32 043 Toekomst pensioenstelsel

Nr. 608 BRIEF VAN DE MINISTER VOOR ARMOEDEBELEID, PARTICIPATIE EN PENSIOENEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 24 februari 2023

Volgens de wet pensioencommunicatie moeten pensioenuitvoerders hun (gewezen) deelnemers en gepensioneerden inzicht geven in de koopkracht en onzekerheid van hun te verwachten pensioeninkomen. Om dit inzicht te verschaffen is de navigatiemetafoor ontwikkeld. Op mijnpensioenoverzicht.nl (MPO) en het Uniform Pensioenoverzicht (UPO) wordt de navigatiemetafoor aan de deelnemer getoond. Deze navigatiemetafoor geeft deelnemers inzicht in het te verwachten pensioen (met een mediaan scenario), het pensioen als het mee zit (optimistisch scenario) en het pensioen als het tegen zit (pessimistisch scenario). De bedragen worden uitgedrukt in euro’s van nu en kunnen daardoor worden vergeleken met het huidige inkomen van de deelnemer. Zo krijgen deelnemers een goede indruk van de koopkracht van hun verwachte pensioen. De pensioenuitvoerder moet om de pensioenbedragen in de verschillende scenario’s te berekenen, gebruik maken van de Uniforme Rekenmethodiek (URM). Bij de inwerkingtreding is aangekondigd dat de navigatiemetafoor inclusief de scenariobedragen, de URM en het gebruik ervan kort na inwerkingtreding zouden worden geëvalueerd.1 Willis Towers Watson (WTW) heeft onderzoek gedaan naar de URM en de uitvoeringstechnische en rekenkundige aspecten ervan. U bent geïnformeerd over de bevindingen van WTW en de beleidsvoornemens die daaraan verbonden zijn.2 Die zullen dit voorjaar verwerkt worden in de Regeling Pensioenwet.

Het tweede deel van de evaluatie, dat zich richt op de communicatieve aspecten van de navigatiemetafoor inclusief de scenariobedragen, heeft in 2022 plaatsgevonden. Belangrijkste reden hiervoor was dat deelnemers pas op dat moment voldoende ervaring hadden met pensioen in scenariobedragen en met de navigatiemetafoor. Die waren op dat moment namelijk ruim twee jaar zichtbaar op MPO en op het UPO. Ruigrok NetPanel heeft het onderzoek uitgevoerd dat heeft geleid tot het rapport «Begrip en interpretatie van de navigatiemetafoor en pensioenscenario’s» (zie bijlage). Het rapport is opgesteld in opdracht van het Ministerie van SZW en is begeleid door een klankbordgroep, met experts op het terrein van pensioencommunicatie aangewezen door de Autoriteit Financiële Markten, de Pensioenfederatie, het Verbond van Verzekeraars en het Ministerie van SZW.

Deze brief geeft eerst een korte samenvatting van de bevindingen van Ruigrok NetPanel ten aanzien van de vragen. Vervolgens wordt ingegaan op de beleidsconclusies die ik daaraan verbind.

De evaluatie van de communicatieve aspecten van de navigatiemetafoor

Het doel van deze evaluatie was inzicht te krijgen in de vraag of de boodschap van de navigatiemetafoor inclusief de scenariobedragen in voldoende mate door deelnemers wordt begrepen. Iemand begrijpt de boodschap goed als diegene:

  • 1. De bedragen interpreteert als het persoonlijke verwachte pensioeninkomen;

  • 2. De bedragen interpreteert als euro’s van nu, en dus inkomsten en uitgaven van nu kan vergelijken met de scenariobedragen;

  • 3. Begrijpt dat het pensioen kan mee- en tegenvallen.

Bij de evaluatie is gebruik gemaakt van kwalitatief onderzoek in de vorm van individuele interviews met actieve deelnemers en met gepensioneerden. Met deze kwalitatieve opzet biedt het onderzoek inzicht in de wijze waarop actieve deelnemers en gepensioneerden de informatie van de navigatiemetafoor en de scenariobedragen tot zich nemen. Bij de selectie is rekening gehouden met leeftijd, geslacht, opleidingsniveau en inkomensniveau. De actieve deelnemers bouw(d)en bij verschillende pensioenuitvoerders pensioen op. Tijdens de gesprekken lag de focus op de navigatiemetafoor en bijhorende scenario’s, inclusief flankerende tekst. De geïnterviewden is gevraagd om te reflecteren op de eigen pensioeninformatie door in te loggen op mijnpensioenoverzicht.nl of door hun eigen UPO te bekijken. Zij zagen dus hun eigen te verwachten pensioenbedragen bij de scenario’s staan. Hierdoor kon worden bezien of de navigatiemetafoor en de drie bijbehorende scenario’s het beoogde inzicht geven in de koopkracht en onzekerheid van het persoonlijk te verwachten pensioeninkomen. Tegelijk kon bezien worden wat de invloed is van de context op MPO of UPO op de manier waarop deelnemers de navigatiemetafoor bekijken en interpreteren.

Uit het onderzoek blijkt dat mensen de drie beoogde boodschappen van de navigatiemetafoor en bijbehorende pensioenscenario’s begrijpen. Deelnemers interpreteren de bedragen in de navigatiemetafoor als het persoonlijk te verwachten pensioeninkomen. Tevens begrijpen deelnemers dat de hoogte van het pensioen kan mee- en kan tegenzitten. Waarom dat zo is begrijpen zij op hoofdlijnen. Bruto jaarbedragen vinden zij daarbij lastiger te interpreteren dan netto maandbedragen. Deelnemers interpreteren de bedragen als euro’s van nu en vergelijken deze als vanzelf met hun huidige inkomsten en uitgaven. Tegelijk zijn deelnemers zich er niet altijd van bewust dat in de getoonde bedragen een vertaling is gemaakt naar euro’s van nu, en dat bij de berekening van die bedragen rekening is gehouden met inflatieverwachtingen. Dit laatste is in lijn met eerdere onderzoeken, waaruit ook bleek dat het lastig is om aan deelnemers over te brengen dat inflatieverwachtingen zijn verwerkt in getoonde bedragen.34

Beleidsconclusie

Samengevat geldt dat de deelnemers aan het onderzoek de drie beoogde boodschappen van de navigatiemetafoor en bijhorende pensioenscenario’s in voldoende mate begrijpen. Immers, de navigatiemetafoor inclusief scenariobedragen maakt de actieve deelnemers en gepensioneerden duidelijk dat het om het eigen verwacht pensioen gaat en dat de uitkomst kan mee- en tegenvallen. Daarnaast vergelijken zij de netto maandbedragen als vanzelf met hun huidige inkomsten en uitgaven. Op dit moment zie ik dan ook geen aanleiding om wijzigingen aan te brengen of vervolgonderzoek te doen naar de navigatiemetafoor. Aangezien ik hecht aan goede pensioencommunicatie blijf ik de ontwikkelingen op dit gebied nauw volgen.

De Minister voor Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen, C.J. Schouten


X Noot
2

Kamerstuk 32 043, nr. 570 en Kamerstuk 32 043, BF.

X Noot
3

Motivaction, Pensioencommunicatie (2017) en MWM2, Bandbreedte en effect verandering koopkracht (2018).

X Noot
4

Hierbij dient opgemerkt te worden dat deelnemers zich wellicht ook niet realiseren dat toekomstige verhogingen uit (over)rendement zijn verwerkt in de getoonde bedragen van de drie scenario’s.

Naar boven