33 199 Beleidsdoorlichting Veiligheid en Justitie

Nr. 16 BRIEF VAN DE MINISTER EN STAATSSECRETARIS VAN VEILIGHEID EN JUSTITIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 23 september 2016

Inleiding

Met deze brief informeren wij u over de voorgenomen reikwijdte en aanpak van de voor 2017 voorziene beleidsdoorlichting van begrotingsartikel 37.2 Toegang, toelating en opvang van vreemdelingen. Hiermee voldoen wij aan de toezegging die de Minister van Financiën heeft gedaan1 ter uitwerking van de motie-Harbers2. De beleidsdoorlichting van artikel 37.2 staat gepland voor 2017.

Vreemdelingenzaken

Artikel 37 betreft de activiteiten met betrekking tot vreemdelingenzaken.

De beleidsdoelstelling van artikel 37 is: «Een op maatschappelijk verantwoorde wijze en in overeenstemming met internationale verplichtingen gereglementeerde en beheerste toelating tot, verblijf in en vertrek uit Nederland van vreemdelingen, alsmede verkrijging van het Nederlanderschap of de intrekking daarvan.»

De Minister van Veiligheid en Justitie ontwikkelt en geeft uitvoering aan het vreemdelingenbeleid. Hij heeft daarbij:

  • een uitvoerende rol ten aanzien van de opvang van asielzoekers, de afwikkeling van toelatingsprocedures in Nederland en de terugkeer van vreemdelingen uit Nederland;

  • verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de Vreemdelingenwet en de Rijkswet op het Nederlanderschap door het geheel aan overheidsorganisaties dat zich (primair) met het vreemdelingen- en nationaliteitsbeleid bezighoudt;

  • verantwoordelijkheid voor de uitvoeringsorganisaties Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND), Dienst Terugkeer en Vertrek (DT&V), het zelfstandig bestuursorgaan Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) en voor de centra van de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) waar de vreemdelingenbewaring en de grensdetentie ten uitvoer wordt gelegd;

  • een gezagsrelatie met de Koninklijke Marechaussee en de nationale politie voor wat betreft het vreemdelingentoezicht.

Reikwijdte beleidsdoorlichting

Artikel 37.2 richt zich op de toegang, toelating en opvang van vreemdelingen. Onder dit artikel staan de bijdrage aan een agentschap (IND), de bijdragen aan ZBO’s en RWT’s (i.c. COA en Nidos), subsidies (w.o. Vluchtelingenwerk Nederland) en kleinere opdrachten (keteninformatisering en versterking vreemdelingenketen). Onder artikel 37.2 valt niet de terugkeer van vreemdelingen zonder rechtmatig verblijf (dat is artikel 37.3).

De IND is verantwoordelijk voor de uitvoering van het vreemdelingenbeleid en het beleid ten aanzien van de Rijkswet op het Nederlanderschap. Dat houdt in dat de IND alle aanvragen beoordeelt van vreemdelingen die in Nederland willen verblijven of Nederlander willen worden. De bekostiging van de IND vindt plaats door de bijdrage van het Ministerie van VenJ en opbrengsten van derden. De opbrengsten bestaan uit leges die met name vreemdelingen betalen voor het behandelen van aanvragen voor verblijfsvergunning regulier of verzoeken tot naturalisatie en voor een kleiner gedeelte uit opbrengsten uit onderverhuur en bijdragen uit Europese subsidies.

De uitvoerende overheidsinstelling in Nederland inzake de opvang van asielzoekers, is het COA. Om te voldoen aan de doelstelling van begrotingsartikel 37.2 biedt het COA asielzoekers, gedurende hun asielprocedure, huisvesting, middelen van bestaan en begeleiding. Ook vergunninghouders krijgen opvang door het COA totdat zij eigen woonruimte hebben gevonden. De normen voor de opvang van asielzoekers zijn neergelegd in de Opvangrichtlijn van het Europees Parlement en de Raad no 2013/33/EU, de Wet COA en de daaronder liggende Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen. De beleidsdoorlichting van artikel 37.2 richt zich ook op de allocatie van middelen tussen de verschillende actoren actief in de vreemdelingenketen.

