Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2014-201534000 nr. 52

34 000 Nota over de toestand van ’s Rijks Financiën

Nr. 52 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 19 november 2014

Met deze brief wil ik u informeren over de uitwerking van de met ruime meerderheid aangenomen motie van het lid Harbers c.s. (Kamerstuk 34 000, nr. 36) over het vooraf betrekken van uw Kamer bij de opzet en vraagstelling van een beleidsdoorlichting.

De beleidsdoorlichtingen zijn een essentieel instrument voor uw Kamer om het kabinet te controleren op doelmatigheid en doeltreffendheid van het gevoerde beleid. Uw Kamer heeft verzocht om informatie vooraf over de opzet en vraagstelling van elke beleidsdoorlichting om hier invloed op uit te kunnen oefenen.

Zoals aangegeven bij de Algemene Financiële Beschouwingen wil ik de uitwerking van deze motie onderdeel maken van de departementale begrotingen. Hierin staat al een tabel met de meerjarenprogrammering van de beleidsdoorlichtingen. Daar zal een toelichting over de onderzoeksopzet per beleidsdoorlichting van het aankomende jaar (t+1) aan worden toegevoegd. Als mijn collega’s eerder een opzet met uw Kamer willen delen dan via de departementale begrotingen, dan kan dit uiteraard ook per brief. In de begrotingen wordt dan alsnog het volledige overzicht geboden.

Zo kunt u zien hoe mijn collega’s en ik invulling gaan geven aan de Regeling Periodiek Evaluatieonderzoek (RPE). Deze informatie vooraf geeft ten minste aan hoe de onderdelen van de beleidsdoorlichting (zie artikelen 3.2, onderdeel a tot en met g, uit de RPE) zullen worden doorgelicht, hoe aan de algemene kwaliteitseisen zal worden voldaan (artikel 2 RPE) en hoe de onafhankelijkheid van het onderzoek zal worden gewaarborgd (artikel 3.4 RPE).

Bovenstaande gaat niet op voor de beleidsdoorlichtingen die in 2015 aan uw Kamer gestuurd zullen worden. Hierover zult u separaat worden geïnformeerd door mijzelf en mijn collega’s. Dit zal op korte termijn (begin 2015) middels een aparte brief per departement aan uw Kamer gezonden worden.

Op deze wijze wordt invulling gegeven aan de motie om uw Kamer te betrekken bij de opzet en vraagstelling van een beleidsdoorlichting. Ik zal deze maatregel in 2018 evalueren op effectiviteit, om te bezien of het beoogde doel op deze manier wordt bereikt. Het cruciale sluitstuk in het proces is uiteraard de inhoudelijke bespreking van de afgeronde beleidsdoorlichtingen door uw Kamer.

De Minister van Financiën, J.R.V.A. Dijsselbloem