32 761 Verwerking en bescherming persoonsgegevens

32 637 Bedrijfslevenbeleid

Nr. 256 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN EN KLIMAAT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 9 januari 2023

Met deze brief licht ik uw Kamer in over de voortgang van de Datavisie Handelsregister. Zoals toegezegd in de Voortgangsbrief Datavisie1 van juni jl. geef ik hierbij ook een eerste indicatie van de toekomstige financiering van het Handelsregister (HR).

Het HR is een belangrijke bron van informatie voor veilig en verantwoord zakendoen. Daarbij moet op evenwichtige wijze rekening gehouden worden met de belangen van veiligheid en privacy van geregistreerde ondernemers. Daarom heeft de Datavisie vorm gekregen in een intensief traject met stakeholders. Dit heeft geleid tot een gedragen voorstel bestaande uit acht maatregelen. De voorgenomen maatregelen zijn samengevat in onderstaand overzicht en nader toegelicht in de bijlage Maatregelen Datavisie.

maatregel

belangrijkste acties

tijdpad

Niet-openbaar maken van telefoonnummers en emailadressen

Wijziging Handelsregisterwet (Hrw) en Handelsregister-besluit (Hrb), aanpassing IT bij KVK

Voorstel wijziging Hrw in consultatie voor eind 2023

Registratie eenmanszaken met openbaar postadres

Wijziging Hrb, aanpassing uitvoering bij KVK

Voorstel wijziging Hrb naar RvS voor zomer 2023, uitvoering is aangepast vooruitlopend op regelgeving

Afscherming VvE’s1

Nog in te vullen

Nog te bepalen

Inperking commercieel gebruik HR-data

Wijziging Hrw en Hrb, aanpassing uitvoering bij KVK

Voorstel wijziging Hrw in consultatie voor eind 2023

Registratie bestuursverboden

Wijziging Hrb

Voorstel wijziging Hrb naar RvS voor zomer 2023

Uitbreiden autorisaties t.b.v. maatschappelijk relevante taken

Wijziging Hrb (voor overheden)

Wijziging Hrw (voor private organisaties)

Voorstel wijziging Hrb naar RvS voor zomer 2023

Voorstel wijziging Hrw in consultatie voor eind 2023

Versterken poortwachtersrol KVK

Optimaliseren check op curatele en bewind en check op inschrijvingen ongebruikelijke adressen.

Uitvoering bij KVK in 2023

Terugmelding (vermoedelijk) onjuiste gegevens

Invoering verplichte terugmelding voor overheidsorganen

Tussen 2023 en 2028 worden alle verplichte afnemers aangesloten op verplicht terugmelden.

X Noot
1

Verenigingen van eigenaren van appartementen.

Ik heb een verkenning uitgevoerd naar de toekomstige financiering van het HR, met als uitgangspunt dat verstrekking van HR-gegevens gratis wordt. Daarbij moet in beginsel zonder verhoging van de rijksbijdrage een dekkende financiering tot stand worden gebracht.

Om te voorzien in kostendekking ben ik voornemens om naast de initiële inschrijfvergoeding, die met ingang van 2023 is verhoogd naar € 75, ook een jaarlijkse bijdrage voor geregistreerden in te voeren. Uit de verkenning blijkt dat een jaarlijkse HR-bijdrage in de orde van grootte van gemiddeld € 25 per entiteit een stabiele financiële basis voor het HR oplevert.

Voor afnemers van HR-gegevens stel ik voor een gedifferentieerd beleid te voeren. Incidentele afnemers krijgen HR-uittreksels, stuksgewijs, geheel gratis. Daarbij worden technische begrenzingen doorgevoerd om misbruik te voorkomen.

Aan grote afnemers, die gebruik maken van datakoppelingen, wil ik een toegangsbijdrage opleggen voor het HR in plaats van een tarief voor geleverde HR-data. Vooralsnog lijkt een bandbreedte tussen ca. € 2.500 en € 50.000 jaarlijks voor verschillende groepen (zeer)grootgebruikers realistisch. De bedragen zijn gebaseerd op de kosten die KVK verwacht te maken voor het realiseren van maatwerkaansluitingen voor deze beperkte maar diverse groep die ca. 650 afnemers omvat. Hierbij kan worden gewerkt met een beperkt aantal tarieven bijvoorbeeld o.b.v. maatwerkaspecten in techniek of dataselectie. Daarbij worden strengere privacyregels en gebruiksvoorwaarden ingevoerd.

Besluitvorming over de jaarlijkse bijdrage en de toegangsbijdrage moet in de tijd aansluiten bij de inwerkingtreding van EU regelgeving over High Value Data Sets per 2025. In de bijlage Financiering Datavisie vindt u een nadere toelichting op de voornemens.

Daarnaast maak ik van deze gelegenheid gebruik om uw Kamer in te lichten over de voortgang op het gebied van afscherming van adresgegevens in het HR als er sprake is van persoonlijke veiligheidsrisico's. De aanpassing van art. 51 van het Handelsregisterbesluit 2008 (Hrb), die de formele grondslag vormt voor deze afscherming, is op 15 december jl. in werking getreden. KVK geeft al sinds het voorjaar in mijn opdracht uitvoering aan afscherming van adresgegevens op verzoek van de ondernemer, in verband met aantoonbare of waarschijnlijke veiligheidsrisico’s. De behoefte om zelfs vooruitlopend op formele regelgeving deze bescherming te bieden, is ingegeven door ontwikkelingen zoals de verruwing van het maatschappelijke debat en grotere veiligheidsrisico’s dan in het verleden.

De Minister van Economische Zaken en Klimaat, M.A.M. Adriaansens

Uitwerking Datavisie

De Datavisie beoogt een beleidskader te bieden voor integer gebruik van de Handelsregistergegevens ten bate van de samenleving. Met name het realiseren van een werkbaar evenwicht tussen enerzijds de privacybelangen van in het HR geregistreerde personen en anderzijds de belangen van rechtszekerheid en fraudeweerbaarheid vormt daarbij de uitdaging. Om zo goed mogelijk tegemoet te komen aan de wensen en behoeften van publieke en private belanghebbenden, is het datavisietraject vormgegeven als een interactieve beleidsvorming. De stappen die daarin zijn gezet en de bijbehorende verslagen zijn in te zien via de rijkswebsite voor internetconsultaties2.

Het datavisietraject heeft een door stakeholders gevalideerd beleidsvoorstel opgeleverd dat bestaat uit vier maatregelen die meer privacy bieden aan personen die geregistreerd zijn in het HR en vier maatregelen die rechtszekerheids- en fraudebestrijdingsfunctie van het HR borgen. Onderstaand wordt per maatregel ingegaan op de stand van zaken.

De implementatie van de voorgestelde maatregelen vergt zowel wetgeving als aanpassing van de uitvoeringspraktijk, inclusief IT, bij de Kamer van Koophandel (KVK)waarbij sprake is van zeer uiteenlopende implementatietermijnen. De kosten die zijn gemoeid met de noodzakelijke IT-aanpassingenzijn op dit moment nog niet goed in te schatten. De voorstellen voor aanpassing van Hrw en Hrb zullen te zijner tijd worden voorzien van een uitvoeringstoets en een dekkingsvoorstel.

• Niet-openbaar maken van telefoonnummers en emailadressen

De ongewenste benadering van ondernemers door commerciële en andere partijen is een belangrijke drijfveer achter de Datavisie. De invoeringstoets voor de recente wijziging van de Telecommunicatiewet, die benadering via digitale weg alleen nog toestaat bij bestaande relaties of na voorafgaande toestemming, laat zien dat het aantal klachten daarover weliswaar is gedaald, maar dat het voor ondernemers vooralsnog een bron van ergernis blijft. Ik werk daarom met KVK aan de volgende stap om misbruik van telefoonnummers, emailadressen en faxnummers tegen te gaan. Deze zal inhouden dat de genoemde contactgegevens voor alle personen en entiteiten niet langer als openbaar gegeven te zien zijn in het HR. Hiervoor is een wijziging van de Handelsregisterwet 2007 (Hrw) en het Handelsregisterbesluit 2008 (Hrb) noodzakelijk. Na de wijziging van de wet en het besluit zijn deze gegevens enkel inzichtelijk voor bij wet aangewezen partijen, zoals bestuursorganen, advocaten, deurwaarders en notarissen. Om de doorlooptijd van implementatie te minimaliseren zal KVK de hiervoor benodigde voorbereidingen parallel aan het te starten wetstraject treffen. Mijn streven is erop gericht het voorstel voor de wetswijziging voor het einde van 2023 voor consultatie te publiceren.

