Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2013-201427830 nr. 123

27 830 Materieelprojecten

Nr. 123 BRIEF VAN DE MINISTER VAN DEFENSIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 4 februari 2014

INLEIDING

Voor het verdedigen van maritieme taakgroepen, het ondersteunen van amfibisch en landoptreden, het uitvoeren van maritime security operations en in de toekomst Ballistic Missile Defence, beschikt Defensie over vier luchtverdedigings- en commandofregatten (LC-fregatten). Deze fregatten zijn tussen 2002 en 2005 in dienst gesteld en bereiken naar verwachting vanaf 2027 het einde van de levensduur. Om tot die tijd de inzetbaarheid en de doelmatige exploitatie van de LC-fregatten te waarborgen, voorziet het systeemplan LC-fregatten halverwege de levensduur in een inventarisatie van de status van de schepen en van de aan boord aanwezige systemen. Deze inventarisatie heeft in 2012 plaatsgevonden en heeft geleid tot onderstaande behoefte. Met deze A-brief informeer ik u over het project «Instandhoudingsprogramma LC-fregatten».

BEHOEFTE

Kwalitatieve behoefte

Het instandhoudingsprogramma LC-fregatten omvat 41 deelprojecten, die in te delen zijn in twee categorieën.

Deelprojecten gerelateerd aan ARBO, milieu en zeewaardigheid

Deze deelprojecten zijn noodzakelijk om te blijven voldoen aan wet- en regelgeving op het gebied van arbeidsomstandigheden, milieu en zeewaardigheid. Zij betreffen onder andere het garanderen van veilig manoeuvreren en navigeren, het verbeteren van de voedselveiligheid, de kwaliteit van het drinkwater en van de brandveiligheid en het aanpassen van de bergplaats voor kanonmunitie.

Deelprojecten gerelateerd aan instandhouding

Deze deelprojecten zijn noodzakelijk om systemen doelmatig in stand te kunnen houden of te voorkomen dat systemen niet meer kunnen worden onderhouden. De belangrijkste betreffen de aanpassing of vervanging van delen van het platformmanagementsysteem Integrated Monitoring & Control System (IMCS) en het Combat Management System (CMS). Deze systemen zijn essentieel om platformsystemen (zoals voortstuwing, energieopwekking en brandblusinstallatie) te bedienen en sensor-, wapen- en commandosystemen in te zetten. Naast verbeteringen aan het IMCS en het CMS worden (delen van) systemen aangepast of vervangen indien ze niet meer doelmatig kunnen worden onderhouden. Dit zijn onder andere de Active Phased Array Radar (APAR), het kanon, de sonar, de satellietcommunicatie-installatie en enkele kleinere platforminstallaties.

In het instandhoudingsprogramma zijn geen deelprojecten opgenomen die leiden tot operationele verbeteringen. De reden hiervoor is dat de operationele capaciteiten van de LC-fregatten nog toereikend zijn om de opgedragen operationele taken te kunnen uitvoeren. In de toekomst zullen nog wel aanpassingen plaatsvinden als gevolg van vlootbrede verbeteringen of invoering van nieuwe systemen, die gelden voor meerdere klassen schepen.

Kwantitatieve behoefte

Het instandhoudingsprogramma (IP) wordt uitgevoerd voor alle LC-fregatten. Hierdoor blijft niet alleen de inzetbaarheid van de vier LC-fregatten gewaarborgd, maar blijft ook de configuratie gelijk. Dit heeft voordelen op het gebied van onderhoud, opleidingen en uitwisselbaarheid van personeel, wat leidt tot lagere levensduurkosten.

FINANCIËN

Investeringen

Met het project «Instandhoudingsprogramma LC-fregatten» is een budget gemoeid van € 100 tot € 250 miljoen (prijspeil 2013). Dit bedrag komt ten laste van het investeringsbudget op de defensiebegroting voor de periode 2014–2022. In het projectbudget zijn projectmanagementkosten en risicoreserveringen voor de verwerving van materieel opgenomen, alsmede kosten voor de inhuur van personeel en uitbesteding van deelprojecten.

