Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201933529 nr. 532

33 529 Gaswinning

Nr. 532 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN EN KLIMAAT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 6 november 2018

Op 2 juli jl. heeft de Mijnraad op basis van adviezen van het SodM, het KNMI, TNO, NEN en een panel van hoogleraren een integrerend advies gepresenteerd over de impact van het beëindigen van de gaswinning uit het Groningenveld op de veiligheid en de versterkingsoperatie in het gebied. De Mijnraad en het SodM constateren dat het met de afbouw van de gaswinning snel veiliger wordt in Groningen. De Mijnraad adviseert daarbij een andere aanpak van de versterkingsoperatie, om de voor de veiligheid noodzakelijke versterking zo snel en effectief mogelijk te realiseren.

De Groningse bestuurders, de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) en ik hebben direct na het uitkomen van het advies afspraken gemaakt op basis van het advies van de Mijnraad (Kamerstuk 33 529, nr. 502) en opdracht gegeven aan de Nationaal Coördinator Groningen (NCG) om dit te vertalen naar een uitvoeringsaanpak. Op 20 september hebben we voor de uitwerking van deze aanpak nadere uitgangspunten afgesproken (Kamerstuk 33 529, nr. 527). De NCG heeft aan de hand van de door de Rijk en regio afgesproken uitgangspunten inmiddels het plan van aanpak voor de versterking afgerond en op 2 november jl. gepresenteerd aan de regio, de maatschappelijke organisaties en het Rijk, waarbij is besloten dit zo snel mogelijk in uitvoering te brengen.

Versnelde aanpak gericht op meest risicovolle gebouwen

In lijn met het advies van de Mijnraad en de afgesproken uitgangspunten, is het doel van de aanpak tweeledig: een focus op de woningen die niet aan de veiligheidsnorm voldoen en het versnellen van de versterking door de transitie naar een gestandaardiseerde aanpak (Kamerstuk 33 529, nr. 527). Prioriteit ligt bij de zogenaamde opname en eventuele versterking van woningen die naar verwachting niet aan de veiligheidsnorm voldoen. Op basis van het advies van de Mijnraad zijn dit ca. 1.500 gebouwen. De NCG heeft de modeluitkomsten gecontroleerd en waar nodig gecorrigeerd of aangevuld, wat leidt tot een totaal van ca. 2.100 gebouwen (ca. 2.500 adressen) met een verhoogd risicoprofiel. Een deel van deze woningen was al in het bestaande uitvoeringsprogramma opgenomen, de versterking hiervan bevindt zich in verschillende fases van uitvoering.

Voor het bepalen van de totale scope voor opnames wordt in lijn met het advies van het SodM een onzekerheidsmarge toegepast (P90). Panden die met het toepassen van een onzekerheidsmarge aanvullend in beeld komen kennen een licht verhoogd risicoprofiel. Of versterking van deze panden (op dit moment ca. 7.000 panden, gelijk aan ca. 9.000 adressen) daadwerkelijk noodzakelijk is moet op basis van een opname en zo nodig nadere beoordeling blijken.

Dialoog met woningeigenaren heeft in de aanpak een centrale rol. De NCG treft nu samen met de gemeenten de laatste voorbereidingen voor een goede informatievoorziening aan de betrokken bewoners en zal het definitieve plan van aanpak presenteren. Zoals toegezegd, geleid ik dit dan ook door naar uw Kamer. De komende weken zal de NCG samen met gemeenten de aanpak op lokaal niveau verder uitwerken, betrokken bewoners informeren en de uitvoering van de nieuwe aanpak starten. Verwacht wordt dat opnames van woningen die naar verwachting niet aan de veiligheidsnorm voldoen en eerder nog niet in beeld waren in het eerste kwartaal van 2019 kunnen starten. De NCG rapporteert twee keer per jaar over de voortgang.

Voortgang lopende versterking

In de tussentijd heeft de bestaande, gebiedsgerichte versterkingsoperatie niet stilgelegen: de versterking van woningen waarover eerder bestuurlijke afspraken zijn gemaakt (o.a. de batches 1.467 en 1.588) loopt door, dit gaat in aanvulling op bovenstaande in totaal om ca. 2.400 panden (ca. 4.200 adressen). De NCG laat weten dat in de eerste drie kwartalen van dit jaar in het kader van de oude aanpak ruim 2.500 inspecties zijn uitgevoerd. Op 539 adressen (behorend tot de groep van 1.467) is de uitvoering van versterkingswerkzaamheden gestart, waarvan 93 in het vierde kwartaal. Ook het Scholenprogramma is in uitvoering.

Tot slot

Na het uitkomen van het advies van de Mijnraad in juli is de versterkingsoperatie in een nieuwe fase gekomen. De bestuurlijke afspraken die Rijk en regio rond deze zomer hebben gemaakt betekenen een transitie in de uitvoering van een complexe opgave. Deze transitie wordt met het plan van aanpak van de NCG praktisch ingevuld, waarbij ook aan eerdere afspraken tegemoet wordt gekomen. Het komt nu aan op de uitvoering en dat zal naar verwachting nog veel vragen van de uitvoeringsorganisatie. Zoals ik eerder ook heb aangegeven, zullen Rijk en regio de NCG hierbij ondersteunen en zich inspannen om belemmeringen weg te nemen als deze er zijn en aanvullende voorwaarden te creëren waar nodig.

Het plan van aanpak voor de versterking komt grotendeels in de plaats van de afspraken over versterken die in het Meerjarenprogramma Aardbevingsbestendig en Kansrijk Groningen (MJP) zijn gemaakt.

De komende periode zullen gemeenten, provincie en het Rijk samen de governance van de versterkingsoperatie uitwerken, waarbinnen de nieuwe aanpak voortvarend en zonder tussenkomst van NAM wordt uitgevoerd. Ik zal uw Kamer over de voortgang informeren.

De Minister van Economische Zaken en Klimaat, E.D. Wiebes