Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2017-201828089 nr. 56

28 089 Gezondheid en milieu

Nr. 56 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 16 januari 2018

In mijn brief van 24 november 2017 heb ik toegezegd uw Kamer begin 2018 te informeren over de uitkomsten van het brononderzoek dat momenteel plaats vindt naar eventuele bronnen van GenX-stoffen (verder aangeduid als GenX) in Noord-Brabant.1 Middels deze brief wil ik uw Kamer op de hoogte brengen van de huidige stand van zaken in het brononderzoek, mede namens de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat.

De afgelopen periode is met veel inzet van alle betrokkenen gewerkt aan het brononderzoek om de oorzaak van de gemeten concentraties GenX in Noord-Brabant te achterhalen. Zo heeft een aantal ambtelijke en bestuurlijke overleggen plaatsgevonden met de betrokken waterschappen, de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant, Rijkswaterstaat, de betrokken gemeenten en drinkwaterbedrijven. In deze overleggen hebben de bevoegde gezagen afspraken gemaakt over de aanpak van het brononderzoek naar de aangetroffen concentraties GenX in het effluent van de rioolwaterzuiveringsinstallaties (RWZI’s) Eindhoven en Aarle-Rixtel. Hierbij is door middel van metingen onderzocht wat de bron is van deze concentraties. Ook is een inschatting gemaakt van in te zetten maatregelen, de wettelijke instrumenten en de mogelijke risico’s voor de gezondheid. Samen met de bevoegde gezagen in Zuid-Holland is onderzocht wat de relatie is tussen de GenX-concentraties in Noord-Brabant en het bedrijf Chemours in Dordrecht, dat de enige Europese registrant van GenX is.

Het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft aan alle overleggen deelgenomen, enerzijds vanuit een systeemverantwoordelijkheid, anderzijds om de betrokken bevoegde gezagen hierin te faciliteren en te ondersteunen. Tijdens het Bestuurlijk Overleg van 11 januari jl. is gezamenlijk de inzet bepaald. Uitgangspunt is dat de geconstateerde verhoogde concentraties GenX op zo kort mogelijke termijn moeten worden teruggedrongen. De inzet is erop gericht om door maatregelen aan de bron en via intensieve monitoring gezondheidsrisico’s voor omwonenden te voorkomen.

Ik neem u mee in de uitkomsten van de meetanalyse en de inzet waarvoor nu gekozen is. Hoewel de gemeente Helmond bevoegd gezag is in de casus in Noord-Brabant en de provincie Zuid-Holland dat is rondom Chemours in Dordrecht is er voor gekozen om gezamenlijk op te trekken. Gezien de complexiteit van deze materie – zowel qua bevoegd gezag-verdeling als door het technische en juridische karakter ervan – zijn de Staatssecretaris en ik graag bereid een technische briefing voor uw Kamer te organiseren.

Brononderzoek RWZI Aarle-Rixtel

Door Waterschap Aa en Maas is onderzoek uitgevoerd naar de herkomst van GenX in de RWZI Aarle-Rixtel. Uit de meetgegevens kwam naar voren dat de bron zich bevindt op een industrieterrein in Helmond. Nog voordat de laatste meetgegevens binnen waren meldde het bedrijf Custom Powders zichzelf bij het bevoegd gezag. Aan de hand van nadere analyse en bedrijfsbezoeken kon dit bedrijf worden geïdentificeerd als bron voor de geconstateerde GenX-concentraties in de RWZI van Aarle-Rixtel. Het gaat om een bedrijf dat in opdracht van Chemours Dordrecht GenX droogt en in droge vorm ter verdere verwerking terugstuurt naar Chemours.

