29 521 Nederlandse deelname aan vredesmissies

Nr. 209 BRIEF VAN DE MINISTERS VAN BUITENLANDSE ZAKEN EN VAN DEFENSIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 24 juni 2013

Op 18 januari 2013 heeft de regering, overeenkomstig het Toetsingskader 2009, de Kamer gemeld de mogelijkheid en de wenselijkheid van een bijdrage aan de EU Trainingsmissie in Mali (EUTM Mali) te zullen bezien (Kamerstuk 29 521, nr. 202). Op 11 april jl. heeft de regering de Kamer geïnformeerd over de bijdragen van de verschillende EU-lidstaten aan EUTM Mali en over de voortgang van de militaire operatie tegen de opstandelingen (Kamerstuk 29 521, nr. 207).

Tijdens het algemeen overleg van 23 mei jl. is de Kamer ingelicht over de grote belangstelling onder EU-lidstaten voor deelneming aan de missie. Inmiddels is komen vast te staan dat de missie is gevuld en dat aan een Nederlandse bijdrage nu geen behoefte bestaat.

Overigens zullen Luxemburg en Nederland beide een onderofficier plaatsen in de staf van het Belgische detachement dat aan de EUTM gaat deelnemen.

De Minister van Buitenlandse Zaken, F.C.G.M. Timmermans

De Minister van Defensie, J.A. Hennis-Plasschaert

Naar boven