Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201921501-02 nr. 1985

21 501-02 Raad Algemene Zaken en Raad Buitenlandse Zaken

Nr. 1985 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 29 maart 2019

Hierbij bied ik u de geannoteerde agenda aan voor de Raad Algemene Zaken van 9 april 2019.

De Minister van Buitenlandse Zaken, S.A. Blok

GEANNOTEERDE AGENDA RAAD ALGEMENE ZAKEN VAN 9 APRIL 2019

MFK

De Raad Algemene Zaken zal de voortgang bespreken in de onderhandelingen over het EU Meerjarig Financieel Kader voor 2021–2027 (MFK). Op het moment van schrijven is nog onduidelijk hoe het Roemeens Voorzitterschap deze discussie wil vormgeven en welke thema’s zij wil agenderen. Tijdens de RAZ van 19 maart jl. is gesproken over de thema's klimaat en migratie. Het verslag daarvan is u toegekomen op 22 maart jl. (Kamerstuk 21 501-02, nr. 1981). Het is de doelstelling van het Voorzitterschap om in aanloop naar de Europese Raad van juni a.s. op zowel technisch als politiek niveau het concept MFK-onderhandelingsdocument (negotiation box) te stroomlijnen en zo het aantal onderhandelingspunten te verminderen. Daarnaast is de doelstelling van het Voorzitterschap om voortgang te bereiken met de onderhandelingen van sectorale deelvoorstellen en daarover een triloog met het Europees parlement te starten. Uw Kamer wordt over de voortgang van de sectorale voorstellen geïnformeerd in het kader van de betreffende vakraden.

Discussienota over een duurzaam Europa in 2030

Het streven van het Voorzitterschap is dat de Raad conclusies aanneemt over de discussienota «Naar een duurzaam Europa in 2030», gepubliceerd op 31 januari jl. door de Europese Commissie. Een appreciatie van de discussienota is u middels het BNC-fiche «Naar een duurzaam Europa in 2030» (Kamerstuk 22 112, nr. 2784) toegekomen op 15 maart 2019. Voor Nederland is het belangrijk dat de EU een hoog ambitieniveau toont voor het behalen van de SDG’s. Een EU-brede implementatiestrategie die concrete maatregelen en termijnen bevat om de Agenda 2030 in het algehele EU-beleid ten uitvoer te brengen, past daarbij. Mede dankzij de Nederlandse inzet (conform motie Asscher/Jetten) wordt in de ontwerpraadsconclusies opgeroepen tot een dergelijke strategie. Nederland pleit verder voor een pragmatische aanpak waarin het behalen van resultaten centraal staat en zoveel mogelijk wordt voorgebouwd op bestaande monitorings- en evaluatiemechanismen. Nederland kan zich vinden in de ontwerpraadsconclusies, waarin ook tot een EU Actie Plan voor Responsible Business Conduct wordt opgeroepen alsook tot verdere inzet op beleidscoherentie voor ontwikkeling.

Polen – Rechtsstaat

De Raad buigt zich opnieuw over de artikel 7-procedure jegens Polen die de Commissie in december 2017 inleidde. De zorgen over de rechterlijke hervormingen duren nog altijd voort, ook na de recente wetswijziging die grotendeels tegemoet lijkt te komen aan de voorlopige voorziening van het Europese Hof van Justitie inzake de Wet op het Hooggerechtshof. Nederland zal er samen met gelijkgezinde lidstaten op blijven aandringen dat de Poolse regering alle uitstaande punten van zorg volledig en adequaat adresseert. Dan gaat het onder meer over de rol en samenstelling van de Nationale Raad voor de Rechtspraak en de rechterlijke tuchtprocedure.

Hongarije – Waarden van de Unie

De Raad spreekt verder over de artikel 7-procedure die het Europees parlement in september 2018 inleidde jegens Hongarije. Voor agendering van een hoorzitting bleek tijdens de voorbereidingen op deze Raad geen meerderheid te bestaan. Nederland blijft samen met gelijkgezinde lidstaten ijveren voor een spoedige hoorzitting om de dialoog met Hongarije over mogelijke schending van de Uniewaarden aan te gaan.

EP-verkiezingen – Toekomst EU

Tijdens de RAZ zal er op voorstel van het Voorzitterschap tevens worden gesproken over de institutionele toekomst van de EU en de verkiezingen van het Europees parlement. Het Voorzitterschap zal hoogstwaarschijnlijk vooraf een discussiepaper voorbereiden. Dit paper is nog niet beschikbaar.

De discussie over de institutionele toekomst van de Unie zal waarschijnlijk een follow-up bespreking zijn van de discussie die tijdens de informele RAZ van 11 – 12 maart j.l. plaatsvond in Boekarest (zie verslag informele RAZ Kamerstuk 21 501-02, nr. 1979). Het kabinet heeft zijn inzet met prioriteiten voor de EU, inclusief de inzet voor het functioneren van de Europese Unie, voor de komende jaren bekend gemaakt in de Kamerbrief m.b.t. de Staat van de Europese Unie 2019 (Kamerstuk 35 078, nr. 1). Hierover is met de Tweede Kamer van gedachten gewisseld tijdens het debat op 7 februari jl. (Handelingen II 2018/19, nr. 5, item 10) en het Algemeen Overleg ter voorbereiding van de informele RAZ op 5 maart. jl. (Kamerstuk 21 501-02, nr. 1982). Het kabinet stelt vijf prioriteiten voor de komende jaren: migratie, veiligheid, een sterke en duurzame economie die bescherming biedt, klimaat, en ten slotte een EU die Europese waarden en belangen in het buitenland veiligstelt. Om die prioriteiten te realiseren worden bepaalde vereisten gesteld ten aanzien van de werking van de EU, namelijk respect voor de democratische rechtsstaat, functioneren van de Europese instellingen en modernisering van het transparantiebeleid. Het kabinet heeft deze inzet reeds ingebracht tijdens de informele RAZ van 11, 12 maart j.l. en zal, afhankelijk van nadere duiding over dit onderwerp op de agenda van deze RAZ, deze inzet opnieuw onder de aandacht brengen.

Betreffende de verkiezingen van het Europees parlement is tijdens de JBZ-Raad van 7 en 8 maart j.l. gesproken over het verbeteren van democratische weerbaarheid: zorgen voor vrije en eerlijke verkiezingen en tegengaan van desinformatie. Daarbij heeft het Voorzitterschap een toelichting gegeven op de voortgang die is geboekt met de implementatie van het verkiezingspakket en het actieplan desinformatie. De Commissie onderstreepte het belang van handelen op EU-niveau om de weerbaarheid vóór de EP-verkiezingen te vergroten. In dit verband werden technologiebedrijven opgeroepen een grotere inspanning te leveren aan het implementeren van de Code of Practice. In de Raadsconclusies over het pakket vrije en eerlijke verkiezingen is tevens bevestigd dat eventuele maatregelen de verdeling van competenties op EU-niveau moeten respecteren.