Bij metingen op dit bedrijf werden concentraties GenX in afvalwater van het bedrijf aangetroffen, alsook in het (afgesloten) vijverwater op het terrein. Deze concentraties bedragen tussen de 16.700 en 6,7 mln nanogram per liter (= 0,0167 – 6,7 milligram/liter). In de omgeving van het bedrijf zijn ook concentraties aangetroffen in het water op het industrieterrein (7500 nanogram per liter), in de nabije omgeving op 600 meter afstand (140 – 220 nanogram per liter) en in water op 5 km afstand (65 nanogram per liter). Deze concentraties bevinden zich niet in water dat in verbinding staat met oppervlaktewater of met het riool waarop het bedrijf afwatert. Op dit moment vindt nader onderzoek plaats naar de wijze waarop deze GenX-concentraties in het water terecht kunnen zijn gekomen.

Gegeven de bevindingen uit het brononderzoek is de gemeente Helmond voornemens om het bedrijf op basis van Artikel 2.1 (zorgplicht) van het Activiteitenbesluit een maatwerkvoorschrift op te leggen, waarin strengere eisen worden gesteld aan de bedrijfsprocessen. Op dit moment is nog niet volledig helder tot welke emissie naar water en lucht de bedrijfsprocessen leiden. Om er voor te zorgen dat de emissie van GenX niet wordt voortgezet, voordat die duidelijkheid er is en het maatwerkvoorschrift in werking kan treden, is het bevoegd gezag voornemens op basis van datzelfde artikel een voorlopige maatregel aan het bedrijf op te leggen. Strekking van de voorlopige maatregel is dat verwerking van GenX wordt uitgesteld totdat nieuwe technische maatwerkvoorschriften van kracht zijn en er voldoende aanvullende maatregelen zijn genomen om de GenX-emissies terug te dringen. Het bedrijf heeft in een gesprek met het bevoegd gezag zijn medewerking toegezegd.

Brononderzoek RWZI Eindhoven

Ook in de regio van de RWZI Eindhoven kon door het Waterschap De Dommel een bron worden geïdentificeerd. Het betreft een concentratie van 7900 nanogram per liter (= 0,0.079 milligram/l) in het effluent van een afvalwaterverwerker op een bedrijventerrein in Son en Breugel. Dit bedrijf ontvangt en verwerkt in een commerciële biologische zuivering afvalwater van andere bedrijven. Het bedrijf heeft alle medewerking toegezegd om samen met de provincie (Omgevingsdienst) en de gemeente te achterhalen welke afvalwaterstroom /afvalstromen die zij ontvangen hiervan de bron kan zijn. Onderzoek hiernaar is gestart. Op dit moment zijn hiervan nog geen uitkomsten bekend.

Naast het onderzoek aan de kant van de lozing wordt ook bekeken of via Chemours verdere informatie verkregen kan worden over bedrijven die met GenX werken.

Brononderzoek RWZI Rilland-Bath

Naar aanleiding van de aangetroffen concentraties GenX in de RWZI’s Eindhoven en Aarle-Rixtel heeft het waterschap Brabantse Delta metingen verricht bij de RWZI Bath. Ook in deze RWZI is GenX aangetroffen in het effluent, in lage concentraties (95–110 nanogram/liter). Net als bij de twee andere RWZI’s is er direct een brononderzoek gestart. Er is nog geen uitkomst bekend.

Risico’s voor de gezondheid

Bij de nu onderzochte locaties is sprake van concentraties GenX. Het gaat hierbij niet om drinkwater of water dat in verbinding staat met oppervlaktewater dat voor drinkwater wordt gebruikt. Waterleidingbedrijf Brabant Water levert drinkwater dat uit het diepere grondwater komt. Brabant Water heeft onderzoek laten uitvoeren naar het voorkomen van GenX in drinkwater afkomstig van alle grondwaterbronnen. In geen van de bronnen is GenX aangetroffen.

Uit metingen in het Maaswater, waar drinkwater voor West-Brabant wordt ingenomen, blijkt dat de concentraties GenX hier rond of onder de 20 nanogram/liter zitten. Dat is ruim onder de GenX-richtwaarde voor drinkwater.