Het benodigde budget is hoger dan eerder door mij gemeld in het Materieel-projectenoverzicht (MPO) 2013 (Kamerstuk 27 830, nr. 113, van 17 september 2013). De belangrijkste redenen hiervoor zijn:

  • In 2004 is een arbitraire budgetreservering van 5 procent van de nieuwbouwkosten opgenomen, die sindsdien niet is bijgesteld voor prijsstijgingen en inflatie.

  • Uitstaande restpunten van het nieuwbouwproject LC-fregatten, zoals het inrichten van onderhoudsfaciliteiten voor het infraroodsysteem Sirius, het verminderen van het uitgestraald geruis onder water en het plaatsen van explosiebestendige deuren, worden ingepast in het IP.

  • Het opnemen van instandhoudingsactiviteiten voor het kanon en het aanpassen van de bijbehorende munitiebergplaats. Dit was een apart project dat nu vanwege doelmatigheid in het IP is ondergebracht.

  • Door de reorganisaties bij Defensie is bij de betrokken organisatiedelen veel capaciteit verdwenen. Daardoor is meer inhuur van personeel of uitbesteding van deelprojecten noodzakelijk dan oorspronkelijk voorzien.

De hogere kosten van het instandhoudingsprogramma zullen worden verwerkt binnen het investeringsbudget in de begroting. In de commercieel vertrouwelijke bijlage bij deze brief vindt u aanvullende informatie over de projectkosten1.

Exploitatie

Door het instandhoudingsprogramma uit te voeren, wordt stijging van de materiële exploitatiekosten en de onderhoudsinspanning voorkomen en kan Defensie de LC-fregatten doelmatig blijven inzetten. Het instandhoudings-programma heeft geen personele consequenties. Hierdoor veranderen de personele exploitatiekosten niet.

PLANNING & ORGANISATIE

Het instandhoudingsprogramma zal worden uitgevoerd in de periode juli 2017 tot en met december 2021. Per schip bedraagt de doorlooptijd 18 tot 21 maanden. Na voltooiing van de werkzaamheden volgt voor de vier LC-fregatten een drie maanden durende periode van varende beproevingen. Hierna kunnen de schepen gaan opwerken tot inzetgereed.

Uit doelmatigheidsoverwegingen valt het instandhoudingsprogramma zo veel mogelijk samen met planmatig voorziene onderhoudsperiodes. Daarnaast worden tijdens deze onderhoudsperiodes werkzaamheden uitgevoerd voor gerelateerde projecten, zoals modificatie van de SMART-L radar ten behoeve van het project «Maritime Ballistic Missile Defence» (Kamerstuk 27 830, nr. 91, van 26 september 2011). Door de werkzaamheden te combineren wordt de tijd dat de LC-fregatten niet beschikbaar zijn zo veel mogelijk beperkt.

PROJECTRISICO’S

Product. De meeste deelprojecten van het instandhoudingsprogramma betreffen aanpassingen dan wel vervangingen van apparatuur, waarbij de ontwikkelrisico’s beperkt zijn. Het risico voor het aspect product wordt als gemiddeld beoordeeld.

Tijd. Het instandhoudingsprogramma kent meerdere tijdgerelateerde risico’s. Deze worden onder andere veroorzaakt door:

  • de verminderde capaciteit van de DMO, de gevolgen hiervan voor het doorlopen van het resterende deel van het Defensie Materieel Proces (DMP) en het voorbereiden van het project. Om deze reden is de planning voor dit traject met twaalf maanden verlengd. De voltooiing van de D-fase is voorzien in oktober 2016;

  • de onduidelijkheid over de toekomstige capaciteit bij de met uitvoering belaste organisatiedelen binnen de DMO (JIVC) en het CZSK (Marinebedrijf) als gevolg van de reorganisaties en vacatures;

  • het gecombineerd uitvoeren van het instandhoudingsprogramma met gerelateerde projecten.

Uitloop van de werkzaamheden tijdens de uitvoering van het instandhoudingsprogramma zal leiden tot een langere periode dat de LC-fregatten niet beschikbaar zijn. Om een zich voordoend capaciteitstekort op te kunnen vangen, is budget voor de inhuur van personeel en uitbesteding gereserveerd. Het risico van vertraging wordt als gemiddeld beoordeeld.

