Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2016-201734489 nr. 7

34 489 Goedkeuring van het op 4 juni 2016 te Rabat tot stand gekomen Protocol tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko tot wijziging van het op 14 februari 1972 te Rabat ondertekende Algemene Verdrag inzake sociale zekerheid, zoals gewijzigd en ondertekend op 30 september 1996 en op 24 juni 2002, en de op 4 juni 2016 te Rabat tot stand gekomen Aanvullende Overeenkomst tot wijziging van het op 3 november 1972 te Rabat ondertekende Administratief Akkoord met betrekking tot de wijze van toepassing van het op 14 februari 1972 te Rabat ondertekende, en op 30 september 1996 en 24 juni 2002 herziene en ondertekende Algemeen Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko inzake sociale zekerheid, zoals herzien door de Akkoorden ondertekend op 30 september 1996, 22 juni 2000 en 24 juni 2002 (Trb. 2016, 67 en Trb. 2016, 101)

Nr. 7 MOTIE VAN HET LID SCHUT-WELKZIJN

Voorgesteld 19 januari 2017

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat uitkeringen in Nederland zijn opgebracht door de Nederlandse belastingbetaler;

overwegende dat we moeten voorkomen dat mensen naar Nederland komen om hier van ons sociale vangnet gebruik te maken zonder daar zelf aan te hebben bijgedragen;

constaterende dat EU-onderdanen met een arbeidsverleden nu direct een WW-uitkering kunnen aanvragen;

van mening dat het rechtvaardig is dat uitkeringen worden betaald door het land waar de rechten zijn opgebouwd, zoals dit ook bij de AOW het geval is;

overwegende dat in Nederland mensen 26 weken moeten hebben gewerkt voordat zij een werkloosheidsuitkering kunnen aanvragen;

verzoekt de regering, te streven naar een drempel van 26 weken werk voordat onderdanen van de Europese Unie in Nederland een werkloosheidsuitkering kunnen aanvragen,

en gaat over tot de orde van de dag.

Schut-Welkzijn