezinnen die op dit moment recht zouden hebben op een Kinderpardon, dat per ommegaande toe te wijzen. Voor een uitgebreide toelichting op het burgerinitiatief wordt verwezen naar de tekst van het burgerinitiatief.

De initiatiefnemers hebben de benodigde 40.000 steunbetuigingen verzameld.

Ontvankelijkheid

De commissie heeft onderzocht of het burgerinitatief voldoet aan de voorwaarden die de

Kamer heeft gesteld om door haar behandeld te worden, welke behandeling uit zal monden in een uitspraak van de Kamer over het verzoek.

De commissie heeft geconstateerd dat het burgerinitiatief is voorzien van de minimaal vereiste 40.000 steunbetuigingen. Deze zijn langs digitale weg verzameld. De commissie is van mening dat het burgerinitiatief ten aanzien van de geldigheid van de steunbetuigingen ontvankelijk moet worden verklaard.

Op verzoek van de commissie voor de Verzoekschriften en de Burgerinitiatieven heeft de vaste commissie voor Justitie en Veiligheid onderzocht of het voorstel in de twee jaar voorafgaande aan de indiening van het burgerinitiatief in concluderende zin in de Kamer aan de orde is geweest. In de brief van de griffier van de vaste commissie voor Justitie en Veiligheid d.d. 31 januari 2019 wordt gemeld dat de commissie concludeert dat ««kan worden gesteld dat het kinderpardon, ook in besluitvormende zin, veelvuldig aan de orde is geweest in de Kamer. Er is naar mening van de gevraagde commissie inmiddels sprake van een duidelijk standpunt dat kan rekenen op een Kamermeerderheid. Het kinderpardon is met ingang van 30 januari 2019 ingetrokken. Over de moties ingediend tijdens het debat over het kinderpardon is op dinsdag 5 februari 2019 gestemd.»» De brief gaat vergezeld van een bijlage met een overzicht van de momenten waarop het onderwerp kinderpardon aan de orde is geweest.

Op basis van dit advies stelt de commissie voor de Verzoekschriften en de Burgerinitiatieven vast dat het onderwerp van het burgerinitiatief «Eigeland voor een kinderpardon dat wél werkt» de afgelopen twee jaar, ook in besluitvormende zin veelvuldig aan de orde is geweest in de Kamer.

Ten overvloede merkt de commissie op dat de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de Kamer op 29 januari 2019 (Kamerstuk 19 637, nr. 2459) heeft geïnformeerd over de nieuwe maatregelen die hij neemt op het terrein van asiel en migratie. De aanvragen op de Definitieve Regeling Langdurig Verblijvende Kinderen van alle personen die zijn afgewezen op grond van het meewerkcriterium worden opnieuw beoordeeld. Deze herbeoordeling zal plaatsvinden aan de hand van het beschikbaarheidscriterium. De verwachting is dat hierdoor een groot deel van de afgewezen personen alsnog in aanmerking zal komen voor een verblijfsvergunning.

Behandelingsvoorstel

De commissie voor de Verzoekschriften en de Burgerinitiatieven stelt de Kamer voor het burgerinitiatief «Eigeland voor een kinderpardon dat wél werkt» niet ontvankelijk te verklaren ten aanzien van het 2-jaarscriterium. Het onderwerp is reeds, in besluitvormende zin, veelvuldig aan de orde geweest in de Kamer.

De voorzitter van de commissie, Koopmans

De griffier van de commissie, De Vos