Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 2 juni 2017
Dit voorjaar is onderzoek gedaan naar de transparantie en kostendekkendheid van leges
en tarieven in gemeentelijke begrotingen. In het bijzonder van de leges voor paspoorten
en de Nederlandse identiteitskaarten. De nieuwe transparantievoorschriften uit het
Besluit Begrotingen en Verantwoordingen (BBV) bepalen dat gemeenten vanaf de begroting
2017 duidelijk moeten maken op welke kosten en baten de leges en heffingen gebaseerd
zijn. Bij brief heb ik uw Kamer op 21 november 20161 geïnformeerd over de aanpak van dit onderzoek.
De begroting 2017 was voor gemeenten de eerste begroting waarvoor de nieuwe transparantievoorschriften
van het BBV golden. Om deze reden is ook in brede zin verkend hoe gemeenten omgaan
met de voorschriften. Uit het bijgesloten onderzoek van Andersson Elffers Felix2 blijkt dat 84% van de gemeenten inzicht geeft in de baten en lasten van de riool-
en afvalstoffenheffing. Een vergelijkbaar aantal gemeenten licht toe welke beleidsuitgangspunten
aan de tariefstelling ten grondslag liggen.
De tariefstelling bij de leges transparant maken is door de veelheid aan tarieven
in de legesverordening aanzienlijk meer werk dan het transparant maken van de riool-
en afvalstoffenheffing. Dit is terug te zien in de uitkomst van het onderzoek. 40%
van de gemeenten geeft ten aanzien van de leges nog geen inzicht in de begroting.
Dit is voor mij voldoende reden om aan de provinciale toezichthouders te vragen om
bij het uitoefenen van het financieel toezicht op de begroting 2018 hier aandacht
aan te besteden. Wel wil ik erop wijzen dat het in de eerste plaats de verantwoordelijkheid
is van de gemeenteraden van gemeenten waar nog geen inzicht wordt geboden in de leges
hierop aan te dringen en te controleren voor de begroting 2018. Omgekeerd geldt dat
60% van de gemeenten wel enig inzicht geeft, waarbij 23,9% van de gemeenten op meer
dan 10 hoofdstukken van de legesverordening inzicht geeft.
Vanwege de discussie over de kostendekkendheid van het maximumtarief voor paspoorten
en Nederlandse identiteitskaarten zijn de toegerekende kosten en baten hiervan nader
onderzocht. Gemeenten hebben binnen het maximumtarief de vrijheid om zelf de leges
te bepalen, dit doen zij op basis van de gemeentelijke begrotingen. In totaal gaven
106 gemeenten in hun begroting inzicht in de toerekening van baten, kosten en kostendekkendheid
op detailniveau van paspoorten en Nederlandse identiteitskaarten. De spreiding van
deze gemeenten is goed verdeeld over kleine tot grote gemeenten. Uit het onderzoek
blijkt dat de leges voor paspoorten en identiteitskaarten een gemiddelde kostendekkendheid
hebben van 93,3%. Hoewel dit aan de lage kant is laat dit onderzoek ook zien dat ongeveer
een derde van de gemeenten kostendekkend kan opereren met de huidige maximumtarieven.
Dit nuanceert het eerdere kostenonderzoek3 dat bij twee G4-gemeenten uitgevoerd werd en op grote tekorten uitkwam.
Wel constateer ik dat de spreiding van de kostendekkendheid tussen gemeenten erg groot
is. Bij gemeenten die de kosten op meer detailniveau rapporteren zijn daarnaast grote
verschillen zichtbaar in de toerekening van indirecte kosten. Vanwege die grote verschillen
en omdat dit een kleinere groep gemeenten betrof kan geen representatieve uitspraak
gedaan worden over de relatie tussen indirecte kosten en de kostendekkendheid. Op
basis van dit onderzoek concludeer ik vooral dat er grote verschillen zijn tussen
gemeenten, wat het vaststellen van een eenduidige norm bemoeilijkt. Onder de verschillen
in de kostentoerekening liggen uiteindelijk beleidsmatige keuzes die gemeenten zelf
mogen maken en waar de gemeenteraad op moet toezien. Daarnaast hebben gemeenten de
verantwoordelijkheid het proces zo doelmatig mogelijk in te richten.
In het kader van efficiency acht ik het nu niet wenselijk om het maximumtarief te
verhogen tot het niveau dat alle gemeenten ermee uitkomen. De oplossing om de gemiddelde
kostendekkendheid te verhogen is naar mijn oordeel niet noodzakelijkerwijs een verhoging
van de tarieven. Zoals ik eerder4 aankondigde zet ik vooral in op de efficiencyverbetering in het kader van de modernisering
van het reisdocumentenstelsel. Recent heb ik u per brief ingelicht over een van de
maatregelen in het kader van de modernisering van het stelsel5. Over de modernisering van het reisdocumentenstelsel en de gevolgen daarvan op de
bedrijfsvoering bij gemeenten zijn mijn ambtenaren in gesprek met gemeenten.
Daarnaast wordt met gemeenten verder verkend waarom er zulke grote verschillen zijn
tussen gemeenten en waardoor de grote verschillen in de kosten worden veroorzaakt.
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, R.H.A. Plasterk