• Registratie eenmanszaken met openbaar postadres

De registratiemogelijkheden voor eenmanszaken worden aangepast, in die zin dat eenmanszaken kunnen kiezen voor afscherming van het fysieke vestigingsadres van de onderneming. Daarvoor geldt als vereiste dat de ondernemer een openbaar postadres heeft laten registreren in het HR. De registratie verloopt dan op overeenkomstige wijze als bij een krachtens art 51 Hrb afgeschermd bezoekadres. Hiervoor is een wijziging van het Hrb noodzakelijk. Mijn streven is erop gericht het voorstel voor deze wijziging voor de zomer van 2023 in te dienen bij de Raad van State. Uw Kamer heeft echter nadrukkelijk de urgentie benoemd, waarmee ik het eens ben, van versterking van de privacybescherming met name voor zzp’ers. Omdat bij KVK het benodigde proces al is ingericht in het kader van de art. 51 Hrb procedure, wordt deze mogelijkheid, vooruitlopend op de inwerkingtreding van de aangepaste regelgeving, ook al aangeboden voor eenmanszaken die geen beroep doen op veiligheidsrisico’s.

• Afscherming VvE’s

De afscherming van VvE’s vereist aanpassingen van een geheel andere aard dan de hiervoor besproken afschermingen van contact- en adresinformatie. Dit hangt samen met het feit dat de adresinformatie veelal in de naam van de VvE is verwerkt. Naast wijziging van de toepasselijke regelgeving brengt dit de nodige technische uitdagingen met zich mee. Het is zelfs denkbaar dat deze het meest effectief kunnen worden geadresseerd door de VvE’s in een ander register dan het HR onder te brengen. Omdat voor dit onderdeel, zeker in vergelijking met sommige andere maatregelen, geen sprake is van een sterke urgentie, wordt het op een nader te bepalen moment in uitvoering genomen.

• Inperking commercieel gebruik HR-data

De HR-Datavisie zet de volgende stap om onwenselijk gebruik van HR-gegevens en daarmee gepaard gaande privacyschendingen tegen te gaan. Concreet betekent dat alleen overheidspartijen met een wettelijke taak (en wettelijk toezicht) en partijen die zijn geautoriseerd op basis van een maatschappelijk relevante taak die specifiek bij wet zijn aangewezen, afgeschermde en niet-openbare gegevens kunnen inzien. Overige marktpartijen krijgen alleen toegang tot de openbare kosteloos opvraagbare gegevens uit het HR. Bij geconstateerd misbruik krijgt KVK de bevoegdheid om levering te weigeren. Geregistreerden houden toegang tot hun eigen registratie.

Het verstrekken van gegevens uit het HR moet altijd terug te voeren zijn op een wettelijk doel. De Hrw benoemt deze doelen, waaronder bevordering van de rechtszekerheid (art 2a Hrw) en gegevensverstrekking ter bevordering van de economische belangen (art 2b Hrw). Met name de ruime omschrijving in artikel 2b heeft het onbedoelde effect dat KVK op dit moment onvoldoende mogelijkheden heeft om grenzen te stellen aan onwenselijk gebruik van HR-gegevens.

In het toekomstige wettelijk kader dient rekening te worden gehouden met wat verschillende afnemers daadwerkelijk nodig hebben en waarvoor. Het expliciet voorwaarden verbinden aan het gebruik van Handelsregistergegevens kan behulpzaam zijn om een systeem van verstrekkingen mogelijk maken dat zowel gebruiksvriendelijk als veilig is. Hiervoor is een wijziging van de Handelsregisterwet noodzakelijk, waarbij ik ernaar streef een ontwerp voor het einde van 2023 te publiceren voor consultatie.

