Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 6 juli 2017
Met deze brief wordt gestand gedaan aan een tweetal toezeggingen met betrekking tot
woonvisies van gemeenten en informatie over de markttoets indien corporaties commerciële
activiteiten uitvoeren.
Woonvisies
Bij de behandeling van de herziene Woningwet is de toezegging gedaan dat het Ministerie
van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) samen met de Vereniging van Nederlandse
Gemeenten (VNG) zal bevorderen dat gemeenten woonvisies opstellen. Dit in antwoord
op het verzoek van het lid mevrouw De Vries-Leggedoor (CDA).2 Mede daarom heeft het ministerie samen met de VNG, Aedes en de Woonbond een handreiking
opgesteld voor het maken van woonvisies, het gezamenlijk opstellen van prestatieafspraken,
het opstellen van de verantwoording over prestatieafspraken en eventuele geschilbeslechting.3 De handreiking is via de site www.woningwet2015.nl beschikbaar, in gedrukte vorm verspreid tijdens diverse informatiebijeenkomsten en
ter beschikking gesteld via de VNG, de Woonbond en Aedes.
Om te bevorderen dat gemeenten van elkaar leren en inspiratie op kunnen doen bij andere
gemeenten, heeft het ministerie de recente woonvisies op een kaart van Nederland toegankelijk
gemaakt (woonvisie.opkaart.nl). Dit gebeurt ook al enkele jaren met de prestatieafspraken
tussen gemeenten, corporaties en huurdersorganisaties (prestatie.opkaart.nl). Voorts
heeft het Ministerie van BZK een onderzoek uitgevoerd naar de lokale en regionale
woonvisies die in de periode van mei 2014 tot en met eind 2016 tot stand zijn gekomen.
In 159 van de 390 gemeenten is in deze periode een nieuwe lokale woonvisie opgesteld;
daarnaast hebben 120 gemeenten in 17 regio’s een regionale woonvisie vastgesteld.
Onder de gemeenten zonder recent vastgestelde lokale woonvisie is een enquête gehouden
om inzicht te krijgen in de redenen waarom gemeenten geen lokale woonvisie hebben
vastgesteld in de betreffende periode. Een groot deel van deze gemeenten is van plan
in 2017 alsnog een lokale woonvisie vast te stellen of heeft een woonvisie die nog
vigeert. Van 64 (16%) van de 390 gemeenten is onbekend wat de stand van zaken is.
Met de VNG zal worden bezien hoe wordt omgegaan met de gemeenten zonder recente lokale
visie.
Markttoetsen
Tijdens de plenaire behandeling van het voorstel tot uitbreiding van het werkgebied
van toegelaten instellingen met het oog op het huisvesten van vergunninghouders (2016,
Eerste Kamer, nr. 34 403) is naar aanleiding van een vraag van het lid Köhler (SP), toegezegd om informatie
te verstrekken over het aantal uitgevoerde markttoetsen.
Sinds 1 juli 2015 zijn corporaties verplicht vooraf toestemming te vragen voor het
uitvoeren van commerciële activiteiten (de zogenoemde niet-DAEB-activiteiten) en daarbij
specifieke informatie aan de Autoriteit woningcorporaties te overleggen. In de meeste
gevallen betreft dit een verklaring van de gemeente dat de opdracht gedurende 28 dagen
is gepubliceerd en dat er geen marktinteresse is getoond; de zogenoemde markttoets.
Dit was in 2016 vijf keer het geval, in 2017 tot op heden vier keer. Opgemerkt zij
dat als er wel marktinteresse is, dit niet zichtbaar is voor de toezichthouder. Het
verzoek om toestemming van de corporatie is dan immers niet aan de orde, omdat een
marktpartij de opdracht uitvoert.
In het kader van de huisvesting van vergunninghouders is het in 2016 mogelijk geworden
dat corporaties gebouwen van derde partijen aanhuren zodat er geen druk ontstaat op
de reguliere corporatievoorraad. Hoewel dit niet wordt aangemerkt als niet-DAEB-activiteit,
dient hiervoor wel toestemming te worden gevraagd bij de toezichthouder. De corporatie
moet daarvoor onder meer een verklaring van de gemeente overleggen dat zij het aanhuren
van het gebouw noodzakelijk acht met het oog op de taakstelling en dat het voornemen
gedurende 14 dagen is gepubliceerd. In 2016 zijn er 15 aanvragen ingediend, in 2017
zijn dit er tot dusver vijf.
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, R.H.A. Plasterk