37,2 Toegang, toelating en opvang vreemdelingen

2012

2013

2014

2015

2016

Bijdrage Agentschappen

         

IND

295.861

312.131

323.621

389.717

417.044

Bijdrage ZBO/RWT's

         

COA

397.910

388.752

740.909

1.267.861

1.191.208

Nidos-opvang1

27.054

26.508

24.738

43.302

161.489

Subsidies

         

Vluchtelingenwerk Nederland

7.468

5.272

6.260

10.718

10.881

Overig toegang, toelating en opvang vreemdelingen

605

458

2.466

1.622

Opdrachten

         

Keteninformatisering

10.678

13.100

12.009

19.220

14.842

Versterking vreemdelingenketen

6.060

495

592

7.377

939

Totaal

745.031

746.863

1.108.587

1.740.661

1.798.025

X Noot
1

Nidos maakt t/m 2014 deel uit van artikel 35 Jeugd.

Zoals blijkt uit bovenstaande tabel hebben de bedragen van artikel 37.2 een budgettair beslag oplopend van circa € 0,75 miljard in 2012 tot circa € 1,75 miljard in 2016. In de tabel staan de bedragen opgesomd welke behoren bij artikel 37.2 afgedragen aan agentschappen, ZBO’s, verstrekte subsidies en verleende specifieke opdrachten.

Met de beleidsdoorlichting wordt beoogd de doeltreffendheid en doelmatigheid van het gevoerde beleid in beeld te brengen. De beleidsdoorlichting steunt zoveel mogelijk op bestaande (deel)onderzoeken naar de doelmatigheid en de doeltreffendheid van beleid en bedrijfsvoering.

Aanpak

Het startpunt voor het onderzoeken van de doeltreffendheid en doelmatigheid van het gevoerde beleid is de huidige kabinetsperiode vanaf het jaar 2012. In de beleidsdoorlichting komen alle vragen zoals genoemd in Regeling Periodiek Evaluatieonderzoek (RPE) aan de orde voor het gehele sub-artikel.

De vraag die centraal staat in het begrotingsartikel is:

In hoeverre was toegang, toelating en opvang van vreemdelingen in de periode 2012–2016 doelmatig en effectief? Met andere woorden; heeft de realisatie van de toegang, toelating en opvang van vreemdelingen in Nederland op doelmatige wijze zijn beslag gekregen? Hierin krijgt de enorme fluctuaties in de asielinstroom in deze periode specifieke aandacht.

Bij de beantwoording van de onderzoeksvraag zal gebruik worden gemaakt van relevante studies die zijn verricht naar het opvangbeleid, waaronder de lopende onderzoeken van de Rekenkamer en van de Adviescommissie voor Vreemdelingenzaken (ACVZ). In het voorjaar van 2016 is de ACVZ een onderzoek gestart naar opvangmodaliteiten voor asielzoekers. Hun bevindingen zullen wij meenemen bij deze beleidsdoorlichting.

Deze beleidsdoorlichting voert het Ministerie van Veiligheid en Justitie zelf uit. Conform de RPE zal een onafhankelijk deskundige betrokken worden bij deze doorlichting. Het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) is bereid gevonden deze rol op zich te nemen. Eind 2017 zal het eindrapport over de beleidsdoorlichting, samen met het schriftelijk oordeel van het WODC, aan uw Kamer worden aangeboden. Ook zal – zoals voorgeschreven – gekeken worden naar de opties om te komen tot een 20% besparingsdoelstelling.

De Minister van Veiligheid en Justitie, G.A. van der Steur

De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, K.H.D.M. Dijkhoff


X Noot
1

Kamerstuk 34 000, nr. 52.

X Noot
2

Kamerstuk 34 000, nr. 36.

Naar boven