Echter, vanwege de hogere concentraties in water in en rond Helmond hebben wij het RIVM gevraagd om opnieuw de gezondheidsrisico’s te beoordelen. De eerdere conclusies van RVIM over GenX in drinkwater heb ik verwoord in mijn brief van 20 november jl2. Eén van de conclusies was dat bij de gemeten concentraties van GenX in drinkwater geen effecten op de gezondheid van mensen is te verwachten. Deze conclusie is gebaseerd op de richtwaarde voor GenX in drinkwater van 150 nanogram per liter, oftewel 0,15 microgram per liter. Dit betreft een richtwaarde die uitgaat van de hoeveelheid GenX die een mens gedurende lange tijd mag binnenkrijgen via drinkwater zonder de gezondheid te schaden.

Het RIVM geeft in haar voorlopige analyse van de nieuwe meetresultaten aan dat de gevonden concentraties in het water in de omgeving van het bedrijf in Helmond en in de zwemwaterlocatie in de omgeving geen risico vormen bij gebruik als recreatiewater. Bij het water in de vijver op het bedrijfsterrein zelf verwacht het RIVM geen directe blootstelling. RIVM zal de monitoring blijven volgen en blijft beschikbaar om bij nieuwe ontwikkelingen of vragen ons en daarmee de omwonenden van advies te kunnen voorzien.

GenX en PFOA in de bodem

GenX en PFOA kunnen door depositie vanuit de lucht ook in de bodem terecht komen. Ik heb u hierover eerder geïnformeerd rond de casus van Chemours. De concentraties liggen onder de risicogrenswaarden en leveren geen gevaar op voor de volksgezondheid. Omdat er (nog) geen normen zijn voor hergebruik van grond met GenX en PFOA, is hergebruik maar zeer beperkt mogelijk. De omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid heeft hiervoor een handreiking opgesteld. Hoofdlijn is dat met GenX verontreinigde grond niet mag worden verspreid en daarom in een specifiek depot moet worden opgeslagen. In de depots is voldoende capaciteit beschikbaar. Voor burgers is een specifiek depot ingericht waar eenvoudig kleine hoeveelheden grond kunnen worden afgegeven.

U bent in september vorig jaar geïnformeerd over lopend onderzoek naar GenX in moestuinen, dat gestart is naar aanleiding van vragen die rezen rond de situatie in Dordrecht3. De uitkomsten van dit onderzoek komen dit kwartaal beschikbaar en zijn uiteraard ook relevant voor de situatie in Helmond.

Ook bij de betreffende locaties in Noord-Brabant zal de depositie in de bodem nauwlettend worden gevolgd. Dit wordt meegenomen in het RIVM-onderzoeksprogramma.

Verdere aanpak

Samenwerking

Om zo snel mogelijk duidelijkheid te krijgen over de omvang, gevolgen en aanpak van de GenX-concentraties nemen alle betrokken bevoegde gezagen samen met mijn ministerie (inclusief RWS) en de drinkwaterbedrijven deel aan een intensief afstemmingsoverleg, zowel ambtelijk als bestuurlijk. Ik heb grote waardering voor de manier waarop waterschappen, Omgevingsdienst en gemeenten deze complexe casus oppakken. Mijn ministerie neemt volwaardig deel aan deze overleggen en de Staatssecretaris en ik zijn nauw aangesloten. Naast de regierol ondersteunt het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat de bevoegde gezagen waar nodig, zowel door het beschikbaar stellen van de expertise van het RIVM als door te onderzoeken welke juridische instrumenten kunnen worden ingezet. In deze samenwerking worden ook de bevoegde gezagen rond het bedrijf Chemours betrokken, vanwege de directe relatie tussen Chemours en Custom Powders.

