32 740 Fiscale agenda

Nr. 17 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN VEILIGHEID EN JUSTITIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 14 februari 2014

Hierbij stuur ik uw Kamer, mede namens de Staatssecretaris van Financiën, het advies van de commissie De Jong inzake het validatiestelsel filantropie1.

Achtergrond

In 2011 hebben de Samenwerkende Brancheorganisaties Filantropie (SBF) en de rijksoverheid het convenant «Ruimte voor geven» ondertekend2. Hierin is in afspraak 8 opgenomen dat het Ministerie van Veiligheid en Justitie, het Ministerie van Financiën en de SBF een gezamenlijke visie op toezicht en verantwoording in de filantropische sector opstellen. Op 20 september 2012 is uw Kamer de gezamenlijke visie op toezicht en verantwoording in de filantropische sector aangeboden3. In de visie is neergelegd dat de genoemde partijen een validatiestelsel filantropie ontwikkelen. Het doel van het nieuwe validatiestelsel is het verbeteren van de transparantie van de sector en de kwaliteit van het toezicht. In de brief van 25 april 2013 heb ik uw Kamer bericht over de voortgang van het validatiestelsel filantropie en de uitkomsten van de werkgroep publieksbelang.4

Commissie De Jong

Bij besluit van 11 december 2013 heb ik, na overleg met de Staatssecretaris van Financiën en de SBF, de commissie De Jong ingesteld.5 De commissie heeft zich, onder leiding van de heer drs. G. de Jong, gebogen over de vraag op welke wijze het validatiestelsel verplicht dient te worden gemaakt voor alle charitatieve ANBI’s en hoe het beheer van het validatiestelsel belegd dient te worden. Op 20 januari 2014 heb ik het advies van de commissie De Jong ontvangen. Het advies heeft aanzienlijke consequenties voor de sector filantropie en de rol van de rijksoverheid. Waar zelfregulering tot nu toe een belangrijk uitgangspunt was, adviseert de commissie De Jong een zwaardere rol voor de rijksoverheid met betrekking tot het toezicht op fondsenwerving.

Ik ben met de Staatssecretaris van Financiën en de SBF in overleg over de wijze waarop invulling aan het advies kan worden gegeven. Ik verwacht in de context van het vervolg op het convenant «Ruimte voor geven» in het tweede kwartaal van 2014 uw Kamer nader te informeren met een kabinetsreactie op dit advies van commissie De Jong.

De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, F. Teeven


X Noot
1

Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer.

X Noot
2

Kamerstuk 32 740, nr. 6.

X Noot
3

Kamerstuk 32 740, nr. 13.

X Noot
4

Kamerstuk 32 740, nr. 14.

X Noot
5

Staatscourant nr. 35902, 23 december 2013.

Naar boven