Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2009-201030517 nr. 21

30 517 Evaluatie van hoofdstuk 13 van de Telecommunicatiewet

Nr. 21 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 19 april 2010

In reactie op de door uw Kamer aangenomen motie-Gerkens c.s. inzake de «tapstatistieken» van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) en de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD)1 kan ik u, mede namens de Minister van Defensie, het volgende mededelen.

In het kader van de Wet op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten 2002 ex artikel 25 zijn de AIVD en de MIVD bevoegd om, met toestemming van de eigen minister, communicatie van personen die bij de diensten in onderzoek zijn onder voorwarden af te tappen. Onder deze bijzondere bevoegdheid valt onder meer het aftappen van telefoons, het aftappen van internet en de inzet van microfoons ten behoeve van het opvangen van gesprekken.

Zoals in een eerdere brief aan uw Kamer2 terzake is aangegeven bedraagt het aantal taps dat door de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten wordt geplaatst slechts een fractie van het totale aantal taps dat in het kader van opsporing wordt gerealiseerd. Het gaat hierbij om de volgende aantallen: in totaal zijn er ex art. 25 Wiv 2002 in 2009 1.078 taps geplaatst door de AIVD en 53 door de MIVD. Het aantal personen op wie deze taps betrekking hebben, ligt lager omdat personen meerdere telefoonnummers in gebruik kunnen hebben of van telefoonnummer wisselen.

In de Commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CIVD) kunnen ten behoeve van de democratische controle van de Tweede Kamer op de Inlichtingen en Veiligheidsdiensten nadere details worden toegelicht zonder dat schade wordt toegebracht aan het operationeel vermogen van de diensten. Op 20 april wordt een geheime bijlage bij het openbare Jaarverslag 2009 van de AIVD aan de leden van de CIVD uitgereikt, waarin nader wordt ingegaan op de inzet van de bijzondere bevoegdheden door de AIVD. In het gerubriceerde deel van het jaarverslag van de MIVD zal worden ingegaan op de inzet van bijzondere bevoegdheden door de MIVD.

De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

E.M.H. Hirsch Ballin


XNoot
1

Kamerstuk 30 517, nr. 18

XNoot
2

Kamerstuk 30 517, nr. 20