Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201929628 nr. 862

29 628 Politie

Nr. 862 BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 13 februari 2019

Hierbij bied ik u het rapport «Wijkagenten en veranderingen in hun dagelijkse werk – verslag van een onderzoek» aan dat in opdracht van het onderzoeksprogramma Politie en Wetenschap door de Radboud Universiteit Nijmegen is uitgevoerd1. Het rapport betreft het eindverslag van een onderzoek onder zes wijkagenten die in de periode tussen oktober 2016 en november 2017 verschillende malen zijn geobserveerd. Dit verslag bouwt voort op eerder onderzoek naar het dagelijks werk van wijkagenten dat ten tijde van het regionale politiebestel is uitgevoerd en gepubliceerd in 2008. Vier van de zes agenten uit het voorliggende onderzoek waren ook betrokken bij het eerdere onderzoek uit 2008.

Bevindingen geven bekend beeld

Het rapport is een gedetailleerde weergave van bevindingen in het dagelijks werk van de onderzochte wijkagenten. Het beeld dat het verslag schetst van het gebiedswerk door wijkagenten is niet nieuw. Eind 2017 concludeerde de Inspectie Justitie en Veiligheid, op basis van onderzoek uit dezelfde periode, dat de modernisering van de gebiedsgebonden politiezorg (GGP) nog aan het begin van ontwikkeling staat: binnen de basisteams moet er aandacht zijn voor de invulling van verschillende rollen die nodig zijn voor de GGP, de informatiehuishouding en de oog- en oorfunctie van de wijkagent in de wijk.2

Ontwikkelagenda GGP

Inmiddels heeft de politie als richtinggevend kader voor het gebiedswerk de «Ontwikkelagenda GGP» opgesteld, waarover ik uw Kamer laatstelijk eind vorig jaar informeerde (Kamerstuk 29 628, nr. 825). Met de Ontwikkelagenda GGP groeit de politieorganisatie naar een politie die gebiedsgebonden is, die continu in verbinding is met de omgeving, zowel digitaal als door middel van de aanwezigheid van de politie in de wijk op een eigentijdse manier en meebeweegt in de ontwikkelingen van onze veranderende en diverse samenleving. Binnen de Ontwikkelagenda GGP is er ook aandacht voor intern gerichte (verander)opgaven voor de politieorganisatie, zoals bijvoorbeeld het verbeteren van het samenspel tussen verschillende functies in de basisteams – waaronder de samenwerking tussen de wijkagent, de operationeel expert en specialist (rolvervulling) – en de verbinding van het wijkwerk met de opsporing. De politie heeft aangegeven de bevindingen uit het rapport te zullen betrekken bij de (verdere) realisatie van de Ontwikkelagenda GGP.

Voortgang GGP

Over de voortgang van de realisatie van de Ontwikkelagenda GGP zal ik uw Kamer informeren bij gelegenheid van het volgende halfjaarbericht politie. Daarbij zal ik ook de motie van het lid Van Dam (CDA) c.s. betrekken over het bevorderen dat wijkagenten daadwerkelijk 80% van hun tijd hun eigenlijke werkzaamheden in of voor hun wijk kunnen uitoefenen.3 Over de invulling van de functie van operationeel expert in de praktijk zal ik u, conform mijn toezegging tijdens het plenaire debat over de evaluatie van de Politiewet 2012 d.d. 12 december 2018 (Handelingen II 2018/19, nr. 35, item 13), voor het Algemeen Overleg Politie op 14 maart 2019 informeren.

De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl.

X Noot
2

Rapport Modernisering gebiedsgebonden politiezorg, afsluitend onderzoek naar de vorming van de nationale politie, Den Haag: Inspectie Justitie en Veiligheid 2017, bijlage bij Kamerstuk 29 628, nr. 754.

X Noot
3

Kamerstuk 29 628, nr. 839.