In de tussentijd moet KVK op grond van geldende privacyregels (AVG) en adviezen van de Autoriteit Persoonsgegevens zelf als beheerder en verwerkingsverantwoordelijke van het Handelsregister maatregelen treffen om misbruik van openbare persoonsgegevens tegen te gaan. KVK toetst daarom periodiek al haar informatieproducten aan de AVG. KVK moet misbruik van persoonsgegevens zoveel mogelijk tegengaan zonder daarbij de wettelijke openbaarheid en toegankelijkheid van het handelsregister aan te tasten. Dat kan ertoe leiden dat HR-producten en daarin opgenomen gegevens in 2023 worden aangepast.

Afzonderlijke aandacht verdient de zogenoemde publicatieplicht zoals opgenomen in artikel 24 Hrw. Op basis van EU-regelgeving was KVK verplicht bepaalde wijzigingen in het HR te publiceren. Aanvankelijk gebeurde dit in de Staatscourant en recenter via de website van KVK. Dit levert een informatiestroom op met veel persoonsgegevens, die door de verregaande digitalisering inmiddels op veel manieren gebruikt worden. KVK ontvangt hierover veel klachten, bijvoorbeeld vanwege de (her)publicatie van die persoonsgegevens op vele andere websites. Als gevolg van recente wijzigingen in Europese wetgeving is deze publicatieplicht vervallen. Daarom zal ik ook het betreffende artikel uit de Handelsregisterwet schrappen. Ik neem dit mee in de reeds genoemde voorgenomen wijziging van de Hrw. Wel heb ik KVK gevraagd om vooruitlopend op de wetswijziging in 2023 toe te werken naar het zo snel als mogelijk afbouwen van de publicaties. Dit is bij voorkeur nog in 2023 te realiseren.

• Registratie bestuursverboden

De registratie van bestuursverboden behelst dat KVK bestuursverboden die door de rechter zijn opgelegd, nadat het vonnis onherroepelijk is geworden, registreert en publiceert. Malafide bestuurders worden nu al voor de duur van het verbod geweerd uit formele bestuursfuncties. Door de openbare registratie kunnen zij zich straks ook niet onopgemerkt mengen in het handelsverkeer als feitelijk bestuurder. In de praktijk doen zij dit nu wel, waarbij veelal katvangers worden ingezet in de rol van formele bestuurder. In de lijst bij het HR kan iedereen kosteloos nazien of voor een natuurlijke persoon een beroeps- en/of bestuursverbod van toepassing is en voor welke duur. Ten behoeve van deze registratie is al geruime tijd geleden een wijziging van het Hrb voorbereid. Nu uit de validering van het beleidsvoorstel Datavisie inderdaad blijkt dat er royaal draagvlak is voor deze regeling, zal ik deze zo spoedig mogelijk verder brengen. Ik streef naar indiening bij de Raad van State voor de zomer van 2023.

• Uitbreiden autorisaties t.b.v. maatschappelijk relevante taken

Voor de korte termijn zal een aantal overheidsorganisaties c.q. organisaties met wettelijke taken geautoriseerd worden tot het zoeken op natuurlijk persoon in het HR en tot het inzien van de niet-openbare gegevens. Een wijziging van het Hrb die dit regelt is al in voorbereiding, ik streef ernaar dit voorstel voor de zomer van 2023 in te dienen bij de Raad van State.

Voor de langere termijn is er veel behoefte aan toegang tot afgeschermde gegevens, onder andere bij private partijen die een taak hebben in het kader van de Wwft (Wet ter voorkoming van witwassen en financiering van terrorisme) of in een andere maatschappelijke behoefte van algemeen belang voorzien. Dit zal onderdeel uitmaken van de al benoemde wijziging van de Hrw met het oog op aanpassing van doelbinding en toegang.

• Versterken poortwachtersrol KVK

De versterking van de poortwachtersrol van KVK zal bestaan uit een reeks van maatregelen die gezamenlijk bijdragen aan rechtszekerheid, fraudeweerbaarheid en criminaliteitsbestrijding. Ik heb aan KVK gevraagd om voorstellen te doen voor aanscherping van de toetsing op moment van inschrijving en andere momenten in de «klantreis» van een ingeschreven entiteit.

Zo heb ik bijvoorbeeld KVK opdracht gegeven om in samenwerking met ketenpartners zoals de Raad voor de Rechtspraak de wenselijkheid en haalbaarheid te verkennen van een systematische check van het Centraal curatele- en bewindregister (CCBR) en het Centraal insolventieregister (CIR) bij mutatie van het HR. Uit de verkenning moet in 2023 blijken of een geautomatiseerde koppeling een bijdrage kan leveren aan het voorkomen van onwenselijke situaties, zoals het inschrijven van personen onder bewind of curatele zonder toestemming van de bewindvoerder of curator.

Daarnaast intensiveert KVK in 2023 de (digitale) controle van en onderzoek op adressen in het algemeen, en specifiek waar het vestigen van ondernemingen niet direct logisch is. Hierbij valt te denken aan het adres van een overheidsorgaan, van een dak- en thuislozenopvang of een gebouw waar opvallend veel vestigingen staan ingeschreven. In het geval dat van een dergelijk adres gebruik wordt gemaakt, kan voor het afronden van de inschrijving om additioneel bewijs worden gevraagd. In het uiterste geval kan besloten worden om een inschrijving te weigeren.

Voor de langere termijn wordt gezamenlijk met stakeholders3 onderzocht of het meerwaarde heeft wanneer de mutatie van gegevens of deponering van bescheiden in het HR een noodzakelijke voorwaarde zou worden bij het tot stand brengen van bepaalde rechtsfeiten, in plaats van een verplichting achteraf. Dit naar het voorbeeld van de inschrijving van transacties in het Kadaster.

De poortwachtersrol van KVK wordt verder betrokken in het Actieplan Veilig Ondernemen en in het Programma Aanpak Ondermijning waarin ik samenwerk met mijn ambtgenoot van Justitie en Veiligheid en andere leden van het Kabinet. Hieruit kunnen op termijn nieuwe vraagstukken en opgaven voortkomen die onder deze noemer in uitvoering genomen worden.

• Terugmelding (vermoedelijk) onjuiste gegevens

De verplichte terugmelding houdt in dat overheidsorganen die verplicht gebruik maken van het HR, ook verplicht worden om een melding te doen wanneer zij bij een authentiek gegeven in het HR iets aantreffen dat een discrepantie oplevert met hun eigen informatie. Deze terugmelding resulteert in het HR in een zichtbare melding dat het betreffende gegeven «in onderzoek» is. Ook andere afnemers kunnen dus zien dat er mogelijk sprake is van een onjuist gegeven. De eerste uitvoeringsafspraken voor het verplicht terugmelden op authentieke gegevens zijn concreet in voorbereiding met de Belastingdienst. De verwachting is dat de Belastingdienst als eerste partij zal worden aangewezen in de eerste helft 2023. Daarmee kan artikel 32 Hrw in werking treden waarna een termijn van 6 jaar gaat lopen waarbinnen alle overheden die het Handelsregister verplicht gebruiken, ook verplicht moeten gaan terugmelden.

Financiering Datavisie

Uit de KVK Jaarrekening 2021 blijkt dat er € 229 mln. aan kosten is gemaakt, waarvan € 148 mln. ten behoeve van de registratietaak. De rest van de begroting (€ 81 mln.) heeft betrekking op publieke taken zoals voorlichting en advisering die voornamelijk door de overheid worden bekostigd. Deze kosten zijn gedekt door € 145 mln. aan bijdragen van de overheid, € 57 mln. uit HR-informatieproducten, € 17 mln. uit inschrijfvergoedingen en € 18 mln. exportdocumenten en overige opbrengsten (een totaal van € 237 mln. resulterend in een bescheiden herstel van de reserves).

