Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201931066 nr. 497

31 066 Belastingdienst

Nr. 497 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 21 juni 2019

In het AO Belastingdienst van 19 juni jl. heb ik u toegezegd schriftelijk terug te komen op de vragen van de leden Omtzigt (CDA) en Leijten (SP) over welke opdracht aan de EDP-auditors is gegeven om de systemen van Toeslagen te doorzoeken op stukken over het CAF 11-project en hoe dit proces verlopen is. Uw Kamer heeft daarbij specifiek gevraagd naar de besluitvorming omtrent de vervolgopdracht van 2 oktober 2018 waarnaar wordt verwezen in de bevindingenverslagen die aan uw Kamer op 13 juni jl. zijn toegezonden.1 Middels deze brief geef ik invulling aan deze toezegging.

In het AO Belastingdienst heb ik benadrukt dat de EDP-auditors geen strobreed in de weg is gelegd en in het onderzoek niet zijn beperkt. Volledigheidshalve heb ik de EDP-auditors ook gevraagd om een reactie op uw vragen. Ik neem deze reactie mee in de antwoorden op de door uw Kamer gestelde vragen.

Ik heb de EDP-auditors gevraagd of er sprake was van beperkingen of belemmeringen in het onderzoek om de systemen van Toeslagen te doorzoeken op stukken over het CAF 11-project. De EDP-auditors geven aan dat zij noch door het «Ministerie van Financiën» (kerndepartement) noch door (medewerkers van) Belastingdienst/Toeslagen zijn beperkt of belemmerd in hun zoekopdracht. Wel merken zij op dat er sprake was van tijdsdruk vanwege een Kamerdebat dat gepland stond. Het debat waar naar verwezen wordt heeft uw Kamer aangevraagd bij de regeling van werkzaamheden2 van 19 september 2018. Uw Kamer verzocht het debat binnen drie tot vier weken in te plannen. Dit debat is uiteindelijk meerdere keren uitgesteld.

Daarnaast kwam tijdens het AO Belastingdienst aan de orde hoe de onderzoeksopdracht tot stand is gekomen en waarom het onderzoek zich gericht heeft op de informatie die beschikbaar was bij Belastingdienst/Toeslagen en niet op andere schijven binnen de Belastingdienst. Het lid Omtzigt heeft daarbij specifiek gevraagd naar de onderliggende mailwisseling bij de totstandkoming van de vervolgopdracht op 2 oktober 2018. Ik heb aangegeven dat ik de gebruikelijke spelregels hanteer. Dat wil zeggen dat ik met uw Kamer de informatie uit deze mails deel maar niet de specifieke mails tussen mijn medewerkers onderling.

Ik heb de EDP-auditors gevraagd hoe de uiteindelijke onderzoeksopdracht tot stand is gekomen. Uit hun reactie komt naar voren dat zij bezig waren met het afronden van het eerste verslag van hun onderzoek (inventarisatie), waar zij op woensdag 26 september 2018 mee gestart zijn, toen tijdens het gesprek met de projectleider voor CAF11 op 1 oktober 2018 de projectleider aangaf dat het CAF-team ook gebruikmaakte van een gezamenlijke schijf bij de FIOD. Dit was voor hen op dat moment nieuwe informatie, waardoor dit samenwerkingsgebied in de opsomming bij beoordeling van «informatiesystemen/vindplaatsen» is meegenomen in hun verslag van 2 oktober.

Ook heb ik de EDP-auditors gevraagd wat vervolgens de reden is geweest dat zij niet breder hebben gekeken naar andere schijven binnen de Belastingdienst. De EDP-auditors geven aan dat naast de aangedragen informatie van Belastingdienst/Toeslagen er door hen de volgende zoekacties zijn uitgevoerd:

  • 1. De persoonlijke – door de projectleider ter beschikking gestelde -netwerkschijf.

  • 2. Een directe scan op het samenwerkingsgebied op de schijven van Belastingdienst/Toeslagen.

  • 3. Het doorzoeken van de inhoudsopgave van de samenwerkingsgebieden van Belastingdienst/Toeslagen met behulp van de centrale IT-afdeling van de Belastingdienst.

Daarbij merken de EDP-auditors op dat na het beoordelen van de resultaten van deze zoekacties de conclusie is getrokken dat de zoekacties tot vrijwel dezelfde resultaten hebben geleid. Met name de lijst met bestanden van de projectleider was omvangrijk, maar bevatte ook veel doublures. De EDP-auditors hebben daarom dit resultaat ontdubbeld. De indruk van de EDP-auditors was dat er wel erg veel bewaard was; eerder teveel dan te weinig. Na deze zoekacties leek het resultaat gezien de aard van het onderzoek dan ook voldoende compleet. De EDP-auditors geven aan dat zij toen niet verzocht hebben om alsnog de gezamenlijke schijf bij de FIOD te doorzoeken. Wel hechten zij eraan om te benadrukken dat de toegang hiertoe hen niet is geweigerd.

De EDP-auditors hebben ook aangegeven dat zij in hun verslag van 2 oktober zelf een voorstel hebben gedaan voor het vervolg van de werkzaamheden die naar hun mening binnen redelijke tijd door henzelf was uit te voeren. Hun voorstel bestond uit twee varianten. In overleg met het Ministerie van Financiën is de meest uitgebreide variant gekozen. Er was daarbij volgens de auditors geen sprake van beperking of belemmering. Dit komt overeen met de mail van 2 oktober waarin aan de EDP-auditors wordt bevestigd om de door hen voorgestelde zoekopdracht uit te voeren.

Met deze Kamerbrief kom ik tegemoet aan enkele specifieke vragen van uw Kamer. Ik streef ernaar om de vragen die 14 juni jl. over dit onderwerp zijn gesteld, conform het verzoek in de procedurevergadering van 19 juni jl. uiterlijk op 26 juni aanstaande te beantwoorden.

De Staatssecretaris van Financiën, M. Snel


X Noot
1

Kamerstuk 31 066, nr. 492.

X Noot
2

Handelingen II 2018/19, nr. 2, item 4.