Waterkwaliteitsnorm

Complicerende factor is dat voor GenX in oppervlaktewater geen kwaliteitsnorm is vastgesteld en ook nog niet kan worden afgeleid. Hiervoor ontbreken nog de nodige wetenschappelijke gegevens. In de in 2017 gewijzigde vergunning van het bedrijf Chemours uit Dordrecht, REACH-registrant van GenX in de Europese Unie, is door de provincie Zuid-Holland de eis vastgelegd dat deze gegevens aangeleverd moeten worden. Conform de onderzoeksverplichting moeten deze gegevens uiterlijk 22 mei 2018 bij het bevoegd gezag ingediend zijn. Vervolgens kan het RIVM aan de hand van deze onderzoeksgegevens beoordelen of dit voldoende onderbouwing biedt om een waterkwaliteitsnorm voor oppervlaktewater te bepalen. Zodra hier meer informatie over bekend is, wordt uw Kamer daarover geïnformeerd.

In te zetten maatregelen

Tijdens het bestuurlijk overleg van 11 januari jl. is gezamenlijk een intensieve aanpak vastgesteld, waarmee zowel de bevoegde gezagen als het Ministerie van Infrastructuur en Water onmiddellijk aan de slag zijn gegaan.

Eerste maatregel is gericht op het terugdringen van GenX-emissies. Zoals ik hierboven aangaf zal de gemeente Helmond aan het bedrijf Custom Powders via een Maatwerkvoorschrift aanvullende eisen stellen met betrekking tot het productieproces. Inclusief een voorlopige maatregel om te voorkomen dat het bedrijf lopende dit traject GenX zal verwerken. Het Ministerie van IenW zal het bevoegd gezag waar nodig ondersteunen bij het opstellen hiervan. De gemeente Helmond heeft overleg met het bedrijf om in kaart te brengen hoe de emissies kunnen worden verminderd voordat het reguliere productieproces wordt hervat. Via monitoring wordt de uitvoering hiervan door het bedrijf nauwlettend gevolgd.

Naast deze maatregelen gericht op het handhaven van de wetgeving in individuele gevallen geeft het onverwacht aantreffen van deze stof, op deze locaties, aanleiding om ook generieke maatregelen te treffen. Hiertoe hebben we twee zaken in gang gezet.

Allereerst is afgesproken dat het Ministerie van IenW het voortouw neemt om samen met de Omgevingsdienst Zuidoost Brabant, de betrokken gemeenten en de waterschappen een breder meet-en monitoringsprogramma op te zetten, gecoördineerd door het RIVM. Hiermee kan het RIVM de betrokken partijen in alle fases van deze aanpak ondersteunen met meetanalyses en beoordelingen van de gezondheidseffecten voor omwonenden. Ook heeft het RIVM een adviesrol waar het gaat om verspreidingsmodellen voor GenX en de in te zetten maatregelen.

Het zal een flexibel programma zijn waar nieuwe ontwikkelingen gelijk in kunnen worden meegenomen. Dit programma zal op korte termijn starten.

Daarnaast is het RIVM gevraagd een overzicht te maken van mogelijke Europese risicobeheersmaatregelen voor GenX. Dit is een stap die ertoe kan leiden dat GenX wordt aangemerkt als Zeer Zorgwekkende Stof (ZZS) op grond van artikel 57 van de REACH-verordening. Voor ZZS gelden onder de milieuwetgeving de strengste emissie-eisen. Op basis van het overzicht, uiterlijk dit najaar, kan beoordeeld worden of de ZZS-status van toepassing is op GenX.

Tenslotte

In deze brief heb ik u geschetst welke ontwikkelingen zich de afgelopen periode hebben voorgedaan, voor welke aanpak is gekozen, op welke wijze alle betrokkenen zijn aangesloten en welke instrumenten nu met spoed worden ingezet. Ook kijk ik naar de relaties tussen de in Noord-Brabant aangetroffen concentraties en het bedrijf Chemours in Dordrecht. Vanzelfsprekend houd ik u op de hoogte van verdere ontwikkelingen rond de GenX concentraties in Noord-Brabant en in Zuid-Holland.

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, C. van Nieuwenhuizen Wijbenga


X Noot
1

Kamerstuk 28 089, nr. 54.

X Noot
2

Kamerstuk 28 089, nr. 53.

X Noot
3

Kamerstuk 28 089, nr. 49.