Zoals reeds in de datavisiebrief van december 20214 is toegelicht, brengt de financiering van het HR met opbrengsten van informatieproducten, op basis van het profijtbeginsel, een aantal nadelen met zich mee, waarvan ik hier de belangrijkste kort zal memoreren. Vooral grote, private afnemers van HR-gegevens ervaren door de tarieven een prikkel en een verdienmodel om kun kosten terug te verdienen door HR-gegevens door te verkopen. Dit mechanisme lijkt bij te dragen aan verspreiding van o.a. adresgegevens waar KVK geen grip meer op heeft, maar wel verantwoordelijk voor wordt gehouden. En EU-regelgeving, zoals de verplichte publicatie van gratis High Value Data Sets met ingang van 2025, laat steeds minder ruimte voor het vragen van een vergoeding voor HR-informatieproducten

Op termijn zal KVK daarom over moeten gaan tot het kosteloos – maar met de nodige privacy-waarborgen – verstrekken van openbare gegevens uit het Handelsregister. Om de financiële gevolgen daarvan op te vangen, is een nieuwe financieringsstructuur nodig waarbij aan een aantal randvoorwaarden moet worden voldaan:

  • Eventuele gedragsprikkels die uitgaan van de nieuwe structuur moeten verenigbaar zijn met de doelen die het HR dient en met adequate privacybescherming van in het HR geregistreerde personen.

  • Er moet sprake zijn van een robuust systeem waarbij de beoogde bijdragen in de kosten niet eenvoudig kunnen worden ontweken en dat houdbaar is in het licht van voorzienbaar toekomstig (EU) beleid.

  • De uitvoeringskosten moeten in redelijke verhouding staan tot de te genereren opbrengsten.

Ik onderken vier alternatieve financieringsbronnen die in combinatie tot een dekkende financiering moeten leiden. Het verhogen van de rijksbijdrage is één van die alternatieven. Tot nader order wordt in de indicatieve dekkingsvoorstellen geen rekening gehouden met een verhoging van de rijksbijdrage omdat dit de kosten afwentelt op de schatkist en daarmee op de belastingbetaler. Voor twee van de drie andere opties, namelijk de jaarlijkse bijdrage van ingeschrevenen en de toegangsbijdrage van afnemers, geldt dat de hierna gekwantificeerde voorstellen vooralsnog het karakter hebben van een verkenning. Het doel hierbij is in beeld te brengen of, en zo ja met welke ordegrootte van tarieven, een sluitend dekkingsvoorstel kan worden samengesteld.

Inschrijfvergoeding

Het eerste element van de nieuwe financieringssystematiek dat inmiddels is vastgesteld is de inschrijfvergoeding. Sinds 2014 bestaat een eenmalige inschrijfvergoeding van € 50. Deze is in recente jaren geïndexeerd en met ingang van 2022 vastgesteld op € 53,10. Voor 2023 is de inschrijfvergoeding niet alleen geïndexeerd maar verhoogd naar € 75. Deze vergoeding doet recht aan het werk dat KVK verricht rond de inschrijving van een nieuwe entiteit in het HR. Deze verhoging was voorzien voor 2022, maar is een jaar uitgesteld om eerst meer zicht te hebben op de uitwerking van de datavisie alvorens hierover een besluit te nemen. Ik ben voornemens deze inschrijfvergoeding verder in de reguliere indexering mee te nemen.

Jaarlijkse Handelsregisterbijdrage

Een jaarlijkse bijdrage van ingeschreven entiteiten doet recht aan de werkzaamheden die KVK verricht om de juistheid en actualiteit van het HR te borgen. Het periodieke contactmoment dat ontstaat door een jaarlijkse bijdrage, helpt bij het borgen van juistheid en actualiteit van gegeven. Voor ondernemers ontstaat een natuurlijk moment om te evalueren of hun inschrijving nog noodzakelijk is en de gegevens nog kloppen. Ook non-respons op pogingen om de bijdrage te innen is daarbij een relevant signaal.

Bovendien vormt een jaarlijkse bijdrage een zeer robuuste kostendekking. Gezien het zeer grote aantal in het HR ingeschreven entiteiten, biedt ook een relatief bescheiden bijdrage een adequate kostendekking. Een jaarlijkse bijdrage van bijvoorbeeld gemiddeld € 25,– per entiteit zou volstaan om de financiële gevolgen van een nul-tarief op HR-data op te vangen. Van dit tarief worden geen gedragseffecten op het gebruik van HR-data verwacht. Enige mate van differentiatie van het tarief rond het genoemde gemiddelde is mogelijk om recht te doen aan verschillende soorten ondernemingen en rechtsvormen.