Geld. De raming van het projectbudget is gebaseerd op ramingen van ervaringsdeskundigen van de DMO en het CZSK. In het projectbudget is voor de meeste deelprojecten een risicoreservering van 5 procent opgenomen. Uitzondering hierop vormen het IMCS en het CMS. Vanwege de complexiteit, veroorzaakt door de vele raakvlakken met andere scheepssystemen, is hiervoor een risicoreservering van tien procent opgenomen. Het risico van budgetoverschrijding wordt als gemiddeld beoordeeld.

OVERIGE ASPECTEN

Internationale samenwerking

Aan boord van schepen van buitenlandse marines, zoals de Sachsen-klasse van Duitsland en de Iver Huitfelt-klasse van Denemarken, bevinden zich diverse systemen die identiek zijn aan die van de LC-fregatten. Voor de instandhouding van de APAR is met deze landen een instandhoudings-MoU ondertekend. Onderzocht zal worden of de benodigde aanpassingen voor de APAR onder deze MoU kunnen worden ontwikkeld.

Relatie met andere projecten

Dit project heeft een relatie met de in realisatie zijnde projecten «LC-fregatten deelprojecten: nieuwbouw, verwerving walreservedelen en munitie», «Maritime Ballistic Missile Defence (MBMD)», «Instandhouding Goalkeeper» en «NH-90». Met name bij het installeren en het in bedrijf stellen van de gemodificeerde SMART-L radar van het MBMD-project is goede afstemming nodig met het instandhoudings-programma LC-fregatten. De gemodificeerde radar kan pas worden getest na aanpassing van het CMS.

Combineren van B-, C- en D-fase

In lijn met de brief over het combineren van DMP-fases van 7 juli 2010 (kamerstuk 32 123X nr. 135), ben ik voornemens om de B-, C- en D-fase te combineren en u in het najaar van 2016 met een BCD-brief nader over het project te informeren. Voor het combineren heb ik de volgende argumenten:

  • In de behoeftestellingsfase is de invulling van het instandhoudingsprogramma – het hoe – al voor een groot deel bepaald in de vorm van 41 deelprojecten. Daardoor is voor de meeste deelprojecten geen voorstudie of studie meer nodig en kan direct worden begonnen met het opstellen van het pakket van eisen (D-fase).

  • 70 procent van het projectbudget komt ten laste van deelprojecten waarvoor per deelproject slechts één aanbieder – de Original Equipment Manufacturer (OEM) – is. Hierdoor hebben verdere (voor)studie en concurrentiestelling maar beperkt zin. De resterende deelprojecten zijn hoofdzakelijk deelprojecten met een budget kleiner dan € 5 miljoen.

  • Door de verminderde capaciteit van de DMO staat de tijd voor het doorlopen van het resterende deel van het DMP-traject onder druk. Voor een gecombineerde BCD-fase is minder tijd nodig, dan voor het doorlopen en rapporteren over de verschillende fasen afzonderlijk.

  • Vanwege het combineren van het project «Instandhoudingprogramma LC-fregatten» met benoemd onderhoud, wordt het project inbesteed bij het CZSK (Marinebedrijf) en de DMO (JIVC). Daardoor is er maar één potentiële leverancier.

  • Dit project betreft de aanpassing van bestaande schepen, waarbij de operationele capaciteit niet verandert en systemen worden aangepast dan wel

  • vervangen. Veel van deze vervangende systemen worden «van de plank» verworven en er wordt geen gebruik gemaakt van innovatieve technologieën. Met uitzondering van de planning van de werkzaamheden is het instandhoudingsprogramma geen complex project.

  • Een gecombineerde BCD-fase is in lijn met recente scheepsnieuwbouw-projecten, waarbij alleen aan het eind van de D-fase instemming werd gevraagd voor het afsluiten van het contract met de bouwmeester. De gerelateerde deelprojecten ten behoeve van platform- en SEWACO-systemen waren gemandateerd.

TEN SLOTTE

Met de uitvoering van dit project blijft de inzetbaarheid van de LC-fregatten tot het einde van de levensduur gegarandeerd en kan Defensie deze schepen op een doelmatige wijze in stand houden.

De Minister van Defensie, J.A. Hennis-Plasschaert


X Noot
1

Ter vertrouwelijke inzage gelegd, alleen voor de leden, bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer