Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2017-201830175 nr. 270

30 175 Luchtkwaliteit

33 043 Groene economische groei in Nederland (Green Deal)

Nr. 270 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 22 december 2017

Tijdens het Algemeen Overleg Leefomgeving op 14 december heb ik uw Kamer toegezegd per brief meer informatie te geven over de restantvoorraadregeling voor brom- en snorfietsen met een Euro 2 en 3 emissiecertificaat. Op 11 mei1 jl. is uw Kamer door mijn voorganger per brief geïnformeerd over het voornemen om géén restantvoorraadregeling toe te staan voor de Euro 2 en 3 brom- en snorfietsen bij de overgang op 1 januari a.s. naar de Euro 4 norm.

De voorgenomen wijziging van de Regeling Voertuigen is genotificeerd bij de Europese Commissie. Die heeft opgemerkt, ondanks eerdere consultatie, dat de wijzigingsregeling in strijd is met Verordening (EU) 168/2013, omdat fabrikanten daardoor worden ontmoedigd het recht uit te oefenen om verzoeken om toepassing van de voorraadregeling in te dienen. Met dit oordeel van de Europese Commissie is het niet langer mogelijk om de wijziging van de Regeling Voertuigen door te zetten, ondanks dat ik een dergelijke wijziging graag had doorgevoerd.

Er komt nu dus toch een restantvoorraadregeling voor de Euro 2 en 3 brom- en snorfietsen per 1 januari 2018. Het gaat hierbij overigens om beperkte aantallen. Ook wanneer de aanpassing van de Regeling Voertuigen wel doorgang had gevonden, kon niet worden uitgesloten dat brom- en snorfietsen al in 2017 worden geregistreerd en in 2018 verkocht. Hoe goede nieuws is dat de RAI Vereniging zijn leden heeft opgeroepen géén tweetakt brom- en snorfietsen op te geven voor de restantvoorraadregeling. Deze hebben namelijk slechtere emissieprestaties dan de viertakt Euro 2 en 3 brom- en snorfietsen. Ik vind het een goede zaak dat de branche hiermee zelf verantwoordelijkheid neemt.

De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, S. van Veldhoven-van der Meer


X Noot
1

Kamerstuk 30 175, nr. 251