Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202021501-33 nr. 795

21 501-33 Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en Energie

Nr. 795 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN EN KLIMAAT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 20 december 2019

Hierbij bied ik u het verslag aan van de Telecomraad van 3 december 2019.

Allereerst heeft de Raad kennisgenomen van de voortgangsrapportage van de

e-Privacyverordening. Aansluitend vond een beleidsdebat plaats over Europa als hub voor ethisch datagebruik en heeft de Raad een gedachtewisseling gehad en raadsconclusies aangenomen over cybersecurity van 5G-netwerken.

Daarnaast zijn verschillende diversenpunten besproken. Zo is de Raad door het voorzitterschap geïnformeerd over de stand van zaken ten aanzien van de Verordening ter oprichting van een kenniscentrum voor industrie, technologie en onderzoek op het gebied van cyberbeveiliging (EUCCC), de data-economieconferentie in Helsinki van 25-26 november jl. en de digitale-overheidconferentie in Helsinki van 22 oktober jl. Verder heeft het inkomende voorzitterschap, Kroatië, het werkprogramma voor januari tot en met juni 2020 gepresenteerd.

De nieuwe Eurocommissaris voor de Interne Markt, de heer Thierry Breton, nam deel aan deze Telecomraad en ging in op een aantal digitale prioriteiten van de nieuwe Europese Commissie. De herziening van de e-commercerichtlijn, de zogenoemde Digital Services Act, kwam niet aan bod. Ik heb de motie van het lid Middendorp1 over dit onderwerp in goede orde ontvangen en zal binnen de gestelde termijn de Kamer informeren.

De Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat, M.C.G. Keijzer

Bijlage

e-Privacyverordening

Voortgangsrapportage

De Raad heeft kennisgenomen van de voortgangsrapportage op de e-Privacyverordening. Eurocommissaris Thierry Breton lichtte toe dat lidstaten tijdens de onderhandelingen geen overeenstemming hebben weten te bereiken om tijdens de Telecomraad tot een algemene oriëntatie te komen. Breton benadrukte dat de huidige e-privacyregels achterhaald zijn. Hij gaf aan dat het noodzakelijk is om een middenweg te vinden op de openstaande discussiepunten binnen de Raad, gezien de maatschappelijke urgentie voor voortgang op het dossier.

De meeste lidstaten steunden de algemene doelen van de verordening. Tevens was er steun van meerdere lidstaten, waaronder Nederland, om het telecommunicatieverkeer te filteren op de aanwezigheid van kinderporno. Een groot deel van de lidstaten bleef om uiteenlopende redenen twijfels houden en kon de compromistekst niet steunen. Lidstaten uitten zorgen over o.a. de toekomstbestendigheid van het voorstel, de impact op innovatie, de link met de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en dataretentie.

Hoewel er voor Nederland ook nog enkele aandachtspunten zijn, zoals de overweging inzake «tracking cookies», heb ik aangegeven dat Nederland alles overwegende de compromistekst kan steunen. De noodzaak tot uitbreiding van de e-privacyregels naar communicatiediensten die via het internet geleverd worden, de zogenoemde over de top diensten, blijft namelijk onverminderd groot om de privacy van gebruikers van deze diensten te beschermen. Het valt daarom te betreuren dat het ondanks de inspanningen van het Finse voorzitterschap, niet gelukt is om na bijna 3 jaar onderhandelen in de Raad tot een algemene oriëntatie te komen. Tot slot heb ik gepleit dat fraudebestrijding mogelijk moet blijven onder de e-Privacyverordening, conform de motie van de leden Van den Berg en Weverling2.

Europa als hub voor ethisch datagebruik

Beleidsdebat

De Raad heeft een beleidsdebat gehouden over Europa als hub voor ethisch datagebruik. Na een korte introductie van het voorzitterschap nam Eurocommissaris Breton het woord, waarin hij het belang van data benadrukte voor de ontwikkeling van de digitale economie. Hierbij ging Breton specifiek in op de noodzaak voor toegang tot data, interoperabiliteit van data alsmede het borgen van kwaliteit van data. Een centraal element hierin is dat gebruikers controle behouden over data die hen aangaat. Verder kondigde Breton aan in 2020 met een plan te komen om de dataomgeving te reguleren. Er moet volgens Breton een technische infrastructuur komen om vooral industriële data te kunnen opslaan en verwerken.

Het belang van vertrouwen in de data-economie door gebruikers werd in vrijwel iedere interventie door lidstaten onderstreept, waarbij o.a. bewustwording van de voordelen van data, transparantie bij datadelen en Artificiële Intelligentie (AI), cyberveiligheid alsmede ethisch verantwoord datadelen als essentiële elementen werden genoemd om vertrouwen mogelijk te maken. Onder lidstaten was er ook veel steun voor vrijwillig datadelen tussen bedrijven, maar een aantal lidstaten sloten sector-specifieke verplichtingen niet uit. Als noodzakelijke maatregelen voor de bevordering van datadelen noemden lidstaten het belang van interoperabiliteit en portabiliteit van data. Ook werd door enkele lidstaten genoemd dat regels op grote platforms overwogen zouden kunnen worden om datamonopolies en misbruik van data te kunnen vermijden. Tot slot werd door enkele lidstaten gerefereerd naar het belang van een ambitieus budget binnen het Meerjarig Financieel Kader (MFK) om een ambitieuze digitale agenda tot stand te laten komen.

