Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 22 januari 2018
In het regeerakkoord «Vertrouwen in de toekomst» heeft het kabinet aangekondigd dat
er «één beheerautoriteit voor de Waddenzee komt die een integraal beheerplan uitvoert,
waardoor betere bescherming van natuurgebieden gecombineerd wordt met beter visbeheer».
Met deze brief informeren wij u over de verkenning om te komen tot één beheerautoriteit
voor de Waddenzee.
De Waddenzee is UNESCO Werelderfgoed met droogvallende platen en intergetijdengebieden
op de eilandstaarten (kwelders en strandvlakten). Het gebied is onderdeel van de internationale
Waddenzee dat zich uitstrekt van Harlingen tot Esbjerg in Denemarken. Het vormt een
onmisbare schakel in de trekroute van miljoenen vogels. Het Nederlandse deel is het
grootste en één van de mooiste natuurgebieden die ons land rijk is. Daarnaast wordt
in het Waddengebied ook gewoond, gewerkt en gerecreëerd. Dat betekent balanceren tussen
economie en ecologie, tussen beleven en beschermen met als uitgangspunt de natuur
en natuurlijke processen zo min mogelijk te verstoren.
Samenwerkingsagenda Beheer Waddenzee
In 2013 heeft de Algemene Rekenkamer onderzoek gedaan naar natuurbescherming, natuurbeheer
en ruimtelijke inrichting in het Waddengebied. De Rekenkamer constateert dat het uitblijven
van natuurontwikkeling in het Waddengebied en de belemmeringen die initiatiefnemers
ondervinden te maken hebben met één en hetzelfde probleem: een complexe natuurbeheerstructuur
waarin afstemming en uitwisseling van informatie niet goed loopt, er niet voldoende
doelmatig wordt (samen)gewerkt en één natuurbeheerder voor het gebied ontbreekt.
In reactie hierop is door het Regiecollege Waddengebied (RCW) de Samenwerkingsagenda
Beheer Waddenzee 2014–2018 opgesteld. Met deze agenda werken de beheerders stapsgewijs
aan de optimalisatie van het beheer en toe naar de situatie «als ware men één beheerder»
in 2018. Deze aanpak is door onze voorgangers aan u toegestuurd (Kamerstuk 29 684, nr. 124). De tussenevaluatie uit 2016 laat zien dat de beheerders steeds beter samenwerken
en stappen hebben gezet, zoals aangegeven in de brief van 6 juli 2017 (Kamerstuk 29 684, nr. 152). De Samenwerkingsagenda gaat over het gehele beheer van het Waddengebied, van natuurbeheer
tot beheer van het watersysteem, van waterveiligheid tot toerisme en van economische
ontwikkeling tot ruimtelijke ordening en loopt eind 2018 af. Dit kabinet vindt echter
dat we hier meer werk moeten maken om tot een samenhangend natuurbeheer te komen.
Dit heeft geresulteerd in het voornemen om te komen tot één beheerautoriteit.
Verkenning beheerautoriteit
In lijn met de tekst van het regeerakkoord, richten wij ons op het UNESCO werelderfgoed
Waddenzee. Met de Waddenzee wordt het groot oppervlaktewater (inclusief droogvallende
platen, kwelders en Eems-Dollard) als begrensd in de Waterregeling bedoeld. Deze valt
samen met de begrenzing van de PKB Waddenzee en tevens de grens van het Natura2000-gebied
Waddenzee.
Volgens het regeerakkoord zijn natuur- en visbeheer de beheerthema’s waarover de beheerautoriteit
zou moeten gaan. Het verdient aanbeveling om ook het thema water hierbij te betrekken
aangezien natuur- en visbeheer in de Waddenzee daarmee onlosmakelijk zijn verbonden
en de Waddenzee als een geïntegreerd systeem van natuur (waaronder vis) en water wordt
gezien.
Wij hechten aan een onafhankelijke verkenning op basis van de huidige wettelijke kaders.
De verkenning wordt uitgevoerd in samenwerking met de betrokken partijen. Draagvlak
en zorgvuldigheid zijn daarbij belangrijke uitgangspunten. Voor de verkenning worden
de volgende randvoorwaarden meegegeven:
-
– Een voor de verschillende stakeholders herkenbare en aanspreekbare organisatievorm
(inclusief politieke aansturing) van de beheerautoriteit, die gezaghebbend en slagvaardig
is, rekening houdend met het feit dat de verantwoordelijkheden op verschillende overheidsniveaus
liggen en er geen sprake kan zijn van centralisatie of decentralisatie van taken;
-
– Eén samenhangende en planmatige aanpak van natuur- en visbeheer waarin alle aspecten
van het beheer (natuur, vis en water) samen komen waaronder ook de taken die voortvloeien
uit het UNESCO Werelderfgoed Waddenzee (promotie, educatie en draagvlakvergroting);
-
– Het advies zodanig vorm te geven dat de autoriteit begin 2019 van start kan gaan.
Het streven is om uw Kamer na het zomerreces te informeren over de uitkomst van de
verkenning en over de contouren van de te vormen beheerautoriteit.
De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, C. van Nieuwenhuizen Wijbenga
De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,
C.J. Schouten