Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2010-201130825 nr. 81

30 825 Ecologische hoofdstructuur

Nr. 81 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN, LANDBOUW EN INNOVATIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 22 juni 2011

Hierbij informeer ik u over de stand van zaken van de herijking van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) en de decentralisatie van het Investeringsbudget Landelijk Gebied (ILG).

Het regeerakkoord «Vrijheid en verantwoordelijkheid» geeft aan dat natuur, ruimte en economie kerntaken zijn van de provincies. Het ILG en de EHS zullen daarom gedecentraliseerd worden. De EHS wordt eerst herijkt. De decentralisatie van het natuurbeleid is onderdeel van het bestuursakkoord 2011–2015.

Ik heb u eerder geïnformeerd over de stand van zaken van de herijking van de EHS en de decentralisatie1. Daarnaast heb ik op 17 februari en 20 april jl. met uw Kamer van gedachten gewisseld over dit onderwerp.

Om te komen tot de voorgenomen decentralisatie vindt intensief overleg en samenwerking plaats met het IPO en de provincies, zowel op ambtelijk als bestuurlijk niveau. Daarnaast overleg ik regelmatig met de partners van het manifest Natuur, landschap en economie in een vitaal platteland. Ik heb u daarover in mijn brief van 18 april2 geïnformeerd.

In het bestuurlijk overleg van 24 maart jl. heb ik met de de provincies afgesproken te onderzoeken of het mogelijk is in gezamenlijkheid te komen tot een herijkte EHS met ambitie waarvan het beheer betaalbaar is. De herijkte EHS zou mede invulling moeten geven aan de internationale biodiversiteitsverplichtingen. De gezamenlijke inspanning moet uiteraard gezien worden in de context van de forse bezuinigingen die de regering als noodzakelijk ziet.

Aan de heer Van der Vlist is gevraagd om een interbestuurlijke ambtelijke regiegroep voor te zitten voor de uitvoering van dit gezamenlijke traject. Deze regiegroep heeft vijf ambtelijke werkgroepen ingesteld om de noodzakelijke informatie nader in beeld te brengen. Deze werkgroepen hebben zich gericht op de volgende onderwerpen.

  • De nieuwe restanttaakstelling voor afronding van de EHS.

  • De omvang en de kosten van het beheer binnen en buiten de EHS.

  • De afwikkeling van Recreatie om de Stad.

  • De financiering, de uitvoering van de EHS en de afronding van het ILG.

  • De bredere context van het natuurbeleid en de internationale biodiversiteitsverplichtingen.

In bestuurlijke overleggen van 1 en 15 juni heb ik op basis van de bevindingen van de werkgroepen opnieuw met een delegatie van de provincies gesproken. Daarbij zijn ook de financiële perspectieven aan de orde geweest.

Mijn inzet is om te komen tot een herijkte EHS die de natuurgebieden van (inter-)nationale betekenis omvat. Inhoudelijk dient onder andere gekeken te worden naar de internationale verplichtingen en de samenhang tussen natuurbeheer en het agrarisch natuurbeheer. Voor de financiële dekking moet gekeken worden naar de middelen die rijk, provincies en derden kunnen inbrengen, zoals dat ook in de ILG-periode vanaf 2007 het geval was. Ik heb de provincies gevraagd om aan te geven of zij hiervoor voldoende middelen kunnen alloceren, met inbegrip van de beschikbare rijksmiddelen

Uiteraard streef ik naar spoedige overeenstemming met de provincies. In het licht van de complexiteit en de verstrekkendheid van de stelselherziening en van de noodzakelijke ombuigingen, is het daarnaast van belang om zorgvuldig tot afspraken te komen die recht doen aan alle belangen. Het akkoord dat wij voor medio juni voorzien hadden2, is nog niet bereikt. Daarvoor zullen nog stappen gezet moeten worden. Op 5 juli aanstaande overleg ik weer met bestuurders van de provincies. Ik zal uw Kamer daarna over de stand van zaken informeren.

De staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie,

H. Bleker


X Noot
1

Onder andere TK 2010–2011, 30 825, nrs. 69, 74, 75, 76, 78.

X Noot
2

TK 2010–2011, 30 825, nr. 75.