24 515 Preventie en bestrijding van stille armoede en sociale uitsluiting

Nr. 487 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 23 april 2019

De vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft mij verzocht uw Kamer schriftelijk te informeren over de uitvoering van de aangenomen motie Gijs van Dijk (PvdA) en Raemakers (D66) over het aanbieden van voorzieningen in natura voor kinderen in armoede door gemeenten in het kader van preventie en bestrijding van stille armoede en sociale uitsluiting.1 Met deze brief ga ik in op dit verzoek.

Het kabinet en de VNG vinden het van belang dat elk kind, ongeacht de financiële thuissituatie, mee kan doen. Hierdoor kunnen kinderen zich breder ontwikkelen en wordt de kans op sociale uitsluiting kleiner. In de brief ambities Kinderarmoede van 1 april jl. heb ik u geïnformeerd over de ambities van het kabinet op het gebied van kinderarmoede.2 Deze ambities heeft het kabinet samen met de VNG opgesteld. Eén van de vier ambities richt zich erop dat ieder kind dat in een gezin met een laag inkomen opgroeit kan meedoen. Het gezamenlijk streven is om in 2021 nagenoeg alle kinderen in armoede te bereiken met het gemeentelijke kinderarmoedebeleid. Dat beleid bestaat uit voorzieningen in natura en andere vormen van ondersteuning als voorlichting, preventie, hulpverlening en maatwerkregelingen die moeten bijdragen aan hun maatschappelijke participatie, ontwikkeling en (verbeterde) positie van kinderen in armoede in de samenleving.

Kinderen van werkende armen hebben hierbinnen expliciete aandacht, omdat deze groep vaak nu nog niet goed genoeg wordt bereikt.

Deze ambitie moet gemeenten en gemeenteraden helpen om te sturen op het realiseren en vergroten van het bereik onder kinderen in armoede op lokaal niveau. Ook helpt het SZW en VNG om samen te bezien of de ambitie gerealiseerd wordt. Gemeenten zullen worden ondersteund in de uitvoering van het gemeentelijke beleid voor kinderen in armoede via een ondersteuningstraject van VNG en Divosa. Ik ben op dit moment met Divosa en de VNG in gesprek over de invulling van dit ondersteuningsproject. Daarin zal ook aandacht zijn voor integrale ondersteuning van de gezinnen waarin deze kinderen opgroeien.

Voor de overige ambities en maatregelen op het gebied van kinderarmoede verwijs ik graag naar mijn brief «Ambities Kinderarmoede» van 1 april jl. Elke twee jaar zal ik een breed beeld geven van kinderarmoede aan de hand van de in de brief gepresenteerde vier ambities. Ik zal hierover het gesprek aangaan met kinderen, de betrokken bewindspersonen, de VNG en andere relevante partijen.

Daarnaast werken de vier grote landelijke armoedepartijen (Stichting Jarige Job, het Jeugdfonds Sport en Cultuur, stichting Leergeld en het Nationaal Fonds Kinderhulp) verenigd onder de naam SAM& aan een meer volledig aanbod van voorzieningen in natura. Inzet is om te komen tot een landelijk dekkend aanbod van voorzieningen voor kinderen die opgroeien in armoede en het beter ontsluiten van dit aanbod, zodat professionals, ouders en kinderen gemakkelijk een aanvraag kunnen doen en inzicht in de mogelijke hulp krijgen. Het online platform (https://www.samenvoorallekinderen.nl/) moet het aanvraagproces van ondersteuning stroomlijnen. Ook deze activiteiten, die met financiële ondersteuning vanuit mijn departement worden uitgevoerd, bevorderen dat in de toekomst in iedere gemeente voorzieningen in natura voor kinderen in armoede beschikbaar zijn.

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, T. van Ark


X Noot
1

Kamerstuk 24 515, nr. 474

X Noot
2

Kamerstuk 24 515, nr. 484

Naar boven