Gezien de bescheiden omvang van de bijdrage, is het zaak de uitvoeringskosten bij KVK zo laag mogelijk te houden. Dit betekent onder andere dat bij niet-betaling niet moet worden aangestuurd op incassotrajecten. Wel valt er bijvoorbeeld aan te denken dat in het geval, na enkele pogingen tot contact van de KVK met een ondernemer, een onderneming uitgeschreven wordt uit het HR als dit noch tot reactie noch tot betaling leidt. Aangenomen kan dan worden dat de onderneming niet meer actief is. Uiteraard zal hierbij, in de onderliggende regelgeving, ruimte geboden worden voor het toepassen van de menselijke maat in de uitvoering door de KVK.

Toegangsbijdrage

De verstrekte gegevens uit het HR worden gratis zodat de prijsprikkel tot doorverkoop vervalt. Incidentele afnemers, die in de huidige situatie nog begrensd zijn op 25 raadplegingen per jaar, kunnen geheel gratis gebruik maken van openbare HR-gegevens. Hierbij wordt met technische begrenzingen scraping en overmatige afname tegengegaan. Uit reacties in de datavisie verkenning bleek dat ondernemers het als onbillijk ervaren wanneer zij moeten betalen voor een HR-uittreksel met betrekking tot hun eigen onderneming. Voor de korte termijn wordt voorzien in de mogelijkheid om jaarlijks een beperkt aantal uittreksels met betrekking tot de eigen onderneming gratis aan te vragen. Toekomstig wordt in deze behoefte voorzien via de voorzieningen voor regie op gegevens die geregistreerden ook in staat stellen hun eigen HR-gegevens met derden te delen.

Grote afnemers van HR-informatie gaan een vast bedrag betalen voor hun aansluiting (eventueel gedifferentieerd in een beperkt aantal tarieven bijvoorbeeld naar maatwerkaspecten in techniek of dataselectie). Vooralsnog lijkt een bandbreedte tussen € 2.500 jaarlijks voor enkele honderden grootgebruikers tot € 50.000 jaarlijks voor de ca. 50 allergrootste afnemers realistisch. Omdat afnemers meer dan nu specifiek op hun behoeften toegespitste data krijgen, wordt dataminimalisatie bevorderd wat tevens doorgifte aan derden ontmoedigt. De gratis verstrekking doet recht aan de open data benadering. Daar staan overigens wel strengere gebruiksvoorwaarden tegenover, met het oog op privacy van geregistreerden. Voor publieke afnemers ligt het in de rede dat deze toegangsbijdrage in de plaats kan komen van de huidige inputfinanciering5.

Implementatie nieuwe systematiek

Voor 2023 is met de verhoging van de inschrijfvergoeding en een beroep op eigen vermogen van KVK dekking gevonden voor de korte termijn. In de loop van het jaar zullen dekkingsvoorstellen voor 2024 en volgende jaren worden uitgewerkt, waarbij de verkenning naar alternatieve financieringsbronnen zoals bovenstaand geschetst laat zien dat een sluitende dekking mogelijk is met redelijke tarieven. Invoering van de nieuwe systematiek moet gelijke tred houden met de aanpassing van wet- en regelgeving, waarbij de mate waarin ik regie heb op het tijdverloop sterk vermindert na het moment van indiening van voorstellen. Ik zal u daarom periodiek op de hoogte blijven houden van de voortgang.


X Noot
1

Kamerstuk 32 761, nr. 240.

X Noot
3

In het concrete geval betreft dit de randvoorwaarden voor inrichting van een centrale registratie van aandelen, maar ook bij oprichting van personenvennootschappen of bij het inschrijven van een turboliquidatie kan overwogen worden of een dergelijk mechanisme bijdraagt aan grotere rechtszekerheid en transparantie.

X Noot
4

Kamerstukken 32 761 en 32 637, nr. 204.

X Noot
5

De inputfinanciering is in 2022 verlengd met een nieuwe periode van 3 jaar (2023–2025), dus voor publieke afnemers gaat de nieuwe systematiek in beginsel in per 1-1-2026.

Naar boven