Ik heb tijdens het debat het belang van een sterke en ethisch verantwoorde data-economie onderstreept. Ethisch datagebruik is een essentiële voorwaarde om vertrouwen onder gebruikers te creëren. Datadelen moet dan ook een bewuste keuze zijn. Bij datadelen tussen bedrijven heb ik aangegeven dat dit bij voorkeur vrijwillig tot stand komt. Indien blijkt dat dit niet tot resultaat leidt, dan sluit ik regulering niet uit. Daarnaast heb ik benadrukt dat ook het mededingingskader belangrijk is om tot een verantwoord en bloeiende data-economie te komen, bijvoorbeeld door tegen grote platforms met een poortwachterspositie ex-ante maatregelen in te stellen. Tot slot heb ik onderstreept dat een mensgerichte aanpak geen onnodige schade moet brengen aan industriële processen waar geen mensen betrokken zijn.

Cybersecurity van 5G-netwerken

Gedachtewisseling en aanname raadsconclusies

De Raad heeft raadsconclusies aangenomen over de cybersecurity van 5G-netwerken. Doel van de conclusies is het benadrukken van de economische voordelen van 5G, alsmede het verstevigen van een gemeenschappelijke Europese aanpak op digitale veiligheidsuitdagingen van 5G-netwerken, en te komen tot effectieve instrumenten om de veiligheidsrisico’s bij 5G-netwerken te mitigeren.

Eurocommissaris Breton was tevreden dat de Raad een gecoördineerde aanpakop 5G veiligheid steunt om hierdoor ook te kunnen profiteren van de economische voordelen. De uitrol van 5G is van groot belang voor Europese bedrijven entechnologische soevereiniteit. Breton benadrukte ook het belang van het certificeren van producten en netwerken.

De raadsconclusies werden door alle lidstaten gesteund. Lidstaten reageerden positief op de gezamenlijke aanpak op 5G veiligheid en onderstreepten tijdens hun interventies dat dit harmonisering ten goede komt en helpt rechtszekerheid te bieden aan investeerders in de nieuwe infrastructuur. Verder werd 5G als een grote drijver van groei beschouwd en werd gepleit voor een snelle en veilige rol van 5G.

De Nederlandse inzet tijdens de Raad was in lijn met de Kamerbrief over de maatregelen voor het beschermen van telecomnetwerken en 5G van 1 juli 20193. Het grensoverschrijdende karakter van cybersecurity maakt internationale samenwerking, in het bijzonder in Europees verband, noodzakelijk. Ik heb daarom het belang onderstreept van Europese samenwerking op het gebied van 5G veiligheid, conform de moties van de leden Weverling c.s.4 en Van den Berg c.s.5. Eveneens heb ik aangegeven dat strikte maatregelen – inclusief juridische maatregelen – essentieel zijn voor de integriteit en veiligheid van de telecomnetwerken, waaronder de kritische componenten.

Diversenpunten

Verordening Europees kenniscentrum voor industrie, technologie en onderzoek op het gebied van cyberbeveiliging en het netwerk van nationale coördinatiecentra

Informatie van het voorzitterschap

Het voorzitterschap gaf een korte terugkoppeling over de laatste stand van zaken ten aanzien van de verordening ter oprichting van een kenniscentrum voor industrie, technologie en onderzoek op het gebied van cyberbeveiliging (EUCCC) en het netwerk van nationale coördinatiecentra. Er zijn een aantal knelpunten op dit dossier binnen de Raad. Zo ontbreekt een coherente aanpak met andere MFK deelprogramma’s zoals Horizon Europe en het Digital Europe Programme. Het Finse voorzitterschap heeft aangegeven met het inkomende Kroatische voorzitterschap verdere voortgang op het dossier te willen boeken. Ook Breton acht dit een belangrijk dossier en wil een oplossing vinden.

Data-economie conferentie & digitale overheid conferentie

Informatie van het voorzitterschap

Het voorzitterschap gaf een terugkoppeling van de data-economie conferentie wat op 25-26 november jl. heeft plaatsgevonden in Helsinki. Tijdens de conferentie zijn er vanuit industrie gedragscodes gepresenteerd en heeft het voorzitterschap data-principes voor een mensgerichte en gebalanceerde data-economie geformuleerd.

Eveneens gaf het voorzitterschap een terugkoppeling van de digitale overheid conferentie wat op 22 oktober jl. heeft plaatsgevonden in Helsinki. Er werd tijdens de conferentie benadrukt dat er een noodzaak is om meer data te gebruiken door zowel private als publieke actoren.

Werkprogramma Kroatisch voorzitterschap

Het inkomende voorzitterschap, Kroatië, presenteerde op de Telecomraad zijn werkprogramma. Het inkomende voorzitterschap identificeerde een evenwichtig Europa, een netwerk economie, meer veiligheid voor burgers en de EU als betrouwbare wereldleider als algemene prioriteiten.

Op het gebied van digitalisering is het voorzitterschap voornemens zich te richten op onderwerpen zoals 5G, de data-economie en AI. Ook zullen zij het werk rondom de e-Privacyverordening voortzetten. Onder het Kroatische voorzitterschap zal de Telecomraad op 5 juni 2020 plaatsvinden.


X Noot
1

Kamerstuk 35 300 VII, nr. 43

X Noot
2

Kamerstuk 21 501-33, nr. 785

X Noot
3

Kamerstuk 30 821, nr. 92

X Noot
4

Kamerstuk 21 501-33, nr. 734

X Noot
5

Kamerstuk 21 501-33, nr. 747